Your SlideShare is downloading. ×
Anna pp 4
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×
Saving this for later? Get the SlideShare app to save on your phone or tablet. Read anywhere, anytime – even offline.
Text the download link to your phone
Standard text messaging rates apply

Anna pp 4

206
views

Published on


0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
206
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide

Transcript

  • 1.  
  • 2.
    • De gedachten vlogen door Anna's hoofd toen ze weer thuis was. Wat bedoelde Lucas nou met die laatste woorden? Ging hij dan weg? Waar ging hij heen? En zou hij écht met haar willen trouwen? Vlinders kriebelden in haar buik, maar die werden meteen vernietigd zodra ze aan haar vader dacht.
  • 3.
    • Het werd al bijna weer dag. En wat dan? Dan zou ze kennis maken met die man. Die man, die met haar wilde trouwen. Terwijl Anna haar handen warmde bij het vuur, dacht ze na. Misschien was er wel een manier om niet te hoeven trouwen.
  • 4.
    • Maar hoe ze ook peinsde, ze kon geen oplossing vinden. Toen hoorde ze haar vaders stem achter zich. 'Anna, naar beneden. Meneer Verhagen wacht.' Anna draaide zich om en zag haar vader in zijn zondagse pak.
  • 5.
    • 'Moet het echt, vader?' vroeg ze. Er kwam niet meer dan een hees gefluister uit haar keel. Hopeloos keek ze haar vader aan, maar die keek met een kille blik terug. Hij zei geen woord.
  • 6.
    • Toen Anna de trap af liep, voelde ze zich als een veroordeelde op weg naar de galg. Haar vaders voetstappen klonken dreigend achter haar.
  • 7.
    • 'Ah, daar is ze! Mijn lieve, mooie Anna!' De man zat al op een stoel, en kwam opgewekt overeind. Tevreden kwam Isaac naast hem staan. 'Mijn dochter zal u zeer bevallen, meneer Verhagen.' zei hij.
  • 8.
    • 'Dat doet ze al, beste man. Ik mag haar bijzonder graag! Zelden heb ik zo'n beeldschoon meisje gezien als uw dochter.' Hendrik Verhagen knikte vastberaden, en Isaac begon dankbaar te lachen.
  • 9.
    • 'Anna, kom eens hier.' zei Isaac opeens bloedserieus. Hij draaide zijn hoofd naar zijn dochter, die al die tijd stilletjes naar de grond had gekeken.
  • 10.
    • 'Wel wel, lieve Anna Cornelisse. Het is een wonder dat jij nog niet getrouwd bent.' zei Hendrik Verhagen flirtend. Anna wist niet wat ze moest zeggen. Ze had nu al een hekel aan die vent.
  • 11.
    • Met afschuw bekeek ze hem eens wat beter. Alles aan hem straalde rijkdom uit, charme en klasse. Perfect gekapt donker haar, kleding van dure stoffen, een gouden halsketting en een zwarte hoed. Met ijzige grijze ogen staarde hij terug - hij bekeek Anna vast net zo goed als zij hem.
  • 12.
    • 'O, dit is wonderbaarlijk mooi. Ik weet het zeker, ik neem jou als vrouw, Anna Cornelisse.' riep Hendrik Verhagen uit. Voor Anna nog kon protesteren, had hij zijn armen om haar heen geslagen. Even dacht Anna aan Lucas, en meteen rukte ze zich los.
  • 13.
    • 'Raak me niet aan, gek!' schreeuwde Anna en hijgend deed ze een paar stappen achteruit. Meneer Verhagen leek een beetje verrast, maar niet kwaad. Langzaam liet hij zijn handen zakken terwijl zijn blik haar niet los liet.
  • 14.
    • Toen hij aanstalten maakte om haar hand te pakken, sloeg Anna hem weg. In plaats van beledigd te zijn, verscheen er een klein lachje op meneer Verhagens gezicht. 'Wat lach je nou?' riep Anna woedend uit.
  • 15.
    • 'Ik mag jou wel, Anna. Jij bent een meisje met pit. Ik denk dat ik verliefd op je ben.' zei Hendrik Verhagen zachtjes. Zijn stem had liefdevol moeten klinken, maar voor Anna klonk het alleen maar dreigend. Onheilspellend.
  • 16.
    • 'Luister, Isaac!' Enthousiast haastte Hendrik zich naar Anna's vader. Trillend van woede keek Anna toe, hoe de twee mannen haar toekomst aan het regelen waren. '...en het liefst zou ik zo snel mogelijk trouwen!' riep Hendrik dolgelukkig uit.
  • 17.
    • 'Uiteraard, geen probleem, meneer Verhagen!' zei Isaac onderdanig. 'Wat had u in gedachten? Voor de herfst?' Hendrik begon te lachen. 'Nee, nee, beste man. Volgende week maandag. Dan zal ik trouwen met mijn lieve Anna.'
  • 18.
    • 'Zo snel al? J-ja, natuurlijk!' stamelde Isaac verrast. Anna kon hem bijna hóren denken: zo, nu zal ik snel van Anna af zijn.
  • 19.
    • 'Anna, kom eens hier. Volgende week maandag trouw jij met meneer Verhagen.' Anna walgde van de zelfverzekerde woorden van haar vader. 'En daarna gaan we als man en vrouw op mijn landgoed wonen.' knikte Hendrik.
  • 20.
    • Als man en vrouw. Anna kreeg al kotsneigingen bij de woorden alleen al. Ze beet op de binnenkant van haar wangen om haar zelfbeheersing niet te verliezen. Wat gebeurde hier toch allemaal? Waarom was alles zo oneerlijk?
  • 21.
    • Nog diezelfde dag had Hendrik verlovingsringen gekocht. 'Raad eens, liefste?' jubelde hij. 'Om mijn liefde voor je te bewijzen, heb ik iets voor je gekocht.' Anna zuchtte, en omdat haar vader zo dreigend naar haar keek, vroeg ze beleefd: 'Wat dan, meneer Verhagen?'
  • 22.
    • 'Zeg toch Hendrik, alsjeblieft, Anna!' lachte Hendrik Verhagen, en hij stak zijn handen naar voren. Anna zag een gouden ring aan zijn vinger glinsteren. 'Een verlovingsring?' mompelde ze. 'Ja!' juichte Hendrik en hij greep haar hand vast.
  • 23.
    • Voorzichtig schoof hij de andere ring aan Anna's vinger. Anna moest moeite doen haar hand niet weg te trekken. Ze klemde haar kaken op elkaar toen ze zijn zweterige vingers voelde, zijn hand tegen de hare. Even keek ze naar de ring. Het was niet eens een mooie.
  • 24.
    • 'Nog even, dan ben jij de mijne, lieve Anna.' fluisterde Hendrik. Hij trok haar in zijn armen, zo dicht tegen zich aan dat Anna begon te trillen. Ze voelde zijn handen over haar rug strelen, en hij fluisterde dingen in haar oor die ze liever nooit gehoord had. Meer dan ooit verlangde ze naar Lucas.
  • 25.
    • Drie dagen gingen voorbij. Anna hield zichzelf zoveel mogelijk bezig, om maar niet aan het komende huwelijk te hoeven denken .
  • 26.
    • Driftig stond ze in het moestuintje achter het huis te schoffelen. Maar iedere keer, als haar blik op haar hand viel, zag ze weer die ring. Die verlovingsring.
  • 27.
    • Om haar aandacht nog meer af te leiden, besteedde Anna veel aandacht aan haar kleine broers en zusjes. Met de lieve Aleid zong ze liedjes, die ze vroeger zelf ooit geleerd had.
  • 28.
    • Ze had ze geleerd van haar moeder. Het deed pijn ze nu aan haar zusje te leren. Maar de kleine meid had er veel plezier in en stak giechelend haar duimpje in haar mond.
  • 29.
    • Aan het eind van de middag kon Aleid al een heel liedje zingen. 'Goed zo, lieverd!' riep Anna en ze klapte in haar handen. Wat zou ze haar familie gaan missen, als ze straks getrouwd was...
  • 30.
    • Zelfs 's avonds bleef Anna doorwerken. Ze ruimde de keuken van de kroeg op, boende alle tafels tot ze glommen.
  • 31.
    • Ze hielp zelfs haar vader met het bereiden van maaltijden. Anna sloot zich af voor alles wat er om haar heen gebeurde. Ze luisterde niet naar haar vader, die enthousiast over het huwelijk praatte.
  • 32.
    • 'Ligt die kleine, eh, Johannes al in bed?' vroeg haar vader opeens kwaad. Anna schudde van nee en haastte zich naar boven. Het was al laat, maar het ventje lag kirrend van pret op de grond. Voorzichtig tilde Anna hem op en kuste hem.
  • 33.
    • Even sloot ze haar ogen. Dat kleine jongetje, zo lief, zo onschuldig. Wat hield ze van hem. Ze wilde opeens niets liever dan weer net zo klein zijn als hem, zonder zorgen. 'Ik ga je missen, broertje.' fluisterde ze.