Your SlideShare is downloading. ×
  • Like
  • Save
Education Day Def Loc
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×

Now you can save presentations on your phone or tablet

Available for both IPhone and Android

Text the download link to your phone

Standard text messaging rates apply

Education Day Def Loc

  • 358 views
Published

 

Published in Education , Travel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
358
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0

Actions

Shares
Downloads
0
Comments
0
Likes
0

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide
  • Na deze presentatie wil ik graag het woord geven aan Annemarie van Alphen van Academy for Leisure en Hans Peter Verkooijen van Academy of Hotel and Facility Management. Zij gaan vertellen hoe men binnen hun academie aan de slag is gegaan met de resultaten van het STO.
  • Het veldwerk van het onderzoek was in periode maart/april Respons 2009  35,7%  2207 studenten 2006  25% 2003  18% Mogelijke verklaring voor deze stijging in respons is de inzet van persoonlijke communicatie naar studenten. Studenten zijn benaderd uit naam van een contactpersoon van opleiding. Een persoon dus die zij kennen. Daarnaast hebben medewerkers opl/acad. studenten gestimuleerd om het onderzoek in te vullen. Deze respons levert een goede basis voor betrouwbare uitspraken.
  • Deze factsheet is ontwikkeld om in één oogopslag inzicht te geven in het algemene beeld van de tevredenheid op niveau hogeschool, academie of opleiding. De kleur komt overeen met de normering op basis van het gemiddelde. Daarnaast is met blokjes het belang van een item weergegeven. Dit belang is de samenhang met de tevredenheid met de opleiding. De hoogste correlaties  hoogste belang. Ook is, waar mogelijk, een vergelijking met 2006 gemaakt. Pijltjes geven aan of er sprake is van een significante daling of stijging.
  • STO is één van de bronnen voor opleiding en hogeschool voor de kwaliteitszorg. Het STO kan niet alle onderwerpen uitgebreid behandelen. Het is meer een thermometer die peilt hoe het ervoor staat. Geeft signalen, verhaal erachter moet ingevuld worden. Directeuren hebben met CvB afgesproken om een plan van aanpak te maken van de resultaten. Daar wordt divers mee omgegaan. Soms zijn de resultaten een aanleiding tot vervolgonderzoek. Deze ochtend komen ook nog twee collega’s van Academie voor Vrijetijd en Academie voor Hotel en Facility Management aan het woord over de manier waarop zij met de resultaten aan de slag zijn gegaan.
  • Er zijn veel significante stijgingen zichtbaar ten opzichte van de resultaten in 2006. In het overzicht zijn de grootste stijgingen weergegeven. De beschikbare ICT faciliteiten zijn significant gestegen van een 5,4 in 2006 naar een 6,4 in 2009. De score is zoals op de slide is weergegeven van een ‘onvoldoende’ naar een ‘voldoende’ score gegaan. Ook de tevredenheid over het aantal werkplekken is gestegen. Wat opvalt, is dat aspecten die de grootste stijging laten zien ten opzichte van 2006 veelal ‘onvoldoende’ scoren. Het is positief dat juist deze aspecten een sterk stijgende lijn vertonen.
  • Twee aspecten met betrekking tot de onderwijs- en werkvormen zijn significant gedaald. De tevredenheid over de mate waarin de opleiding studenten uitdaagt actief te studeren en de verhouding tussen individueel werken en samenwerken. Een daling die extra aandacht verdient is de feedback op toetsen. Dit aspect scoort ‘onvoldoende’ en laat ook nog een dalende lijn zien.
  • Opvallend is dat vier aspecten die onvoldoende scoren te maken hebben met de informatievoorziening. De laagste scores zijn voor het aantal rustige werkplekken en het aantal werkplekken voor groepsopdrachten.
  • NHTV breed worden de opleidingen gewaardeerd met een 7,0. Uitschieter in positieve zin is IGAD (excellente score). Opvallend is dat de andere opleiding binnen dezelfde academie juist de laagst scorende opleiding is.
  • De gekleurde verticale lijnen geven de hogeschoolbrede percentages studenten aan die de opleiding als ‘onvoldoende’ (rode lijn; 8%) of ‘excellent’ (blauwe lijn; 28%) beoordelen. Van de buitenlandse studenten heeft 17% de eigen opleiding gewaardeerd met een cijfer lager dan 6,0. 33% van de buitenlandse studenten waardeerd de opleiding met een 8,0 of hoger (‘excellent’). Te zien is dat buitenlandse studenten extremer zijn in hun oordeel over de opleiding. Een hoger percentage dan hogeschoolbreed gemiddeld is, geeft een ‘onvoldoende’ en een grotere groep beoordeeld de opleiding als ‘excellent’. Met betrekking tot het jaar van studie is te zien dat eerstejaarsstudenten hun opleiding vaker als ‘excellent’ beoordelen dan oudere jaars. Hoe verder de student in de opleiding komt hoe meer het percentage ‘excellente’ scores afneemt. Studenten die (ver) voor zijn op het studieprogramma beoordelen de opleiding vaker als ‘excellent’.
  • Een aspect een grote samenhang vertoont met de tevredenheid over de opleiding is het niveau van de opleiding.
  • In de vragenlijst is aan studenten gevraagd per vraagblok een algemeen oordeel te geven. Dus b.v wat is je algemene oordeel over je studieprogramma. In de volgende grafiek is voor de gehele NHTV aangegeven wat de oordelen op de tevredenheidsaspecten is. De kleur = normering. De sfeer scoort ‘goed’. De overige items ‘voldoende’.
  • Alle aspecten (algmene oordelen) hangen significant met elkaar samen. Wanneer echter gekeken wordt naar de grootste samenhang dan zijn de relaties uit het figuur te herkennen. Dit lijken de centrale onderwerpen te zijn. Om deze reden wordt elk van deze onderwerpen afzonderlijk bekeken.
  • De pijl achter de stelling laat zien of er sprake is van een significante stijging of daling.
  • De mate waarin studenten in aanraking komen met de internationale beroepspraktijk scoort ‘onvoldoende’. In de volgende figuur is uitgewerkt hoe dit aspect voor de verschillende opleidingen scoort.
  • De opleidingen met een internationale focus scoren over het algemeen hoger dan de andere opleidingen met betrekking tot mate waarin studenten in aanraking komen met de internationale beroepspraktijk.
  • Wat opvalt is dat veel aspecten met betrekking tot de docenten een significante stijging laten zien.
  • Toetsing is een onderwerp dat aandacht krijgt binnen NHTV maar ook bij accreditaties is dit onderwerp ‘hot’. Binnen NHTV is een project toetsing om te komen tot een instellingsbreed toetskader.
  • Ruim driekwart van de studenten geeft aan dat studeren betekent dat ze het beste uit zichzelf willen halen en dat ze zich voldoende inzetten voor de opleiding. Wat mij opvalt is dat een aanzienlijk lager percentage (52%) van de studenten aangeeft steeds een zo hoog mogelijk cijfer te willen behalen. Het lijkt erop dat het tonen van voldoende inzet voor de opleiding en het beste uit jezelf willen halen niet per definitie samengaat met een zo hoog mogelijk cijfer halen. Studenten die de opleiding als ‘excellent’ beoordelen geven significant vaker dan studenten die de opleiding een ‘onvoldoende’ geven aan dat ze door studeren het beste uit zichzelf willen halen (85% vs 70%). Ook geven ze vaker aan dat ze zich voldoende inzetten voor de opleiding en steeds een zo hoog mogelijk cijfer willen halen. Deze studenten hebben ook minder vaak het gevoel dat afgeleid worden van de studie door bezigheden buiten de opleiding. Er is geen verschil gevonden tussen beide groepen met betrekking tot het zo snel mogelijk afronden van de opleiding.
  • 30% van de studenten geeft aan dat bezigheden buite de opleiding ervoor zorgen dat ze zich niet volledig op de opleiding kunnen richten. In de tabel is deze groep studenten (geheel eens) vergeleken met studenten die aangeven zich wel volledig op de studie te kunnen richten (geheel oneens).

Transcript

  • 1.  
  • 2. Studententevredenheid
    • NHTV Education Day
    • 9 februari 2010
    • Ellen van den Broek
    • Dienst Kwaliteit, Planning & Control (KPC)
  • 3. In deze presentatie
    • Achtergronden STO
    • Selectie resultaten STO
      • Sign. stijgingen en dalingen
      • Onvoldoende/excellent
      • Tevredenheid op aspecten
      • Urenbesteding en motivatie student
    • Er is meer…
  • 4. Achtergrond
    • 3e meting
    • Respons 2009
      • NHTV  36%
      • Verkeerskunde  52%
      • IMEM  25%
  • 5. Achtergrond (2)
    • Normering
    ≥ 8,0 ≥ 7,0 en < 8,0 ≥ 6,0 en < 7,0 < 6,0 Excellent Goed Voldoende Onvoldoende Normering gemiddelde rapportcijfers STO 2009 (schaal 1-10)
  • 6.  
  • 7. Functie STO binnen NHTV
    • Het monitoren van de tevredenheid van studenten
    • Kwaliteitszorg hogeschool en opleiding (‘check’ in PDCA-cyclus)
    • Input voor het schrijven van accreditatierapporten (in 2010 VK, ROP, FBTR en Game)
  • 8. Significante stijgingen t.o.v. 2006 5,7 5,4 Het gebruiksgemak van de ELO 6,8 6,4 De begeleiding bij problemen in de studievoortgang 5,1 4,5 Het aantal werkplekken voor groepsopdrachten 4,5 3,9 Het aantal rustige werkplekken 5,9 5,0 Het kwaliteitsniveau van het Engels van docenten 6,4 5,4 De beschikbare ICT faciliteiten Score 2009 Score 2006 Aspecten met grootste significante stijging
  • 9. Significante dalingen t.o.v. 2006 6,3 6,4 De verhouding tussen individueel werken en samenwerken 7,1 7,2 De mogelijkheden voor deelname aan programmaonderdelen buiten NL (formulering aangepast t.o.v. 2006) 5,7 5,9 De feedback die je krijgt op (mondelinge en schriftelijke) toetsen 6,2 6,7 De mate waarin je opleiding je uitdaagt actief te studeren Score 2009 Score 2006 Aspecten met significante daling
  • 10. Excellente scores
  • 11. Onvoldoende scores 5,9 Informatievoorziening keuzemogelijkheden in studieprogramma 5,9 Mate waarin je in aanraking komt met de internationale beroepspraktijk 5,9 Informatievoorziening rondom lesroosters en roosterwijzigingen 5,8 Coaching op (competentie)ontwikkeling 5,8 Informatiefunctie van ELO 5,8 Duidelijkheid waar welke informatie te vinden is 5,7 Feedback op toetsen 5,7 Gebruiksgemak ELO 5,7 Communicatie over resultaten en gevolgen evaluaties/round tables 5,1 Aantal werkplekken voor groepsopdrachten 4,5 Aantal rustige werkplekken Score Onvoldoende aspecten; gemiddelde score < 6,0
  • 12. Discussie
  • 13. Algemene tevredenheid opleiding
  • 14. Tevreden vs ontevreden studenten
  • 15. Niveau opleiding 6,7 Tevredenheid over niveau opleiding 14% % ontevreden (score ≤ 5) NHTV totaal 10,1% Niveau te hoog 89,9% Niveau te laag NHTV totaal (N=307) Indien student ontevreden is
  • 16. Algemene oordelen
  • 17. Grootste samenhang tevredenheidsaspecten
  • 18. Onderwijs- en werkvormen
  • 19. Discussie
  • 20. Voorbereiding beroepspraktijk
  • 21. Inzoomen: internationale beroepspraktijk
  • 22. Docenten
  • 23. Studieprogramma
  • 24. Studieprogramma (2)
  • 25. Discussie
  • 26. Toetsing
  • 27. Inzoomen: moelijkheidsgraad toetsing
  • 28. Discussie
  • 29. Urenbesteding
    • Studenten besteden per week gemiddeld 33 uur aan de opleiding
      • IGAD  55 uur
      • ILM  37 uur
      • Management toerisme  29 uur
      • Verkeerskunde  29 uur
    • Gemiddeld 10 uur betaald werk
  • 30. Contacturen
    • Gemiddeld hebben studenten 16 contacturen per week
      • IGAD  23 uur
      • FM  12 uur
    • Verhouding contacturen/studie-uren
      • NHTV  48%
      • ROP  61%
      • FM  35%
  • 31. Discussie
  • 32. Ervaren studiebelasting
    • NHTV breed
      • te laag  15%
      • precies goed  69%
      • te hoog  16%
    44,6 Te hoog 32,9 Precies goed 23,1 Te laag Gemiddeld aantal uren per studieweek Ervaren studiebelasting
  • 33. Studievoortgang student 2% Ver voor op studieschema 8% Voor op studieschema 61% Precies volgens studieschema 26% Achter op studieschema 3% Ver achter op studieschema NHTV totaal
  • 34. Inzoomen: studievoortgang 8,8 17,0 37,0 (ver) voor 9,9 16,4 32,7 precies volgens programma 11,2 14,9 33,4 (ver) achter Uren betaald werk Contacturen Studie-uren Studievoortgang
  • 35. Discussie
  • 36. Motivatie student
  • 37. Inzoomen: motivatie 21% 43% (ver) achter schema 13% 19% Bezigheden naast studie verbonden aan NHTV 14% 19% Ervaren studiebelasting te hoog 15 uur 16 uur Contacturen 33 uur 33 uur Studie-uren 9 uur 12 uur Betaald werk (geheel) oneens (geheel) eens Door mijn bezigheden buiten mijn opleiding kan ik me niet volledig op mijn opleiding richten
  • 38. Er is meer…
    • Er zijn meer resultaten, zoals:
    • Uitsplitsingen naar leerjaren
    • Studeren met een functiebeperking
    • Aansluiting vooropleiding-HBO
    • Voor meer resultaten:
    • Digitale rapportage: www.resned.nl/nhtv
    • Hoofdrapportage
    • Factsheets