Your SlideShare is downloading. ×
0
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Chroz hart- en vaatziekten
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×
Saving this for later? Get the SlideShare app to save on your phone or tablet. Read anywhere, anytime – even offline.
Text the download link to your phone
Standard text messaging rates apply

Chroz hart- en vaatziekten

436

Published on

0 Comments
2 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total Views
436
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
2
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide
  • De rechterkamer stuwt het bloed via de longslagader naar de longen, de linkerkamer perst het bloed de grote lichaamsader (aorta) in. De organen in het lichaam kunnen de zuurstof zo benutten.
  • De hersenen sturen de snelheid van de hartslag bij De snelheid waarmee het hart vanzelf slaat bedraagt zeventig slagen per minuut - bij een volwassen persoon in rust. Vanuit de hypothalamus in de hersenen wordt het hartritme opgevoerd. Dat gebeurt bijvoorbeeld tijdens het sporten, als de spieren meer zuurstofrijk bloed nodig hebben. Het hart moet dan harder gaan werken (sneller kloppen) om de door het lichaam gevraagde hoeveelheid bloed te kunnen leveren. Via een regelcentrum in het verlengde merg van de hersenen wordt de snelheid van de hartslag weer vertraagd tot het rustritme van zeventig slagen per minuut.
  • De rechterkamer stuwt het bloed via de longslagader naar de longen, de linkerkamer perst het bloed de grote lichaamsader (aorta) in. De organen in het lichaam kunnen de zuurstof zo benutten.
  • Het electrische stroompje dat door het hart loopt kan zichtbaar worden gemaakt op een hartfilmpje of electrocardiogram, ook wel ECG genoemd. Het electrocardiogram laat de volgorde zien waarin het elektrisch stroompje door het hart loopt.
  • Door vernauwing in bloedvaten kan, wanneer er flink doorgelopen wordt, hevige kramp in de benen ontstaan, waardoor de patiënt gedwongen wordt te stoppen. In de volksmond spreekt men wel van 'etalagebenen', omdat de patiënt tijdens het lopen om de zoveel meter even moet stoppen en dan ter camouflering hiervan voor een etalageruit gaat staan. In medische termen noemt men deze kwaal 'claudicatio intermittens'. Vernauwde beenslagader door een atherosclerotische plaque. De kramp in de benen ontstaat doordat de beenslagaders te weinig bloed naar de beenspieren kunnen vervoeren in de, waardoor onvoldoende zuurstof voor de spierarbeid aanwezig is. Door de onvolledige verbranding van bloedsuikers komt melkzuur vrij en dat veroorzaakt de pijn in de kuitspieren. Uiteindelijk kan aderverkalking leiden tot het afsluiten van middelgrote en kleine slagaderen in de benen waardoor er delen van ledematen kunnen afsterven en amputaties nodig zijn. Gelukkig kunnen veel afwijkingen in de beenvaten verholpen worden door een omleidingsoperatie (een bypass, net als bij het hart) of een dotterprocedure, waarbij de vernauwing met een ballonnetje in elkaar wordt gedrukt Beenslagaders De beenslagaders vervoeren zuurstofrijk bloed van het hart naar de beenspieren. Bij inspanning van de beenspieren (lopen, rennen, traplopen) kan de bloedtoevoer en daarmee het aanbod van zuurstof aan de beenspieren vijf keer zo groot worden. Slagaderverkalking (atherosclerose) kan vernauwingen of verstoppingen in de slagaders veroorzaken. Door de vernauwing kan de bloedstroom onvoldoende toenemen bij inspanning. De plaats waar de patiënt de pijn voelt, zegt iets over de plaats waar de slagader is vernauwd. Treedt bij het lopen pijn op in de bilstreek en het bovenbeen, dan zit de vernauwing in de hierboven gelegen bekkenslagader. Is er bij het lopen pijn in de kuit, dan zit de vernauwing in de slagader in het bovenbeen. Bij een vernauwing in een van de drie onderbeensslagaders zit de pijn in de voet.
  • De aanduiding aderverkalking is fout omdat de verkalking niet in de aders gebeurt. Tegen de binnenwand van de grote slagaders hopen zich vetten en andere stoffen uit het bloed op, zoals cholesterol. Dat heet een plaque. Zo'n plaque kan steeds dikker worden, waardoor uiteindelijk het bloedvat verstopt raakt. Ook kan in de vernauwing een bloedprop (thrombose) optreden die ineens het vat verstopt. De bloedtoevoer naar weefsels komt dan in gevaar.
  • Een gedeeltelijke verstopping in de kransslagader veroorzaakt hartkramp De kransslagader zorgt voor de doorbloeding van het hart. Raakt de kransslagader op een plaats gedeeltelijk verstopt, dan zal bij lichamelijke inspanning het aanbod van zuurstof door die vernauwing tekort schieten ten opzichte van de vraag van het hartspiergebied stroomopwaarts van de vernauwing. Dit leidt tot pijnlijke hartkramp (angina pectoris). Na een rustperiode verdwijnt de pijn in het hart. Het hart wordt niet blijvend beschadigd. Medicijnen: Ascal, Isosorbidenitraat of nitrospray (nitroglycerine) Antistollingsmiddelen: Marcoumar of phenprocoumon heeft een lange werkingsduur Sitrom mitis of acenocoumarol, korte weringsduur
  • Wat is een hartinfarct? We spreken van een hartinfarct als een deel van de hartspier geen zuurstof meer krijgt vanuit de kransslagaders (bloedvaten die het hart voorzien van bloed en zuurstof). Hierdoor sterft er hartweefsel af. De oorzaak is meestal aderverkalking (atherosclerose). Dit is een opeenhoping van cholesterol en kalk waardoor de kransslagaders vernauwd raken. Bij een hartinfarct sluit een stolsel het vernauwde bloedvat geheel af. Een totale verstopping in de kransslagader veroorzaakt een hartinfarct Het deel van het hart dat achter een gehele verstopping in de kransslagader ligt, krijgt geen zuurstof doordat de bloedtoevoer is gestopt. Daardoor sterft het af. Het gevolg is een hartinfarct, ook wel hartaanval genoemd. De ernst van een hartinfarct hangt af van de omvang en de plaats van het aangetaste hartweefsel. De hartspiercellen herstellen zich niet. Bij een klein infarct kan het hart minder goed pompen. Een groot hartinfarct kan dodelijk zijn. Onderzoeken: Onderzoeken Hoe groot het hartinfarct is geweest, wordt bepaald door middel van meerdere onderzoeken. Laboratoriumonderzoek In het bloed is te zien hoe groot de schade is aan het hart. In het laboratorium wordt gekeken naar de zogenoemde hartenzymen in het bloed (ck/mb, troponine t). Echo Met een echo van het hart wordt gekeken naar de bewegingen van het hart. De grootte van het deel dat afgestorven is, kan op die manier worden ingeschat. SPECT-scan Op de hartbewaking kan een SPECT-scan gemaakt worden. Bij dit onderzoek wordt gebruik gemaakt van nucleaire (radioactieve) stoffen. Deze worden ingespoten tijdens de dotterbehandeling (zie hierna). Via de SPECT-scan kan de arts zien hoe groot de schade is aan het hart door het infarct.
  • Medicijnen: Antistollingsmiddelen Middelen die de hartwerking versterken zoals Digoxine Vochtafdrijvende middelen diuretica Pijnstillers Medicijnen die de hartritmestoornissen reguleren Vaatverwijdende middelen Bloeddrukverlagende middelen Cholesterolverlagende middelen.
  • Bij slecht werkende aderkleppen zal zich bloed in de uitgezette aders ophopen, met als gevolg vochtophoping (oedeem) en een slechte bloedsomloop in de benen. Slecht werkende aderkleppen sluiten niet goed. Daardoor houden ze het bloed dat omlaag stroomt onvoldoende tegen. Dat belemmert de terugkeer van bloed uit de benen naar het hart. Slecht werkende aderkleppen veroorzaken spataders Doordat het bloed zich in beenaders met slecht werkende kleppen ophoopt, neemt de druk in de aders toe. Ze zetten uit. Als dit gebeurt bij aders die dicht onder de huid liggen ontstaan spataders. Ernstige spataders liggen als kronkelige, blauwe kabels op het been. Wie krijgt spataders ? Aanleg is de belangrijkste factor. Men wordt geboren met een zwakte van de wand van de aders zodat die gemakkelijker dan bij iemand anders gaat uitzetten. Vrouwen hebben frequenter spataders dan mannen. Hierbij spelen zwangerschap, menopauze,de pil en andere hormonale preparaten een rol. Het is vrij gewoon dat zwangere vrouwen tijdens het eerste trimester van de zwangerschap spataders ontwikkelen, dit door de gestegen hormoonspiegels en door de druk van de grotere baarmoeder op de aders. Deze spataders verdwijnen echter meestal binnen de 3 maanden na de bevalling. Echter na veelvuldige zwangerschappen blijven de spataders meestal bestaan. Andere voorbeschikkende factoren zijn ouder worden , beroepen zonder veel beweging en soms verwondingen aan de benen. Dichtspuiten: Hierbij wordt door middel van een zeer fijne naald (30G) een vloeistof (Aethoxysklerol 0,5% tot 1%) in de ader ingespoten, die de binnenwanden van de ader zodanig prikkelt dat die aan elkaar blijven kleven en aan elkaar groeien. De ader valt plat en is niet meer zichtbaar.  
  • Het kan pas ernstig worden als het hart langdurig te langzaam klopt, of wanneer de samentrekking van de boezems of de kamers op hol slaat. Het rondpompen van bloed door het lichaam komt dan in gevaar. Hartritmestoornissen kunnen tijdens het leven ontstaan, maar kunnen ook erfelijk of aangeboren zijn. Als zo'n aandoening in de familie zit is de kans dat iemand dat doorgeeft aan zijn kinderen vijftig procent. Hartritmestoornissen tasten de pompfunctie van het hart aan De bekendste hartritmestoornis is het op hol slaan ofwel fibrilleren van de boezems of de kamers. De tijd tussen de hartslagen is dan te kort om het hart vol te laten lopen met bloed, waardoor het hart minder goed kan pompen. Bij de boezems kan het jaren duren voordat een ritmestoornis klachten geeft. Als de kamers fibrilleren leidt dit binnen enkele minuten tot duizeligheid, bewusteloosheid en zelfs hartstilstand. Langdurige ritmestoornissen in de boezems kunnen ook wervelingen van het bloed bij de hartkleppen veroorzaken. Er ontstaan dan bloedpropjes die elders de bloedvaten kunnen verstoppen. Ventrikelfibrilleren het hart ligt te bibberen, maar klopt niet meer. Atriumfibrilleren; de hartkamers krijgen nog wel bloed, maar zeer onregelmatig, de pompwerking is minder.
  • Bacteriën die Keelontsteking veroorzaken komen in het hart-vaatstelsel en veroorzaken een ontsteking Wat is endocarditis? Endocarditis betekent letterlijk een ontsteking van het endocard; van de binnenwand van het hart. Het gedeelte van het endocard dat ontstoken is, is het gedeelte dat op de hartklep zit. Het gevolg van een endocarditis is dat uw hartklep beschadigd raakt. De klep kan hierdoor gaan lekken. Welke hartkleppen zijn er? Tussen de boezems en de kamers, en tussen de kamers en de (slag)aders bevinden zich kleppen. Deze kleppen zorgen ervoor dat het bloed maar één kant op stroomt. Het hart heeft vier kleppen: tricuspidalis-klep, deze klep bevindt zich tussen de rechterboezem en rechterkamer; pulmonalis-klep, deze klep bevindt zich tussen de rechterkamer en de longader; mitralis-klep, deze klep bevindt zich tussen de linkerboezem en linkerkamer; aorta-klep, de klep tussen de linkerkamer en de aorta (lichaamsslagader). De bekleding van de kleppen wordt ook het endocard genoemdhet hartzakje: de buitenste laag de hartspier: de middelste laag de binnenbekleding: de binnenste laag van het hart en zijn kleppen
  • Hoge bloeddruk, het hart moet tegen één te hoge weerstand in pompen. Door ernstige hartklepafwijkingen kan het hart minder goed pompen Hypertrofische cardiomyopathie: een aandoening van de hartspier Het hart is een spier die bloed door het ganse lichaam pompt. Deze spier (het myocard ) kan verdikken ( hypertrofiëren ). Men spreekt dan van hypertrofische cardiomyopathie (HCM). Deze hypertrofie kan verschillende oorzaken hebben. De meest frequente oorzaak is hoge bloeddruk of een minder goede functie van de hartkleppen, en in deze gevallen richt de behandeling zich dan ook op deze onderliggende oorzaken. Daarnaast ontwikkelt ongeveer 1 op de 500 personen in de loop van het leven een hypertrofische cardiomyopathie veroorzaakt door een genetische fout Bij hartklepafwijkingen wordt de pompfunctie van het hart aangetast. Als een hartklep lekt moet het hart harder werken om het terug lekkende bloed weg te pompen. Hetzelfde is het geval als de kamer bloed door een sterk vernauwde klep moet pompen. Vaak is het mogelijk om een aangetaste hartklep door middel van een operatie te repareren of te vervangen door een kunstklep of een donorklep.
  • Een aneurysma is een plaatselijke verwijding van een slagader. Deze verwijding ontstaat door een zwakke plek in de wand van een bloedvat. Een aneurysma ontstaat ongemerkt en groeit geleidelijk. Meestal veroorzaakt het geen ernstige klachten en wordt het bij toeval ontdekt. Een aneurysma kan in elke slagader in het lichaam voorkomen, maar komt het meeste voor in de grote lichaamsslagader (de aorta). Op de plaats van de verwijding is de vaatwand uitgerekt en dunner geworden. In deze zwakke plek van de vaatwand kan een scheur ontstaan met als gevolg een bloeding. Hoe groter het aneurysma, hoe groter de kans op scheuren. Daarnaast is in een aneurysma de bloedstroom verstoord, het bloed wervelt in de plaatselijke verwijding. Daardoor vormt zich in het aneurysma een bloedstolsel. Een enkele keer kan een stukje van dit stolsel (embolie) los raken en meegevoerd worden naar een kleiner bloedvat verder stroomafwaarts. Dit kleinere bloedvat kan dan plotseling door dit stolsel worden afgesloten. Hierdoor krijgt het lichaamsdeel of orgaan, dat van dit bloedvat afhankelijk is, geen of onvoldoende bloed.
  • Een vernauwing in de beenslagader veroorzaakt etalagebenen Beenslagaders zorgen voor bloedtoevoer naar de benen. Raakt een beenslagader op een plaats vernauwd, dan krijgen de beenspieren daar zuurstofgebrek omdat er minder bloed doorheen stroomt. Tijdens het lopen kunnen ze daardoor niet goed werken. Er hopen zich afvalstoffen op die een krampende pijn veroorzaken. Door af en toe stil te staan zakt de pijn. Het met tussenpozen lopen lijkt veel op het lopen in een winkelstraat met veel etalages. Vandaar de naam etalagebenen. Door vernauwing in bloedvaten kan, wanneer er flink doorgelopen wordt, hevige kramp in de benen ontstaan, waardoor de patiënt gedwongen wordt te stoppen. In de volksmond spreekt men wel van 'etalagebenen', omdat de patiënt tijdens het lopen om de zoveel meter even moet stoppen en dan ter camouflering hiervan voor een etalageruit gaat staan. In medische termen noemt men deze kwaal 'claudicatio intermittens'. Vernauwde beenslagader door een atherosclerotische plaque. De kramp in de benen ontstaat doordat de beenslagaders te weinig bloed naar de beenspieren kunnen vervoeren in de, waardoor onvoldoende zuurstof voor de spierarbeid aanwezig is. Door de onvolledige verbranding van bloedsuikers komt melkzuur vrij en dat veroorzaakt de pijn in de kuitspieren. Uiteindelijk kan aderverkalking leiden tot het afsluiten van middelgrote en kleine slagaderen in de benen waardoor er delen van ledematen kunnen afsterven en amputaties nodig zijn. Gelukkig kunnen veel afwijkingen in de beenvaten verholpen worden door een omleidingsoperatie (een bypass, net als bij het hart) of een dotterprocedure, waarbij de vernauwing met een ballonnetje in elkaar wordt gedrukt Beenslagaders De beenslagaders vervoeren zuurstofrijk bloed van het hart naar de beenspieren. Bij inspanning van de beenspieren (lopen, rennen, traplopen) kan de bloedtoevoer en daarmee het aanbod van zuurstof aan de beenspieren vijf keer zo groot worden. Slagaderverkalking (atherosclerose) kan vernauwingen of verstoppingen in de slagaders veroorzaken. Door de vernauwing kan de bloedstroom onvoldoende toenemen bij inspanning. De plaats waar de patiënt de pijn voelt, zegt iets over de plaats waar de slagader is vernauwd. Treedt bij het lopen pijn op in de bilstreek en het bovenbeen, dan zit de vernauwing in de hierboven gelegen bekkenslagader. Is er bij het lopen pijn in de kuit, dan zit de vernauwing in de slagader in het bovenbeen. Bij een vernauwing in een van de drie onderbeensslagaders zit de pijn in de voet.
  • Men spreekt van een diep veneuze trombose als een bloedstolsel zich vormt in een ader (vene) die diep tussen spieren ligt en deze ader geheel of gedeeltelijk afsluit. In de meeste gevallen treedt een diep veneuze trombose op in de benen of in het bekken. Trombose kan ook in bloedvaten elders in het lichaam voorkomen. Ook kan een gedeelte van het stolsel loslaten en met het bloed worden meegevoerd naar andere delen van het lichaam. Zo'n losgelaten stolsel heet een 'embolus'. Als dit stukje bloedstolsel via het hart in een bloedvat van de longen terechtkomt en dit afsluit, ontstaat een longembolie. Hierdoor wordt een deel van de long uitgeschakeld. Ontstaan van trombose en longembolie Trombose kan ontstaan door belemmeringen in de bloedstroom, veranderingen in de samenstelling van het bloed en/of beschadiging van de vaatwand. Vanuit de benen kan het bloed alleen goed naar het hart terugstromen als de kleppen in de aders goed functioneren en de beenspieren zich regelmatig samentrekken. Langdurig stilliggen, bijvoorbeeld tijdens een operatie, is een veel voorkomende oorzaak van trombose. Een ongelukkige lighouding op de operatietafel of een te strak aangelegd drukverband kan bovendien de bloedstroom ongewild belemmeren, doordat een ader wordt afgeklemd. Ook een verandering in de samenstelling van het bloed kan een verhoogd risico op trombose veroorzaken. Er zijn verschillende oorzaken aan te wijzen voor veranderingen in de samenstelling van het bloed: de invloed van hormonen; ziekte; medicijnen en erfelijkheid. Trombose als gevolg van een beschadiging van de vaatwand kan optreden bij een ongeval of een operatie.
  • Behandeling Dotterbehandeling Een van de manieren om een afsluiting in een bloedvat op te heffen is een dotterbehandeling. Andere benamingen zijn ballondilatatie of Percutane Transluminale Coronair Angioplastiek (PTCA). Tijdens de dotterprocedure schuift de arts een katheter via een bloedvat op tot precies in de afsluiting. Dan blaast men een ballonnetje op, dat op de katheter zit. De vernauwing wordt met de vaatwand samen naar buiten gedrukt, zodat er weer voldoende ruimte voor de bloeddoorstroming ontstaat. Stent Tijdens de dotterprocedure wordt bijna altijd een stent achtergelaten. De behandeling verloopt verder hetzelfde. De stent fungeert als een extra versteviging, zodat de wand niet meer terug kan veren.
  • Observatie: op welke momenten treedt pijn op? Levensstijl; stoppen met roken, genoeg bewegen Voeding: Afvallen, matig verzadigd vet en minder zout, alcohol matigen Waarschijnlijk bent u volstrekt overvallen door het infarct en realiseert u zich nog nauwelijks wat de impact van dit gebeuren is op de nabije toekomst. Bij velen is er angst voor herhaling en onzekerheid over het lichaam. U vraagt zich wellicht af welke risicofactoren bij u mogelijk een rol hebben gespeeld en realiseert zich vervolgens, dat u hier wat aan moet doen in de nabije toekomst. U moet (tijdelijk) werk en/of andere activiteiten loslaten en moet daarmee een stuk controle uit handen geven. U kunt in deze periode emotioneel zijn, omdat u zich realiseert, dat het ook anders had kunnen aflopen. Waarschijnlijk ben u in deze periode erg op uzelf gericht, u bent aan het ’overleven’ en realiseert zich vaak niet, wat de impact van het gebeurde is op de naaste familie
  • Als er meer gedronken wordt dan het hart aankan, , loopt de druk in de bloedvaten op. Dit is een extra belasting voor het hart. Zout (Natrium) houdt vocht vast.
  • Transcript

    • 1. H. 10.13CHRONISCH ZIEKEN.Zorgvragers met hart- en vaatziektenM. Hoek - Kemna
    • 2. INHOUD LESTOETSTIPS!! 0. Kruiswoordpuzzel 1. De anatomie en de werking van het hart enbloedvaten. 2. Aandoeningen bij hart en bloed-vaten,oorzaken en verschijnselen 3. Behandeling 4. Verzorgingsaandachtspunten
    • 3. PUZZELEN MAAR……
    • 4. 1. De anatomie en de werkingvan het hart en bloedvaten.Deze animatie laat depompwerking van hethart zien. De hartslagis hier vertraagdweergegeven. Inwerkelijkheid duurtdeze slechts 0,8seconde.
    • 5. 1.Het hart isontspannen, deboezems stromen vol.
    • 6. 2.De boezemstrekken samenwaardoor hetbloed de kamersingestuwd wordt.
    • 7. 3.De kamers trekkensamen en stuwenhet bloed uit hethart.
    • 8. 1 2 3
    • 9. HET RITMISCH SAMENTREKKEN VANHET HART Deze animatie toont deloop van het elektrischestroompje door het hart.Het stroompje is hiervertraagd weergegeven. Inwerkelijkheid duurt hetslechts 0,8 seconde.
    • 10. • De werking van het hartDe linkerharthelftpomp het bloed hetlichaam in.Derechterharthelftpompt het bloedde longen in.ZuurstofarmbloedZuurstofrijkbloed
    • 11. ONDERZOEKEN. ECG (in rust of bij inspanning) Hartecho Hartkatheterisatie
    • 12. 2. AANDOENINGEN BIJ HART ENBLOEDVATEN, OORZAKEN ENVERSCHIJNSELEN Aangeboren afwijkingen(Bij een baby, syndroom van Down, of defecten) Erfelijke aandoeningen(Erfelijke vorm van hoge bloeddruk, hoog cholesterolgehalte,overgewicht, spataders) Verworven aandoeningenAandoeningen die in de loop van het leven optredenYouTube - Wat is de relatie tussen diabetes en hart envaatziekten
    • 13. VERWORVEN AANDOENINGEN Arteriosclerose Angina pectoris Hartinfarct Spataders Hartritmestoornissen Ontstekingen van het hart en de vaten Hartfalen Aneurysma Claudicatio intermittens
    • 14. FILMPJE In deze film (duur 1,5 min.) wordt het ziektebeeldAngina pectoris uitgelegd;
    • 15. ARTERIOSCLEROSEfilmpje
    • 16. ANGINA PECTORIS Behandeling: Medicijnen, gericht op de verbetering vanbloedvoorziening en vermindering van dezuurstofbehoefte van het hart Dotteren Operatie: Bypassoperatie Hartklepoperatie Harttransplantatie Antistollingsmiddelen
    • 17. HARTINFARCT Een gedeelte van het hart kan niet meer “pompen” Behandeling Direct naar het ziekenhuis voor onderzoek. Dotterbehandeling Medicijnen
    • 18. HARTINFARCTMEDICIJNEN: Antistollingsmiddelen Middelen die de hartwerking versterkenzoals Digoxine Vochtafdrijvende middelen; diuretica Pijnstillers Medicijnen die de hartritmestoornissenreguleren Vaatverwijdende middelen Bloeddrukverlagende middelen Cholesterolverlagende middelen.
    • 19. SPATADERS De kleppen werken niet goed:Behandeling:CompressietherapieDichtspuitenStrippenAmbulante flebectomievan Müller
    • 20. HARTRITMESTOORNISSEN Tachycardie: Het hart klopt te snel > 100keer per minuut. Bradycardie: Het hart klopt te langzaam <60 keer per minuut Boezem fibrilleren (Atriumfibrilleren)>400 keer p/min. Hartkamers fibrillerenVentrikelfibrilleren zéér gevaarlijk! Hartblok : geen prikkel meer vanuit deAV-knoop.
    • 21. ONTSTEKINGEN VAN HET HART ENDE VATEN Een hart met endocarditis
    • 22. HARTFALEN = DE POMPKRACHTIS VERMINDERD 80% ontstaat na één of meerderedoorgemaakte hartinfarcten Hoge bloeddruk Niet goed functionerende hartkleppen HartritmestoornissenZiekte vande hartspier ;cardiomyopathie 
    • 23. ANEURYSMA Plaatselijke verwijding van de slagader
    • 24. CLAUDICATIO INTERMITTENS Vernauwde beenslagader door eenatherosclerotische plaque.
    • 25. TROMBOSE Bloedstolsel aan de binnenkant van debloedvatwand. Verschijnselen: Pijn in de kuit Een opgezwollen warm been Lichte temperatuurverhoging Snellere hartslag
    • 26. BEHANDELINGEN Dotteren
    • 27. VERZORGINGSAANDACHTSPUNTENAngina pectoris: Observatie, Aanpassen van levensstijl,VoedingHartinfarct: Aanpassen van levensstijl, Voeding,Pychische zorgHartfalen: Levensstijl, overgewicht, vochtinname,bewegen, zoutarm, zelfcontrole
    • 28. VERZORGINGSAANDACHTSPUNTENHartritmestoornissen: Medicijnen, Pacemaker, Inwendige defibrillatorArtheriosclerose: Huidverzorging, Bewegen, Leefregels, Medicatie.Spataders Bewegen Compressietherapie Elastische kousGéén warmte, Rusten. Trombose Bedrust, Fysiotherapie, Zwachtelen, Elastischekousen
    • 29. PUZZEL NAKIJKEN…

    ×