Opdracht 2 presentatie

191 views

Published on

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
191
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
2
Actions
Shares
0
Downloads
1
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Opdracht 2 presentatie

  1. 1. LESACTIVITEIT BEELDBESCHOUWINGVERGELIJKEN EN BEOORDELEN VANMETHODESKarin BoertienLisanne KleinLuut NentjesSanne Schraal
  2. 2. GROEP 5Doel: Deze les leren de leerlingenassociëren aan de hand van tweekunstwerken.
  3. 3. VIJF KERNVRAGEN Wat is je eerste indruk? Wat zie je precies? Wat betekent het, denk je? Hoe weet je dat? Wat vind je ervan?Roozen, I., (2009). In gesprek met het beeld en met elkaar.Beschouwen en reflecteren met kinderen. SLO: Enschede, p. 5-33.
  4. 4. DE LES Onderwijsleergesprek, leerkracht sturenderol Stadium 1 : de associatie (Parsons) Kerndoel 55 respect en waardering Kerndoel 56 kunstwerk beschouwen enwaarderen
  5. 5. INLEIDINGThema Kinderboekenweek is Sport en spel!
  6. 6. KERN Twee kunstwerken beschouwen Vergelijken
  7. 7. 2DBurton Morris – Fore!
  8. 8. 3DKeith Calder – Slide tackle
  9. 9. AFSLUITINGTerugkoppelen doel
  10. 10. VERGELIJKEN EN BEOORDELEN VANMETHODESGroep 4„Moet je doen‟ – De ijsbaan„Uit de kunst‟ – Skiën
  11. 11. BEOORDELINGSlecht: -Matig: -/+Voldoende: +Goed: +/+
  12. 12. KERNDOELEN De kerndoelen scoren bij beide methodeseen voldoende “Moet je doen” op dit gebied beter, omdathier meer aandacht wordt besteed aan debeeldaspecten. In de methode “uit de kunst”achterwege gelaten.
  13. 13. DIDACTISCHE KWALITEIT “Moet je doen” beter dan “uit de kunst”. Bij „Moet je doen‟ wordt meer om eenbeeldende oplossing gevraagd Wel wordt er in beide methodes goedaandacht besteed aan het onderzoeken enoefenen van vaardigheden. Bij „Uit de kunst‟ beter gerefleteerd
  14. 14. HANTEERBAARHEID “Moet je doen” meer plusjes dan “uit de kunst”. In “uit de kunst” wordt er totaal geen aandachtbesteed aan kerninhouden en leerlijnen. Wel worden er in beide methodes veelverschillende lessuggesties gegeven voortekenen, handvaardigheid en anderekunstvormen. Bij beide methodes wordt de werkwijze en deopbouw van de methode goed uitgelegd enuitgewerkt.
  15. 15. CONCLUSIE Beide methodes scoren gemiddeld eenvoldoende „Moet je doen‟ meer plusjes Persoonlijk vinden wij het belangrijk dat deleerlijnen duidelijk beschreven staan – zoalsin „Moet je doen‟
  16. 16. BREDERE DOELEN Sociaal-emotionele ontwikkeling Zintuiglijke en cognitieve ontwikkeling Motorische ontwikkeling Ontwikkeling van de creativiteit
  17. 17. SAMENHANG MET ANDERE VAKGEBIEDEN Tekenen en handvaardigheid Wereldoriëntatie Nederlands

×