1 Ba Oc Devos Lies
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Like this? Share it with your network

Share

1 Ba Oc Devos Lies

on

  • 328 views

 

Statistics

Views

Total Views
328
Views on SlideShare
328
Embed Views
0

Actions

Likes
0
Downloads
0
Comments
0

0 Embeds 0

No embeds

Accessibility

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

1 Ba Oc Devos Lies Presentation Transcript

  • 1. PSYCHOTHERAPEUTISCH WERKEN MET KANSARMEN Erwin Bosmans
  • 2. ARMOEDE WEEGT
    • Kansarme cliënten lijden aan ‘hechtingsarmoede’
    • Kansarme cliënten zitten vast in hardnekkige mechanismen
    • De armoede op zich brengt enorme stress met zich mee  zo stapelen zich spanningen op
    • Dit zijn normale reacties die te zien
    • zijn als gevolg van langdurige
    • bestaansonzekerheid.
    •  heeft niks te maken met de ‘aard’ van mensen
  • 3. ONZEKER EN WANTROUWIG
    • In kansarme gezinnen: dikwijls een klimaat van psychologische onzekerheid en onveiligheid.
    • Soms bestaat er bij de ouders een wantrouwen naar de wereld en maatschappij op zich.
    • Kansarme ouders lijden een tekort en een teveel aan opgedane ervaringen: ze hebben niet genoeg bagage om hun kinderen een adequaat model van opvoeden te geven, maar hun bagage die ze hebben is zwaar.
  • 4.
    • De mentale verwerking van de levensgeschiedenis en/of moeilijke sociale omstandigheden van ouders is erg belangrijk om een veilige gehechtheid aan hun kinderen te kunnen aanbieden.
    • De hulpverlening moet rekening houden met het gemis aan psychologische bagage, maar dit lukt soms niet zo goed.
  • 5. TWEE VERWEVEN PROCESSEN
    • Driefasenprocesmodel: = Proces waarbij de kansarme cliënt zich op eigen tempo kan hechten aan de hulpverlener
      • Fase 1: toegankelijk maken van hulpverlening, installeren van vertrouwen op maat, opbouwen van een werkrelatie.
      • Fase 2: ondersteuning: er worden vaardigheden aangeleerd in het ‘hier en nu’.
      • Fase 3: ondersteuning + herstructureren van relatiepatronen en zelfbeeld
      •  hier wordt psychotherapeutisch gewerkt
  • 6.
    • 3 e fase: zoekt naar manieren om een betrouwbare relatie aan te bieden waarin ruimte gecreëerd wordt om stil te staan bij zichzelf en de situatie
    • Het driefasenprocesmodel wordt voortgestuwd door een 2 e , onderliggend proces dat gekenmerkt wordt door een psychotherapeutische attitude en techniek bij kansarme cliënten
  • 7. ‘ CONTAINMENT’ ALS HOUDING
    • Containment = beheersing
    • Situatieschets om ‘containment’ duidelijk te maken:
    • Wanneer een kind overstuur is en weent, kan dit voor de moeder zowel begrijpelijk als angstwekkend zijn. Wanneer de moeder een kalmerend antwoord heeft, kan de baby de ondraaglijke gevoelens in de moeder projecteren.
    • Voorwaarde: moeder moet openstaan voor de gevoelens en niet worden meegesleept in chaos en angst.
    • Kansarme cliënten groeien op in een specifieke context, waar ontwikkelingsdefecten zich kunnen ontwikkelen.
    • ‘ Containment’ is hier van belang
    • Dit is een teer punt bij kansarmen
  • 8. VAN ‘CONTAINMENT’ NAAR CREATIE
    • De psychotherapeut kan de chaotische, angstige gevoelens van de cliënt opvangen: hij staat naast de cliënt.
    • Cliënten hebben een grote behoefte aan emotionele betrokkenheid.
    • Cliënten zetten de hulpverlener dikwijls in een bepaalde rol. Zo herhalen ze de eigen levensgeschiedenis.
    • Belangrijk: supervisie en teamondersteuning.
  • 9. VERANDERENDE TIJD
    • Voor cliënten lijkt geen verleden of toekomst te zijn  weinig continuïteit (eindeloze nachtmerrie)
    • Onderscheid tussen gezinnen van het rigide en het chaotische type  Kansarme gezinnen: chaotisch type: gebeurtenissen blijven zich opvolgen, er komt geen einde aan
    • 1 e contacten= “balanceren op een slappe koord”: de innerlijke chaotische gevoelens trachten op te vangen en structuur aanbrengen in de chaotische buitenwereld
  • 10. HOUVAST ZOEKEN (= HOLDING ENVIRONMENT)
    • Dit ontwikkelt zich alleen als er een veilig psychotherapeutisch kader aanwezig is.
    • Het is onmisbaar om ruimte te kunnen maken bij heftige overspoelende gevoelens. Hierdoor kan er denkruimte gecreëerd worden.
  • 11. GEDULDIG WERKEN
    • Een psychotherapeut moet helder en structurerend denken
    • De cliënt vraagt dikwijls niet om hulp  hulpverlener = vertegenwoordiger van een maatschappij die niets doet om de cliënt te helpen  cliënt blijft negatief
    • Wanneer de cliënt beseft dat de hulpverlener niet bezwijkt  aanzet tot verder onderzoek van negatieve gevoelens.
    • Om zich te integreren moet de therapeut bij deze gevoelens stil staan.
    • Gevolg: inhoudelijke betekenissen kunnen beter onderzocht worden.
  • 12. VAN AFREAGEREN NAAR VERDRAGEN
    • De cliënt neemt de attitudes van de therapeut in zich op
    • Er wordt ruimte gecreëerd om stil te staan bij het verleden  is noodzakelijk om te groeien
    • Er komt ruimte om het lijden aan pijnlijke gevoelens beter aan te kunnen.
    • Cliënten beginnen zichzelf en anderen beter te begrijpen Kan ook omgekeerd effect hebben: wanneer men geen aandacht heeft voor positieve ervaringen  geen ruimte om zich te ontplooien.
  • 13. HET KAN OOK ANDERS
    • Belangrijk is de ervaring dat het ook anders kan in de relatie met zichzelf en anderen.
    • Ook belangrijk: het inzicht in betekenissen en eigen levensgeschiedenis.
    • Deze 2 zaken hangen met elkaar samen.
  • 14. PSYCHOTHERAPIE ONTMOET KANSARMOEDE
    • Psychoanalytisch denken: reikt een methodiek aan om met kansarme cliënten een psychotherapeutisch proces te starten.
    • ‘ Containen’ heeft tweeledige functie: - Hulpverlener staande houden tijdens emotionele chaos en crisissen. - Cliënt helpen een psychische ruimte te creëren om te denken over zijn onverteerde gevoelens.