Vliedbergen: tussen motteversterkingen en huisterpen
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Like this? Share it with your network

Share

Vliedbergen: tussen motteversterkingen en huisterpen

  • 989 views
Uploaded on

Powerpointpresentatie van drs. J. van Doesburg, archeoloog van de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten. Gehouden voor de leden van de Heemkundige Kring Walcheren d.d. 19......

Powerpointpresentatie van drs. J. van Doesburg, archeoloog van de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten. Gehouden voor de leden van de Heemkundige Kring Walcheren d.d. 19 november 2008

  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
989
On Slideshare
738
From Embeds
251
Number of Embeds
2

Actions

Shares
Downloads
2
Comments
0
Likes
0

Embeds 251

http://www.hkwalcheren.nl 250
http://translate.googleusercontent.com 1

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. Vliedbergen: tussen motteversterkingen en huisterpenGedachten over de functie(s) van vliedbergenJ. van Doesburg
  • 2. Provinciaal Zeeuwse Courant 6 mei 2008•Er duiken meer Zeeuwse vliedbergen op In Zeeland. Boven deWesterschelde hebben in de middeleeuwen veel meer zogenoemdemottekastelen gestaan dan tot nu toe is aangenomen. Het aantal van dezeeenvoudige verdedigingswerken - houten toren op een terpje - ligt dik bovende 200. Nu zijn er in de hele provincie nog maar 38 van deze monumentenvan aarde overgebleven.•Het nieuws over de terpen - tegenwoordig bekend als vliedbergen - komt vanJan Kuipers, medewerker archeologie van de Stichting Cultureel ErfgoedZeeland (SCEZ). Hij is bezig met archiefonderzoek naar de aanwezigheid vanmottekastelen in de provincie. Schouwen-Duiveland is zo goed als afgeronden Kuipers heeft circa 60 waarschijnlijke plekken opgespoord - met inbegripvan het verdronken Zuidland van Schouwen - waar een terp metverdedigingswerk heeft gestaan.•"We waren uitgegaan van bijna de helft", meldt hij. Dat er opeens meermottekastelen opduiken, schrijft Kuipers toe aan het feit dat voor het eerstealle oude gegevens uit de archieven en (nieuwe) archeologische onderzoekenzijn doorgespit en gebundeld. Die samenhang ontbrak. Heel Zeeland wordt opdeze manier doorgenomen.Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 3. De huidige verspreiding van vliedbergen• De verwachting is dat ditverspreidingsbeeld aanzienlijk zalmoeten worden aangepastTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 4. Belangstelling voor de VliedbergenJacob van Lennep in zijn dagboek op zijn voetreis door de Nederlanden in 1823:‘vooral de zogenaamde vliedbergen, waarover zoveel getwist wordt, trokken onzeaandacht….Sommige zeggen dat de Denen ze hebben gebouwd om zich tegende hoge watervloeden te beschermen, toen zij dijken aanlegden. Anderenschrijven ze toe aan de Katten, Cimbren, Chauken of Romeinen of ze maken erofferplaatsen, toespraakplaatsen of zegemonumenten van’
  • 5. Belangstelling voor de Vliedbergen: inventariseren• Hoogleraar archeologie C.J.C.Reuvens (1793-1935) maakt lijst vanaanwezige vliedbergen;•Arts en oudheidkundige J.C. de Manmaakt inventarisatie van 60bestaande en meer dan 70verdwenen vliedbergen;•1968 VU-symposium De vliedbergenin het kustgebied van Vlaanderen,Zeeland en Zuid-Holland;•1977-1979 UVA-project Motten enkasteelbergenTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 6. Belangstelling voor de Vliedbergen: inventariseren• 1981 inventarisatie stand van kennisvliedbergen door hist. geograafVervloet;•Vanaf 1990 nauwkeurig inmeten vanvliedbergen door de toenmalige ROB;•1992 verkennend onderzoek naarvermeldingen van werven;•Vanaf 2007 inventarisatie kastelen enbuitenplaatsenTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 7. Archeologische waarnemingen en onderzoek• C.J.C. Reuvens (1834, Luyksberg bij Serooskerke op Walcheren en een bergbij Vlake op Zuid-Beveland);• A.E. van Giffen (1909, in tien bergen profielkuilen);• J.A. Hubregtse en J.H. Holwerda (1919, berg bij Duivendijke op Schouwen-Duiveland);• P.J. van der Feen (1926-1928, berg van Ritthem);• W.C Braat (1946, berg van Troje bij Borssele);•, J.A. Trimpe Burger (vanaf 1955, Abbekinderen op Zuid-Beveland, Hoogelandeop Walcheren en St. Maartensdijk op Tholen);• Na hen volgen nog vele anderenTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 8. Onderzoek berg van Troje (Braat 1946-1961)•Vier fasen:•Periode 1: ca 3 meter hoge kernheuvelmet op de top houten gebouwen (eind11e-begin 12e eeuw);•Periode 2: verhoging tot 5 meter met opde top houten gebouwen (12e eeuw);•Periode 3: op de top houten toren (late2e-begin 13e eeuw);•Periode 4: ophoging heuvel met ringmuuren op de top twee bakstenen gebouwen(kort na 1200).•Rechthoekige voorburcht met bakstenengebouwen;•Brede grachten met brug tussen hoofd-en voorburcht en voorburcht en oever
  • 9. Onderzoek Buttinge (Halbertsma 1953)• Bewoningssporen op een ca. 1 meterhoge kernterp;• Gebouw van 9 bij 16 meter op eenrechthoekig platform van 24 bij 16meter (10e eeuw);• Gracht?• Functie: schapenstelleTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 10. Onderzoek Abbekinderen (Trimpe Burger1957-1958)• Woonplatform bestaande uit eenlage ringwal die vervolgens metplaggen is opgevuld;•Op het platform bevond zich eengebouw van ca. 4 bij 10 meter en deresten van een jonger gebouw van6,5/8 bij 12 meter ( 11e-12e eeuw);• Gracht?• Functie: bewoningTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 11. Onderzoek Kapelle (Oele 1977)• Lage kernheuvel opgevolgd door eenhoge berg (verm. 12 meter hoog)waarop een bakstenen toren stond;•Voorburcht met 11e-12e eeuwsebewoningssporen, funderingsrestenvan een bakstenen poortgebouw(13e-14e eeuw) en begravingen;•Brug tussen hoofd- en voorburcht;•Functie: bewoning, later versterkingen begraafplaatsTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 12. ‘s-Heer Arendskerke (Van Doesburg et al. 2006)•Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 13. ‘s-Heer Arendskerke• ‘…doch de aloude berg bleef, en zieter nog aangenaam uit, omdat degemeente er behagen in schepte hemin stand te houden…..’ (De Man1897,87)•Prentbriefkaart, begin 20e eeuwTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 14. ‘s-Heer ArendskerkeGracht (2) tussen de hoofd-en de voorburcht met enkelebrugpalen (zwart)Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 15. ‘s-Heer ArendskerkeGracht (5) aan de noordzijdevan de hoofdburcht metpaalspoor vanbeschoeiing/grondkering (4)en sporen van moernering(6).Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 16. ‘s-Heer ArendskerkeVondsten: baksteenpuin(28.5/27.5x13.5x7.5/6.5 cm),aardewerk (Maaslandsewaar en grijsbakkendaardewerk) en hout (dendro-datering 1150 AD ± 6)Datering: midden 12e -14eeeuwTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 17. ‘s-Heer Arendskerke• Hoofdburcht: kernheuvel ( 1-3meter?), later verhoogd tot ca. 13meter met daarop een bakstenengebouw (toren?);•Voorburcht: hoogte en aanwezigheidbebouwing onbekend;•Brede gracht•Brug tussen hoofd- en voorburcht•Functie: bewoning?/versterkingTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 18. Walcheren• 19 nog aanwezige vliedbergen,waarvan 6 archeologisch onderzocht;• 13 met gracht en 2 met voorburcht;• meerdere tweeperioden heuvels uitde periode 11e-13e eeuw;Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 19. Onderzoek Buttinge (Halbertsma 1953)• Tweeperiodenheuvel metbewoningssporen op een ca. 1 meterhoge kernterp;• Gebouw van 9 bij 16 meter op eenrechthoekig platform van 24 bij 16meter (10e eeuw);• Gracht?• Vergelijking met in Oost Souburgopgegraven gebouwplattegronden doetwoonfunctie vermoedenTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 20. Onderzoek Hoogelande (Trimpe Burger 1956)• tweeperiodenheuvel met tallozebewoningssporen uit de 10e-13e eeuw;• sporen van huis of schuur;•baksteenpuin (27x13x6.5 cm; 13e-14eeeuw);•gracht?Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 21. Onderzoek Grijpskerke en Aagtekerke (Braat 1955)• Grijpskerke: ophogingslagen uit de12e-13e eeuw;• baksteenpuin (30x15x8 cm;13e-15eeeuw);• Aagtekerke: verrommelde lagen met12e eeuw aardewerk;•baksteenpuin;•grachtTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 22. Onderzoek Biggekerke (Van der Feen 1949)• Ophogings- en bewoningslagen metzware palen van gebouw uit de11e-13e eeuw;• Geen baksteenpuin;• Gracht?Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 23. Datering van de Zeeuwse vliedbergenOudste kernterpen liggen opSchouwen en Walcheren en dateren uitde laat-Karolingische tijd;Op de overige Zeeuwse eilanden inZeeuws Vlaanderen dateren deze uitde 11e-12e eeuw;Einde van het gebruik om kernterpenop te werpen rond ca. 1200;Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 24. Fasering van de Zeeuwse vliedbergenSoms bevindt zich onder de kernterp ouderebewoning ( Duivelsberg bij Kapelle, TerValcke bij Goes);Kernterp wordt meestal, maar niet altijd(Scherpenisse-Westkerke), in één keeropgehoogd tot een ‘hoge berg’;Sommige kernterpen groeien niet uit tot een‘hoge berg’;Soms wordt een ‘hoge berg’ in één keeropgeworpen;‘Hoge berg’ wordt incidenteelgetransformeerd tot ronde of andersoortigeversterking (berg van Troje bij Borssele)Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 25. Morfologie van de Zeeuwse vliedbergenNiet alle vliedbergen hebben eenomgrachting (3 van de 40 nog bestaandehebben geen gracht);Niet alle vliedbergen hebben een voorburcht(5 van de 40 nog bestaande hebben geenvoorburcht);Lang niet overal is sprake van eensteenbouwfase ( 33 van de 40 nogbestaande vliedbergen kennen geensteenbouwfase)Niet alle complexen hebben een rondegrondvorm ( 7 van de 40 nog bestaandehebben een andere vorm)Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 26. Categorieën op basis van precisie waterpassingen(Van Heeringen et al. 2007)Categorie 1: hoogte van 0 tot 2 meter;Categorie 2: 2 tot 4 meter;Categorie 3: 4 tot 6 meter;Categorie 4: 6 tot 8 meterCategorie 5: hoger dan 7 meter.De categorieën 4 en 5 nog vrijwel intact.Alle bergen hadden oorspronkelijk een vrijwel gelijk uiterlijk met uitzonderingvan een zevental bergen met een diameter van ca. 50 meter. Mogelijkweerspiegelen deze een latere fase of zijn het opvolgers van de bergen.Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 27. Gedachten over de functie(s) van de vliedbergen• Offerhoogten uit voor-christelijke tijden (J. Ab. Utrecht Dresselhuis (1845) ;•Begraafplaatsen (Gargon Walcherse Arkadia (1715);•Woonplaatsen (Smallegange (1696);• Vliedbergen (Reygersbergh van Cortgene (1634), De Man (1887), Schuiling(1912,1915), Vlam (1943);•Stelbergen (Barentsen (1958/1959), Hollestelle);•Kasteelbergen ( De Man (1887), Tack (1938), Braat (1961);Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 28. ReconstructiesBerg van Troje door Braat(1961) gold lange tijd alsarchetype van de ZeeuwsevliedbergenTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 29. ReconstructiesMaelstede door Oele (1977).Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 30. Reconstructies• Artist impression (Van Ginkel &Steehouwer 1998)Tussen motteversterkingen en huisterpen
  • 31. ReconstructiesMotte van Haie Joulain in hetthemapark van Saint-Sylvain d’Anjou in Saint-Sylvain d’ Anjoubij Angers in FrankrijkTussen motteversterkingen en huisterpen
  • 32. Gedachten over genese van de Zeeuwsevliedbergen• Eind Vroege Middeleeuwen intensief bewoond gebied met naastvlaknederzettingen vele terpen, wieren en werven. Deze werden zowel gebruikt alswoonplaats als voor de stalling van vee;• Opkomst van lokale elite groepen (rijke boeren) leidt tot het verder verhogen vaneen deel van de bestaande verhoogde woonplaatsen tot kernterpen en vervolgensenerzijds de ontwikkeling naar ‘hoge bergen’ en anderzijds de vorming vandorpsterpen.• Tevens bouw door leden van adellijke geslachten en machtige boeren van ‘hogebergen’. Deze zijn in een keer opgeworpen;•Op de ‘hoge bergen’ stonden torens van hout of (soms later) baksteen. Als er eenvoorburcht aanwezig was bevonden zich hier gebouwen met uiteenlopende functies(bewoning, opslag, stalling van vee etc.) ;•Incidenteel groeide een ‘hoge berg’ uit tot een volwaardig kasteel, zoals de bergvan Troje, of werd deze opgevolgd door een kasteel (op dezelfde plek of de directeomgeving)Tussen motteversterkingen en huisterpen