Roeping

369 views
245 views

Published on

voorganger dhr de Lange
organist Joh de Vries
luister mee via www.kerknoordwolde.nl

Published in: Spiritual
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
369
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
2
Actions
Shares
0
Downloads
2
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Roeping

  1. 1. Welkom Voorganger dhr de LangeOrganist Johannes de Vries
  2. 2. VDD ELB 299Welk een vriend is onze Jezus
  3. 3. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  4. 4. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  5. 5. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  6. 6. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  7. 7. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  8. 8. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  9. 9. Welkom Voorganger dhr de LangeOrganist Johannes de Vries
  10. 10. P 103 – 7, 3Maar ‘s Heren gunst
  11. 11. Psalm 103 (LvdK) t. J.W. Schulte Nordholt; m. Straatsburg 1539/1543
  12. 12. Psalm 103 (LvdK) t. J.W. Schulte Nordholt; m. Straatsburg 1539/1543
  13. 13. Psalm 103 (LvdK) t. J.W. Schulte Nordholt; m. Straatsburg 1539/1543
  14. 14. Psalm 103 (LvdK) t. J.W. Schulte Nordholt; m. Straatsburg 1539/1543
  15. 15. Votum en groet Ere zij de Vader en de Zoon En de Heilige Geest, Als in den beginne, nu en immer,En van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.
  16. 16. Richtlijnen voor het leven, daarna G 314 – 1, 3
  17. 17. allen:Gij die gelooft, verheugt u samen (LvdK 314) v. R. Bennink Janssonius; m. J.B. König (?)
  18. 18. Gij die gelooft, verheugt u samen (LvdK 314) v. R. Bennink Janssonius; m. J.B. König (?)
  19. 19. Gij die gelooft, verheugt u samen (LvdK 314) v. R. Bennink Janssonius; m. J.B. König (?)
  20. 20. Gij die gelooft, verheugt u samen (LvdK 314) v. R. Bennink Janssonius; m. J.B. König (?)
  21. 21. Gebed
  22. 22. Als je geen liefde hebt voor elkaar
  23. 23. allen: volgende: allenAls je geen liefde hebt voor elkaar (AWN 3.19)(EL 422) t. H. Lam; m. W. ter Burg
  24. 24. allen: volgende: vrouwenAls je geen liefde hebt voor elkaar (AWN 3.19)(EL 422) t. H. Lam; m. W. ter Burg
  25. 25. vrouwen: volgende: allenAls je geen liefde hebt voor elkaar (AWN 3.19)(EL 422) t. H. Lam; m. W. ter Burg
  26. 26. allen: volgende: mannenAls je geen liefde hebt voor elkaar (AWN 3.19)(EL 422) t. H. Lam; m. W. ter Burg
  27. 27. mannen: volgende: allenAls je geen liefde hebt voor elkaar (AWN 3.19)(EL 422) t. H. Lam; m. W. ter Burg
  28. 28. allen: volgende: allenAls je geen liefde hebt voor elkaar (AWN 3.19)(EL 422) t. H. Lam; m. W. ter Burg
  29. 29. allen: volgende: allenAls je geen liefde hebt voor elkaar (AWN 3.19)(EL 422) t. H. Lam; m. W. ter Burg
  30. 30. allen:Als je geen liefde hebt voor elkaar (AWN 3.19)(EL 422) t. H. Lam; m. W. ter Burg
  31. 31. Wij gaan, tot straks!!
  32. 32. Lezen OT Exod. 3 : 1 t/m 12
  33. 33. 1 Mozes was gewoon de schapen engeiten van zijn schoonvader Jetro, deMidjanitische priester, te weiden. Eensdreef hij de kudde tot voorbij hetsteppeland, en zo kwam hij bij deHoreb, de berg van God. 2 Daarverscheen de engel van de HEER aanhem in een vuur dat uit eendoornstruik opvlamde. Mozes zag datde struik in brand
  34. 34. stond en toch niet door het vuur werdverteerd. 3 Hoe kan het dat die struikniet verbrandt? dacht hij. Ik ga datwonderlijke verschijnsel eens vandichtbij bekijken. 4 Maar toen de HEERzag dat Mozes dat ging doen, riep hijhem vanuit de struik: ‘Mozes! Mozes!’‘Ik luister,’ antwoordde Mozes. 5 ‘Komniet dichterbij,’
  35. 35. waarschuwde de HEER, ‘en trek je sandalenuit, want de grond waarop je staat, is heilig.6 Ik ben de God van je vader, de God vanAbraham, de God van Isaak en de God vanJakob.’ Mozes bedekte zijn gezicht, want hijdurfde niet naar God te kijken.7 De HEER zei: ‘Ik heb gezien hoe ellendigmijn volk er in Egypte aan toe is,
  36. 36. ik heb hun jammerklachten over hunonderdrukkers gehoord, ik weet hoe zelijden. 8 Daarom ben ik afgedaald omhen uit de macht van de Egyptenarente bevrijden, en om hen uit Egyptenaar een mooi en uitgestrekt land tebrengen, een land dat overvloeit vanmelk en honing, het gebied van deKanaänieten, de Hethieten, Amorieten,Perizzieten, Chiwwieten en Jebusieten.
  37. 37. 9 De jammerklacht van de Israëlieten istot mij doorgedrongen en ik hebgezien hoe wreed de Egyptenaren henonderdrukken. 10 Daarom stuur ik jounu naar de farao: jij moet mijn volk, deIsraëlieten, uit Egypte wegleiden.’11 Mozes zei: ‘Maar wie ben ik dat iknaar de farao zou gaan en deIsraëlieten uit Egypte zou leiden?’
  38. 38. 12 God antwoordde: ‘Ik zal bij je zijn.En dit zal voor jou het teken zijn dat ikje heb gestuurd: als je het volk uitEgypte hebt weggeleid, zullen jullieGod bij deze berg vereren.’
  39. 39. Lezen NT Johannes 2 : 1 t/m 11
  40. 40. 1 Op de derde dag was er een bruiloftin Kana, in Galilea. De moeder vanJezus was er, 2 en ook Jezus en zijnleerlingen waren op de bruiloftuitgenodigd. 3 Toen de wijn bijna opwas, zei de moeder van Jezus tegenhem: ‘Ze hebben geen wijn meer.’ 4‘Wat wilt u van me?’ zei Jezus. ‘Mijntijd is nog niet gekomen.’ 5 Daaropsprak zijn moeder de bedienden aan
  41. 41. ‘Doe maar wat hij jullie zegt, wat hetook is.’ 6 Nu stonden daar voor hetJoodse reinigingsritueel zes stenenwatervaten, elk met een inhoud vantwee à drie metrete. 7 Jezus zei tegende bedienden: ‘Vul de vaten met water.’Ze vulden ze tot de rand. 8 Toen zei hij:‘Schep er nu wat uit, en breng dat naarde ceremoniemeester.’ Dat deden ze.
  42. 42. 9 En toen de ceremoniemeester hetwater dat wijn geworden was, proefde– hij wist niet waar die vandaan kwam,maar de bedienden die het watergeschept hadden wisten het wel – riephij de bruidegom 10 en zei tegen hem:‘Iedereen zet zijn gasten eerst degoede wijn voor en als ze dronken zijnde minder goede.
  43. 43. Maar u hebt de beste wijn tot nubewaard!’ 11 Dit heeft Jezus in Kana, inGalilea, gedaan als eerstewonderteken; hij toonde zo zijngrootheid en zijn leerlingen geloofdenin hem.
  44. 44. G 326 – 1, 4Een rijke schat van Wijsheid
  45. 45. allen:Een rijke schat van wijsheid (LvdK 326) v. A.C. den Besten; m. Neurenberg 1527
  46. 46. Een rijke schat van wijsheid (LvdK 326) v. A.C. den Besten; m. Neurenberg 1527
  47. 47. Een rijke schat van wijsheid (LvdK 326) v. A.C. den Besten; m. Neurenberg 1527
  48. 48. Een rijke schat van wijsheid (LvdK 326) v. A.C. den Besten; m. Neurenberg 1527
  49. 49. Verkondiging
  50. 50. JdH 54 – 1, 2, 4Hoort Jezus noodt u
  51. 51. 1 Hoort, Jezus noodt u:komt tot het feest,komt, alle dingen zijn gereed.Voor arm en rijk is er plaats bereid,trek aan thans het bruiloftskleed.
  52. 52. Elk die wil mag komen,gaat in de Koningszaal.O, zwakken en vermoeiden,daar s plaats aant Bruiloftsmaal.
  53. 53. 2 Hoort, Jezus noodt u:komt tot het feest,kom, o mijn vriend nog is het tijd,ga binnen blijf toch niet buiten staan,voor u is ook plaats bereid.
  54. 54. Elk die wil mag komen,gaat in de Koningszaal.O, zwakken en vermoeiden,daar s plaats aant Bruiloftsmaal.
  55. 55. 4 Hoort. Jezus noodt u:komt tot het feest, kom, arme zondaarstel niet uit,de Vader roept u een welkom toe,kom, neem nu een vast besluit.
  56. 56. Elk die wil mag komen,gaat in de Koningszaal.O, zwakken en vermoeiden,daar s plaats aant Bruiloftsmaal.
  57. 57. Geloofsbelijdenis (gelezen)
  58. 58. ELB 413 – 1, 2, 4 De Lichtstad
  59. 59. allen:Lichtstad met uw paarlen poorten (EL 413) t. M.A. Alt
  60. 60. Lichtstad met uw paarlen poorten (EL 413) t. M.A. Alt
  61. 61. Lichtstad met uw paarlen poorten (EL 413) t. M.A. Alt
  62. 62. Lichtstad met uw paarlen poorten (EL 413) t. M.A. Alt
  63. 63. Lichtstad met uw paarlen poorten (EL 413) t. M.A. Alt
  64. 64. Lichtstad met uw paarlen poorten (EL 413) t. M.A. Alt
  65. 65. Dankgebed en voorbeden
  66. 66. Collecte 1ste voor evangelisatie2de voor eigen gemeente
  67. 67. ELB 212 – 1, 2Wat een voorrecht
  68. 68. allen:Heer wat een voorrecht (EL 212) t. & m. W.J. en B. Gaither; v. H. Lieberton
  69. 69. Heer wat een voorrecht (EL 212) t. & m. W.J. en B. Gaither; v. H. Lieberton
  70. 70. Heer wat een voorrecht (EL 212) t. & m. W.J. en B. Gaither; v. H. Lieberton
  71. 71. Heer wat een voorrecht (EL 212) t. & m. W.J. en B. Gaither; v. H. Lieberton
  72. 72. Zegenbede 3 x amen
  73. 73. Wilhelmus
  74. 74. allen:Wilhelmus van Nassouwe (LvdK 411) t. M. van st. Aldegonde (?); m. Valerius
  75. 75. Wilhelmus van Nassouwe (LvdK 411) t. M. van st. Aldegonde (?); m. Valerius
  76. 76. Wilhelmus van Nassouwe (LvdK 411) t. M. van st. Aldegonde (?); m. Valerius
  77. 77. Wilhelmus van Nassouwe (LvdK 411) t. M. van st. Aldegonde (?); m. Valerius

×