Het laatste woord

527 views
416 views

Published on

'Het laatste woord'
Avonddienst 21-11-2010
Voorganger: Dhr. Pasterkamp
Organist: Johannes de Vries
luister mee via www.kerknoordwolde.nl of www.audioserver.nl

Published in: Spiritual, Travel
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
527
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
2
Actions
Shares
0
Downloads
1
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Het laatste woord

  1. 1. ‘Het laatste woord’ Voorganger: Dhr. Pasterkamp Organist: Johannes de Vries
  2. 2. Voorwaarts, Christenstrijders, Lied voor de dienst GB 9
  3. 3. 1. Voorwaarts, Christenstrijders, drukt uws Konings spoor; met Zijn heil’ge kruisvaân gaat ons Jezus voor.
  4. 4. Weest voor Zijn bevelen, wat u dreig’ nooit doof; toont, hoe bang ’t u worde, in zijn woord geloof.
  5. 5. Voorwaarts, Christenstrijders, drukt uws Konings spoor; met Zijn heil’ge kruisvaân gaat ons Jezus voor.
  6. 6. 2. ’t Was Zijn woord bij ’t scheiden; volgt Mij onvervaard, Ook u wordt verdrukking, smaadheid niet gespaard.
  7. 7. Maar Ik heb verwonnen ’s Werelds vorst, zijn macht zal uw trouw beproeven, waakt! Strijdt in Mijn kracht.
  8. 8. Voorwaarts, Christenstrijders, drukt uws Konings spoor; met Zijn heil’ge kruisvaân gaat ons Jezus voor.
  9. 9. 3. Voorwaarts, opwaarts, broeders, werpt zijn sterkte neêr; Velt, wie tegenstreven, ’t Geldt uws Konings eer.
  10. 10. Hij heeft overwonnen, Heerst op ’s Vaders troon; Strijdt, volhardt ten einde, ’t Geldt Zijn eer, uw kroon.
  11. 11. ‘Het laatste woord’ Voorganger: Dhr. Pasterkamp Organist: Johannes de Vries
  12. 12. Heil hem wien God een plaats bereidt Psalm 91 vers 1 en 2
  13. 13. 1 Heil hem wien God een plaats bereidt in zijn verheven woning: hij overnacht in veiligheid bij een almachtig koning. Ik zeg tot God: Gij zijt mijn schild, mijn toevlucht en mijn veste, op U vertrouw ik, HEER, Gij wilt voor mij altijd het beste.
  14. 14. 2 God redt uw ziel van nood en dood, Hij heeft u aangenomen: een vogel, die ternauwernood is aan de strik ontkomen. De HEER zal over uw bestaan zijn sterke vleugels breiden. Hij is, in trouw u toegedaan, uw schild en pantser beide.
  15. 15. Votum en Groet
  16. 16. O Here God, kom mij bevrijden, Psalm 43 vers 3 en 4
  17. 17. 3 O Here God, kom mij bevrijden, zend mij uw waarheid en uw licht die naar uw heilge berg mij leiden, waar Gij mij woning wilt bereiden. Geef dat ik door U opgericht kom voor uw aangezicht.
  18. 18. 4 Dan ga ik op tot uw altaren, tot U, o bron van zaligheid. Dan mag mijn ziel uw heil ervaren en dankbaar ruisen alle snaren voor U die al mijn vreugde zijt en eindloos mij verblijdt.
  19. 19. Gebed
  20. 20. 1 Johannes 2 vers 8 t/m 12 Schriftlezing
  21. 21. 8 Toch is het ook een nieuw gebod, omdat de duisternis wijkt en het ware licht al schijnt, en dit is werkelijkheid in Jezus’ leven en in uw leven. 9 Wie zegt in het licht te zijn maar zijn broeder of zuster haat, bevindt zich nog altijd in de duisternis. 10 Wie de ander liefheeft, blijft in het licht en komt niet ten val,
  22. 22. 11 maar wie de ander haat, bevindt zich in de duisternis. Hij gaat zijn weg in het duister, zonder te weten waarheen die weg voert, want de duisternis heeft hem blind gemaakt. 12 Kinderen, ik schrijf u dat uw zonden u vergeven zijn omwille van zijn naam.
  23. 23. Ga mij niet voorbij, o Heiland Johan de Heer 121 vers 1,2 en 3
  24. 24. 1 Ga mij niet voorbij, o Heiland ga mij niet voorbij! Wijl Gij and'ren zegent, Heiland! Zegen nu ook mij.
  25. 25. Jezus, Heiland, wees mij nu nabij! Wijl Gij and'ren zegent, Heiland, ga mij niet voorbij!
  26. 26. 2 Voor Uw troon geknield, o Heiland, bid ik in 't geloof! Doe mij troost en uitkomst vinden, houd u niet als doof!
  27. 27. Jezus, Heiland, wees mij nu nabij! Wijl Gij and'ren zegent, Heiland, ga mij niet voorbij!
  28. 28. 3 Op Uw zoenbloed pleit ik, Heiland, voor des Vaders troon; daar wilt Gij mijn Midd'laar wezen. Hoor mij, Gij. Gods Zoon!
  29. 29. Jezus, Heiland, wees mij nu nabij! Wijl Gij and'ren zegent, Heiland, ga mij niet voorbij!
  30. 30. Prediker 12 vers 8- 14 Schriftlezing
  31. 31. 8 Lucht en leegte, zegt Prediker, alles is leegte. Heb ontzag voor God 9 Prediker was een wijs man en heeft het volk veel kennis bijgebracht. Hij heeft gewikt en gewogen en veel spreuken opgesteld. 10 In treffende spreuken probeerde Prediker de waarheid getrouw onder woorden te brengen.
  32. 32. 11 De woorden van de wijzen zijn zo scherp en puntig als een ossenprik, al hun spreuken zijn ons door één herder ingeprent. 12 En tot slot, mijn zoon, nog deze waarschuwing: er komt geen einde aan het aantal boeken dat geschreven wordt, en veel lezen mat het lichaam af.
  33. 33. 13 Alles wat je hebt gehoord komt hierop neer: heb ontzag voor God en leef zijn geboden na. Dat geldt voor ieder mens, 14 want God oordeelt over elke daad, ook over de verborgen daden, zowel over de goede als de slechte.
  34. 34. Grote God, Gij hebt het zwijgen Gezang 329 vers 1 en 3
  35. 35. 1 Grote God, Gij hebt het zwijgen met uw eigen, met uw lieve stem verstoord. Maak de weg tot U begaanbaar, wees verstaanbaar; spreek Heer, uw gemeente hoort.
  36. 36. 3 Roep ons uit de doodse dalen waar wij dwalen, door een vreemde stem bekoord. Breng ons naar de heilge stede van uw vrede. Spreek Heer, uw gemeente hoort.
  37. 37. ‘Het laatste woord’ Verkondiging
  38. 38. Wat vlied' of bezwijk', getrouw is mijn God, Gezang 470: 1, 3 en 4
  39. 39. 1 Wat vlied' of bezwijk', getrouw is mijn God, Hij blijft aan mijn zij in 't wisselend lot; moog 't hart soms ook beven in 't heetst van de strijd, zijn liefd' en ontferming vertroosten altijd.
  40. 40. 3 Als God mij vertroost, is 't kruis niet te zwaar, dan ken ik geen vrees in 't bangste gevaar, dan win ik al strijdend vertrouwen en kracht en zing ik mijn psalmen in duistere nacht.
  41. 41. 4 Ik roem in mijn God, ik juich in zijn trouw, de rots mijner ziel, waar 'k eeuwig op bouw. Ik zal Hem nog prijzen in 't uur van mijn dood, dan rijst nog mijn loflied: `zijn goedheid is groot!'
  42. 42. Gedenken van de overledenen.
  43. 43. Ik weet, dat mijn verlosser leeft Johan de Heer 113 vers 1, 3 en 4
  44. 44. 1 Ik weet, dat mijn verlosser leeft Dit is het, wat mij troost hier geeft. Hij leeft, die voor mij stierf. Hij leeft! Dit maakt mij altijd blij. Hij leeft! Mijn Heiland, die voor mij een levenskroon verwierf.
  45. 45. Hij leeft! Hij leeft! Ik weet, dat mijn Verlosser leeft. Hij leeft! Hij leeft! Ik weet, dat mijn Verlosser leeft.
  46. 46. 3 Hij leeft! Verrezen uit het graf! Hij leeft! Die 't leven voor mij gaf! Ik zing van Hem, Die leeft. Hij leeft. Die mij zo teer bemint. Hij leeft! Die mij, Zijn dierbaar kind. het eeuwig leven geeft.
  47. 47. Hij leeft! Hij leeft! Ik weet, dat mijn Verlosser leeft. Hij leeft! Hij leeft! Ik weet, dat mijn Verlosser leeft.
  48. 48. 4 Hij leeft! Waar Hij ons plaats bereidt. Haast komt Hij weer in heerlijkheid. Dit geeft tot juichen stof. Wat vreugd' is die verzeek'ring mij, dat mijn Verlosser leeft voor mij; Zijn naam zij eeuwig lof.
  49. 49. Hij leeft! Hij leeft! Ik weet, dat mijn Verlosser leeft. Hij leeft! Hij leeft! Ik weet, dat mijn Verlosser leeft.
  50. 50. Gebed
  51. 51. Geloofsbelijdenis
  52. 52. Machtig God, sterke Rots Opwekking 277
  53. 53. Machtig God, sterke Rots, U alleen bent waardig. Aard' en hemel prijzen U, glorie voor uw naam.
  54. 54. Lam van God, hoogste Heer, heilig en rechtvaardig, stralend Licht, Morgenster, niemand is als U.
  55. 55. Prijst de Vader, prijst de Zoon. Prijst de Geest, die in ons woont. Prijst de Koning der heerlijkheid. Prijst Hem tot in eeuwigheid.
  56. 56. Gedicht
  57. 57. Collecte
  58. 58. Wie maar de goede God laat zorgen Gezang 429
  59. 59. 1 Wie maar de goede God laat zorgen en op Hem hoopt in 't bangst gevaar, is bij Hem veilig en geborgen, die redt Hij godlijk, wonderbaar: wie op de hoge God vertrouwt, heeft zeker op geen zand gebouwd.
  60. 60. 2 Blijf dan eerbiedig God verbeiden en zwijg de Heer ootmoedig stil; Hij zal ons naar zijn raad geleiden, 't is goed en heilig wat Hij wil. God die ons uitverkoren heeft, kent alle zorg die in ons leeft.
  61. 61. 3 Treed vrolijk voort op 's Heren wegen, neem zijn gebod getrouw in acht. 't Wordt eindlijk alles u ten zegen, wanneer gij daarop biddend wacht. En wie gelovig op Hem ziet, weet zeker, Hij verlaat ons niet.
  62. 62. Zegen

×