De wet op de landverzekeringsovereenkomst: 20 jaar (r)evolutie - deel 1

  • 2,179 views
Uploaded on

16 maart 2012

16 maart 2012

More in: Business
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
2,179
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1

Actions

Shares
Downloads
11
Comments
0
Likes
0

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. De wet op de landverzekeringsovereenkomst: 20 jaar (r)evolutie 16 maart 2012 Hugo Keulers Sandra Lodewijckx Jo Willems Yves Thiery Anne Catteau Héloïse Fostier
  • 2. Overzicht Inleiding: Sandra Lodewijckx Artikel 4: Verzekeringsvoorstel, verzekeringsaanvraag en voorafgetekende polis: Sandra Lodewijckx Artikels 5 tot 7: Mededelingsplicht: Héloïse Fostier Artikels 8 tot 11: Grove fout / Uitsluiting en verval: Anne Catteau Artikels 25 en 26: Verzwaring / Vermindering van het risico: Yves Thiery Artikels 34 en 35: Verjaring: Jo Willems Artikel 36: Arbitrage: Hugo Keulers 2
  • 3. ARTIKEL 4 VERZEKERINGSVOORSTEL, VOORAFGETEKENDE POLISEN VERZEKERINGSAANVRAAG 3
  • 4. Sluiten van de verzekeringsovereenkomst  Vraag:  Wanneer komt een verzekeringsovereenkomst tot stand?  Wanneer is er een aanbod en een aanvaarding van het aanbod?  Precontractuele fase – informatieverplichtingen 4
  • 5. Sluiten van de verzekeringsovereenkomst Artikel 4 WLVO regelt enkel de praktijk van het verzekeringsvoorstel, de voorafgetekende polis, de verzekeringsaanvraag en de verkoop op afstand. Documenten die uitgaan van de verzekeraar (Luik 21/12/2010). Van dwingend recht. Niet van toepassing op krediet- en borgtochtverzekeringen. 5
  • 6. Sluiten van de verzekeringsovereenkomst1. Het verzekeringsvoorstel Geen aanbod tot contracteren (Corr. Leuven 26/02/1998 en Bergen 26/05/1997) Antwoord binnen 30 dagen  Aanbod:  Aanvaarding is sluiten van de overeenkomst  Geldig gedurende bepaalde termijn of redelijke termijn  Weigering  Bijkomend onderzoek: geen termijn Aanbeveling: opvolgen! (Kort. Ged. Rb. Aarlen 18/05/2006)  Geen reactie (Corr. Leuven 26/02/1998 en Corr. Oudenaarde 16/03/2001)  Verzekeraar heeft de verplichting om de overeenkomst te sluiten  Sanctie: schadevergoeding: bewijs door VN 6
  • 7. Sluiten van de verzekeringsovereenkomst2. De voorafgetekende polis en de verzekeringsaanvraag Aanbod tot contracteren: de overeenkomst komt tot stand bij ondertekening door VN (Pol. Luik 06/12/2004) De voorafgetekende polis is een door de verzekeraar reeds ondertekende polis. De verzekeringsaanvraag = voorlopige dekking  Let op! (Bergen 26/05/1997, Gent 06/09/2000 en Corr. Oudenaarde 20/02/2004)  WLVO regelt niet de termijn van de voorlopige dekking – het sluiten van de definitieve polis – normale termijn – opzeg  Voorlopige dekking is autonoom contract – geen retroactiviteit van de bepalingen van de polis – geen stilzwijgende verlenging 7
  • 8. Sluiten van de verzekeringsovereenkomst2. De voorafgetekende polis en de verzekeringsaanvraag  Bedenktermijn van 14 / 30 dagen na ontvangst  Opzeggen overeenkomstig artikel 29 WLVO  VN: onmiddellijk op kennisgeving  VA: 8 dagen na kennisgeving  Verplichte vermeldingen  Groene kaart  Voorlopige groene kaart = voorlopige dekking  Weerlegbaar vermoeden van dekking  Duur overeenkomst: bewijs bij VA (Cass. 18/01/2000 en Cass. 16/01/2002) 8
  • 9. Sluiten van de verzekeringsovereenkomst Rechter kan document herkwalificeren (Gent 08/05/2003 en Kh. Gent 15/01/2004: verzekeringsaanvraag = verzekeringsvoorstel dus geen overeenkomst) Datumstempel: bewijsproblemen voorkomen  Ingangsdatum  Opzegging Belangrijke rol verzekeringstussenpersonen (Corr. Leuven 26/02/1998, Gent 06/09/2000, Pol. Antwerpen 27/06/2008, Antwerpen 23/03/1998, Luik 02/02/2006 en Kh. Antwerpen 09/02/2010)  Let op kennisgeving van verzekeraar aan verzekeringnemer 9
  • 10. Sluiten van de verzekeringsovereenkomst3. Verkoop op afstand  Ontvangst aanvaarding VN = sluiten van de overeenkomst  Bedenktermijn van 14 / 30 dagen na sluiten overeenkomst of vanaf ontvangst voorwaarden en bijkomende informatie  Opzeggen overeenkomstig artikel 29 WLVO  VN: onmiddellijk op kennisgeving  VA: 8 dagen na kennisgeving  Uitzondering: Reis- en bagageverzekeringspolissen of soortgelijke kortetermijnverzekeringspolissen met een looptijd van minder dan één maand 10
  • 11. Sluiten van de verzekeringsovereenkomst3. Verkoop op afstand  Rb. Luik 01/10/2008:  “Opdat de algemene voorwaarden van een verzekeringscontract tegenwerpelijk zouden zijn aan een niet-professionele verzekerde, dient deze laatste de mogelijkheid te hebben om er kennis van te nemen alvorens het contract wordt afgesloten en dient hij ze uitdrukkelijk of stilzwijgend maar zeker te hebben aanvaard. In casu zijn de op Internet gepubliceerde algemene voorwaarden niet tegenwerpelijk verklaard aangezien iedere geïnteresseerde het verzekeringscontract kon afsluiten zonder de verzekeringsvoorwaarden te hebben gelezen (en goedgekeurd).” 11
  • 12. ARTIKELS 5 TOT 7MEDEDELINGSPLICHT 12
  • 13. Overzicht1. Principes – art. 5 WLVO2. Vragenlijst van de verzekeraar3. Sancties – art. 6 en 7 WLVO A. Opzettelijk verzwijgen of onjuist meedelen B. Onopzettelijk verzwijgen of onjuist meedelen 13
  • 14. 1. Principes – art. 5 WLVO Wie? Verzekeringnemer (Cass., 06/10/11) Wanneer? Tot op het moment van sluiting overeenkomst (Bergen, 23/01/98; Cass., 16/11/01) Wat?  Alle hem bekende omstandigheden die hij redelijkerwijze moet beschouwen als gegevens die van invloed kunnen zijn op de beoordeling van het risico door de verzekeraar  NIET de omstandigheden die reeds gekend zijn of redelijkerwijze gekend moesten zijn door de verzekeraar  NIET de genetische gegevens Hoe? Spontaan, volledig en nauwkeurig Geen controleverplichting van de verzekeraar (Brussel, 06/12/04) 14
  • 15. 2. Vragenlijst van de verzekeraar Draagt bij tot vaststelling van de relevante elementen voor de beoordeling van het risico Niet verplicht maar voorzien in art. 5, 2 WLVO ! Wanneer de verzekeraar de overeenkomst sluit, terwijl hij geen antwoord gekregen heeft op bepaalde schriftelijke vragen, kan hij zich niet beroepen op de verzwijging van de verzekerde  Uitzondering: fraude (Rb. Luik, 04/02/05) ! Controle  Wanneer de antwoorden duidelijk zijn (Brussel, 21/02/00; Luik, 21/12/05)  In geval van onduidelijkheid (Rb. Brugge, 15/01/04) Bijzonder geval: Wanneer de verzekeraar belang hecht aan een bepaalde omstandigheid die de verzekeringnemer niet verplicht is om spontaan te melden, moet hij het initiatief nemen om zich te informeren en kan hij niet passief blijven. (Cass., 18/01/02) 15
  • 16. 3. Sancties  Artikels 6 en 7 van de WLVO: dubbel onderscheid Verzwijging OnjuistheidOpzettelijk Nietigheid van de verzekeringsovereenkomst  Geen nietigheid van de verzekeringsovereenkomst  Voor het schadegeval:  Verzekeraar stelt wijziging van overeenkomst voor  Verzekeraar zegt de overeenkomst op  Wanneer hij nooit het risico zou hebben verzekerd  Wanneer het voorstel tot wijziging geweigerd wordt en  Wanneer het voorstel tot wijziging niet geaccepteerd wordtOnopzettelijk  Na het schadegeval:  Kan niet verweten worden aan de verzekeringnemer: tot uitkering gehouden  Kan verweten worden aan de verzekeringnemer: slechts tot uitkering gehouden op basis van de verhouding tussen de betaalde premie en de premie die de verzekeringnemer zou hebben moeten betalen indien hij het risico naar behoren had meegedeeld  Wanneer de verzekeraar het risico nooit zou hebben verzekerd: terugbetaling van alle betaalde premies 16
  • 17. 3. Sancties In beide hypotheses: betreffende element moet een beoordelingsfactor zijn van het risico voor de verzekeraar, wat de verzekeringnemer ook als dusdanig zou kunnen aanzien en waarvan de verzekeringnemer kennis moet hebben  Bewijslast : verzekeraar (Brussel, 27/04/01)  Geen invloed op het schadegeval (Gent, 10/04/02)  Geen oorzakelijk verband met de schade die zich heeft voorgedaan (Luik, 10/05/06)  Tegenvoorbeeld (Luik, 09/12/08) In de hypothese van artikel 6 WLVO: opzettelijk karakter  Bewijslast: verzekeraar (Luik, 22/10/03)  De kwade trouw wordt niet vermoed (Rb. Namen, 28/02/01)  Kan volgen uit de omstandigheden van de zaak (Rb. Brussel, 23/12/05) 17
  • 18. 3. SanctiesA. Opzettelijk verzwijgen of onjuiste mededeling Nietigheid van de verzekeringsovereenkomst met retroactieve werking  Zelfs in geval van verplichte verzekering (Cass., 25/02/05; Cass., 04/05/07)  Verzekeraar kan alle uitkeringen terugvorderen (Cass., 04/05/07)  Verhaalsvordering is niet onderworpen aan het verval in art. 88, lid 2 WLVO (Cass., 04/05/07) Afwijking: premies (Cass., 25/02/05) Quid wanneer meerdere risico’s verzekerd in het contract? Nietigheid beperkt tot de verzekering van de risico’s voor dewelke de verzekeraar in dwaling gebracht werd (Cass., 09/06/06)B. Onopzettelijk verzwijgen of onjuiste mededeling Quid wanneer verzwijging of onjuiste mededeling kan verweten worden aan de verzekeringnemer? (Pol. Brugge, 22/11/99) 18
  • 19. ART. 8-11UITSLUITING EN VERVAL 19
  • 20. In kort Algemene principe: wilsautonomie De verzekeringsovereenkomst bevat de limieten van de dekking:  Voorwerp van het risico  Gevaar gedekt door de verzekering  Ontstaansvoorwaarden van het schadegeval  Dekking in de tijd / territoriale dekking De verzekeraar moet in 3 situaties niet tussenkomen:  Het voorval situeert zich buiten de grenzen van de dekking;  Het voorval is uitgesloten van de dekking door de wet of door het contract;  De verzekerde loopt een verval van dekking op./! Alles wat niet gedekt is valt niet automatisch onder een uitsluiting Leidend criterium: normale inhoud van de polis Quid polissen « Alle Risico’s »?  Op het eerste zicht: algemene dekking  MAAR zij kunnen uitsluitingen voorzien…  Rechtsleer 20
  • 21. Bewijslast Art. 1315 B. W.1ste lid: Hij die de uitvoering van een 2de lid: Omgekeerd moet hij die beweertverbintenis vordert, moet het bestaan bevrijd te zijn, het bewijs leveren van dedaarvan bewijzen. betaling of van het feit dat het tenietgaan van zijn verbintenis heeft teweeggebrachtGrenzen van de dekking: verzekerde Verval: verzekeraar Uitsluiting?Voorbereidende werken: verzekerde Cassatie: verzekeraar (05/01/95,(met uitzondering art. 9 en 101) 07/06/01, 18/01/02, 17/11/05, 26/10/07) 21
  • 22. Bewijslast In de algemene voorwaarden een clausule inschrijven waarin uitdrukkelijk wordt bedongen welke partij de bewijslast heeft van de uitsluiting  Vrijheid van de partijen – geoorloofdheid van overeenkomsten met betrekking tot de bewijslast  Een uitsluiting als een verval formuleren? Verzekeraar moet uitsluiting inroepen op straffe van verlies van het recht om deze uitsluiting achteraf in te roepen (Gand 24/12/09) 22
  • 23. ART. 8 DE ZWARE FOUTOF OPZETTELIJK SCHADEGEVAL 23
  • 24. Korte herhaling Artikel 8 twee probleemstellingen: 1. Geen dekking van het opzettelijk veroorzaakt schadegeval 2. Exoneratie van de verzekeraar enkel mogelijk voor uitdrukkelijk en limitatief bepaalde gevallen in het contract /! Oorzakelijk verband vereist geen dekking tenzij de fout:  De schade heeft veroorzaakt  Een direct en rechtstreeks verband heeft met de schade  Bewijslast: verzekeraar (Brussel, 14/12/10) Zware fout bevrijdt verzekeraar enkel wanneer deze persoonlijk begaan is door de verzekeringnemer, verzekerde of de begunstigde  Niet door personen waarvoor de verzekerde verantwoordelijk is (bv. een aangestelde)  ! Aangezien de organen van een vennootschap gelijkgesteld worden met de vennootschap zelf, zal de zware fout gepleegd door een orgaan toegerekend worden aan de vennootschap-verzekerde 24
  • 25. Eerste probleemstelling: het opzettelijk schadegeval Opzettelijk schadegeval = ? Cassatie (05/12/00, 12/04/02)  Zich vrijwillig en bewust gedragen met als gevolg een schade die redelijk voorzienbaar is Rechtspraak ten gronde: verdeeld Rechtsleer: verdeeld 25
  • 26. Eerste probleemstelling: het opzettelijk schadegeval Cassatie (24/04/09, 26/10/11) Bijkomende voorwaarde: wetens en willens de gevolgen van zijn daden aanvaarden en dus de bedoeling hebben schade toe te brengen Rechtsleer Coherentie van het systeem (bedrog, zware fout, andere fout) van de WLVO is hersteld… … maar de inhoud van het begrip “bedrog” wordt sterk gelimiteerd Verzekeraars zullen bijgevolg amper dekking kunnen weigeren of hun verhaalsrecht kunnen uitoefenen in geval van opzettelijk schadegeval… 26
  • 27. Tweede probleemstelling: de afbakening van deuitsluitingsgevallen door de verzekeraar Beoordeling van clausules met betrekking tot zware fout door de rechtspraak:  Onduidelijke clausules:  “De wetgever verbiedt formeel aan de verzekeraar om te voorzien in een clausule opgesteld in algemene termen. Hij onderwerpt integendeel de geldigheid en doeltreffendheid aan de precisering, in de polis, van de feiten die beschouwd zullen worden als zware fouten die leiden tot het verlies van de dekking. De ernstige roekeloze handeling begaan door de verzekeringnemer stemt overeen met een categorie van zware fout. De verzekeraar kan niet geldig voorzien in een exoneratie voor een geheel aan zware fouten zoals bijvoorbeeld deze die ernstig roekeloos zijn, daar deze formulering in algemene termen is opgesteld.” (Rb. Brussel, 16/02/07)  “Als de verzekeraar zich wil exonereren van zijn dekkingsverplichting als gevolg van een tekortkoming van de verzekerde, is hij verplicht om deze tekortkoming te preciseren in het contract, op een dergelijke wijze dat de verzekerde, na het lezen van dat contract, kan weten in welke gevallen hij gedekt is en in welke gevallen niet. De wetgever wil dat de gevallen van zware fout uitdrukkelijk bepaald worden, maar evenzeer limitatief bepaald worden in het contract. Als de verzekeraar deze opsomt als voorbeelden, respecteert hij de wet niet. Het gebruik van het bijwoord «met name » ontneemt elk limitatief karakter.” (Bergen, 10/09/09) 27
  • 28. Tweede probleemstelling: de afbakening van deuitsluitingsgevallen door de verzekeraar  Beoordeling van clausules met betrekking tot zware fout :  Onduidelijke clausules:  “Schendt artikel 8, lid 2 de rechter welke aanneemt dat de gedragingen die de grove schuld zouden moeten uitmaken met voldoende precisie worden omschreven door een beding volgens hetwelk de waarborg niet wordt verleend indien de aansprakelijkheid is betrokken om reden van een grove schuld van de verzekerde die er in bestaat op zwaarwichtige wijze de regelgeving te schenden betreffende de veiligheid hetzij de wetten, reglementen of gebruiken eigen aan de activiteiten van de verzekerde onderneming.” (Cass., 12/01/11) 28
  • 29. Tweede probleemstelling: de afbakening van deuitsluitingsgevallen door de verzekeraar Beoordeling van clausules met betrekking tot zware fout :  Voldoende gedetailleerde clausules:  “Het beding in een verzekeringsovereenkomst B.A. huurrisico dat stelt dat de verzekeraar geen waarborg verleent voor « de schade veroorzaakt door corrosie of bij manifest gebrek aan voorzorg of onderhoud en onder meer wanneer de verzekerde de hoofdkraan niet heeft afgesloten bij niet bezetting van het goed gedurende meer dan 8 opeenvolgende dagen » moet worden geanalyseerd als een vervalbeding, d.w.z. een beding dat de verzekerde het recht op waarborg ontzegt voor een welbepaald en normaal gedekt schadegeval. Een dergelijk beding is wettelijk omdat de formulering, ondanks de algemene bewoordingen, voldoende overtuigend is. De verzekerde die er niet over waakt de watertoevoer af te sluiten alvorens een ventiel van de waterinstallatie los te draaien om een lek te herstellen geniet derhalve geen verzekeringswaarborg aangezien dit manifeste gebrek aan voorzorg in oorzakelijk verband staat met het optreden van het schadegeval.” (Luik, 28/05/08) 29
  • 30. Tweede probleemstelling: een oplossing? In de bijzondere voorwaarden de preventie- en voorzorgmaatregelen vermelden die specifiek van de verzekerde verwacht worden, en het niet-naleven van dergelijke maatregelen in de algemene voorwaarden als een verval oprichten  “De bijzondere voorwaarden van een brandverzekeringscontract – eenvoudige risico’s – vermelden dat met betrekking tot de verplichte preventiemaatregelen, de verzekerde zich verbindt tot het respecteren van de volgende maatregel: de inhoud van de asbakken zal enkel geleegd worden in volledig metalen vaten en uitgerust met een deksel met een mechanische of automatische sluiting. Er wordt gesuggereerd om er een bodem van zand of water in te voorzien. De bijzondere voorwaarden verwijzen naar de algemene voorwaarden. Volgens de algemene voorwaarden zal de verzekerde die niet de preventiemaatregelen genomen of gehandhaafd heeft die opgelegd werden door het contract elk recht op een schadevergoeding verliezen, behalve wanneer hij het bewijs levert dat zijn tekortkoming niet in verband staat met de schade. Het Hof is van oordeel dat door te eisen dat de vermelding van de voorzorgsmaatregelen en de vermelding van het verval in twee elkaar onmiddellijk opeenvolgende bepalingen opgenomen hoorden te zijn, het arrest artikel 11 van de wet van 25 juni 1992 schendt.” (Cass. 02/06/05) Rechtsleer:  Complementariteit tussen de algemene en de bijzondere voorwaarden  Uitdrukkelijke verwijzing noodzakelijk 30
  • 31. ART. 25-26WIJZIGING VAN HET RISICO 31
  • 32. Beperkt toepassingsgebied Dwingende regeling van de wijziging van het “risico”  “Kans” dat het verzekerde voorval zich niet voordoet  ≠ wijziging van “(waarde van) het gevaarsobject”  Sprinkler-installatie verkleint niet de kans op brand, maar wel op uitbreiding van de brand  Waardevol schilderij verhoogt niet de kans op brand, maar wel op diefstal  Andere voorbeelden  Gent 13/02/2003  Gent 19/02/2009  Hof van Justitie 16/06/2005 Niet toepasselijk op “levens-, ziekte- en kredietverzekeringen”  Kh. Bergen 05/01/2001:  “Lichamelijke ongevallenverzekering” ≠ levens- of ziekteverzekering in de zin van artikel 26 WLVO  Verzwaring moet worden meegedeeld (opzegging na schadegeval eveneens mogelijk) 32
  • 33. Vermindering van het risico Gaat uit van melding van de vermindering Aanzienlijke en blijvende vermindering Verzekeraar had op andere voorwaarden gecontracteerd Recht op premie-restitutie vanaf kennisname verzekeraar Geen rechtspraak 33
  • 34. Verzwaring van het risico Voortzetting van de mededelingsplicht bij het begin van de overeenkomst (art. 5 en sancties onder art. 6 en 7) Beperkter als artikel 5  Niet “alle hem bekende omstandigheden”  Wel “nieuwe omstandigheden” of “wijziging van omstandigheden” van aard om “kans” dat het verzekerd voorval zich voordoet te verhogen  Aanmerkelijk én blijvend  Vb: Luik 14/01/2002: toonzaal restaurant  Vb: Bergen 27/05/2002:  Defect alarmsysteem  Gevoelige verzwaring van het risico maar niet blijvend  Criterium “blijvend”: “dat de wet dus de verzwaring beoogt die van aard is dat zij kan voortduren gedurende een periode die zodanig lang is dat het de moeite loont om een wijziging van het contract te overwegen”. “Vernieuwing” polis  Voorwaarde blijft gelden (geen hernieuwde werking mededelingsplicht art. 5) 34
  • 35. Verzwaring van het risico – Verschillende hypotheses Vóór realisatie :  Bewijs op andere voorwaarden zou hebben verzekerd  mogelijkheid tot wijziging voorwaarden  Bewijs niet zou hebben verzekerd  opzegging binnen maand na kennisname Ná realisatie:  Niet-verwijtbaar:  Prestatie  Verwijtbaar:  Vermindering prestatie  Verhouding betaalde premie / premie die had moeten betaald worden  Niets bedongen voor verhouding betaalde premie / franchiseverhoging  Bij hypothese trachten om te zetten naar premieverhoging  Bedrieglijk opzet:  Verzekeraar kan dekking weigeren. Zware bewijslast. 35
  • 36. Na realisatie: notie verwijtbaarheid Vb: Gent 19/02/2009:  Weten dat de waarde van de stock stijgt ≠ weten dat er een groter risico op diefstal was  Belang van de vragenlijst  “Diende [verzekerden], gelet op het feit dat het verband tussen de antieke dan wel moderne aard van de juwelen en het risico van diefstal niet evident is en de verzekeraars in hun vragenlijst zelf dit onderscheid niet maakten, niet te weten dat dit een voor de beoordeling van het risico relevant element was” Vb: Rb. Brugge 22/11/1999  “Daar het onderscheid tussen een ‘opslagplaats van ijzerwaren en bureaus’ duidelijk verschilt van de werkelijke functie van de hangar [onderhoudswerken en herstellingswerken] die duidelijk bleek na het verkrijgen van de vergunning voor een garage, is de tekortkoming van eiseres haar verwijtbaar.”  Feitenkwestie 36
  • 37. Verzwaring van het risico Zware bewijslast Bewijs verzekeraar dat hij het verzwaarde risico niet of onder andere voorwaarden zou hebben verzekerd (voor realisatie) of Bewijs premie die verzekeringnemer had moeten betalen (na realisatie)  Waar? acceptatie handboeken - underwriting file – premieberekening (gelijkaardige) polissen - herverzekeraar  Vb: Gent 19/02/2009 (antieke juwelen = moderne juwelen en diamanten)  Informatie omtrent wijze waarop premie werd berekend  Vergelijking met premieberekening in andere polissen  Interne documenten  Belang van systematisch documenteren Omzeiling van verbod van uitsluiting van zware fouten die niet uitdrukkelijk en beperkend in de polis zijn opgenomen. Indien niet “aanmerkelijk en blijvend” toch checken of verzwaring niet is uitgesloten. 37
  • 38. ART. 34-35VERJARING 38
  • 39. Overzicht 1. Verjaring in het gemeen recht 2. De belangrijkste verjaringstermijnen 3. Hoe wordt de verjaringstermijn berekend? 4. Stuiting en schorsing in het gemeen recht 5. Verjaring in het verzekeringsrecht 6. Artikel 34 1 WLVO – algemene regel 7. Artikel 34 1 WLVO – verjaringstermijnen 8. Artikel 34 2 WLVO – rechtstreekse vordering 9. Artikel 35 WLVO – schorsing en stuiting 39
  • 40. 1. Verjaring in het gemeen recht  Verjaring is een middel om, na verloop van tijd en onder wettelijke vereisten, een recht te verkrijgen of van een verbintenis bevrijd te worden (art. 2219 B.W.)  Soorten verjaring  Verkrijgende verjaring: die zakelijke rechten doet verkrijgen  Bevrijdende verjaring: die een zakelijk recht of een schuldvordering tenietdoet  Zakelijke rechtsvorderingen  Vinden hun grondslag in een zakelijk recht  Persoonlijke rechtsvorderingen  Vinden hun grondslag in een onrechtmatige daad, een contract of een eenzijdige rechtshandeling 40
  • 41. 2. De belangrijkste verjaringstermijnen 1. Voor zakelijke aanspraken: 30 jaar 2. Voor schuldvorderingen uit overeenkomsten (contractuele aansprakelijkheid): principieel 10 jaar, behoudens uitzonderingen (periodieke schulden) 3. Voor aanspraken op schadevergoeding wegens buitencontractuele aansprakelijkheid: 20 jaar, doch 5 jaar vanaf kennis van de schade en de identiteit van de schadeverwekker 4. Zolang strafvordering niet verjaard is, verjaart ook de burgerlijke aansprakelijkheidsvordering op grond van hetzelfde feit niet  Maar: de verjaring van de strafvordering brengt géén verjaring mee van de burgerlijke vordering 41
  • 42. 3. Hoe wordt de verjaringstermijn berekend? De verjaring is geteld per dag, niet per uur. Een dag is een tijdsruimte van 24 uur, te rekenen vanaf middernacht (art. 2260 B.W.). De dag waarop de verjaring begint te lopen (“dies a quo”) telt niet mee. De verjaring is voltrokken wanneer de laatste dag (“dies ad quem”) verlopen is (art. 2261 B.W.). Zon- en feestdagen zijn in de termijn inbegrepen (>< art. 53 Ger. W.). 42
  • 43. 4. Stuiting en schorsing in het gemeen recht Stuiting = onderbreking van de verjaring waarbij de vervlogen tijd is verloren en een nieuwe verjaringstermijn begint te lopen Soorten van stuiting:  Instellen van de eis voor de rechter = dagvaarding, verzoekschrift, conclusies, burgerlijke partijstelling voor de strafrechter ingebrekestelling dagvaarding in kort geding (vb. aanstelling gerechtsdeskundige)  Betekening (bij deurwaardersexploot) van een bevel tot betaling (“dwangbevel”) (art. 2244 B.W.)  Uitvoerend beslag, bewarend beslag, beslag onder derden (art. 2244 B.W.)  Erkenning door de wederpartij van de aanspraak die het voorwerp is van de verjaring (art. 2248 B.W.) 43
  • 44. 4. Stuiting en schorsing van de verjaring  Schorsing: onderbreking van de verjaring waarbij de vervlogen tijd NIET is verloren  Soorten van schorsing:  Minderjarigen en onbekwaam verklaarden (art. 2252 B.W.)  Tussen echtgenoten (art. 2258 B.W.) 44
  • 45. 5. Verjaring in het verzekeringsrecht  Art. 34 en 35 WLVO  Van toepassing op alle landverzekeringen voor zover er niet van wordt afgeweken door bijzondere wetten  Niet van toepassing op herverzekering, verzekering van goederenvervoer, zeeverzekering, binnenvaartverzekering, luchtvaartverzekering (Wet 11 juni 1874)  Dwingend recht  Niet mogelijk om conventioneel kortere of langere verjaringstermijn te voorzien  Wel mogelijk om afstand te doen van verjaring 45
  • 46. 6. Artikel 34 1 WLVO – algemene regel Art. 34 1 WLVO: “elke rechtsvordering, voortvloeiend uit een verzekeringsovereenkomst” = Vordering van de verzekerde tegen de verzekeraar voor het verlenen van zijn prestatie  De vordering van de verzekerde om de juiste draagwijdte van de verplichtingen van de verzekeraar te bepalen ten gevolge van verschillende bijvoegsels en wijzigingen tussen partijen overeengekomen gedurende meerdere jaren (Rb. Verviers, 04/06/2002)  De vordering tot betaling van reddingskosten = Vordering van de verzekeraar tegen de verzekerde tot betaling van de premies = Vordering tot nietigverklaring van de verzekeringsovereenkomst wegens opzettelijk verzwijgen of onjuist meedelen van gegevens 46
  • 47. 6. Artikel 34 1 WLVO – algemene regel Vordering van de verzekeraar tegen de verzekerde tot terugbetaling vanonverschuldigde bedragen (Cass., 09/10/2009 en Cass., 13/06/2002) Subrogatoire vordering van de verzekeraar (art. 41 WLVO) Vorderingen gebaseerd op de overeenkomst met de verzekerings-tussenpersonen voor niet overgedragen premies of onbetaalde commissies 47
  • 48. 7. Artikel 34 1 WLVO – verjaringstermijnen 3 jaar 30 jaar voor levensverzekeringen Vertrekpunt van de termijn: “de dag van het voorval dat het vorderingsrecht doet ontstaan”  Vordering tot betaling van de premie = dag waarop de premie opeisbaar wordt  Vordering tot betaling van de contractuele prestatie = dag van het schadegeval Nuancering: legitieme onwetendheid (art. 34, 1, 2de lid) → 5 jaar Aansprakelijkheidsverzekering: vertrekpunt termijn voor regresvordering van verzekerde tegen de verzekeraar is het instellen van de rechtsvordering door de benadeelde (art. 34, 1, 3de lid) Persoonsverzekering: vertrekpunt termijn voor vordering begunstigde is kennisname van bestaan overeenkomst, hoedanigheid van begunstigde en voorval dat verzekeringsprestaties opeisbaar doet worden (art. 34, 1, 4de lid) 48
  • 49. 8. Artikel 34 2 WLVO – rechtstreekse vordering Toepassingsgebied: art. 86 WLVO / art. 29 bis WAM-wet / art. 68 WLVO 5 jaar Vertrekpunt van de termijn: schadeverwekkend feit of misdrijf Legitieme onwetendheid: 10 jaar  >< Gemeen recht: 5 jaar en tot 20 jaar bij legitieme onwetendheid  Grond. Hof 28/02/2009: geen ongrondwettelijkheid  “Op een later tijdstip kennis krijgen van zijn recht tegen de verzekeraar”?  Cass. 16/02/2007: “De benadeelde persoon is onwetend van zijn rechten jegens de verzekeraar wanneer hij niet was ingelicht over het bestaan van de door de dader van het schadegevalonderschreven verzekerings-dekking. Wanneer pas na kennisname van de polis, waarvan de overlegging bij tussenvonnis werd bevolen, de identiteit van de medeverzekeraars blijkt, begint de vijfjarige verjaringstermijn ook pas vanaf dan te lopen.” 49
  • 50. 9. Artikel 35 WLVO – schorsing en stuiting  Schorsing:  Art. 35, 1: Loopt tegen minderjarigen en onbekwaamverklaarden behalve voor rechtstreekse vorderingen  Art. 35, 2: loopt niet tegen de verzekerde, de begunstigde of de benadeelde die zich door overmacht in de onmogelijkheid bevindt om binnen de voorgeschreven termijn op te treden  De dwingende aard van de WLVO verhindert niet dat de partijen kunnen overeenkomen de reeds aangevangen verjaringstermijn tijdelijk te schorsen, noch dat de rechter van oordeel is dat de verjaring werd geschorst door de (dubbelzinnige) houding aangenomen door de verzekeraar (Bergen 30/11/2004) 50
  • 51. 9. Artikel 35 WLVO – schorsing en stuiting Stuiting:  Tussen de verzekeraar en de verzekerde → art. 35, 3  Begin: tijdige aanmelding van het schadegeval  Einde: tot op het ogenblik dat de verzekeraar aan de wederpartij schriftelijk kennis geeft van zijn beslissing  “Schriftelijk kennis geven van zijn beslissing”  Geen wettelijke definitie → feitenrechter bepaalt op soevereine wijze of een schriftelijke kennisgeving in concreto een duidelijk en ondubbelzinnig standpunt van de verzekeraar betreft 51
  • 52. 9. Artikel 35 WLVO – schorsing en stuiting  Stuiting:  Tussen de verzekeraar en de verzekerde → art. 35, 3:  Rechtspraak:  Wanneer de verzekeraar in een eerste brief aan de verzekerde kennis geeft van zijn beslissing om vanaf dat ogenblik verdere dekking te weigeren, maar in een daaropvolgende brief aan de verzekerde een minnelijke medische expertise voorstelt, heeft hij afstand gedaan van de rechten die hij op grond van art. 35, 3 en art. 34, 1 WLVO kon laten gelden met betrekking tot de eerste brief en heeft hij geen einde gemaakt aan de stuiting van de verjaring (Gent, 16/10/2003)  De houding van de verzekeraar dient bovendien verenigbaar te zijn met wat van de verzekeraar mocht worden verwacht bij een te goeder trouw uitvoeren van de verzekeringsovereenkomst 52
  • 53. 9. Artikel 35 WLVO – schorsing en stuiting  Stuiting:  Tussen de verzekeraar en de verzekerde → art. 35, 3:  Rechtspraak:  Brief waarmee de deskundige van de verzekeringsmaatschappij de laatste ramingen van de verzekerde weigert en aan deze laatste voorstelt om over te gaan tot arbitrage, dient beschouwd te worden als het ogenblik waarop de verzekeraar zijn standpunt bekend maakt en als de aanvangsdatum van de verjaringstermijn van drie jaar, vermits deze brief beantwoordt aan de vereiste van art. 35, 3 WLVO (Luik, 05/06/2002)  De kennisgeving moet ondubbelzinnig zijn voor ieder normaal en redelijk handelend persoon: “Het is uitgesloten dat op dit ogenblik tot enige uitkering zou worden overgegaan, omdat het bewijs niet voorligt van het bestaan van de contractuele voorwaarden en alleszins de inhoud van het lopende strafrechtelijk onderzoek moet worden afgewacht.” (Rb. Hasselt, 29/06/2000) 53
  • 54. 9. Artikel 35 WLVO – schorsing en stuiting  Stuiting:  Tussen de verzekeraar en de benadeelde → art. 35, 4:  Begin: zodra de verzekeraar kennis krijgt van de wil van de benadeelde om een vergoeding te bekomen voor de door hem geleden schade  De aanwezigheid van de verzekeraar in de procedure in kort geding en zijn deelname aan de expertisevergaderingen tonen aan dat hij kennis had van de wil van de benadeelde om een vergoeding te bekomen voor de door haar geleden schade, zodat de verjaring van de rechtstreekse vordering gestuit wordt (Gent, 10/06/2004)  Een verzoek tot terugbetaling van uitgaven stuit de verjaring voor het volledig herstel van de schade (Cass., 22/12/2011) 54
  • 55. 9. Artikel 35 WLVO – schorsing en stuiting Stuiting:  Tussen de verzekeraar en de benadeelde → art. 35, 4:  Einde: op het ogenblik dat de verzekeraar aan de benadeelde schriftelijk kennis geeft van zijn beslissing om te vergoeden, of van zijn weigering.  Schriftelijk kennis? → opnieuw geen wettelijke definitie  Brief van de verzekeraar waarin hij ondubbelzinnig zijn akkoord verklaarde over het principe van de dekking maar het definitief bedrag van zijn uitkering pas kon bekend maken na het uitvoeren van bepaalde berekeningen  Verjaring was nog gestuit en vordering was dus niet verjaard (Luik, 18/10/2010) Conventionele afwijking is toegestaan (vb. ingebrekestelling) 55
  • 56. ARTIKEL 36ARBITRAGE 56
  • 57. Arbitrage Arbitrage kan geldig overeengekomen worden in industriële risico’s/financial lines/liability polissen in de polisvoorwaarden (artikel 36 WLVO en artikel 1 KB 24 december 1992 tot uitvoering WLVO) Voor andere verzekeringen (Vb. WAM, BA Leven, Brand Eenvoudige Risico’s): arbitrageclausules in de polisvoorwaarden zijn nietig. Arbitrage kan wel overeengekomen worden na het ontstaan van een geschil. 57
  • 58. Enkele vaststellingen inzake arbitrageclausules/arbitragea) Meestal combinatie arbitrage en gewone rechtbanken (vb. betaling premie)b) Meeste arbitrageclausules kiezen voor ad hoc arbitrage en niet voor institutionele arbitrage (CEPINA of ICC)c) Weinig toepassing van bemiddeling of mediation in polisvoorwaardend) Veel arbitrageclausules in verzekeringscontracten blijven slecht of onzorgvuldig opgesteld (niettegenstaande Lydian Client Seminar 17 April 2008) 58
  • 59. Voorbeeld 1: PD en BI polisArbitration“If any difference arises as to the amount of any loss or damage suchdifference shall independently of all other questions be referred to an arbitratorto be appointed in writing by the parties in difference or if they cannot agreeupon a single arbitrator to the decision of two disinterested persons asarbitrators of whom one shall be appointed in writing by each of the partieswithin two calendar months after having been required so to do in writing by theother party. In case either party shall refuse or fail to appoint an arbitrator withintwo calendar months after receipt of notice in writing requiring an appointmentthe other party shall be at liberty to appoint a sole arbitrator and in case ofdisagreement between the arbitrators the difference shall be referred to thedecision of an umpire who shall have been appointed by them in writing beforeentering on the reference and who shall sit with the arbitrators and preside attheir meetings.” 59
  • 60. Voorbeeld 1: PD en BI polis“The death of any party shall not revoke or affect the authority of powers of thearbitrator/arbitrators or umpire respectively and in the event of the death of anarbitrator or umpire another shall in each case be appointed in his stead by theparty or arbitrator (as the case may be) by whom the arbitrator or umpire sodying was appointed.The cost of the reference and of the award shall be in the discretion of thearbitrator(s) or umpire making the award. And it is hereby expressly stipulatedand declared that it shall be a condition precedent to any right of action or suitupon this Policy that the award by such arbitrator(s) or umpire of the amount ofthe loss or damage if disputed shall be first obtained.”Jurisdiction“The terms and application of the Policy shall be determined by Belgian Lawand any Arbitration under Claims Conditions No 6 shall take place in Belgium.” 60
  • 61. Opmerkingen op deze clausules Geen arbitrage maar “schatting” of “derdenbeslissing”: uitspraak over het recht ↔ uitspraak over feitelijke kwestie “…any difference as to the amount of any loss or damage…” = feitenkwestie Geen vermelding of de “derdenbeslissing” bindend is voor de partijen, dan wel of er een hoger beroep is 61
  • 62. Opmerkingen op deze clausules Geen vermelding van de “taal” van de “arbitrageprocedure” Geen vermelding welke partij de kosten en erelonen van de “arbitrators” or “umpire” moet betalen Enkel vermelding dat de “arbitrageprocedure” in België zal plaatsvinden, maar geldt dit ook voor procedure voor gewone rechtbanken? (place of arbitration ≠ jurisdiction !) 62
  • 63. Voorbeeld 2: ABR polisArtikel 15 “Arbitration and applicable law”a. “All disputes between the parties other than those relating to the recovery of premiums, taxes and expenses to be borne by the policyholder shall be submitted to the arbitrators, one named by the policyholder, the other by the company and the third by the two arbitrators mentioned above.b. The arbitrators pass a common judgment in the wording of the law and can, on penalty of nullity, not deviate from the definition of this contract. They are exempted of the judicial formalities. 63
  • 64. Voorbeeld 2: ABR polisc. When one of the parties does not appoint her arbitrators or if the arbitrators cannot agree about the appointment of the third arbitrator, this appointment is made on request of the most diligent party, by the president of the court of first instance from the domicile of the policyholder, unless it is agreed differently after the origin of the dispute which led to the arbitration and then there will be processed as mentioned under B. here above.d. The expenses of the arbitration will be paid half by the policyholder and half by the company.e. This contract is submitted to the Belgian law.” 64
  • 65. Opmerkingen op deze clausule Voorbeeld van “ad-hoc arbitrage” Welke rechtbank is bevoegd voor geschillen in verband met “recovery of premiums, taxes and expenses to be borne by the policyholder”? Maatschappelijke zetel verzekeringnemer of maatschappelijke zetel verzekeraar? Wat is de betekenis van “they are exempted of the judicial formalities”? Welke is de taal van de arbitrageprocedure? Is hoger beroep mogelijk tegen de beslissing van de “arbitrators”? 65
  • 66. Voorbeeld 3: ABR polis“If any difference shall arise as to the liability of the Insurers under thesesections or to the amount to be paid under these Sections, such difference shallbe submitted to an arbitrator or to an arbitration committee appointed inaccordance with the Rules of CEPINA.The arbitration proceedings shall be held in Belgium. Where any difference isby this condition to be referred to arbitration the making of an award shall be acondition precedent to any right of motion against the Insurer.” 66
  • 67. Opmerkingen op deze clausule Voorbeeld van institutionele arbitrage (CEPINA – arbitrage) Arbitrageclausule moet de keuze tussen één of drie arbiters reeds bevatten in de polis Arbitrage is geen voorwaarde om procedure voor gewone rechtbank in te leiden: het is of arbitrage, of gewone rechtbanken 67
  • 68. Voorbeeld 4: PI polis“LitigationUnderwriters will not require the Insured to dispute any Claim unless a Queen’s Counselor lawyer of comparable standing in the territory concerned (to be mutually agreed uponby the Underwriters and the Insured) advise that the same could be contested with areasonable prospect of success by the Insured, such consent not to be unreasonablywithheld.”“DisputesIn the event of any dispute arising between the Insured and the Underwriters as to whatconstitutes an unreasonable refusal to contest a claim at law, the president for the timebeing of the professional body of which the Insured is a member shall nominate a refereeto decide this point (only) and the decision of such referee shall be binding on bothparties. The cost of such referee and advice shall be borne equally between the Insuredand the Underwriters. In the event of the failure of the Underwriters to pay any amountclaimed to be due hereunder, the Underwriters, at the request of the Insured, will submitto the jurisdiction of the arbitration panel of the Belgian Chamber of Commerce.”“Choice of lawThis insurance shall be governed by and construed in accordance with the law of theKingdom of Belgium and each party agrees to submit to the exclusive jurisdiction of theBelgium Courts..” 68
  • 69. Opmerkingen op de polisclausule: “lawyer ofcomparable standing” Wat is een “lawyer of comparable standing”? Advocaat bij het Hof van Cassatie? Een advocaat/universiteitsprofessor? Wat is “the professional body of which the Insured is a member”? Wat is de “arbitration panel of the Belgian Chamber of Commerce”? CEPINA? Is er geopteerd voor arbitrage of rechtbanken? Zo ja, welke rechtbanken? 69
  • 70. Voorbeeld 5: uit BBB polis“Betwistingen tussen verzekeraar en verzekerden betreffende de interpretatie of deuitvoering van deze polis worden in onderling akkoord geregeld door een raadsmanvan de verzekeraar en een raadsman van de verzekerde.Komen deze scheidsrechters niet tot een akkoord, dan wordt deze betwistingbeslecht door een derde scheidsrechter, aangeduid in onderling akkoord tussen departijen of bij ontstentenis van akkoord, door de Voorzitter van de Rechtbank vanEerste Aanleg, op verzoek van de meest gerede partij.De beslissing van deze derde scheidsrechter is definitief. Elke partij draagt de helftvan de kosten van die scheidsrechter. Alle mogelijke bijkomende problemen wordenopgelost overeenkomstig de artikels 1676 tot 1723 Gerechtelijk Wetboek.” 70
  • 71. Opmerkingen op deze clausule Raadslieden kunnen geen scheidsrechter/arbiter zijn (onafhankelijkheidscriterium) Arbitrage met 3 arbiters of met 1 arbiter? Rechtsgeldige arbitrageclausule? Welke territoriale Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg? Ook in ad-hoc arbitrageprocedures passen arbiters vaak ereloonbarema’s van CEPINA of ICC toe Voor complexe polissen en arbitrage in het Engels is het niet evident om geschikt arbiters op de Belgische markt te selecteren “Eerste en laatste aanleg” kan snel maar ook frustrerend zijn! 71
  • 72. Conclusies i.v.m. arbitrage Denk goed na of arbitrage wel het geschikte instrument is voor specifieke polis. Indien keuze voor arbitrage: wees zorgvuldig bij de redactie van de arbitrageclausule en vermijd pre-litigation over de rechtsgeldigheid van het arbitrage geding. Let op met “Engelse” polissen zonder meer aan Belgisch recht en Belgische arbitrage/jurisdictie te onderwerpen. 72
  • 73. Vragen? © Lydian, maart 2012. Deze presentatie verstrekt enkel algemene informatie en houdt geen advies in. 73