• Share
  • Email
  • Embed
  • Like
  • Save
  • Private Content
6. het lagereschoolkind PBLO-V
 

6. het lagereschoolkind PBLO-V

on

  • 1,063 views

 

Statistics

Views

Total Views
1,063
Views on SlideShare
1,063
Embed Views
0

Actions

Likes
0
Downloads
12
Comments
0

0 Embeds 0

No embeds

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment
  • Watkon kind in pre-operationeel stadium nogniet? Denkfouten (5)

6. het lagereschoolkind PBLO-V 6. het lagereschoolkind PBLO-V Presentation Transcript

  • Ontwikkelingspsychologie Hoofdstuk 6 Het lagere schoolkind
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • 1. Lichamelijke ontwikkeling • Eerste strekking – Ledematen groeien sneller dan hoofd – Babyvet spierweefsel – Tandenwissel • ‘Klein kind’-kenmerken verdwijnen
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling
  • 2. Motorische ontwikkeling Toenemende Lichaamsbeheersing Toenemende oog/hand- coördinatie  10 jaar: ‘het volmaakte kind’ Wat is het verband tussen lichamelijke/motorische en sociaal- emotionele ontwikkeling?
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling
  • 3. Perceptuele ontwikkeling
  • 3. Perceptuele ontwikkeling • Focus op opvallende kenmerken Kleuters • Richten waarneming zelfstandig • Gedetailleerd en systematisch Lagere school kind
  • Waarom is 6 jaar een goede leeftijd om te leren lezen? Ze kunnen systematisch en gericht kijken. Verschillen zien tussen letters, woorden, … 3. Perceptuele ontwikkeling
  • • Perceptuele reorganisatie (Elkind)  visueel materiaal in gedachten herschikken zodat er nieuwe structuren uit naar voor komen 3. Perceptuele ontwikkeling
  • • Perceptuele schematisering  Herkennen van zowel delen als geheel. 3. Perceptuele ontwikkeling
  • • Perceptuele exploratie  Vermogen om complexe figuur/afbeelding die meerdere afzonderlijke figuurtjes bevat systematisch en gedetailleerd te scannen 3. Perceptuele ontwikkeling
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling
  • Cognitieve ontwikkeling Sensori- motorisch stadium (baby) Pre- operationele stadium (peuter/ kleuter) Concreet operationele stadium (lagere schoolkind) Formeel operationeel stadium (adolescent) http://www.youtube.com/watch?v=gA04ew6Oi9M&feature=related
  • 4. Cognitieve ontwikkeling Concreet operationele stadium  Realistische, concreet voorstelbare situaties  Gedachtenhandelingen  Probleemoplossend denken
  • 4. Cognitieve ontwikkeling - Reversibel denken - Organisatie van gedachten (centratie) - Toestand + proces (statisch-gericht denken) => Conservatienotie: oké, zolang concreet http://www.youtube.com/watch?v=j4lvQfhuNmg&feature=related
  • 4. Cognitieve ontwikkeling - Positie van andere innemen (egocentrische perspectiefname) - Klassen/deelklassen (onderscheid tussen deel en geheel) - Seriatie - Transitief denken
  • 4. Cognitieve ontwikkeling Magisch denken Subjectieve ervaringen en gevoelens Fantasie minder uitgesproken Het geheugen Sterk associatief Later inzichtelijk structureren/geheugentrucs
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling
  • 5. Taalontwikkeling • Beheersen van de volwassenentaal • Moeilijke woorden Bvb. fjord, skeeler, ‘heps’ ipv ‘hesp’, etc. • Verkeerde vervoegingen Bvb. ik valde ipv viel, ik loopte ipv liep, etc. • Vreemde uitdrukkingen Bvb. beroemstigheid ipv bezienswaardigheid • Meta-linguïstisch bewustzijn • Taal = regels + afspraken, experimenteren mogelijk! • Bvb. geheimtaal • Interesse in vreemde talen
  • “Hun leggen aan het strand.” “Jij ben groter als mij!” “Hij werdt gister 18 jaar.” “Hij kocht de uitgebreidde versie.” “Haar gezin is uitgebrijd.”
  • 5. Taalontwikkeling De woordenschat die een volwassene gebruikt, bestaat gemiddeld uit 10.000 woorden. Hoeveel woorden iemand kent varieert sterk: van 45.000 tot 250.000 woorden. Meer woorden leren kennen, gaat makkelijk door te lezen. Een tienjarig kind dat ongeveer een uur per dag leest, ziet 150 woorden per minuut. Dat zijn meer dan twee miljoen woorden per jaar. Circa twee procent van de woorden zal onbekend zijn, zo leert onderzoek. Daar onthoudt hij er vijf tot tien procent van; door zomaar te lezen komen er alleen al twee- tot vierduizend woorden per jaar bij. En vrijwel niemand kent echt ALLE woorden die er zijn of zijn geweest. Lezen helpt.
  • • Invloed van onderwijs en oefening • Taal stimuleren door lezen, taalspelletjes,… (wie ben ik?) • Einde lagere school 30 000 – 40 000 woorden 5. Taalontwikkeling
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling
  • 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling • Spelen liever met peers • Ouders blijven belangrijkste referentiefiguren Verschuiving sociale voorkeur • Hoe omgaan met andere kinderen? • Hoe ruzie maken? • …. School = sociale leerschool
  • 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling • spiegel • zelfvertrouwen • zelfbeeld Invloed leeftijdsgenootjes • Populariteit en status • Vier typen: ster, vervelend, middenmoot en onzichtbaren Sociale aanvaarding
  • 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling • Duurzamer en meer structuur • Één-seksegroepjes • Later: contacten tussen jongens en meisjes vriendengroepjes • pester • clown • vleier • pseudovolwassene Inadequate omgangsstijlen
  • Kleutervriendschappen zijn heel vluchtig. Jij zult wellicht ervaren dat kinderen erg hard zijn voor elkaar. Als een kleuter een kindje ziet dat bijvoorbeeld mooier speelgoed heeft, zal het zijn oorspronkelijke vriendje misschien snel vergeten. Het snapt nog niet dat dat vriendje zich daardoor eenzaam voelt. Maak je hier niet teveel zorgen over. Waarschijnlijk heeft jouw kleuter ook wel eens een vriendje 'ingeruild'.
  • 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling Vriendschap evolueert • 6 à 8 jaar: vriend = iemand die dezelfde dingen leuk vindt • 10 jaar: raad geven bij problemen, troost, praten, enz. Geen vriend is niet normaal en nefast voor de ontwikkeling
  • «Ik heb heel veel vrienden. Tim omdat hij mij helpt. Wout omdat hij naast mij zit. Met vrienden kun je veel doen, bijvoorbeeld spelen. Een vriend moet lief en behulpzaam zijn. In de school heb ik vrienden gemaakt. Ze zijn allemaal even oud als ik.» (Jan, 9 j.) «Soms weet je dat je vrienden iets doen dat niet mag. Spieken, pesten. En als je niet wil meedoen, dan ben je geen vriend. Vriendschap is belangrijk maar ook zeer fragiel. Ik vind het niet gemakkelijk een goede vriend te zijn of om er te maken. Bij goede vrienden moet je je niet alleen kunnen amuseren, maar ook terecht kunnen als het niet goed gaat. Samen naar de dancing gaan, maakt nog geen vriend. Een echte vriend moet vooral kunnen luisteren. Respect hebben en tijd maken voor de andere. Er zijn als het eens niet goed gaat.» (Tom, 17 j.)
  • Pesten = proces waarbij een groep/pestkop zich tegen een enkeling keert die zich niet (meer) kan verweren – Drie partijen: • De pester(s) • De gepeste • De middengroep 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling http://www.youtube.com/watch?v=pymZXFAMxgs
  • Pesten MIDDENGROEP Bewondering Pester Eigen voordeel Angst zelf gepest Bescherming gepeste Merken pesten niet op Onverschilligheid PESTEN MEE! PESTEN NIET MEE! 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling
  • Pesten – Pesten ≠ Plagen • Ongelijke machtsverdeling • Desastreuze gevolgen voor gepeste – Pesten = Groepsnorm? – Zondebokverschijnsel – Wie? – Levenslange gevolgen voor pesters en gepesten 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling
  • 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling
  • Pesten aanpakken: Hoe? Preventief (om pesten te vermijden) - Erover ‘praten’, liefst algemeen - Pesten ‘op zich’ = ! en dat willen we niet op school (= anti-pest beleid) - Alle partijen betrekken bij preventie van pesten - Duidelijke afspraken en gedeelde verantwoordelijkheid -Sociometrische schaal  risico- kinderen detecteren Curatief (om pesten op te lossen) - Erover praten, algemeen (!) om vermijdingsreacties of minima- liseren te ontwijken - Alle partijen betrekken in oplossing -Eventueel individuele gesprekken met pesters, gepeste(n) (en ouders?): waarom? + afspraken - Andere school  Niet altijd een oplossing! Integendeel: ‘nieuwe’ leerlingen = ‘anders’. 6. Sociaal-emotionele ontwikkeling
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling
  • 7. De seksuele ontwikkeling Freud: latentiefase • Seksuele ontwikkeling = stilgevallen • Terugdringen seksuele gevoelens ten voordele van schoolse kennis • Jongens/meisjes: weinig interesse voor elkaar MAAR: Kritiek! • Wel interesse voor seksualiteit
  • 7. De seksuele ontwikkeling 6-8j • Verliefdheden • Aanraken geslachtsdelen, maar niet openbaar • Schuine moppen met seksueel geladen woorden 8-10j • verliefdheid  • Onschuldig lichamelijk contact opzoeken • Groepsnorm = heteroseksualiteit • Seksestereotiep rolgedrag • Voortplantingsverhaal = vrij duidelijk • 1ste kenmerken puberteit 10-12j • Verliefdheid: hevige emoties • belangstelling volwassen seksualiteit  • maar ook ‘preutsheid’ • Beginnende puberteit  schaamte ? • eerste menstruatie kan optreden
  • • 6 tot 8 jaar – Verliefdheden – Aanraken/strelen geslachtsdelen, maar niet openbaar – Schuine moppen met seksueel geladen woorden = populair 7. De seksuele ontwikkeling
  • 10 pond bananen, bananen zijn gezond, Adam en Eva in hun blote Con... stantinopel is een mooie stad, daar lopen alle meisjes in hun blote ga... je mee naar Frankrijk, in Frankrijk is het leuk, daar wordt er 's avonds heel wat af geneu... shorentjes vangen in het hoge riet daar lopen de meisjes in hun blote ti... ta de tovenaar is een heel wijs man maar als hij zich verveeld dan speelt hij met zijn peni... celine is een medicijn en dit is dan het einde van een heel beschaafd refrein
  • • 8 tot 10 jaar – Gevoelens verliefdheid  – Lichamelijk contact opzoe- ken, hoewel onschuldig – Groepsnorm = heteroseksualiteit – Seksestereotiep rolgedrag – Voortplantingsverhaal = vrij duidelijk – 1ste kenmerken puberteit ‘kunnen’ verschijnen 7. De seksuele ontwikkeling
  • • 10 tot 12 jaar – Verliefdheid: hevige emoties – Belangstelling volwassen seksualiteit  – Maar ook ‘preutsheid’ • Beginnende puberteit  schaamte ? – Eerste menstruatie kan optreden 7. De seksuele ontwikkeling
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling
  • 8. De persoonlijkheidsontwikkeling Zelfbeschrijvingen • Eigen karakter • Vaardigheden en categorieën • Concreet => algemeen stabiel Contacten leeftijdgenoten  • Keuze vriend(in) • Belang van wederzijds vertrouwen, iets voor elkaar over hebben • Vergelijken Zichzelf beter leren kennen Vorming genderidentiteit continueert
  • Oplossing • Enthousiaste leerkrachten • Aandacht ouders • Steun leeftijdgenoten Vlijt Verwerven van kennis en vaardigheden Minderwaardigheid Indien moeilijkheden 8. De persoonlijkheidsontwikkeling
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 12. Tekenontwikkeling
  • 9. De morele ontwikkeling Preconventioneel (peuter/kleuter) 1. Straf vermijden 2. Beloning nastreven Conventionele (lagere school) 3. Normen directe omgeving 4. Normen grotere sociale systemen Postconventionele (adolescent/ volwassene) 5. Abstracte morele principes 6. Eigen prioriteiten Kan meevoelen/meeleven - concrete emoties - algemeen inzicht http://www.youtube.com/watch?v=yn05bGV8G2U&feature=related
  • • Kan meevoelen/meeleven – Concrete emoties – begin LS (moet het zien) – Algemeen inzicht – einde LS (inleving) • Conventionele fase (Kohlberg) – Gezaghebbende ander bepaalt wat mag/niet mag “De juf zegt …” “Mijn papa heeft gezegd dat …” – Ook bij volwassenen: Millgram-experimenten 9. De morele ontwikkeling http://www.youtube.com/watch?v=BcvSNg0HZwk
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 10. De schoolse ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 13. Indien de ontwikkeling anders loopt…
  • • Overgang kleuterklas - 1ste leerjaar 10. De schoolse ontwikkeling
  • • Schoolrijpheidsvoorwaarden (p. 222-223) – Aanleg – Omgeving – Zelfbepaling • Drie schoolse vaardigheden: (p. 223 e.v.) – Lezen – Schrijven – Rekenen 10. De schoolse ontwikkeling
  • • Lezen – Voorgeschiedenis – Algemene vaardigheden: • Bvb. woordenschat, concentratie, regels naleven, geheugen, visuele discriminatie – Specifieke vaardigheden: • Bvb. verbanden tussen beeld en klank, etc. – Spellend  Herkennend  Begrijpend 10. De schoolse ontwikkeling
  • • Schrijven = 2de communicatiemiddel, na spreektaal – Algemene voorwaarden • Bvb. taalbeheersing, zintuigen, concentratie, emotion eel evenwicht, motivatie om te leren – Specifieke voorwaarden • Bvb. grove en fijne motoriek, lichaamsbesef, ruimtelijke oriëntatie, vormonderscheidings- vermogen, oog/hand- coördinatie, laterisatie, gevoel voor 10. De schoolse ontwikkeling
  • • Schrijven – Doel: begrijpelijk schrijven – Oefening baart kunst! 10. De schoolse ontwikkeling
  • • Rekenen – Getalbegrip = voorwaarde • Tellen • Correspondentie • Classificatie • Seriatie  Bewerkingen: • Concreet  Meer abstract • Automatismen  cijferen  vraagstukken 10. De schoolse ontwikkeling
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 10. De schoolse ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 13. Indien de ontwikkeling anders loopt…
  • 11. De spelontwikkeling Bewegingsspel • Kan uitmonden in een hobby Associatief en coöperatief spel • Groepsgrootte neemt toe • Verschil jongens / meisjes Experimenteer- en constructiespel • Denken, experimenteren en zoeken naar oplossingen
  • Overzicht 1. De lichamelijke ontwikkeling 2. De motorische ontwikkeling 3. De perceptuele ontwikkeling 4. De cognitieve ontwikkeling 5. De taalontwikkeling 6. De sociaal-emotionele ontwikkeling 7. De seksuele ontwikkeling 8. De persoonlijkheidsontwikkeling 9. De morele ontwikkeling 10. De schoolse ontwikkeling 11. De spelontwikkeling 13. Indien de ontwikkeling anders loopt…
  • • Onveilige gehechtheid – Invloed op relaties en emoties – Onveilige hechting in verleden (wat is zinvol om als leerkracht te doen en wat niet?)  Knuffelen, geborgenheid, … op schoot, maar houden het daar geen minuut uit.  Nood aan structuur, voorspelbare situaties waardoor meer ‘veiligheidsgevoel’, meer op gemak. – Veilige hechting in verleden • Basisvertrouwen  kunnen autonoom functioneren • ‘Goed vastgezeten hebben om goed los te komen’ 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • • Leerproblemen – Moeilijkheden bij het leren van schoolse vaardigheden – Primair (= leerstoornissen) en secundair • Leerstoornissen – Oorzaak niet in omgeving, bvb. slecht onderwijs, afwezigheid – Oorzaak bij individu, maar niet tgv handicap/ziekte, bvb. mentale achterstand 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • • Leerstoornissen – Hardnekkig – ‘Verborgen handicap’ – Onderkenning via signalen • Bvb. welbevinden , uitvluchten om bepaalde taken niet te maken, huilen, etc. – Ermee leren leven en omgaan! 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • • Drie leerstoornissen: – Dyslexie • Leren lezen = probleem – Dysorthografie • Foutloos schrijven (spellen) = probleem • Meestal samen met dyslexie – Dyscalculie • Leren rekenen = probleem – (Dysgrafie) • Schrijven (motorisch) = probleem • Maar geen ‘leerstoornis’ 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • Ik ben 22 , en weet sinds een dik jaar dat ik dyscalculie heb. Toen ik verleden jaar mijn ouders er eerst over aansprak kwam hen een aantal zaken duidelijk.
Het eerste wat ik me nog van herinner dat mij 1e leerjaar moest gedubbeld worden voor wiskunde.
In het 6e raadde een leraar mij aan om naar het beroeps te gaan (‘daar heb je geen wiskunde nodig zei hij’), niets was minder waar … want we hadden boekhouden , en ook daar heb je wel degelijk wiskunde nodig.
Mijn ouders hebben ooit wel met mij naar een ‘remediëringsklas’ geweest maar dit bracht ook niks op.
Ik vind het jammer dat mensen me altijd wezen (zelfs mijn ouders) dat ik ‘onnozel was, dom , achterlijk’.
In het 7e jaar wees me een leraar dat ik dyscalculie had, met de steun van mijn therapeute en vriend ben ik aan 20 jarige leeftijd naar een centrum geweest om me te testen.
Eindelijk weet ik dat ik niet ‘achterlijk en onnozel’ ben, maar een supermeid met een kleine beperking! 
Ik zou dan ook héél graag ouders en leerkrachten hier wat meer op wijzen…
onlangs in Koppen sprak men over ADHD en ADD dat dit de meest voorkomende klachten zijn en zo in de klassen…
ik zou graag es hebben dat er ook wat meer aandacht aan dyscalculie wordt gegeven
Want geef toe, na bijna 20 jaar , is er dan 1 iemand die mijn probleem opmerkt.
  • ADHD? Probleem of stoornis? Stoornis als … dagelijks functioneren verstoord wordt: - Sociale uitsluiting - Prestaties verminderen - Verlammende werking op gezin 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • • ADHD – ‘Attention Deficit Hyperactivity Disorder’ – Drie kenmerken: • Aandachtstekort • Overactiviteit • Impulsiviteit Moeten alle drie in voldoende mate voorkomen om te kunnen spreken van een stoornis 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • Varianten: – ADD (aandachtsproblemen, zonder hyperactiviteit en impulsiviteit) – Geen aandachtsproblemen, enkel hyperactief en impulsief Veelal: werkhoudingsproblemen Oplossing: zelfinstructiemethoden 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …
  • – Vele bijkomende problemen: • Bvb. onhandigheid, leerbaarheid laag, leerproblemen en soms leerstoornissen, emotionele moeilijkheden, slaapproblemen, relationele en gedragsproblemen – Aanpak: • Medicijnen – ‘Rilatine’ helpt ‘normale ontwikkeling’ bevorderen – Maar neveneffecten • Multidisciplinaire aanpak aangewezen 13. Indien de ontwikkeling anders loopt …