Het onderwijs in Frankrijk wordt centraal geleid door de staat.
De staat zorgt voor het beleid, de werving, de opleiding en de betaling van docenten.
Net als bij ons is er ook een minister van Onderwijs (ministre de l’education nationale) geassisteerd door twee staatssecretarissen (secrétaires d’Etat).
Er zijn in Frankrijk 25 regionale onderwijsautoriteiten (Académies) en 96 departementen.
De regionale onderwijsautoriteiten, inspecteurs d’ academie, hebben een uitvoerende rol en rapporteren aan de minister.
De laatste jaren hebben ze meer bevoegdheden gekregen.
Ze plaatsen bijvoorbeeld de leraren op een school. Leraren kunnen jaarlijks aangeven of ze van school willen veranderen en zo ja waar hun voorkeur ligt.
Iedere Académy heeft een onderwijsinspectie.
Er zijn eveneens 25 lerarenopleidingen, Institutes Universitaire de formation de maîtres (IUFM).
Leraren hebben weinig mogelijkheid om door te groeien.
Net als bij ons geldt het recht van elk kind op onderwijs.
Het Franse onderwijs beschikt over een groot corps van inspecteurs die bevoegd zijn voor de controle van de administratie en het pedagogisch handelen op scholen.
Leerplicht
Volgens de Franse wet moet een kind onderwijs volgen vanaf het jaar waarin het zes wordt tot aan het zestiende jaar.
Dit beslaat in principe de ‘École élémentaire’ (= basisschool) en het ‘Collège’ plus 1 of 2 jaar van het ‘Lycée’.
Het overgrote deel van de ouders stuurt hun kind al vanaf 3 jaar naar de ‘École maternelle’ ( =kleuterschool).
Het laatste jaar van de ‘École maternelle’ is een voorbereiding op de ‘École élémentaire’.
Structuur van het onderwijs
Het onderwijssysteem in Frankrijk wijkt nogal af van het Vlaamse systeem.
Er is een op het eerste gezicht ingewikkeld stelsel van scholen, klassen en cycli die elkaar onderling overlappen.
De cycli zijn in 1989 in de Franse scholen geïntroduceerd teneinde een soepeler verloop van klas naar klas te realiseren. In plaats van 'zittenblijven' en een hele klas nog eens overdoen kan een kind binnen een cyclus verschillende vakken op verschillende niveaus volgen.
17 Jaar 16 Jaar Lycée d’enseignement général et technologique ou Le lycée professionelle Lycée 15 Jaar orientation 14 Jaar Cycle d’ 13 Jaar Cycle contral 12 Jaar Cycle d’adaption Collège 11 Jaar Cours moyen 2 (CM2) 10 Jaar Cours moyen 1 (CM1) 9 Jaar Cycle 3 Cours elementaire 2 (CE2) 8 Jaar Cycle 2 Cours elementaire 1 (CE1) 7 Jaar Cours préparations (CP) École élémentaire 6 Jaar Grands sections (GS) 5 Jaar Moyens sections (MS) 4 Jaar Cycle 1 Petites sections (PS) 3 Jaar Touts-petites section (TPS) École maternelle 2 Jaar Cyclus Niveau School Leeftijd
Het lager onderwijs (‘école élémentaire’) duurt vijf jaar en verschaft onderwijs aan kinderen van 6 tot 11 jaar. De vijf leerjaren omvatten twee cycli:
- Cycle 2 (cycle des apprentissages fondamentaux) begint al in de hoogste afdeling van de kleuterschool en omvat verder de eerste twee jaar van de basisschool, die bestaan uit een voorbereidend en een eerste elementair jaar.
- Cycle 3 (cycle des approfondissements) omvat de drie laatste jaren van de basisschool die het ‘collège’ voorafgaan.
Het basisonderwijs wordt opgevolgd door het voortgezet onderwijs, ‘collège’ tot het 14e jaar. Nadien is er nog 3 jaar het ‘Lycée’ tot het 17e jaar.
De leerplicht gaat tot 16 jaar. Dit beslaat in principe l’ École élémentaire en het Collège plus 1 of 2 jaar van het Lycée.
Als je na het Lycée wil verder studeren dan moet je een “Bac” afleggen. Dit is een bepaalde vorm van examen. Als je hiervoor slaagt mag je verder studeren, anders moet je gaan werken.
Het verder studeren gebeurt op de universiteit. Het aantal jaren studies bepaalt of je Licence, Master of Doctorat bent:
- 3 jaar studeren: Licence
- 5 jaar studeren: Master
- 7 jaar studeren: Doctorat
Schooltijden
Een schoolvoormiddag begint om 08.40 u en eindigt om 11.40 u.
De middagpauze duurt van 11.40 u tot 14.00 u.
De school eindigt om 17.00 u.
De speeltijden duren 30 minuten. Er is geen automatische bel, daardoor beginnen de leerlingen veel later.
In de streek van de Tarn hebben de leerlingen op woensdag een vrije dag, maar wordt er op zaterdagvoormiddag wel les gegeven. (dit geldt enkel in deze streek).
Het is niet zo dat er elke zaterdagvoormiddag les gegeven wordt, maar 2 van de 4 wel.
École primaire (basisonderwijs)
Het basisonderwijs moet trouw blijven aan de ‘republicaire school’: aan alle kinderen gelijke kansen geven en er voor zorgen dat het kind geïntegreerd wordt in de Franse samenleving.
De basisschool is de eerste school in een lange schoolcarrière.
Ze moet dus een basis leggen bij de kinderen waar ze hun hele schoolloopbaan nog beroep kunnen op doen.
Het basisonderwijs bevat net als in België twee delen:
- ‘L’école maternelle’ = kleuteronderwijs
- ‘L’école élémentaire’ = lager onderwijs
In de kleuterklas is men verplicht inspanningen te doen om met de kinderen aan de doelstellingen te werken.
In de lagere school daarentegen is het de bedoeling dat elke leerling de vooropgestelde doelen bereikt.
École maternelle (kleuteronderwijs)
Na België, was Frankrijk één van de eerste landen die het frequente schoolgaan van kleuters sterk ondersteunde. Frankrijk is het enige land waar schoollopen al kan vanaf 2 jaar.
In Frankrijk is de kleuterschool voorbehouden voor kinderen van 2 tot 5 jaar.
De kinderen in de kleuterschool zijn ingedeeld in 4 groepen, naargelang de leeftijd. (zie tabel hierboven)
- Touts-petites section (TPS): 2j
- Petites sections (PS): 3j
- Moyens sections (MS): 4j
- Grands sections (GS): 5j
Deze groepen moeten een soepele vorm aannemen en er moet rekening gehouden worden met het niveau van elk kind. In samenspraak met de ouders kan er dan overwogen worden een kind in een andere groep te plaatsen naargelang zijn intellectuele capaciteiten zonder rekening te houden met de eigenlijke leeftijd.
École élémentaire (lagere school)
Het schoolgebeuren op een lagere school houdt veel in: de leraren en leraressen, de vertegenwoordigers van de ouders, de directeur, de inspecteur departementaal, het organiseren van het transport van de kinderen, de kinderopvang, de maaltijden, het pedagogisch project en het schoolleven.
Ook het lager onderwijs is gratis in Frankrijk en is verplicht voor alle kinderen vanaf 6 jaar. Het lager onderwijs duurt 5 jaar, tot 11 jaar.
Het lager onderwijs bevat 5 klassen en 2 cyclussen:
- Le cycle des apprentissages fondamentaux (cycle 2)
-> Deze cyclus start al vanaf het laatste jaar van de kleuterschool, Grand Section (GS), en overlapt met cycle 1
-> Cours préparations (CP)
-> Cours elementaire 1 (CE1)
- Le cycle des approfondissements (cycle 3)
-> Cours elementaire 2 (CE2)
-> Cours moyen 1 (CM1)
-> Cours moyen 2 (CM2)
Cycle des apprentissages fondamantaux (cycle 2)
Deze cyclus begint al van in het laatste jaar van de kleuterschool om er voor te zorgen dat het kind al binnengestapt is in de wereld van het lezen en schrijven. Het effectieve leren lezen en schrijven is een taak van het lager onderwijs.
De flexibele uren bieden de mogelijkheid om direct op de noden van de kinderen te reageren op voorwaarde dat elk domein in voldoende mate wordt behandeld. In deze cyclus moeten de kinderen minstens 2u30 per week lezen en schrijven.
26 uur TOTAAL 9 uur 5 uur 4 uur 6 uur 2uur - Français - Mathématique - Découverte du monde, éducation civique - Education artistique, éducation physique et sportive - Etudes dirigées uren per week domeinen
Le cycle des approfondissements (cycle 3)
Het programma van deze cyclus zet de disciplinaire leergebieden op de voorgrond en hergroepeert ze in grote domeinen. Dit zorgt er voor dat de leerlingen voorbereid worden op hun verdere schoolloopbaan in het ‘collège’.
Er worden bovendien ook nog overkoepelende doelstellingen gedefinieerd die toepasbaar zijn op alle domeinen:
- Maîtrise du langage et de la langue:
De belangrijkste taak van de leerkrachten in cycle 3 is het kind taalonderwijs bieden. Zowel geschreven als gesproken taal moeten evenwaardig aan bod komen. Elke schoolactiviteit is een gelegenheid om te werken rond taal. Het taalonderwijs neemt dan ook ongeveer de helft van de schooluren in.
- Française en “Education civique:
Op het moment dat een kind zijn karakter ontplooit moet het leren zijn reacties te controleren en nadenken over de redenen van bevelen die hun vrijheid belemmeren. Via het inlassen van debatten werkt men in deze cyclus rond dit thema. Het wekelijkse debat moet beschouwd worden als een sterk leefmoment voor de klas en de school. De leerling ontdekt in deze debatten ook wat het burgerschap inhoudt in een democratisch land en wat de essentiële waarden zijn in een republiek.
De uren blijven flexibel zodat het werk kan aangepast worden aan de noden van het kind. Men moet er natuurlijk wel nog rekening mee houden dat geen enkel domein te weinig aangeboden wordt.
26 uur Totaal 9u 5u30 4u 5u30 2u - Français et langues vivantes (keuze tussen Engels en Duits) - Mathématique - Histoire, géographie, éducation civique, sciences et technologie - Education artistique, musicale éducation physique et sportive - Etudes dirigées uren per week domeinen
Enseignement secondaire (secundair onderwijs)
Het secundair onderwijs is opgedeeld in twee delen:
le collège en le lycée
Le collège
Deze opleiding duurt 4 jaar en correspondeert met volgende klassen: 6ème, 5ème, 4ème, 3ème
Le collège is opgedeeld in 3 cyclussen:
- Le cycle d’adaption (6ème): deze cyclus zorgt voor een vlotte overgang van l’école élementaire naar le collège. Op deze manier krijgt het kind de tijd om gewoon te worden aan de methodes van le collège.
- Le cycle central (5ème en 4ème): deze cyclus geeft de kinderen de kans om hun algemene kennis en kennis van kunnen uit te breiden.
- Le cycle d’orientation (3ème): deze cyclus bereidt de kinderen voor op de verdere studies in het lycée.
Aan het einde van het derde jaar nemen de leerlingen deel aan een nationaal examen met het oog op het behalen van het "diplôme national du brevet". Het diploma is een algemeen studiegetuigschrift dat niet bepalend is voor de latere studiekeuze.
Le lycée
Na de 4 jaar collège heeft het kind drie keuzes:
Le lycée d’enseignement général (= algemeen vormend onderwijs)
Le lycée d’enseignement technologique (= technisch onderwijs)
Le lycée professionelle (= beroepsonderwijs)
Le lycée d’enseignement général (= algemeen vormend onderwijs)
Deze studies duren 3 jaar; seconde, première et terminale.
Met deze studies kan je volgend diploma behalen:
- Baccalauréat général
Le lycée d’enseignement technologique (= technisch onderwijs)
Deze studies duren 3 jaar; seconde, première et terminale.
Met deze studies kan je één van volgende diploma’s behalen:
- Baccalauréat technologique
- Brevet de technicien
De studies in het lyceum kunnen gecategoriseerd worden onder de twee volgende cyclussen:
- Le cycle de détermination (la classe seconde)
Le cycle terminal (les classes première et terminal)
Het algemeen vormend en/of het technisch onderwijs wordt afgesloten met het algemeen of het technisch baccalaureaat. Wie slaagt, krijgt toegang tot het hoger onderwijs.
Le lycée professionelle (= beroepsonderwijs)
De beroepsscholen bereiden de leerlingen in twee jaar voor op het "certificat d'aptitude professionelle" (CAP) en het "brevet d'études professionelles" (BEP).
Het CAP is meer gespecialiseerd dan het BEP en wordt afgegeven voor algemene beroepsvaardigheden, niet in een specifiek vak maar in één beroeps-commerciële, administratieve of sociale sector. Na nog eens twee jaar kunnen zij examen doen voor het beroepsbaccalaureaat (baccalauréat professionnel).
Verschillend van de algemeen of technisch baccalaureaat, is de professionele baccalaureaat in de eerste plaats een diploma voor het beoefenen van een beroep en bovendien ook een toegangsbewijs voor universitaire studies.
0 comments
Post a comment