Aan De Vooravond Van Een Nieuwe Bloeiperiode, Maart 2012
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Aan De Vooravond Van Een Nieuwe Bloeiperiode, Maart 2012

on

  • 821 views

Hoe ontwikkelt zich de economische groei in Nederland. Blijven we steken in de recessie of gloort er een nieuwe bloeiperiode. En wat zijn succesfactoren voor een volgende bloeiperiode?

Hoe ontwikkelt zich de economische groei in Nederland. Blijven we steken in de recessie of gloort er een nieuwe bloeiperiode. En wat zijn succesfactoren voor een volgende bloeiperiode?

Statistics

Views

Total Views
821
Views on SlideShare
820
Embed Views
1

Actions

Likes
0
Downloads
2
Comments
0

1 Embed 1

http://www.linkedin.com 1

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

Aan De Vooravond Van Een Nieuwe Bloeiperiode, Maart 2012 Aan De Vooravond Van Een Nieuwe Bloeiperiode, Maart 2012 Document Transcript

  • Aan de vooravond vaneen nieuwe bloeiperiode?De economie van Midden-Nederland doorgelichtMaart 2012
  • Inhoudsopgave Over dit rapport 3 1. De economie van Midden-Nederland 5 1.1 Economische ontwikkeling 5 1.2 Bedrijvigheid en ondernemerschap 9 1.3 Werkgelegenheid 15 1.4 Innovatie in Midden-Nederland 19 1.5 Verwachtingen van ondernemers 21 1.6 Consumentenvertrouwen 22 1.7 Demografie en beroepsbevolking 23 1.8 Samenvatting 25 2. De economie van Midden-Nederland aan de hand van clusters 27 2.1 Het belang van clusters 27 2.2 Financiële en adviesdiensten 27 2.3 ICT en media 31 2.4 Zorg en medisch 34 2.5 Bouwen en ontwerpen 37 2.6 Transport en logistiek 40 2.7 Food en agribusiness 43 2.8 Industrie 46 2.9 Samenvatting 49 3. Nabeschouwing en opgaven 51
  • Over dit rapport Net als de rest van Europa en Nederland heeft ook Midden-Nederland te maken met economische tegenwind. Het zijn lastige tijden: de productie, omzet en werkgelegenheid dalen en het aantal werk- zoekenden neemt toe. Toch heeft de tegenwind in Midden-Nederland andere effecten dan in de rest van Nederland. Dat komt vooral door de samenstelling van het regionale bedrijfsleven: de economie steunt er bovengemiddeld op kennisintensieve bedrijven zoals zakelijke dienstverleners en finan- ciële en medische instellingen. De perspectieven zijn daardoor anders dan elders in Nederland. Het is goed om daarbij stil te staan. Wat zijn de sterkten en zwakten van de regio Midden-Nederland en wat zijn de kansen voor ondernemers? Het doel van het rapport De Kamer van Koophandel Midden-Nederland volgt de regionale economie op de voet en geeft met dit rapport een beeld van de economische context waarin ondernemers in Midden-Nederland ondernemen en de opgaven die daaruit voortkomen. Het rapport bevat economische statistieken en een beknopte weergave van onderzoek dat in de afgelopen tijd is uitgevoerd. Ondernemers zien hoe de economie en de lokale werkgelegenheid zich ontwikkelen en wat de vooruitzichten zijn voor hun sector en het cluster waarvan zij deel uitmaken. Of de economie van Midden-Nederland aan de vooravond van een nieuwe bloeiperiode staat kan niet met zekerheid worden gezegd. De macro-economische vooruitzichten stemmen tot terughou- dendheid in dit opzicht. Kansen zijn er zeker, de regionale economie van Midden-Nederland heeft diverse sterke troeven. Economische ontwikkeling gaat echter niet vanzelf, daar zijn inspanningen voor nodig. Het rapport is daarom vooral ook bedoeld voor partijen die een bijdrage leveren aan het ondernemersklimaat in de regio, zoals gemeenten, provincies, rijksoverheid en diverse intermediaire organisaties. Zij zijn verantwoordelijk voor zaken die direct of indirect het ondernemersklimaat bepalen, zoals bereikbaarheid, ruimtelijke ordening en veiligheid. De Kamer van Koophandel roept deze partijen op om de opgaven die in het rapport staan in hun beleid te verankeren. Opzet van het rapport Deze publicatie bestaat uit drie delen. In het eerste deel wordt de regio Midden-Nederland beschre- ven aan de hand van verschillende economische indicatoren en indicatoren die direct samenhangen met de economische ontwikkeling. In het tweede deel volgt een beschrijving van de economie van Midden-Nederland aan de hand van belangrijke economische clusters, te weten: 1) financiële en adviesdiensten, 2) ICT en media, 3) zorg en medisch, 4) bouwen en ontwerpen, 5) transport en logistiek, 6) food en agribusiness en 7) industrie. Het derde deel bevat de nabeschouwing waarin de belangrijkste ontwikkelingen en beleidsopgaven worden samengevat. 3
  • Midden-Nederland De regio Midden-Nederland Dit rapport gaat over de regio Midden-Nederland. Midden-Nederland beslaat een groot deel van de provincie Utrecht, een deel van de provincie Gelderland en het zuidoosten van de provincie Zuid-Holland. Deze regionale afbakening is in dit rapport niet overal gehanteerd, omdat de beschik- bare data een afbakening van het specifieke gebied Midden-Nederland niet altijd mogelijk maken.4
  • 1. De economie van Midden-Nederland De regio Midden-Nederland bestaat uit 33 gemeenten met in totaal 1,6 miljoen inwoners. Het gebied strekt zich uit over drie provincies. Er zijn in totaal bijna 137.000 bedrijven gevestigd1 die samen met overheden en onderwijsinstellingen werkgelegenheid verschaffen aan ongeveer 672.000 mensen. Dit aantal is gelijk aan 8,2% van alle in Nederland werkzame personen. De economie van Midden-Nederland kenmerkt zich door de sterke aanwezigheid van bedrijven in de financiële en zakelijke dienstverlening zoals banken, verzekeraars, adviesbureaus en ICT dienstverle- ners. Daarnaast is er een goede vertegenwoordiging van medische instellingen, logistieke bedrijven (waaronder een aantal belangrijke distributiecentra) en grote bouwbedrijven. Voorts bevinden zich in Midden-Nederland specifieke bedrijven uit de foodsector en enkele toonaangevende industriële bedrijven. In dit eerste deel van het rapport worden ontwikkelingen en samenstelling van de economie van Midden-Nederland beschreven. Deze beschrijving bestaat uit de volgende onderdelen: 1. Economische ontwikkeling 2. Bedrijvigheid en ondernemerschap 3. Werkgelegenheid 4. Innovatie 5. Verwachtingen van ondernemers 6. Consumentenvertrouwen 7. Demografie en beroepsbevolking In paragraaf 8 volgt een samenvatting. 1.1 Economische ontwikkeling Financiële en zakelijke dienstverlening zeer belangrijk De financiële en zakelijke dienstverlening behoren tot de belangrijkste sectoren van de regio Midden-Nederland. In totaal wordt daar bijna 40% van de regionale bruto toegevoegde waarde gerealiseerd2. Andere belangrijke sectoren zijn de overheid en het onderwijs (12,2%) en zorg en welzijn (10,3%). Vergeleken met de economie van heel Nederland toont de regio Midden-Nederland een sterke vertegenwoordiging van de financiële en zakelijke dienstverlening. De industrie is juist relatief ondervertegenwoordigd. 1 Dit aantal is exclusief het aantal instellingen voor zakelijk beheer, ofwel pensioen of beheer B.V.’s (stand 1 januari 2012). 2 De bruto toegevoegde waarde is gelijk aan de omzet verminderd met de inkoopwaarde. De bruto toegevoegde waarde, is de waarde die in een bedrijf of instelling aan een product wordt toegevoegd. 5
  • Midden-Nederland Nederland Zakelijke dienstverlening 27,9 22,1 Overheid en onderwijs 12,2 11,7Aandeel van de Bank- en verzekeringswezen 11,7 7,9sectoren in de totale Zorg en welzijn 10,3 10,5bruto toegevoegde Groothandel 8,1 7,9waarde in 2011,geordend op grootte Industrie en delfstoffenwinning 7,8 16,4(in procenten) Bouw 5,2 5 Detailhandel (inclusief autoreparatie) 4,6 4,7Bron: EIM, 2012 Overige dienstverlening 4,2 3,4(bewerking KvK) Transport 3,2 4,2 Nutsbedrijven 2,3 2,4 Horeca 1,4 1,7 Landbouw, bosbouw en visserij 1,1 2,1 100% 100% De impact van de crisis De impact van de crisis wordt in dit deel weergegeven voor de jaren 2009 en 2010. De Nederlandse economie kromp toen met 3,5%. Groeicijfers over het specifieke gebied van Midden-Nederland ontbreken en daarom wordt hier uitgegaan van de afzonderlijke cijfers van de provincie Utrecht, Rivierenland en Zuidoost-Zuid-Holland.3 In de volgende figuur is te zien dat de economie in de provincie Utrecht in de crisis kromp met 2,7%, in Rivierenland met maar liefst 4,7% en in Zuidoost-Zuid-Holland met 3,5%. (x 1.000) 45 50 55 60 65 70 75 80 85 90De ontwikkeling 0%van enkele regionale agglomeratie Den Haag Groot-Rijnmondeconomieën met -1% Groei bruto toegevoegde waardeelkaar vergeleken -2%door te kijken naar provincie Utrecht Arnhem/Nijmegen -3%de groei van de bruto Zuidoost-Zuid-Hollandtoegevoegde waarde -4%in 2009 en de produc- Rivierenland Groot-Amsterdam -5%tiviteit, waarbij deoppervlakte van de -6%cirkels verwijst naar Zuidoost-Noord-Brabant -7%de omvang van (waaronder Eindhoven)de economie -8%Bron: EIM, 2012 Productiviteit (toegevoegde waarde per werkzaam persoon)(bewerking KvK) 3 Zuidoost-Zuid-Holland omvat het gebied Alblasserwaard & Vijfheerenlanden en onder andere de Drechtsteden Dordrecht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht.6
  • In onderstaande figuur is te zien dat niet elke sector in dezelfde mate onder de teruggang leed. In absolute zin kromp de zakelijke dienstverlening het sterkst. In de provincie Utrecht verloor deze sector in 2009 bijna 550 miljoen aan bruto toegevoegde waarde. De sector kromp daarmee met ruim 7%. Andere sectoren die het zwaar hadden, waren de groothandel, (metaal) industrie en detailhandel. Sectoren die desondanks doorgroeiden waren zorg en welzijn, nutsbedrijven, overheden (inclusief onderwijsinstellingen) en landbouw. De voedings- en genotmiddelenindustrie en de chemische industrie bleven nagenoeg stabiel ten opzichte van het jaar eerder. zorg en welzijn nutsbedrijven overheid en onderwijs landbouw voedings- en genotmiddelenindustrieGroei/krimp vanvolume bruto toe- chemische industriegevoegde waardeper sector in 2009 bank- en verzekeringswezen(x 1 mln) horecaBron: EIM, 2012 bouw transport overige industrie detailhandel metaalindustrie groothandel zakelijke dienstverlening -600 -500 -400 -300 -200 -100 0 100 200 provincie Utrecht Rivierenland Zuidoost-Zuid-Holland 7
  • Veerkracht in sectoren in 2010 2010 gold voor Nederland als een jaar van voorlopig economisch herstel, de economie groeide met 1,9%. In de provincie Utrecht kwam de groei uit op 1,2%, in Rivierenland op 1% en in Zuidoost-Zuid- Holland op 0,4%. Ook in 2010 bestonden er tussen sectoren grote verschillen in de groeicijfers en werd het bovendien duidelijk dat enkele sectoren grote veerkracht hadden. Dit gold in het bijzon- der voor de groothandel en metaalindustrie, die na een sterke krimp in 2009, in 2010 weer sterk groeiden. Zoals de volgende figuur toont, nam de algehele regionale en landelijke opleving niet weg dat de bouwsector en de zakelijke dienstverlening, samen goed voor 33% van de bruto toegevoegde waarde in Midden-Nederland, verdere daling lieten zien. zorg en welzijn nutsbedrijven overheid en onderwijs landbouw voedings- en genotmiddelenindustrieGroei/krimp vanvolume bruto toe- chemische industriegevoegde waardeper sector in 2010 bank- en verzekeringswezen(x 1 mln) horecaBron: EIM, 2012 bouw transport overige industrie detailhandel metaalindustrie groothandel zakelijke dienstverlening -400 -300 -200 -100 0 100 200 300 400 provincie Utrecht Rivierenland Zuidoost-Zuid-Holland8
  • 1.2 Bedrijvigheid en ondernemerschap De regio Midden-Nederland kent een sterke concentratie van bedrijfsvestigingen in het noorden van de regio. De gemeente Utrecht telt ongeveer 35.000 bedrijfsvestigingen, een kwart van de bijna 137.000 inschrijvingen bij de Kamer van Koophandel Midden-Nederland. 4 Aantal vestigingen meer dan 7.000 4.000 tot 7.000 2.000 tot 4.000 1.000 tot 2.000 De Ronde Venen Stichtse Vecht De Bilt Woerden Zeist UtrechtAantal bedrijfsvesti- Montfoortgingen in gemeenten IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenendaalin Midden-Nederland, Nieuwegeinfebruari 2012 (exclusief Houten Wijk bij Lopik Duurstedezakelijk beheer) Rhenen Vianen BurenBron: KvK Handelsregister, Zederik Culemborg Neder-2012 Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel Aantal bedrijven groeit sterk De sterke groei van het aantal bedrijven is de meest opvallende ontwikkeling van de afgelopen 6 jaar. Het aantal inschrijvingen bij de Kamer van Koophandel Midden-Nederland is met ruim 50% toegenomen van bijna 92.000 inschrijvingen in 2006 tot bijna 137.000 in 2012. Deze stijging wordt gedeeltelijk veroorzaakt door een verandering in de Handelsregisterwet in 2007, die inhield dat de inschrijvingsplicht onder andere ook ging gelden voor vrije beroepsbeoefenaren (zoals advocaten, notarissen en artsen) en landbouwbedrijven. Maar ook zonder deze wetswijziging zou de stijging fors zijn geweest. Het is een ontwikkeling die al langer gaande is en die kenmerkend is voor westerse economieën. Nieuwe ondernemers zijn tegenwoordig vaak mensen die kiezen voor een bestaan als zelfstandige zonder personeel (zzp’er) omdat het meer vrijheid en flexibiliteit biedt dan werken in 4 De aantallen bedrijven zijn exclusief instellingen voor zakelijk beheer (stand 1 januari 2012). 9
  • dienstverband. Maar in de afgelopen drie jaar heeft ook de toegenomen krapte op de arbeidsmarkt gezorgd voor een toename in het aantal zzp’ers. Het aantal zzp’ers is hiermee tot bijna 64.000 toegenomen. Het betreft zo’n 85% van alle starters. Hierbij moet worden opgemerkt dat na de start slechts een deel van de zzp’ers één of meerdere personeelsleden aanneemt en daarmee geen zzp’er meer is. In onderstaande tabel is per economische sector het aantal zzp’ers weergegeven (volgens de brede definitie, ofwel elke zelfstandige zonder personeel) en het aantal medewerkers in loondienst. Sommige zzp’ers worden ook meegeteld in de telling van het aantal medewerkers in loondienst, aangezien het vaak voorkomt dat zzp’ers naast hun eigen zaak nog een loondienstverband hebben. Uit de tabel blijkt dat, hoewel de stijging van het aantal zzp’ers fors is geweest, veruit de grootste bijdrage aan de werkgelegenheid wordt geleverd door de bedrijven die personeel in dienst hebben. Ook is goed te zien dat sommige sectoren naar verhouding meer zzp’ers hebben dan anderen. De zakelijke dienstverlening schiet er in dit opzicht uit, op afstand gevolgd door de sector cultuur, sport, recreatie en overige dienstverlening. Ook in de bouw en de groot- en detailhandel zijn veel zelfstan-digen zonder personeel aanwezig. Zzp’ers Medewerkers in loondienstZzp’ers in Midden- Landbouw, bosbouw en visserij 2.110 14.318Nederland op 1 januari Industrie en delfstoffenwinning 1.983 46.0582012 (zelfstandigen Nutsbedrijven 20 3.280zonder personeel, Bouw 7.915 44.285meer dan 15 uur per Groot- en detailhandel 7.936 119.544week werkzaam)naast medewerkers in Vervoer en opslag, informatie en communicatie 4.983 72.341loondienst in Midden- Horeca 942 22.030Nederland in 2011 Bank- en verzekeringswezen 1.273 25.109(in absolute aantallen) Zakelijke dienstverlening 20.164 114.985 Overheid en onderwijs 2.254 79.135Bron: KvK Handelregister Zorg en welzijn 5.150 99.2842012, provinciesUtrecht, Gelderland en Cultuur, sport, recreatie en overige dienstverlening 8.935 31.487Zuid-Holland 2011 Totaal absoluut 63.665 671.85610
  • In onderstaande figuur is de groei van het totaal aantal bedrijfsvestigingen in de afgelopen drie jaar weergegeven. Dit biedt vooral een beeld van de lokale dynamiek per gemeente; de procentuele om- vang van de groei is natuurlijk afhankelijk van het aantal vestigingen dat in een gemeente aanwezig was in het hier gebruikte startjaar 2009. Ontwikkeling aantal vestigingen 15% tot 22% 10% tot 15% 5% tot 10% 0 tot 5% De Ronde Venen StichtseGroei aantal bedrijfs- Vechtvestigingen in gemeen- De Biltten in Midden- WoerdenNederland in de Zeist Utrechtperiode januari 2009 –februari 2012 (exclusief Montfoortzakelijk beheer en IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Nieuwegein Veenendaalinschrijvingen wegenswetswijziging) Houten Wijk bij Lopik Duurstede Rhenen VianenBron: KvK Handelsregister, Buren2012 Zederik Culemborg Neder- Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel 11
  • Zin in ondernemen In onderstaande figuur zijn de stadia weergeven die een ondernemer doorloopt van start tot eventuele beëindiging van zijn bedrijf. Per stadium is aangegeven hoeveel procent van de beroeps- bevolking van Midden-Nederland en Nederland als geheel zich daarin bevindt. Van de totale Nederlandse beroepsbevolking is 8,2% (mede)eigenaar van een bedrijf. In Midden- Nederland is dat 9,9%. Midden-Nederland scoort over de gehele linie hoger als er wordt gekeken naar de verschillende stadia van het ondernemerschapsproces. Midden-Nederland heeft procentueel meer ondernemers, meer mensen die de ambitie hebben om voor zichzelf te beginnen en meer mensen die daar al concrete plannen voor hebben dan gemiddeld in Nederland. Ondernemers vaak geen werkgever Veel ondernemers worden uiteindelijk geen werkgever. Van de starters neemt een beperkt deel in het eerste jaar al personeel aan. Uit onderzoek naar de totale Nederlandse populatie van starters in 2009 bleek dat 7% binnen een jaar één of meer personeelsleden had aangetrokken. Voor een groot deel waren dat parttime krachten of krachten op afroepbasis. De ondernemers die uiteindelijk personeelDe verschillende stadia aantrekken, doen dat overigens wel redelijk snel na de start van hun bedrijf en meestal binnen 4 jaar.van het proces vanondernemerschapBron: Global VoortgezetEntrepreneurship ondernemer-Monitor, EIM, 2011 schap Eigenaar van Eigenaar van Potentiële Toekomstige Beginnende een bedrijf Exit, een bedrijf ondernemer ondernemer ondernemer (ouder dan bedrijf stopt (tot 3 jaar oud) 3 jaar) Exit, bedrijf gaat over in andere handen Midden- Midden- Midden- Midden- Nederland: 5,1% Nederland: 2,2% Nederland: 2,7% Nederland: 7,2% Nederland: 4,0% Nederland: 1,6% Nederland: 2,2% Nederland: 6,0% Veel oprichtingen en opheffingen Met de toename van het aantal bedrijfsoprichtingen is ook het aantal bedrijfsopheffingen in de afgelopen jaren toegenomen. Aan het einde van 2011 was echter een afvlakking van het aantal opheffingen te zien. In alle deelregio’s van Midden-Nederland is dit globale patroon herkenbaar. Duidelijke uitzondering is Alblasserwaard & Vijfheerenlanden, waar het aantal opheffingen in het laatste kwartaal van 2011 juist steeg. De sectoren waarin de meeste bedrijven worden opgericht, zijn tevens de sectoren met de meeste bedrijfsopheffingen. Veel bedrijven worden relatief kort na de start weer opgeheven. Ter illustratie: 56% van alle bedrijven die in 2011 zijn opgeheven, was niet ouder dan 5 jaar. Bedrijven met een korte levensduur komen relatief veel voor in de horeca, de zakelijke dienstverlening en de bouw.12
  • 3 .500Ontwikkeling van het 3 .000aantal startende bedrij-ven en opheffingen per 2.500kwartaal in voortschrij- 2.000dende gemiddelden2006-2011 (exclusief 1.500faillissementen en 1 .000zakelijk beheer) 500 Bron: KvK Handelsregister, 02012 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Starters Opheffingen Piek in aantal faillissementen De volgende figuur toont het totaal aantal faillissementen in de regio Midden-Nederland voor de jaren 2006-2011. In de loop van 2009 en in het begin van 2010 is er een piek zichtbaar in het aantal faillissementen. Dit is ook de periode waarin de economische teruggang zich het sterkst manifes- teerde in de reële economie. In de loop van 2010 nam het aantal faillissementen in de verschillende gebieden van Midden-Nederland weer af, maar in de loop van 2011 zijn er weer lichte stijgingen te zien (in het laatste kwartaal met name in Stedelijk gebied Utrecht en Rivierenland). 60Aantal faillissementen 50in Midden-Nederlandper kwartaal in de 40periode 2006-2011, 30per deelregio (exclusiefzakelijk beheer, in 20absolute aantallen) 10Bron: KvK Handelsregister, 0 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q42012 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Utrecht-West Stedelijk gebied Utrecht Heuvelrug & Vallei Alblasserwaard & Vijfheerenlanden Rivierenland Vooral de sectoren bouw, groothandel, detailhandel en facilitaire diensten laten veel faillissementen zien. Dit is te zien in de volgende figuur. 13
  • Landbouw en visserij Industrie BouwFaillissementen persector in Midden- GroothandelNederland in deperiode 2009-2011 Detailhandel(exclusief zakelijkbeheer, in absolute Horecaaantallen) VervoerBron: KvK Handelsregister,2012 Financiën Adviesdiensten Facilitaire diensten Persoonlijke diensten Algemene diensten o 10 20 40 50 60 70 80 2009 2010 201114
  • 1.3 Werkgelegenheid De regio Midden-Nederland telde begin 2011 ruim 670.000 arbeidsplaatsen. Zakelijke dienstverlening, handel (groot- en detailhandel) en zorg- en welzijnsinstellingen zorgen samen voor de helft van de werkgelegenheid. In alle gebieden binnen Midden-Nederland is de handel een belangrijke werkgever. De werkgelegenheid in de industrie in Alblasserwaard & Vijfheerenlanden en Rivierenland is relatief hoger dan in de rest van de regio, wat te verklaren is door de aanwezigheid van enkele grote werkgevers. Vergelijkbaar in dit opzicht is het gebied Heuvelrug & Vallei waar een aantal grote medische en zorginstellingen voor veel werkgelegenheid zorgen. De spreiding van werkgelegenheid over de regio Midden-Nederland is in grote lijnen vergelijkbaar met de spreiding van aantal bedrijven, zoals eerder geschetst. In het Stedelijk gebied Utrecht (in en rond de stad) werken in totaal ruim 322.000 mensen, waarvan 228.000 in de stad Utrecht. Andere gemeenten met een relatief sterke werkgelegenheid zijn Tiel, Gorinchem, Veenendaal, Utrechtse Heuvelrug en de gemeenten rond de stad Utrecht (zie de kaart op de volgende pagina). Utrecht-West Stedelijk Heuvelrug Alblasserwaard Rivierenland Midden- gebied & & Nederland Utrecht Vallei Vijfheeren- landen Landbouw, bosbouw 5 0 2 2 6 2 en visserij Industrie en delfstoffen 9 4 7 13 12 7 Nutsbedrijven 0 1 0 0 1 0 Bouw 10 5 5 12 8 7 Groot- en detailhandel 23 15 17 20 20 18 Vervoer en opslag, informatie 9 13 7 7 12 11 en communicatie Horeca 4 3 4 3 3 3 Bank- en verzekeringswezen 1 6 3 2 1 4 Zakelijke dienstverlening 14 19 18 12 14 17 Overheid 3 5 6 4 2 5 Onderwijs 6 9 7 6 5 7 Zorg en welzijn 12 15 19 17 12 15 Cultuur, sport, recreatie en 4 5 5 2 4 5 overige dienstverlening 100 100 100 100 100 100 Totaal in absolute aantallen 79.947 322.085 116.782 36.802 116.240 671.856Verdeling van het totaleaantal werkzame personenover de sectoren inMidden-Nederland in2011 (in percentages)Bron: provincies Utrecht,Gelderland en Zuid-Holland,2011 15
  • Aantal werkzame personen 45.000 tot 230.000 20.000 tot 45.000 10.000 tot 20.000 0 tot 10.000 De Ronde Venen Stichtse Vecht De Bilt Woerden Zeist UtrechtAantal werkzame per- Montfoortsonen in gemeenten IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenendaalin Midden-Nederland Nieuwegeinin 2011 (in absolute Houten Wijk bij Lopik Duurstedeaantallen) Rhenen Vianen BurenBron: provincies Utrecht, Zederik Culemborg Neder-Gelderland en Leerdam BetuweZuid-Holland, 2011 Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel Ontwikkeling in werkgelegenheid De ontwikkeling van de werkgelegenheid in de periode 2000-2011 laat zich het best omschrijven als een opwaartse golfbeweging. De stijging in 2000 en 2001 werd afgewisseld met een daling in de jaren 2002-2005 en vervolgens weer met een stijging tot 2009. 690.000Ontwikkeling aantal 680.000werkzame personen in 670.000Midden-Nederland in deperiode 2000-2011 (in 660.000absolute aantallen) 650.000Bron: provincies Utrecht, 640.000Gelderland en 630.000Zuid-Holland, 2011 620.000 610.000 600.000 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 201116
  • Ontwikkelingen per gemeente De geschetste golfbeweging in de werkgelegenheid is een beeld dat ook opgaat voor veel afzonder- lijke gemeenten in de regio, zoals Utrecht, Zeist en Bunnik. Er zijn daarnaast zijn twee varianten op deze golfbeweging. De eerste variant is een opgaande golfbeweging met een groeivertraging in de jaren 2003 en 2004 (zonder dat er in die jaren sprake is van een teruggang). Deze ontwikkeling geldt voor Houten, Tiel en IJsselstein. Een tweede variant is een neergaande golfbeweging waarbij de werkgelegenheid over het gehele decennium uiteindelijk is afgenomen. Deze beweging is goed zichtbaar in Woerden, Vianen, Stichtse Vecht en Zederik. De werkgelegenheid nam uiteindelijk het sterkst toe in Houten en daalde het meest in Giessenlanden. De komende jaren zal de ontwikkeling van de werkgelegenheid waarschijnlijk verder uiteen gaan lopen tussen een aantal gemeenten. Een indicator hiervoor is de prognose van de ontwikkeling van de poten- tiële beroepsbevolking waar later in dit rapport op wordt ingegaan. Deze prognose duidt op een verdere stijging van de potentiële beroepsbevolking in de gemeente Utrecht en een aantal omliggende gemeenten en een daling in veel gemeenten in het zuiden en zuidoosten van Midden-Nederland. Daarnaast zijn er qua opleidingsniveau en beroepsrichting toenemende verschillen te verwachten tus- sen aanbodoverschotten en – tekorten op de arbeidsmarkt in de verschillende deelregio’s. Arbeids- marktonderzoek van de Kamer van Koophandel Midden-Nederland (2010) laat zien dat in de aanloop naar 2020 in alle deelregio’s arbeidsoverschotten gaan ontstaan in de lagere en middelbare beroepsni- veaus in de meer technische en dienstverlenende richtingen. Het is van groot belang dat inspanningen worden gericht op het bieden van werkgelegenheid voor deze groepen. Arbeidstekorten zijn te verwachten in de hogere en wetenschappelijke beroepsniveaus, vooral in de meer technische en (para) medische richtingen. Ook dit is, natuurlijk met nuances, in de afzonderlijke deelregio’s zichtbaar. Ontwikkeling aantal werkzame personen 10 % tot 33% 0% tot 10% De Ronde Venen -12% tot 0%Ontwikkeling aantalwerkzame personenin gemeenten in StichtseMidden-Nederland in Vechtde periode 2000-2011 De Bilt(in percentages) Woerden Zeist UtrechtBron: provincies Utrecht,Gelderland en Montfoort IJsselstein UtrechtseZuid-Holland, 2011 Oudewater Bunnik Nieuwegein Heuvelrug Veenendaal Houten Wijk bij Lopik Duurstede Rhenen Vianen Buren Zederik Culemborg Neder- Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel 17
  • Ontwikkeling in aantal werkzoekenden Het aantal werkzoekenden dat is ingeschreven bij het UWV daalde in de jaren dat de werkgelegen- heid toenam (2005-2008) en is daarna bij een daling van de werkgelegenheid weer iets toegenomen. In de twee recente jaren 2010-2011 zien we weer een lichte daling optreden in het aantal werk- zoekenden.Ontwikkeling aantal 20.000niet-werkende werk- 18.000zoekenden in Midden-Nederland in de 16.000periode 2003-2011, 14.000jaargemiddelden(in absolute aantallen, 12.000gegevens 2003 voor 10.000Rivierenland ont-breken) 8.000 6.000Bron: UWV, 2011 4.000(bewerking KvK) 2.000 0 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Utrecht-West Stedelijk gebied Utrecht Heuvelrug & Vallei Alblasserwaard & Vijfheerenlanden Rivierenland De relatief sterke daling van het aantal werkzoekenden in de periode 2006-2008 is opvallend. Afgaande op de ontwikkeling van het aantal werkzame personen zou een minder sterke daling voor de hand hebben gelegen. De precieze omvang daarvan is moeilijk in te schatten, maar duidelijk is dat een groeiend aantal mensen zonder baan zich niet als werkzoekende heeft ingeschreven bij het UWV. Voor een deel zijn het mensen die vanwege een partner met inkomen een inschrijving achterwege laten. Daarnaast is er een groeiend aantal mensen dat inschrijving niet zinvol acht omdat zij een hogere leeftijd hebben. Ook is het UWV voor een deel van de groeiende groep zelfstandigen een minder vanzelfsprekende instelling om naar werk te zoeken. Zeker wanneer zij geen aanspraak kunnen maken op een WW-uitkering.18
  • 1.4 Innovatie in Midden-Nederland De mate waarin een economie groeit, wordt voor een groot deel bepaald door twee factoren: 1) de toename van de inzet van arbeid en 2) de toename van arbeidsproductiviteit. Ten aanzien van de inzet van arbeid worden door de overheid allerlei inspanningen gedaan om de werkgelegenheid en arbeidsparticipatie te verhogen. Om de arbeidsproductiviteit te vergroten moeten bedrijven efficiënter gaan werken om de productiviteit per werknemer te laten toenemen. In de Nederlandse economie opereren bedrijven vaak al op de grens van het technische kunnen en zijn nieuwe efficiencyslagen vooral afhankelijk van innovaties. De concurrentiepositie van Nederland wordt daarom steeds meer beïnvloed door de manier waarop wordt omgegaan met kennis en innovatie. Dat vraagt om structurele en slimme investeringen in het eigen innovatieve vermogen van bedrijven en kennisinstellingen. Daarnaast is op de regionale economie toegesneden innovatiebeleid van (regionale en nationale) overheden en intermediaire organisaties cruciaal. Concrete innovatie- maatregelen en -projecten worden daarbij in Midden-Nederland ontplooid door de Taskforce Innovatie, Syntens, Oost NV en de Kamer van Koophandel. In Utrecht is overigens het Science Park een herkenbare en concrete locatie waar kennisoverdracht van kennisinstellingen naar bedrijven gefaciliteerd wordt. Door het faciliteren en actief ondersteunen van specialisaties op het gebied van kennis en innovatie kunnen regio’s een significante bijdrage leveren aan het versterken van de Nederlandse kennis- economie. Ook vanuit Europa wordt deze gedachte actief ondersteund. In de recent aangekondigde innovatiestrategie van de Europese Commissie wordt bijvoorbeeld toegewerkt naar een situatie waarin elke Europese regio een veel scherper onderscheidend profiel op het gebied van kennis en innovatie heeft dan nu het geval is. De economische krimp die zich in de afgelopen drie jaar in de meeste bedrijfssectoren heeft voorgedaan zet investeringen, waaronder die in innovaties, onder druk. Zo nam het aantal onder- nemers dat de intentie had te investeren in 2008 en in de eerste helft van 2009 sterk af. Daarna steeg dit aantal in 2010 om weer te dalen in de tweede helft van 2011. Het beeld van Midden-Nederland is op dit punt vergelijkbaar met de rest van het land (op basis van de Conjunctuurenquête Nederland). De innovatiepiramide Om een beeld te krijgen van het innovatieve gehalte van bedrijven in een regio bestaat er een standaardsegmentatie op basis van de zogenaamde ‘innovatiepiramide’. Met dit model worden bedrijven aan de hand van een aantal innovatie-indicatoren ingedeeld in vijf categorieën: koplopers, ontwikkelaars, toepassers, volgers en niet-innovatieven. Aan de hand van deze categorieën kan een vergelijking worden gemaakt tussen het innovatieve gehalte van Midden-Nederland en Nederland als geheel. 19
  • Midden-Nederland overig Nederland 9,9% koplopers 9,4% 22,2% ontwikkelaars 21,2% 18,7% toepassers 20,1%Bron: EIM, 2011 28,8% volgers 26,9% 20,4% niet-innovatieven 22,4% Toelichting op de piramide: Koplopers: Ontwikkelen zelf product- of procesinnovaties en doen expliciet en systematisch aan R&D. De productinnovaties zijn nieuw voor hun markt of bedrijfstak. Ontwikkelaars: Ontwikkelen eveneens zelf product- of procesinnovaties. Ze hebben eigen capaciteit voor de ontwikkeling van prototypes, echter zonder dat sprake is van fundamentele R&D. Toepassers: Realiseren product- of procesinnovaties waarbij het zowel om eigen ontwikkelingen als om adopties kan gaan. Zij innoveren door het combineren en toepassen van elders beproefde kennis en methoden. Volgers: Bedrijven met bescheiden maar wel aanwezige innovatieve activiteiten. Niet-innovatieven: Bedrijven die in de afgelopen jaren geen innovaties hebben gerealiseerd, niet aan R&D doen en niet met andere partijen samenwerken om te innoveren. Vooral industriële bedrijven scoren sterk op innovatie. Dat geldt met name voor de chemische industrie, die in Midden-Nederland overigens ondervertegenwoordigd is. Zakelijke dienstverlening waartoe ongeveer 25% van de bedrijven in Midden-Nederland behoort, scoort gemiddeld. Een derde van de bedrijven in de zakelijke dienstverlening kan worden ingedeeld bij de koplopers (8%) of ontwikkelaars (24%). Sectoren waarin benedengemiddeld wordt geïnnoveerd zijn de bouw, horeca, landbouw en transport. De mate van innovatie hangt verder af van de grootte van het bedrijf. In het algemeen geldt dat hoe groter het bedrijf is, hoe vaker er wordt geïnvesteerd in product-, dienst- en procesontwikkeling. Van het grootbedrijf behoort het merendeel tot de koplopers of ontwikkelaars, terwijl van de bedrijven met 1 tot 4 werknemers in dienst slechts 3% koploper is en 11% ontwikkelaar. Voor de groep zzp’ers zullen deze percentages waarschijnlijk nog lager zijn.20
  • 1.5 Verwachtingen van ondernemers De economische verwachtingen van ondernemers voor het jaar 2012 zijn iets somberder dan die voor 2011. Ten opzichte van 2011 denken meer ondernemers dat hun omzet, export, personeelssterkte en investeringen in 2012 zullen gaan afnemen. Desondanks is het aandeel ondernemers met een positieve verwachting wat betreft de omzet en export aanzienlijk groter dan het aandeel met een negatieve verwachting. 2012 27% 58% 15% OmzetVerwachtingen voor 2011 37% 52% 12%2011 en 2012 vanondernemers in 2012 21% 69% 10% ExportMidden-Nederlandover omzet, export, 2011 35% 55% 10%personeelssterkte Investeringen Personeels- 2012 16% 68% 16% sterkteen investeringen 2011 24% 62% 14%Bron: Conjunctuurenquête 2012 17% 62% 22%Nederland, CBS, 2011 2011 21% 61% 18% Zal toenemen Zal gelijk blijven Zal afnemen Verwachtingen verschillen per sector In alle sectoren (overigens niet afzonderlijk afgebeeld) verwachten in Midden-Nederland meer ondernemers dat de omzet zal stijgen dan dat de omzet zal dalen. Uitzondering is de bouwsector waarin maar liefst 31% van de ondernemers verwacht dat de omzet zal dalen, tegenover 10% met de verwachting dat de omzet zal stijgen. De bouwsector krijgt op dit moment zware klappen en dat zal naar verwachting komend jaar niet verbeteren; vooral in de woningbouw en utiliteitsbouw is de markt moeizaam. Ook wat betreft de personeelssterkte en investeringen zijn de ondernemers in de bouwsector overwegend pessimistisch voor 2012. Ondernemers in de zakelijke dienstverlening zijn daarentegen het meest optimistisch: 31% verwacht dat de omzet in 2012 zal stijgen, terwijl 12% verwacht dat de omzet zal dalen. Ook tussen de verschillende gebieden binnen de regio Midden-Nederland bestaan verschillen in verwachtingen (niet afzonderlijk afgebeeld). Zo is in alle gebieden het percentage ondernemers dat verwacht dat de omzet zal stijgen, ongeveer even groot, maar zijn er grote verschillen per gebied als het om het percentage ondernemers gaat dat verwacht dat de omzet zal dalen. In het Stedelijk gebied Utrecht is deze groep relatief het kleinst: 11% van de ondernemers verwacht dat de omzet in 2012 zal dalen. In Alblasserwaard & Vijfheerenlanden, Utrecht-West en Heuvelrug & Vallei zijn de verwachtingen van de ondernemers voor 2012 aanmerkelijk vaker negatief (ongeveer 20% van de ondernemers). Rivierenland neemt, met 16% negatief-gestemde ondernemers, een middenpositie in. 21
  • 1.6 Consumentenvertrouwen Het vertrouwen van consumenten is een waardevolle graadmeter voor de stand van de economie. De bestedingen van consumenten zijn daar immers nauw mee verbonden. Dit heeft gevolgen voor het ondernemersklimaat, vooral als het om de binnenlandse markt gaat. In onderstaande grafiek wordt voor de periode 2002-2011 het consumentenvertrouwen in beeld gebracht voor de gehele provincies Utrecht, Gelderland en Zuid-Holland, alsmede voor Nederland als geheel. Weergegeven is de mate waarin consumenten zich over het algemeen positief of negatief uitspreken over het algemene economische klimaat en de eigen financiële situatie. Hier is een gewogen saldo van gemaakt. 30 20 10Ontwikkeling vanhet consumenten- 0vertrouwen in -10Nederland en de -20provincies Utrecht,Gelderland en -30Zuid-Holland in de -40periode 2002-2011 -50 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4Bron: CBS, 2011 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 provincie Utrecht provincie Gelderland provincie Zuid-Holland Nederland Duidelijk is te zien dat consumenten in 2002 het vertrouwen kwijtraakten door de internetcrisis. Na een lang durende periode van herstel waren vervolgens 2006 en 2007 topjaren. Het beeld in de provincie Utrecht was in deze jaren iets optimistischer dan in Gelderland en Zuid-Holland. In 2008 kondigt de kredietcrisis zich echter aan, waardoor het vertrouwen wederom keldert. Na een voorzichtig herstel in 2010 en de eerste helft van 2011 begint de Eurocrisis zijn effect te hebben, waardoor het consumentenvertrouwen sterk afneemt. In het laatste kwartaal van 2011 is het consumentenvertrouwen bijna op het dieptepunt beland dat geheel Nederland tijdens de crisis in de jaren ’80 vertoonde. Consumenten in de provincie Utrecht zijn eind 2011 het meest negatief gestemd, op de voet gevolgd door consumenten in de provincie Gelderland. Beide provincies zijn zelfs negatiever dan Nederland als geheel. In de provincie Zuid-Holland zijn consumenten in verhouding minder vaak pessimistisch dan in Nederland als geheel, maar ook daar blijft de stemming somber.22
  • 1.7 Demografie en beroepsbevolking 1.6 emografie D De bevolking vergrijst De totale bevolking in de regio Midden-Nederland groeit de komende 15 jaar waarschijnlijk met ruim 6%. Dat komt vooral door de toenemende levensverwachting. Voor de potentiële beroepsbevolking (de bevolking in de leeftijd van 15 tot 65 jaar) wordt een marginale groei van 0,3% verwacht, maar er bestaan grote verschillen tussen gemeenten. Zo wordt in het Stedelijk gebied Utrecht een toename van de potentiële beroepsbevolking verwacht tot wel 16%, terwijl in vrijwel alle omliggende gemeenten een krimp waarschijnlijk is. De bevolkingsprognose voedt de verwachting dat bedrijven in de gebieden rond het Stedelijk gebied Utrecht in de toekomst moeite zullen krijgen om voldoende personeel te vinden. Ontwikkeling potentiële beroepsbevolking 15% tot 20 % 10% tot 15% 0% tot 5% De Ronde Venen -5% tot 0% -10% tot -5% -15% tot -10% -20% tot -15% Stichtse Vecht De BiltPrognose van de groei Woerden Zeist Utrechtvan de potentiëleberoepsbevolking Montfoortin gemeenten in IJsselstein Utrechtse Oudewater BunnikMidden-Nederland in Nieuwegein Heuvelrug Veenendaalde periode 2010-2025 Houten Wijk bij(in percentages) Lopik Duurstede Rhenen VianenBron: CBS, 2011 Buren Zederik Culemborg Neder- Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel 23
  • Aantal huishoudens stijgt sterk Het aantal huishoudens neemt in Midden-Nederland de komende vijftien jaar naar verwachting met 11% toe: meer mensen zullen alleen wonen, onder meer vanwege de toename van alleenstaande starters en de toename van alleenstaande ouderen. Ook zullen er meer eenoudergezinnen en co-ouderschappen zijn. Ontwikkeling aantal huishoudens 15% tot 19% 10% tot 15% 5% tot 10% 0% tot 5% De Ronde Venen Stichtse Vecht De BiltPrognose van de groeivan het aantal huis- Woerden Zeist Utrechthoudens in gemeentenin Midden-Nederland in Montfoortde periode 2010-2025 IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenen-(in percentages) Nieuwegein daal Houten Wijk bij Lopik DuurstedeBron: CBS, 2011 Rhenen Vianen Buren Zederik Culemborg Neder- Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel24
  • 1.8 Samenvatting De economie van Midden-Nederland is divers samengesteld. Een groot deel van de bruto toegevoegde waarde wordt gerealiseerd in de financiële en zakelijke dienst- verlening, de zorg en medische sector, de (groot)handel en in wat mindere mate de industrie, de bouw en het transport. De economische ontwikkeling in Midden- Nederland is lange tijd voorspoedig verlopen, maar de economische crisis van de afgelopen jaren heeft diverse sectoren zwaar getroffen. Er kan in de toekomst van een nieuwe bloeiperiode sprake zijn mits overheden, intermediaire organisaties én bedrijven echt alles op alles zetten om de crisis het hoofd te bieden. De volgende punten moeten daarom binnen het blikveld blijven: 1. Juist de zakelijke dienstverlening en de bouw hebben in de afgelopen jaren zware klappen opgelopen. Het is uitermate nadelig voor de economie van Midden- Nederland wanneer deze sectoren blijvende neergang vertonen. Voor het jaar 2012 zijn de economische vooruitzichten niet positief (Centraal Planbureau). Dit vraagt om zoveel mogelijk faciliterend overheidsbeleid in bijvoorbeeld de sfeer van de ruimtelijke ordening, bereikbaarheid, aanbestedingen, regelgeving en arbeids- markt. 2. De industrie en de handel hadden in 2009 veel last van de crisis, mede vanwege de terugval van de export en de daling van het consumentenvertrouwen. Beide sectoren herstelden zich in 2010 echter weer sterk. Dit zijn daarom sectoren die in Midden-Nederland veel ontplooiingsruimte moet worden geboden door middel van faciliterend ruimtelijk beleid, optimalisering van de bereikbaarheid, innovatieve aanbestedingstrajecten, arbeidsmarktbeleid en gerichte bedrijvenacquisitie. 3. In Midden-Nederland manifesteerde de economische tegenwind zich vooral in diverse gemeenten buiten het Stedelijk gebied Utrecht. De combinatie met de te verwachten toekomstige krimp van de (beroeps)bevolking in veel gemeenten buiten de regio Utrecht leidt naar verwachting tot een sterk uiteenlopende economische ontwikkeling in Midden-Nederland. Dit vraagt om toekomstgericht ruimtelijk en economisch beleid, om mogelijke problemen op het gebied van de werkgelegenheid, het arbeidsmarktpotentieel en het voorzieningenniveau in woongebieden vóór te zijn. 4. Ondanks de economische tegenwind schatten veel ondernemers hun kansen positief in. 85% van de ondernemers verwacht een gelijkblijvende omzet of omzetgroei in 2012. Gezien de verwachting dat de Nederlandse economie in 25
  • 2012 weer zal krimpen, is het echter zeer onzeker of al deze ondernemers dat ook uiteindelijk zullen realiseren. Gerichte maatregelen op het gebied van onder meer innovatie, samenwerking tussen bedrijven en exportbevordering zijn noodzakelijk. 5. Het aantal ondernemingen is in de afgelopen drie jaar verder gestegen. Dat is positief! De stijging komt voort uit de wens van steeds meer mensen om als zelfstandige te werken. De beroepsbevolking in Midden-Nederland blijkt daarbij meer ondernemend ingesteld te zijn dan gemiddeld in Nederland het geval is. De laatste jaren kan een fors deel van de toename van het aantal ondernemers echter ook worden toegeschreven aan de groeiende krapte op de arbeidsmarkt. Bovendien creëren de nieuwe ondernemers niet per definitie nieuwe werk- gelegenheid. Het is dan ook een belangrijke opgave om bij het stimuleren van ondernemerschap juist de kwaliteit daarvan op een hoger peil te brengen. Startende ondernemingen moeten ook daadwerkelijk doorgroeien.26
  • 2. De economie van Midden-Nederland aan de hand van clusters 2.1 Het belang van clusters Naast ruimtelijke ontwikkeling, bereikbaarheid en ondernemerschap richt de Kamer van Koophandel Midden-Nederland zich op een aantal clusters van bedrijven die de regionale economie dragen. Deze clusters zijn 1) financiële en adviesdiensten, 2) ICT en media, 3) zorg en medisch, 4) bouwen en ontwerpen, 5) transport en logistiek, 6) food en agribusiness en 7) industrie. In deze clusters zijn veel bedrijven aanwezig die producten en diensten leveren buiten Midden- Nederland en die daarmee voor de regionale economie een stuwende rol vervullen. Bovendien zijn clusters verzamelingen van bedrijven die onderling vergelijkbaar zijn vanwege de producten of diensten die zij leveren, of die onderdeel uitmaken van dezelfde productieketen. De zeven clusters hebben een eigen dynamiek en kenmerkende sterke en zwakkere punten. Daarop wordt in dit deel ingegaan. De ondersteuning van de clusters betekent vooral het samenbrengen van, en bemiddelen tussen partijen. Ook het bieden van platforms voor nieuwe ideeën en initiatieven is essentieel. 2.2 Financiële en adviesdiensten: het kennis- intensieve cluster De economie van Midden-Nederland is bij uitstek kennisintensief. Een belangrijke bijdrage hieraan wordt geleverd door het cluster van financiële en adviesdiensten dat in totaal ongeveer 24.500 bedrijven bevat en werkgelegenheid biedt aan naar schatting 95.000 mensen. Het cluster bestaat uit banken, verzekeraars, accountants, financieel adviseurs en organisatieadviesbureaus. Het cluster heeft een sterke concentratie in stad en regio Utrecht. Ook in gemeenten ten noorden en westen (langs de A2 en A12), alsmede ten oosten van Utrecht (Heuvelrug en Veenendaal) zijn veel financiële en adviesdiensten gevestigd. Financiële dienstverlening In Midden-Nederland bevinden zich ongeveer 5.000 bedrijfsvestigingen in de financiële dienstver- lening. Het economische gewicht van dit cluster wordt vooral bepaald door de aanwezigheid van hoofdkantoren van grote banken en verzekeraars. Deze instellingen dragen sterk bij aan de werkgele- genheid in het Stedelijk gebied Utrecht. Van de 25.000 werknemers in de financiële dienstverlening werken er bijna 19.000 in Utrecht of in de directe omgeving daarvan. Wanneer de financiële instel- lingen in Utrecht in samenhang worden bekeken met die in Amsterdam, vormt de regio (Amsterdam- Utrecht) het financiële centrum van Nederland en behoort het in Europees verband tot de subtop. 27
  • Financiële en adviesdiensten (aantal vestigingen) 3.000 tot 12.000 1.500 tot 3.000 De Ronde Venen 500 tot 1.500 0 tot 500 Stichtse Vecht De Bilt Woerden Zeist UtrechtAantal vestigingen in Montfoorthet cluster financiële IJsselstein Utrechtseen adviesdiensten in Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenendaal Nieuwegeingemeenten in Midden- Houten Wijk bijNederland in 2012 Lopik Duurstede Rhenen Vianen(in absolute aantallen) Buren Zederik CulemborgBron: KvK Handelsregister, Neder- Leerdam Betuwe2012 Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel Bedrijfsnaam Land van herkomst Locatie grootste vestiging Aantal op deze locatie in Midden-Nederland werkzame personen Rabobank Nederland Nederland Utrecht 3551Grote financiële ASR Nederland Utrecht 2528instellingen in SNS Reaal Nederland Utrecht 1463Midden-Nederland PGGM Nederland Zeist 1154Bron: provincie Utrecht, VVAA Groep Nederland Utrecht 6082011 en/of eigen opgave AXA Frankrijk Utrecht 346bedrijven AEGON Nederland Nieuwegein 250 Allianz Duitsland Nieuwegein 217 Triodos Bank Nederland Zeist 115 Nederland28
  • De huidige crisis begon in 2008 als een kredietcrisis en concentreerde zich aanvankelijk rondbanken. De impact in de jaren daarna verschilde sterk per instelling. Dat geldt ookvoor de instellingen die (met een hoofdkantoor) in Midden-Nederland zijn gevestigd.AdviesdienstenDe regio telt op dit moment ongeveer 18.000 adviesbureaus, die zijn in te delen in management- enorganisatieadviseurs, arbeidsbemiddelaars (geen uitzendbureaus) en aanbieders van bedrijfsoplei-dingen. In totaal werken er 70.500 mensen. De helft werkt in de stad Utrecht of in de directe nabij-heid daarvan. Midden-Nederland kent enkele grote adviesbureaus met meer dan 100 werknemers,zoals Schouten Nelissen (Zaltbommel), Berenschot (Utrecht), Ormit (De Bilt) en Human Capital Group(Utrecht). Desondanks zijn management- en organisatieadviesbureaus bij uitstek kleinschalig. Slechts3% van alle adviesbureaus heeft meer dan vijf mensen in dienst. Ruim driekwart van de onder-nemers voert de adviespraktijk alleen. Zij laten zich vaak op freelancebasis inhuren. Naar schattingwerkt een meerderheid van de alleenstaande organisatieadviseurs op part-time basis.Net als andere vormen van zakelijke dienstverlening laten managementadviesbureaus krimp zien.Deze krimp heeft zich in de eerste plaats gemanifesteerd als een teruggang in de omzet en minder ineen afname van werkgelegenheid. Het ziet ernaar uit dat de terugval in de vraag naar diensten in deafgelopen jaren vooral is opgevangen door natuurlijk verloop en bij de zzp’ers door een toename vanwerken op part-time basis.Sterke en zwakke kanten van het clusterOp het terrein van financiële instellingen bestaat er een samenhang tussen de regio Midden-Nederland en de metropoolregio Amsterdam. De positie van de regio Amsterdam-Utrecht is inEuropees perspectief de afgelopen jaren wat verzwakt als gevolg van de kredietcrisis. Tot 2008kende Nederland voor een klein land enkele relatief zeer grote financiële instellingen. Dat warenzowel banken als verzekeraars die met overnames in het buitenland zeer groot waren geworden.Inmiddels zijn de buitenlandse posities enigszins teruggebracht. Net als in veel andere regio’shebben de financiële instellingen daardoor nu een wat sterkere binnenlandse oriëntatie.De grote kracht van het cluster blijft desondanks de hoge toegevoegde waarde per werknemer.De 25.000 werknemers die in Midden-Nederland werken in het bank- en verzekeringswezen - ofwel4% van het totaal aantal werknemers in de regio- verdienen gezamenlijk 12% van de totale regionalebruto toegevoegde waarde.De situatie is anders voor de adviesdiensten, de tweede component van het cluster. De organisatie-en managementadviesbureaus hebben de afgelopen jaren te maken gehad met dalende omzetten.Van alle bedrijfssectoren kende deze sector de sterkste daling. Vergeleken met de daling van deomzetten is de sector qua aantal vestigingen redelijk stabiel gebleven. De werkgelegenheid liepbeperkt terug en tegelijkertijd bleef het aantal starters groeien. Dat duidt op een voortschrijdendeschaalverkleining en een groeiend aandeel van zzp’ers. In combinatie met een teruglopende marktligt verdringing voor de hand met als gevolg een verdere druk op de tarieven. Een vergelijkbareontwikkeling is gaande in het cluster van ICT en mediabedrijven dat in de volgende sectie aan bodkomt. 29
  • Sterke kanten • Utrecht vormt samen met Amsterdam het nationale financiële centrum en neemt ten opzichte van andere financiële centra in Europa een middenpositie in. • De dienstverlening van dit cluster is relevant voor veel sectoren. De goede vertegenwoordiging van dit cluster draagt bij aan een gunstig ondernemersklimaat. • De arbeidsproductiviteit is vooral in het bank- en verzekeringswezen hoog. De sector draagt substantieel bij aan de bruto toegevoegde waarde. Zwakke kanten • De crisis heeft een aantal financiële instellingen sterk geraakt en heeft de positie van de regio Amsterdam-Utrecht als financieel centrum in Europa verzwakt. • De economische terugval heeft bij adviesbureaus geleid tot een afnemende vraag. In combinatie met de sterke groei van het aantal zzp’ers ligt verdringing binnen dit cluster voor de hand, met een toenemende druk op de tarieven als gevolg. Het cluster financiële en adviesdiensten en de activiteiten van de Kamer van Koophandel De financiële en adviesdiensten vormen een zeer belangrijk onderdeel van de economie van Midden-Nederland, zowel qua bruto toegevoegde waarde als werkgelegenheid. Voor veel van deze ondernemingen is de bereikbaarheid voor klanten, werknemers en consultants essentieel. Dit betreft zowel de bereikbaarheid voor auto’s als de bereikbaarheid per openbaar vervoer en fiets. De Kamer van Koophandel zet zich samen met andere organisaties in om de bereikbaar- heid van werkgelegenheidsconcentraties te garanderen. Speciale aandachtspunten daarbij zijn de oplossing van knelpunten op het rijkswegennet (A27, Ring Utrecht, A15) en het bieden van alternatieven voor autoverkeer (in het project Utrecht Bereikbaar). In de kantorenmarkt is op diverse plekken momenteel sprake van een fors leegstandsprobleem. Dit heeft negatieve effecten op de uitstraling van een kantoorlocatie. De Kamer van Koophandel vindt het belangrijk dat daar concrete maatregelen voor worden getroffen, zoals bijvoorbeeld meervoudig ruimtegebruik, herbestemmen van gebouwen en financiële oplossingen. Samenwerking tussen overheden, eigenaren en gebruikers van vastgoed is hiervoor essentieel; de Kamer van Koophandel helpt mee om die samenwerking tot stand te brengen.30
  • 2.3 ICT en media: het creatieve cluster Bedrijven in het cluster ICT en media zijn in Midden-Nederland sterk vertegenwoordigd. Het cluster bevat ruim 12.000 bedrijven met ruim 80.000 arbeidsplaatsen. Net als bij de andere vormen van commerciële dienstverlening (zoals beschreven in voorgaande paragraaf) is de werkgelegenheid sterk geconcentreerd in en rond de stad Utrecht, maar zijn er ook veel bedrijven aanwezig in gemeenten daaromheen, oostelijk ervan en in diverse gemeenten in Rivierenland. ICT- en mediabedrijven (aantal vestigingen) 1.200 tot 5.900 500 tot 1.200 De Ronde Venen 200 tot 500 0 tot 200 Stichtse Vecht De Bilt Woerden Zeist UtrechtAantal vestigingenin het cluster ICT en Montfoortmedia in gemeenten IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenendaalin Midden-Nederland Nieuwegeinin 2012 (in absolute Houten Wijk bij Lopik Duurstedeaantallen) Rhenen Vianen BurenBron: KvK Handelsregister, Zederik Culemborg Neder-2012 Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel ICT In Midden-Nederland zijn bijna 7.400 ICT-bedrijven gevestigd. Het zijn bedrijven die software ont- wikkelen, uitgeven, implementeren of daarover adviseren. Binnen de regio bestaat een sterke concentratie van werkgelegenheid op het bedrijventerrein Papendorp. Een groot deel van de top 10 van grootste ICT-dienstverleners in de regio heeft zijn (Nederlandse) hoofdvestiging op Papendorp. 31
  • Bedrijfsnaam Land van herkomst Locatie grootste vestiging Aantal op deze locatie in Midden-Nederland werkzame personen Cap Gemini Frankrijk Utrecht (Papendorp) 5687 ATOS Frankrijk Utrecht (Papendorp) 4000Grote ICT dienst- Oracle Verenigde Staten Utrecht (De Wetering) 996verleners in Conclusion Nederland Utrecht (Galgenwaard) 582Midden-Nederland CSC Verenigde Staten Utrecht (Papendorp) 390Bron: provincie Utrecht, Kender Thijssen Nederland Veenendaal 2042011 en/of eigen opgave NSPYRE Nederland Utrecht (Galgenwaard) 200bedrijven IlionX Nederland Utrecht (Papendorp) 180 Toch is veruit het grootste deel van de automatiseerders in de regio relatief klein. In het Handelsregister van de Kamer van Koophandel staat bijna twee derde van de ICT-ondernemingen geregistreerd als zzp’er. Media Er zijn in Midden-Nederland ruim 4.500 vestigingen van mediabedrijven. Een groot deel van de dien- sten van mediabedrijven is te scharen onder de noemer ‘bedrijfscommunicatie’. Het zijn bedrijven die andere bedrijven ondersteunen in hun interne en externe communicatie. De kern van dit cluster wordt gevormd door bureaus voor communicatieadvies, bedrijfsjournalistiek, marketing, webredactie en vertalingen. Hieraan gerelateerd zijn bedrijven die zich toeleggen op vormgeving, DTP-webdesign en fotografie. Twee zaken zijn opvallend aan deze sector. In de eerste plaats de kleinschaligheid van de bedrijven. In de regio bestaan nauwelijks mediabedrijven die meer dan 50 mensen in dienst hebben. In de tweede plaats bevat de sector opvallend veel jonge bedrijven. Dat is een indicatie dat veel bedrijven een korte levenscyclus hebben en dat de ondernemers hun bestaan als zelfstandige gemakkelijk afwisselen met een bestaan als werknemer. Ook zijn er veel mensen die hun ondernemerschap gelijktijdig combineren met een baan in loondienstverband, de zogenaamde hybride ondernemers. Sterke en zwakke kanten van het cluster Samen met het cluster van financiële en adviesdiensten zorgt het cluster ICT en media voor een zeer gevarieerde en omvangrijke dienstverlenende sector. Binnen de ICT en media is het aantal bedrijven toegenomen. Deze toename bedroeg de afgelopen vijf jaar een kleine 10% op jaarbasis. Hierdoor zouden kleine ondernemers last kunnen hebben van verdringing op de markt. Het cluster van ICT- en mediabedrijven vormt geen eigenstandige bedrijfskolom waarin opeenvol- gende schakels bijdragen aan de productie en het vermarkten van specifieke producten of diensten. ICT- en mediabedrijven zijn vooral ondersteunend aan andere bedrijfskolommen. Hierin zit zowel de kracht als de zwakte van het cluster. De sterkte ligt in de breedte van het cluster: de diensten zijn relevant en hebben meerwaarde voor een zeer breed scala van sectoren, waaronder ook (semi) publieke sectoren als onderwijs en gezondheidszorg. Het cluster is daarom minder afhankelijk van de op- of neergang van één of enkele sectoren. De zwakte ligt in het gegeven dat het cluster bestaat uit32
  • bedrijven die niet tot de kern van een bedrijfskolom behoren en zal daardoor sneller last hebben vanvraaguitval als gevolg van economische teruggang. Zo worden vaak investeringen in ICT uitgestelden wordt er minder gebruik gemaakt van adviesdiensten.Sterke kanten• De ondernemerschapszin in dit cluster is sterk. Het cluster bevat relatief veel ondernemers.• De dienstverlening van dit cluster is relevant voor veel sectoren. Ondernemers in het cluster ICT en media zijn (net als in de zakelijke dienstverlening) breed inzetbaar en minder afhankelijk van één of enkele sectoren.Zwakke kanten• De diensten grijpen vaak niet direct in op de kernfuncties van bedrijven en instellingen die de diensten afnemen. Bij economische teruggang wordt sneller op deze diensten bezuinigd.• Het inkomen van de zelfstandige dienstverleners is de afgelopen jaren afgenomen vanwege de druk op de tarieven. De afgelopen jaren was dat vooral het gevolg van de toename van het aantal zelfstandigen; de komende jaren zal het inkomen verder onder druk komen te staan als gevolg van de crisis. Het cluster ICT en media en de activiteiten van de Kamer van Koophandel Ook voor het cluster ICT en media geldt dat in Midden-Nederland veel grote nationaal opererende dienstverleners zijn gevestigd. Zoals dat ook geldt voor de financiële en zakelijke dienstverlening, zijn bereikbaarheid en de kwaliteit van de huisvesting en de omgeving belangrijke aspecten bij de keuzes die bedrijven maken voor hun vestigingsplaats. De Kamer van Koophandel levert aan de verbetering daarvan op meerdere fronten een bijdrage (zoals omschreven bij het cluster financiële en adviesdiensten). Een specifiek onderdeel van dit cluster is de ‘creatieve industrie’. In aantal ondernemers geme- ten is Utrecht de tweede creatieve stad van Nederland, na Amsterdam. Veel gamingbedrijven zijn bijvoorbeeld in Utrecht gevestigd. Het profiel van de Utrechtse creatieve sector is echter enigszins versnipperd en de herkenbaarheid van deze sector buiten Utrecht vraagt om versterking. Samen met de Taskforce Innovatie levert de Kamer van Koophandel een bijdrage om het potentieel meer herkenbaar te maken. 33
  • 2.4 Zorg en medisch: het groeiende cluster Op dit moment werken ongeveer 99.000 mensen in het cluster zorg en medisch, en is daarmee qua werkgelegenheid een van de grootste clusters in de regio. Er bevinden zich 9.300 vestigingen in Midden-Nederland. Binnen de sector wordt onderscheid gemaakt tussen instellingen die zich richten op genezen (zoals ziekenhuizen), verzorging (zoals zorginstellingen) en preventie. Aan deze indeling wordt hier een vierde categorie toegevoegd, namelijk die van medische en farmaceutische bedrijven. Een groot deel van de werkgelegenheid komt voort uit de ziekenhuizen. In de regio Midden- Nederland zijn 17 ziekenhuizen gevestigd. Naast ziekenhuizen bieden enkele andere grootschalige instellingen veel werkgelegenheid: instellingen voor preventieve gezondheidszorg, geestelijke gezondheidszorg en thuiszorg. Daarnaast zijn er veel kleinschalige aanbieders van eerstelijnszorg, zoals praktijken voor huisartsen, tandartsen en verloskundigen. In het cluster zijn zowel farmaceutische, medisch-technische en zorginstellingen vertegenwoordigd. In sommige gevallen vervullen organisaties meerdere van deze functies, zoals bijvoorbeeld het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Daar wordt naast zorgverlening ook veel gedaan aan product- ontwikkeling en therapieontwikkeling (wat in voorkomende gevallen leidt tot spin-offs in de vorm van de oprichting van bedrijven). Voor een groot deel weerspiegelt de spreiding van medische en zorginstellingen de bevolkingsspreiding, maar concentraties zijn te vinden in het Stedelijk gebied Utrecht en de regio Utrechtse Heuvelrug. Gezondheid en medisch (aantal vestigingen) 1.000 tot 2.700 300 tot 1.000 De Ronde Venen 100 tot 300 0 tot 100 Stichtse Vecht De Bilt WoerdenAantal vestigingen in Zeist Utrechthet cluster zorg enmedisch in gemeenten Montfoortin Midden-Nederland IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenendaalin 2012 (in absolute Nieuwegeinaantallen) Houten Wijk bij Lopik Duurstede Rhenen VianenBron: KvK Handelsregister, Buren2012 Zederik Culemborg Neder- Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel34
  • Volgens het Handelsregister houden ongeveer 200 bedrijven zich bezig met de productie van of han- del in farmaceutische en/of medische producten. De meeste van die bedrijven zijn zeer specialistisch en klein in termen van werkgelegenheid. Zij bedienen doorgaans een nichemarkt en zijn vaak inter- nationaal georiënteerd. Voorbeelden hiervan zijn een bedrijf in specifieke veterinaire geneesmiddelen of handel in specifieke medische apparatuur. Opvallend is dat in Zeist een aantal grote Amerikaanse bedrijven hun Nederlandse hoofdkantoor hebben: Glaxo Smith Kline en Synthes. Het grootste Nederlandse bedrijf in de regio is Mediq, een beursgenoteerd groothandelsbedrijf met meer dan 8.000 werknemers in 15 landen. In de Utrechtse vestiging werken ongeveer 380 mensen. Ten opzichte van Nederland als geheel is er in de regio sprake van een clustering van een aantal bedrijven, al is deze clustering bescheiden in vergelijking met die in Zuid-Holland, Amsterdam en Eindhoven. De Midden-Nederlandse clustering bevindt zich vooral in het Stedelijk gebied Utrecht en directe omgeving. Het wordt gevormd door diverse kennisinstellingen (waaronder UMC, TNO en RIVM) en ongeveer 30 bedrijven (waaronder Danone Research, Glaxo Smith Kline en Genmab). Aan de oostkant van de stad Utrecht ligt het Utrecht Science Park (USP). Dit is een initiatief dat tot doel heeft het cluster van medische bedrijven en kennisinstellingen te versterken, met name op het gebied van publieke gezondheid, kankerbestrijding en medische biologie. In het USP nemen ook de gemeente Utrecht en de provincie Utrecht deel. Bedrijfsnaam Land van herkomst Locatie grootste vestiging Aantal op deze locatie in Midden-Nederland werkzame personen Mediq Farma Nederland Utrecht 383Grote farmaceutische Glaxo Smith Kline Verenigde Staten Zeist 346en medische bedrijven Brocacef Duitsland Maarssen 275in Midden-Nederland Nucletron Operations Nederland Veenendaal 215 Roche Frankrijk Woerden 169Bron: provincie Utrecht, Dental Union Nederland/Finland Nieuwegein 1372011 en/of eigen opgave Baxter Verenigde Staten Utrecht 94bedrijven Synthes Verenigde Staten Zeist 70 Sterke en zwakke kanten van het cluster Wanneer het cluster wordt geplaatst in de totale bedrijfsketen die loopt van farmaceutische industrie via zorgverleners naar consumenten, dan valt op dat vrijwel de gehele keten (op de winning en bewerking van grondstoffen na) tot aan de schakel van de eindgebruikers gelijkmatig is gevuld. De laatste schakel bestaat uit een groot en breed scala aan kleinschalige en grootschalige zorg- verleners. Met de vergrijzende bevolking zal de vraag naar diensten uit de laatste schakel toenemen. Dit betreft echter een ontwikkeling waarmee Midden-Nederland zich niet onderscheidt van andere regio’s. De groei van het cluster zal vergezeld gaan van kostenstijgingen die voor een deel zullen leiden tot hogere premies en hogere belastingdruk. Een voorwaarde voor gezonde groei van dit cluster is een voortdurende verbetering van de arbeidsproductiviteit. Daarom moet worden gewerkt aan behandeltechnieken en woonconcepten die de vergrijzende bevolking minder afhankelijk maken van arbeidsintensieve zorg. Hier liggen kansen voor domotica, de integratie van technologie en diensten ten behoeve van een betere kwaliteit van wonen en leven, waaronder zorg op afstand en levensloop- bestendige woonconcepten. Inmiddels kent de regio enkele sterke bedrijven op dit gebied. 35
  • De aanwezigheid van enkele grote kennisinstellingen in Midden-Nederland heeft bijgedragen aan de vestiging van innovatieve en hoogwaardige medische bedrijven (vooral aan de oostkant van de stad Utrecht). Een aandachtspunt voor het medische en farmaceutische onderdeel van het cluster is de afhankelijk- heid van enkele grote buitenlandse bedrijven die onder andere vanuit het oogpunt van werkgelegen- heid belangrijk zijn. Hun keuze voor Midden-Nederland als vestigingsplaats hangt vooral samen met het nationale vestigingsklimaat van Nederland, zoals het fiscale klimaat, het hoge opleidingsniveau, de politieke stabiliteit en de goede infrastructuur en waarschijnlijk minder met de specifieke eigen- schappen van Midden-Nederland, waaronder de aanwezigheid van specifieke kennisinstellingen. Sterke kanten • De groeiende vraag naar zorg, medische apparatuur en farmacie. • De regio beschikt met enkel grote kennisinstellingen over een goede kennisinfrastructuur en relevante voorzieningen voor zowel kleine als grote medische bedrijven. Zwakke kanten • De zorgsector wordt geconfronteerd met kostenstijgingen waar niet automatisch hogere (overheids)budgetten tegenover staan. Dit zet de marges onder druk. • Het medische en farmaceutische cluster in Midden-Nederland bestaat voornamelijk uit onderdelen van enkele grote buitenlandse bedrijven. Het cluster zorg en medisch en de activiteiten van de Kamer van Koophandel In de regio Midden-Nederland staat het cluster zorg en medisch voor drie opgaven. De eerste is verdere versterking van de regionale aantrekkingskracht voor medische en farmaceutische bedrijven. Door de aanwezigheid van enkele grootschalige kennisinstellingen zoals UMCU, RIVM en TNO en hun samenwerking met uiteenlopende bedrijven in de regio, ligt hier al een goede basis. De Kamer van Koophandel wil zich vooral gaan inzetten om alle relevante partijen in de regio, ook buiten het kerncluster op Utrecht Science Park, verder met elkaar te verbinden en te ondersteunen. Dit betreft vooral de implementatie en internationalisering van innovatieve zorgproducten en diensten. De tweede opgave is de groeiende vraag naar zorg waar zorg- verleners aan moeten beantwoorden, zonder dat het beschikbare personeel en de financiële middelen gelijkmatig meegroeien. De sector moet daarom de efficiëntie en productiviteit vergroten. De Kamer van Koophandel wil bijdragen aan het ondernemerschap en de innovatie die nodig zijn om dit te bereiken. Er zijn grote kansen voor bedrijven die door innovatie de kwaliteit en efficiëntie van zorg verbeteren en daarmee de zelfredzaamheid en onafhankelijk- heid van zorgbehoevenden vergroten. Door middel van bijvoorbeeld domotica en technologie wordt het mogelijk om zorg op afstand te verlenen. De derde opgave is het voorzien in voldoende ruimte voor zorg en gerelateerde bedrijvigheid. Zowel lokaal als regionaal zal er meer ruimtelijke capaciteit (her)ontwikkeld moeten worden om aan de groeiende zorgvraag te kunnen voldoen. Het is de enige sector waarbij de komende jaren naar verwachting een ruimtelijk capaciteitsprobleem gaat ontstaan. Dit hoeft niet altijd om nieuwe ontwikkelingen te gaan. Inpassing in bestaande gebouwen zoals kantoren of woningen kan goed mogelijk zijn. De Kamer van Koophandel stimuleert lokale initiatieven om deze opgave in te vullen.36
  • 2.5 Bouwen en ontwerpen: het cluster in zwaar weer Het cluster bouwen en ontwerpen omvat een bedrijfsketen die loopt van ontwikkeling, ontwerp en bouw tot aan de afwerking van vastgoed. In het cluster wordt onderscheid gemaakt tussen woning- bouw, utiliteitsbouw en grond- weg- en waterbouw. Het cluster bestaat uit projectontwikkelaars, ingenieursbureaus, architecten, bouwbedrijven, installatiebedrijven en een breed spectrum aan gespecialiseerde toeleverende bedrijven zoals betonvlechters, dakdekkers en slopers. In absolute termen is dit cluster groot: het telt ruim 16.000 vestigingen. In Midden-Nederland werken in de bouwsector (exclusief ontwerp) ruim 44.000 mensen. Naast de stad Utrecht laten vooral de gemeenten ten westen en noorden daarvan en langs de A12 (Heuvelrug, Veenendaal) grote aantallen bedrijven uit het cluster bouwen en ontwerpen zien. Bouwen en ontwerpen (aantal vestigingen) 1.000 tot 2.800 600 tot 1.000 De Ronde Venen 300 tot 600 0 tot 300 Stichtse Vecht De Bilt Woerden Zeist UtrechtAantal vestigingen inhet cluster bouwen Montfoorten ontwerpen in IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenendaalgemeenten in Midden- NieuwegeinNederland in 2012 Houten Wijk bij Lopik Duurstede(in absolute aantallen) Rhenen Vianen BurenBron: KvK Handelsregister, Zederik Culemborg Neder-2012 Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel De economische betekenis van het cluster voor Midden-Nederland is groot en wordt voor een belang- rijk deel bepaald door de aanwezigheid van enkele grote bouwbedrijven en ingenieursbureaus. Van de tien grootste Nederlandse bouwbedrijven zijn er drie met een grote vestiging aanwezig in Midden-Nederland: BAM (Bunnik), Ballast Nedam (Nieuwegein) en Strukton (Utrecht). 37
  • Verder is de werkgelegenheid in het cluster groot vanwege de aanwezigheid van ruim 4.000 instal- latie- en afwerkingsbedrijven die toeleveren aan de bouw. Het bouwcluster heeft van oudsher een sterk nationale oriëntatie en exporteert relatief weinig. Bedrijfsnaam Land van herkomst Locatie grootste vestiging Aantal op deze locatie in Midden-Nederland werkzame personen Bouwbedrijven Strukton Nederland Utrecht 2235 Ballast Nedam Nederland Nieuwegein 1523 Bouwborg Midden Nederland Utrecht 1234 BAM Nederland Bunnik 409Grote bouw- eninstallatiebedrijven en Van Oord Nederland Gorinchem 400ingenieursbureaus in VolkerWessels Nederland Vianen 300Midden-Nederland Installatiebedrijven en ingenieursbureaus Prorail Nederland Utrecht 4000Bron: provincie Utrecht, Movares Nederland Utrecht 11002011 en/of eigen opgave Ascom (Nederland) Zwitserland Utrecht 321bedrijven Van den Pol Nederland Montfoort 275 Elektrotechniek Cofely Frankrijk/Nederland Bunnik 215 Installatiebedrijf Nederland Houten 206 Andriessen Terberg Systeem- Nederland IJsselstein 190 integratie Grontmij Nederland De Bilt 150 Het cluster maakt op dit moment een zware tijd door vanwege de terugval in de vraag naar nieuw- bouw en verbouw van woningen en bedrijfshuisvesting. Als gevolg van de economische crisis is de omzet sinds 2008 teruggelopen met ruim 20%. Het is onduidelijk hoe lang de crisis nog zal voortduren en wat op termijn het effect zal zijn op de vraag naar vastgoed. Op korte termijn zijn signalen voor een opleving echter nog niet aanwezig. Zo lag landelijk de totale bouwsom van ver- leende bouwvergunningen voor nieuwbouw de eerste tien maanden van 2010 20% lager dan in de dezelfde periode in 2009. Daarnaast is de afname van de omzet bij architectenbureaus een teken dat de bouwsector voorlopig nog onder druk zal staan. Op langere termijn zal het herstel moeizaam zijn vanwege de stagnatie en krimp van de bevolking in vooral de landelijke gebieden van Nederland. Naast de krimp van het cluster is er een sterke schaalverkleining gaande. Het aantal kleine onder- nemingen neemt toe. Dit zijn meestal zelfstandigen zonder personeel. Hoewel zij als zelfstandig ondernemer zijn ingeschreven, heeft hun manier van werken en hun verhouding tot de opdrachtgever vooral veel verwantschap met werknemerschap. De toename van de inzet van zzp’ers loopt gelijk op met de toename van inzet van buitenlands personeel, met name uit Midden- en Oost-Europa.38
  • Sterke en zwakke kanten van het clusterIn de opeenvolgende schakels van de bedrijfsketen zijn de regionale bedrijven in Midden-Nederlandgoed vertegenwoordigd. Bovendien telt de regio enkele zeer grote en vooraanstaande bouw-bedrijven. De bouwbedrijven zijn daarnaast sterk ingebed in de regio. Veruit de meeste zijn sindsde oprichting niet verplaatst en bedienen afnemers die ook in de regio zijn gevestigd.In deze regionale oriëntatie zit tevens de zwakte van het cluster. Op de grote bedrijven na wordter relatief weinig geëxporteerd. Zo heeft het leeuwendeel van de bedrijven in het recente verledenbijvoorbeeld nauwelijks kunnen profiteren van de economische groei en de daaraan gerelateerdebouw- en vastgoedontwikkelingen in Midden- en Oost-Europa. Uitzondering zijn de zeer grote bouw-bedrijven en ingenieursbureaus en de gespecialiseerde bedrijven (zoals bedrijven gespecialiseerd inonderwaterbouw).De relatief beperkte actieradius van het cluster maakt het cluster afhankelijk van de regionale enNederlandse vraag. Deze vraag is in de afgelopen twee jaar teruggelopen en tekenen van herstelzijn er vooralsnog niet. De huidige terugval van vraag en de stagnatie van de bevolkingsgroei opde langere termijn leiden op dit moment en in de toekomst tot verdringing. Deze verdringing zalzich overigens niet uiten in een afname van het aantal bedrijven, omdat het aantal zzp’ers – meteen eigen inschrijving bij de Kamer van Koophandel – zal blijven toenemen. De verdringing zal zichvooral uiten in een afname van de gemiddelde bedrijfsomvang en een blijvende druk op tarieven enbedrijfsresultaten.Sterke kanten• Het cluster is over de gehele linie goed vertegenwoordigd in de regio.• De aanwezigheid van enkele zeer grote bedrijven met specialistische kennis en ervaring.Zwakke kanten• Herstel van de markt is nog niet in zicht.• Concurrentie voor met name zzp’ers en kleinere bouwbedrijven van arbeidskrachten uit Midden- en Oost-Europa.• Afhankelijkheid van regionale en nationale markt. 39
  • Het cluster bouwen en ontwerpen en de activiteiten van de Kamer van Koophandel Vanwege het belang van de bouw voor de regionale economie en vanwege de terugval en de sombere vooruitzichten bestaat bij de Kamer van Koophandel Midden-Nederland op dit moment extra aandacht voor dit cluster. In samenwerking met uiteenlopende publieke en private partijen initieert de Kamer van Koophandel ontwikkelingen en projecten die bijdragen aan nieuwe perspectieven voor de bouw. In de eerste plaats heeft de Kamer van Koophandel Midden- Nederland het initiatief genomen om een plan te ontwikkelen voor de totstandkoming van een visie op de verbetering van de binnenstedelijke ontwikkeling van het gebied rond de A12 tussen de stad Utrecht en de gemeenten Nieuwegein en Houten. Binnenstedelijke, en dus duurzame, ontwikkeling is nodig om de voorspelde bevolkingsgroei voor Utrecht te kunnen huisvesten en heeft de voorkeur boven het bebouwen van groene gebieden. Deze beoogde gebiedsontwikkeling heeft zowel betrekking op (her)ontwikkeling van woningbouw en utiliteitsbouw als op infra- structuur. In de tweede plaats ondersteunt de Kamer van Koophandel gemeenten en bedrijven in het transprant en professioneler maken van hun aanbestedingsprocessen. Aangezien driekwart van alle gemeentelijke aanbestedingen gerelateerd is aan de bouw zullen vooral bouwbedrijven van deze ondersteuning profiteren. In de derde plaats gaat de Kamer van Koophandel kansrijke initiatieven van ondernemers op het gebied van energiebesparing ondersteunen door het samen- brengen van de daarbij betrokken partijen, zoals financiële en kennisinstellingen. In de vierde plaats brengt de Kamer van Koophandel partijen op het gebied van domotica bij elkaar. De toenemende vergrijzing vraagt om de ontwikkeling en bouw van levensloopbestendige woningen en woonconcepten, waaraan zowel ICT-bedrijven, bouwbedrijven als zorgverleners bijdragen. 2.6 Transport en logistiek: het sterk gewortelde cluster De omvang van het cluster transport en logistiek in de regio Midden-Nederland is gemiddeld in termen van aantal bedrijven: in totaal zijn er ongeveer 2.300 bedrijven in Midden-Nederland gevestigd. Er werken rond de 25.000 mensen in het cluster. Ten opzichte van de rest van het land is er daarmee geen sprake van een sterke oververtegenwoordiging van bedrijfsvestigingen. In Nederland zijn er omvangrijke clusters op het gebied van transport en logistiek rond Amsterdam en Rotterdam. Ten opzichte van deze twee centra heeft het Midden-Nederlandse cluster vooral een regionale en nationale oriëntatie, en veel bedrijven vervoeren en distribueren vooral voor de Nederlandse markt. De grootste concentraties van bedrijven bevinden zich in en rond de stad Utrecht, in Alblasserwaard & Vijfheerenlanden en in Rivierenland. Drie onderdelen binnen dit cluster zijn in Midden-Nederland goed vertegenwoordigd. In de eerste plaats zijn dat de distributiecentra. Het zijn zowel zelfstandige bedrijven als bedrijven die onderdeel zijn van een retailbedrijf of groothandelsbedrijf. Enkele retail- en groothandelsbedrijven met grote distributiecentra in de regio zijn HEMA, Vendex, Albert Heijn, Blokker, C1000 en Aldi. In de tweede plaats nemen de logistieke dienstverleners een belangrijke plaats in. Het zijn bedrijven die zich meestal vanuit een regulier transportbedrijf hebben ontwikkeld tot een dienstverlener die logistieke processen van klanten heeft overgenomen of daar de regie over voert. Enkele bedrijven in de regio40
  • Transport en logistiek (aantal vestigingen) 120 tot 380 80 tot 120 40 tot 80 De Ronde Venen 0 tot 40 Stichtse Vecht De BiltAantal vestigingen in Woerdenhet cluster transport Zeist Utrechten logistiek ingemeenten in Midden- MontfoortNederland in 2012 IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenendaal(in absolute aantallen) Nieuwegein Houten Wijk bij Lopik DuurstedeBron: KvK Handelsregister, Rhenen Vianen2012 Buren Zederik Culemborg Neder- Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel verzorgen tot ver in Midden- en Oost-Europa de logistiek voor bedrijven in de automobielindustrie, de chemische industrie en de foodretail. In de derde plaats is het reguliere goederenvervoer over de weg een belangrijk onderdeel binnen het cluster. Midden-Nederland telt ongeveer duizend van deze bedrijven. Bij deze bedrijven kan onderscheid worden gemaakt tussen bedrijven die zowel interna- tionaal als nationaal opereren en bedrijven die uitsluitend binnen de landsgrenzen werken. In de laatste categorie zitten veel koeriersbedrijven. De transportsector maakt een moeilijke periode door. Dit geldt vooral voor het reguliere vervoer over de weg. De omzet van een gemiddeld transportbedrijf daalde in 2009 landelijk met 10% ten opzichte van 2008. Deze omzetdaling was het sterkst voor het internationale goederenvervoer. De omzet van het binnenlandse goederenvervoer is de afgelopen jaren slechts licht gedaald, waarschijnlijk dankzij de sterke groei van het aantal internetaankopen. Maar dit heeft niet kunnen voorkomen dat in de afgelopen twee jaar diverse faillissementen hebben plaatsgevonden. De branche kent van oudsher lage marges en heeft moeite kostenstijgingen te verrekenen in de tarieven. Daar komt op dit moment in een aantal transportmarkten overcapaciteit bij (bijvoorbeeld in de bouwlogistiek). 41
  • Bedrijfsnaam Land van herkomst Locatie grootste vestiging Aantal op deze locatie in Midden-Nederland werkzame personen Centraal Boekhuis Nederland Culemborg 626Grote logistieke Stuwarooij Nederland Hedel 620bedrijven in Midden- HEMA Nederland Utrecht 550Nederland (distributiecentrum) Blokker Nederland Geldermalsen 450Bron: provincie Utrecht, (distributiecentrum)2011 en/of eigen opgave C1000 Nederland Woerden 385bedrijven (distributiecentrum, voorheen Schuitema) TNT Insight Nederland Nieuwegein 200 AMP Logistics Nederland Utrecht 175 Sterke en zwakke kanten van het cluster Het is kenmerkend voor het cluster dat de bedrijven niet zozeer een bedrijfskolom vormen, maar eer- der dienstverlenend zijn aan uiteenlopende andere kolommen. In dit opzicht is het cluster vergelijk- baar met de zakelijke dienstverlening. Een belangrijk verschil is dat de diensten in transport en logis- tiek vaak een vitaal onderdeel zijn van bedrijven en productiekolommen. Bedrijven kunnen zonder transport en logistiek nauwelijks functioneren en zullen die diensten meestal blijven afnemen, ook wanneer het economisch tegenzit. Opvallend aan het cluster is dat de leeftijd van de bedrijven gemiddeld hoger is dan in de andere clusters. Driekwart van de bedrijven bestaat al langer dan vijf jaar. Ook is het opvallend dat het cluster voornamelijk bestaat uit bedrijven die niet alleen een vestiging in de regio hebben, maar die ook hun herkomst in Midden-Nederland hebben. Het cluster is daarmee diep geworteld in de regionale economie. Het cluster concentreert zich vooral op het reguliere goederenvervoer over de weg. Het betreft dienstverlening waarvan de toegevoegde waarde relatief laag is, de marges klein zijn en voortdurend moeten worden bevochten. Dit geldt zowel voor het binnenlandse als voor het internationale goederenvervoer. De noodzaak om met name loonkosten te drukkken was voor de grotere vervoerders aanleiding om een deel van hun diensten uit te besteden en vestigingen te openen in Midden- en Oost-Europa. Sterke kanten • De blijvende vraag naar logistieke diensten en transport. • De sterke groei van online aankopen en de daardoor groeiende vraag naar pakketdiensten. Zwakke kanten • De volumes van te transporteren goederen zijn in de afgelopen jaren afgenomen; de vooruit- zichten op herstel verschillen per markt. • De marges staan blijvend onder druk vanwege kostenontwikkelingen en overcapaciteit. • De concurrentie van zzp’ers met arbeidskrachten uit Midden- en Oost-Europa.42
  • Het cluster transport en logistiek en de activiteiten van de Kamer van Koophandel De Kamer van Koophandel ziet voor Midden-Nederland een belangrijke rol weggelegd voor het nationale en regionale transport. Vanwege de centrale ligging in het land is Midden-Nederland vooral een voor de hand liggende vestigingsplaats voor bedrijven die zijn gericht op binnenlandse distributie. De Kamer van Koophandel werkt voortdurend met deze bedrijven samen om de aantrek- kelijkheid van Midden-Nederland als vestigingsplaats te vergroten. Een actueel voorbeeld hiervan zijn de inspanningen om twee multimodale logistieke knooppunten te verbeteren en ook om de promotie daarvan te intensiveren (Port of Utrecht en Logistieke Hotspot Rivierenland). Een tweede voorbeeld betreft de inspanningen om samen met bedrijven knelpunten op de arbeidsmarkt aan te pakken. Twee aandachtspunten zijn daarbij het imago van de sector onder potentiële werknemers en de verbetering van de aansluiting van opleidingen op de praktijkeisen. De Kamer van Koophandel maakt zich op dit moment ook sterk voor de aanpak van criminaliteit waar transport- en logistieke bedrijven last van hebben. Een sprekend project is ‘Secure Lanes’ waarbij op verzorgingsplaatsen en bij benzinestations langs de A15 ladingdiefstal wordt bestreden met cameratoezicht. Vanzelfsprekend is dat de benodigde infrastructuur voor de logistieke sector ook op orde is. Inzet wordt gepleegd op onder andere capaciteitsuitbreiding van de A15, de Ring Utrecht, de A27 en de brug over de Rijn bij Rhenen. De inspanningen strekken zich ook uit tot de bereikbaarheid van bedrijventerreinen en winkelcentra. 2.7 Food en agribusiness: het stabiele cluster Het cluster food en agribusiness kent een evenwichtige opbouw in de regio; de verschillende schakels in de productiekolom zijn goed vertegenwoordigd. De regio is zowel sterk in landbouw en voedsel- verwerking als in groothandel en distributie. Bovendien ligt het gebied dicht bij de belangrijkste afzetgebieden, zoals de grote steden van de Randstad. Binnen dit cluster is het aantal landbouwbedrij- ven het grootst. Midden-Nederland telt ruim 3.500 landbouwbedrijven, waar in totaal 14.300 mensen werkzaam zijn. In het cluster zijn drie onderdelen te onderscheiden: veeteelt, fruit- en groenteteelt en toeleveranciers. Het grootste is dat van de veeteelt, de regio telt er ongeveer 1.200. Daarnaast zijn er ten opzichte van de rest van Nederland veel fruitteeltbedrijven (500), glastuinbouwbedrijven (450), champignontelers (150) en boomkwekerijen (150, waarvan de meesten laanboomteeltbedrijven zijn). Ten slotte zijn er ruim 600 bedrijven die direct toeleverancier zijn van deze landbouwbedrijven. Het gaat om loonbedrijven, verhuurbedrijven en bedrijven die zich bezighouden met verkoop en onderhoud aan landbouwmachines. Vooral in de gemeenten in het (zuid)westen van de regio en in Rivierenland is het cluster food en agribusiness sterk aanwezig. In de regio Midden-Nederland zijn er ruim 400 voedingsmiddelenbedrijven. Een groot deel daarvan is werkzaam op de grens van voedselverwerking en foodretail, zoals bakkerijen, slagerijen en ijssalons. Het zijn voornamelijk kleinschalige bedrijven met hooguit vijf medewerkers in dienst. Het gezicht van deze groep bedrijven en de regionale economische betekenis ervan worden echter bepaald door enkele grote multinationale bedrijven. Driekwart van de toegevoegde waarde wordt binnen deze bedrijven ge- realiseerd. Deze bedrijven nemen ook een belangrijk deel van de werkgelegenheid voor hun rekening. 43
  • Food en agribusines (aantal vestigingen) 300 tot 450 200 tot 300 De Ronde Venen 100 tot 200 0 tot 100 Stichtse VechtAantal vestigingen in De Bilthet cluster food en agri-business in gemeenten Woerden Zeistin Midden-Nederland Utrechtin 2012 (in absolute Montfoortaantallen) IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Nieuwegein VeenendaalBron: KvK Handelsregister, Houten Wijk bij2012 Lopik Duurstede Rhenen Vianen Buren Zederik Culemborg Neder- Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel Bedrijfsnaam Land van herkomst Locatie grootste vestiging Aantal op deze locatie in Midden-Nederland werkzame personen Sara Lee/Douwe Verenigde Staten/ Utrecht 1869 Egberts NederlandGrote bedrijven in Heinz Verenigde Staten Zeist 405het cluster food en Bel Leerdammer Nederland Schoonrewoerd 400agribusiness in Vrumona Nederland Bunnik 346Midden-Nederland Koninklijke Nederland Geldermalsen 300 Fruitmasters GroepBron: provincie Utrecht, Greefa Nederland Tricht 1802011 en/of eigen opgave Van Dijk Food Nederland Lopik 142bedrijven Products Koninklijke De Ruijter Nederland Utrecht 107 Veiling Zaltbommel Nederland Zaltbommel 50 Sterke en zwakke kanten van het cluster Het cluster food en agribusiness is van oorsprong een stabiel cluster. Het cluster wordt minder dan andere industriële sectoren beïnvloed door conjuncturele ontwikkelingen zoals de huidige economi- sche crisis. In 2009 daalde landelijk de omzet het sterkst (met 1,5%), maar de sector herstelde zich het jaar erop al weer met een groei van 2%. Voor 2011 wordt weer een lichte daling verwacht.44
  • Deze stabiliteit komt ook tot uitdrukking in het aantal bedrijven in de sector dat in de afgelopen jarenredelijk constant is gebleven, zeker in vergelijking met andere sectoren. Deze beperkte dynamiekkomt ook voort uit de hoge toetredingsdrempel. Vanwege de hoge eisen die worden gesteld aanproductieprocessen en producten, moeten er hoge investeringen worden gedaan waardoor bedrijfs-oprichtingen weloverwogen plaatsvinden. Men spreekt daarom ook wel van een volwassen of rijpesector. Deze volwassenheid uit zich ook in grote investeringen, niet alleen vanwege voedselveiligheidmaar ook ten behoeve van arbeidsproductiviteit. Het heeft ertoe geleid dat de werkgelegenheid inde sector al geruime tijd gestaag afneemt, terwijl de productie (gemeten in toegevoegde waarde)toeneemt.In Midden-Nederland en in de directe omgeving zijn enkele sterke agrarische kennisinstellingen(zoals Wageningen Universiteit) en handelspunten (zoals veilingen, handelsbedrijven en gespecia-liseerde toeleveranciers) gevestigd. Daarnaast ligt het gebied andere landbouwintensieve regio’srelatief dicht bij de grote steden, wat onder meer gunstig is voor de personeelsvoorziening vanarbeidsintensievere bedrijven.De kracht van het cluster komt ook voort uit de voortschrijdende schaalvergroting en de daarmee ver-band houdende hogere productiviteit en efficiency. In de landbouw hebben grote ruilverkavelingen in dejaren tachtig en negentig gezorgd voor het ontstaan van grotere bedrijven en zijn veel kleine bedrijvengesaneerd. Deze schaalvergroting heeft vooral plaatsgevonden in de glastuinbouw en de veehouderij.Sterke kanten• De bedrijven in de regio profiteren van de nabijheid van kennisinstellingen (waaronder Wageningen Universiteit) en van een goed ontwikkelde kennisinfrastructuur.• De productiviteit van de sector is groot en neemt toe. Er wordt veel geproduceerd met betrekkelijk weinig mensen.• De voedingsmiddelenindustrie heeft een sterk internationale oriëntatie en exporteert veel.Zwakke kanten• Het sterke punt van de toegenomen productiviteit betekent tevens een afname van de werk- gelegenheid. Er zijn relatief veel bedrijven waarvan de omzet groeit of gelijk blijft en waarbij de werkgelegenheid tegelijkertijd afneemt.• Hoewel de vraag naar landbouwproducten constant blijft, staan de prijzen voortdurend onder druk en moet er tegen steeds lagere marges worden geproduceerd. Het cluster food en agribusiness en de activiteiten van de Kamer van Koophandel De Kamer van Koophandel Midden-Nederland heeft veel aandacht voor fruitteelt-, laanboomteelt- en tuinbouwbedrijven, vanwege de sterke vertegenwoordiging van die bedrijven in het zuiden van de regio. De constante druk op prijzen en marges vormt een belangrijk aandachtpunt voor deze bedrijven. Dit wordt onder meer veroorzaakt door de sterke marktpositie van enkele grote afne- mers en het stelt ondernemers voor de opgave om constant te werken aan efficiency en innovaties en te zoeken naar nieuwe markten en afzetkanalen. De Kamer van Koophandel ziet voor dit cluster kansen in het buitenland en in het vergroten van de diversiteit van afzetkanalen. Een belangrijk initiatief om deze ondernemers te ondersteunen, is de ‘Betuwse Bloem’. Dit is een tuinbouw- programma voor het Gelderse rivierengebied, waarin ook de Kamer van Koophandel participeert. Het programma richt zich vooral op versterking van internationalisering, innovatie, ondernemer- schap en bedrijfsvoering. 45
  • 2.8 Industrie: het te versterken cluster Een relatief klein cluster in de regio is dat van de industriële bedrijven. Ten opzichte van de rest van het land is deze sector in Midden-Nederland ondervertegenwoordigd. Dit geldt zowel voor de werk- gelegenheid en de omzet als voor het aantal vestigingen. Toch is in de regio een grote variëteit aan industriële bedrijven gevestigd. Naast een aantal bekende (en mondiale) voedingsmiddelenconcerns (die bij het cluster food en agribusiness aan de orde kwamen) herbergt de sector machinebouwers, elektrotechnische bedrijven en metaalindustrie en een toonaangevende scheepswerf. In totaal zijn er zo’n 6.000 industriële bedrijven gevestigd in Midden-Nederland. Deze bedrijven verschaffen ruim 45.000 banen. Vooral in het noordelijke, oostelijke en zuidelijke deel van de regio is deze sector aanwezig. Industrie (non food) (aantal vestigingen) 200 tot 500 100 tot 200 50 tot 100 De Ronde Venen 0 tot 50 Stichtse VechtAantal vestigingen in De Bilthet cluster industrie Woerden(non food) in gemeenten Zeist Utrechtin Midden-Nederland in2012 (in absolute Montfoortaantallen) IJsselstein Utrechtse Oudewater Bunnik Heuvelrug Veenendaal NieuwegeinBron: KvK Handelsregister, Houten Wijk bij Lopik Duurstede2012 Rhenen Vianen Buren Zederik Culemborg Neder- Leerdam Betuwe Geldermalsen Tiel Druten Giessenlanden West Maas Lingewaal en Waal Gorinchem Neerijnen Zaltbommel Maasdriel Kenmerkend voor industriële bedrijven is hun internationale oriëntatie die voortkomt uit de sterke mate van specialisatie. Veel bedrijven opereren namelijk op een nichemarkt waardoor het bedienen van alleen de Nederlandse markt niet genoeg is. Ruim de helft van de bedrijven in dit cluster ex- porteert dan ook. De internationale oriëntatie neemt toe naarmate het bedrijf groter is. De grootste bedrijven in de regio bedienen op een enkeling na de mondiale markt of zijn zelf onderdeel van een mondiaal concern.46
  • Binnen de sector zijn landelijk twee aan elkaar tegengestelde trends waarneembaar. Enerzijds is er sprake van schaalvergroting. Deze hangt samen met de toegenomen uitbesteding van de productie van halffabricaten door merkproducenten en de toename van eisen die deze producenten stellen aan kwaliteit, flexibiliteit en logistiek. Het zijn eisen die grote investeringen vergen en vooral haalbaar zijn voor grote partijen. Anderzijds is er sprake van schaalverkleining. In Nederland neemt het aantal industriële bedrijven toe, dat zich specialiseert in productie op nichemarkten met een hoge toege- voegde waarde waarvoor hoger gekwalificeerd personeel nodig is. Het gaat om productie-eenheden of bedrijven met een beperkte omvang. Bedrijfsnaam Land van herkomst Locatie grootste vestiging Aantal op deze locatieGrote industriële in Midden-Nederland werkzame personenbedrijven in Midden- Damen Shipyards Nederland Gorinchem 850Nederland (exclusief Koninklijke Neder- Nederland Leerdam 550voedingsmiddelen- landse Glasfabriekindustrie) NedTrain Utrecht Nederland Utrecht 427 NN Verenigde Staten Veenendaal 348provincie Utrecht, Diversey Verenigde Staten Utrecht 2612011 en/of eigen opgavebedrijven Rademaker Nederland Culemborg 255 Terberg Benschop Nederland Benschop 250 AGC Glass België Tiel 185 Codi International Finland Veenendaal 165 Sterke en zwakke kanten van het cluster De kracht van het cluster uit zich vooral in de veerkracht. Als gevolg van de internationale oriëntatie van veel industriële bedrijven kreeg de industrie als één van de eerste sectoren te maken met de effecten van de crisis. Het cluster kromp in 2009 fors en droeg toen sterk bij aan de krimp van de regionale economie. Maar in 2010 leefde het cluster weer op. De veerkracht uitte zich ook op het niveau van individuele bedrijven. Hoewel twee derde van de ondernemers in 2010 aangaf dat de markt voor hen was verslechterd, zagen de meesten kans de omzetdaling op te vangen door hun efficiency te vergroten, hun debiteurenbeheer te verscherpen en/of het productenpakket uit te breiden.5 De kracht van het cluster ligt in de derde plaats in de stuwende werking die het heeft op een brede verzameling van toeleverende bedrijven. Dit geldt vooral voor enkele grote toonaangevende partijen zoals die bijvoorbeeld zijn gevestigd in Gorinchem en Veenendaal. Naast de werkgelegenheid die deze bedrijven zelf genereren, is hun aanwezigheid gunstig voor uiteenlopende toeleverende bedrijven in de regio waaronder machinebouwers en elektrotechnische bedrijven. Een zwakte van het cluster betreft de ondervertegenwoordiging van de maakindustrie in Midden- Nederland. De regio Midden-Nederland heeft een beperkte aantrekkingskracht op industriële bedrijven van buiten. 5 Ondernemen in de Sectoren, EIM, 2011 47
  • Sterke kanten • Het cluster heeft een sterke internationale oriëntatie en herstelde zich in 2010 en 2011 opvallend van de crisis. • Ondanks de economische tegenwind bleef het aantal faillissementen en bedrijfsopheffingen beperkt in vergelijking met andere sectoren. Zwakke kanten • De sector heeft in 2009 een sterke terugval gehad en bleek daarmee conjunctuurgevoelig. • Het cluster is matig vertegenwoordigd in Midden-Nederland. Er is beperkt sprake van een concentratie van specifieke industriële bedrijven die samen aantrekkingskracht kunnen uitoefenen op andere vergelijkbare bedrijven. Het cluster industrie en de activiteiten van de Kamer van Koophandel Hoewel ondervertegenwoordigd in Midden-Nederland, vormen industriële bedrijven een belang- rijke stuwende kracht voor de economie. De Kamer van Koophandel probeert daarom in samen- spraak met ondernemers en ondernemersverenigingen het ondernemersklimaat voor de industrie in Midden-Nederland te verbeteren. Dit heeft ook tot doel om de aantrekkingskracht van de regio Midden-Nederland op bedrijven van buiten te verbeteren. Verbetering van de bereikbaar- heid van de belangrijke industrie-concentraties is daarbij een belangrijk punt van aandacht. Voorts organiseert de Kamer van Koophandel met regelmaat informatiebijeenkomsten over exportbevordering en wordt aandacht besteed aan de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en de beschikbaarheid van voldoende geschoold personeel. Ook zijn er voortdurend contacten met gemeenten over de ontwikkeling van de kwaliteit van bedrijventerreinen. Een concreet initiatief daarbij is de samenwerking tussen de Kamer van Koophandel en de politie om criminaliteit op bedrijventerreinen aan te pakken.48
  • 2.9 Samenvatting De Kamer van Koophandel besteedt veel aandacht aan diverse clusters van bedrijven die stuwend zijn voor de regionale economie. De situatie per cluster laat zich als volgt kort beschrijven: 1. Financiële en adviesdiensten: met de aanwezigheid van diverse hoofdkantoren van banken en verzekeraars vormt Utrecht samen met Amsterdam een nationaal financieel centrum. Ten opzichte van de rest van Europa is de positie van dit centrum door de financiële crisis verzwakt. De adviesdiensten vormen daarnaast een grote bron van werkgelegenheid, maar door de crisis staat ook deze sector onder druk. Door activiteiten op het gebied van bereikbaarheid en kwaliteit van kantoorlocaties wil de Kamer van Koophandel de voorwaarden voor deze bedrij- ven in de regio Midden-Nederland verbeteren. 2. ICT en media: het aantal bedrijven in dit cluster is de afgelopen decennia zeer sterk toegenomen. Deze groei heeft zich ook de afgelopen jaren doorgezet. De afzonderlijke bedrijven groeien evenwel nauwelijks. Ook hier richt de Kamer van Koophandel haar activiteiten op de bereikbaarheid en de kwaliteit van locaties. Door samenwerking met de Taskforce Innovatie wil de Kamer van Koophandel de innovatiekracht van dit cluster verder vergroten. 3. Zorg en medisch: veel werkgelegenheid in de regio komt op het conto van zorgverleners, vooral ziekenhuizen, zorginstellingen en eerstelijns zorgverleners. Het is een stabiel en op onderdelen kennisintensief cluster met een toenemende vraag. Het is een van de weinige clusters die in het eerste crisisjaar 2009 niet kromp, maar groeide. Voor wat betreft de medische en farmaceutische bedrijven kent Midden-Nederland een sterke kennisinfrastructuur vanwege de aanwezigheid van enkele grote kennisinstellingen, ondermeer op het Science Park Utrecht. Vooral door stimulering van ondernemerschap en innovatie in de zorgverlening wil de Kamer van Koophandel de kansen voor bedrijven in dit cluster vergroten. Daarnaast blijft aandacht voor ruimte voor zorgbedrijven van belang. 4. Bouwen en ontwerpen: diverse grote Nederlandse bouwbedrijven hebben hun hoofdkantoor in de regio. Samen met een groot aantal kleinere bouwbedrijven en toeleveranciers zorgt het voor veel werkgelegenheid. Het aantal zeer kleine bouwbedrijven is sterk toegenomen; er wordt steeds meer gewerkt met zzp’ers. De bouw maakt op dit moment een zware tijd door. In 2009, 2010 en 2011 kromp het cluster en verwacht wordt dat de krimp zich in 2012 voortzet. De Kamer van 49
  • Koophandel wil de positie van het cluster versterken door het stimuleren van gebiedsontwikkeling, het transparant maken van aanbestedingsprocessen, het ondersteunen van kansrijke initiatieven van ondernemers op het gebied van energiebesparing en het stimuleren van domoticatoepassingen. 5. Transport en logistiek: vanwege de centrale ligging zijn in de regio veel transport- en logistieke bedrijven gevestigd met een nationale of regionale distributiefunctie. In termen van omzet kromp het cluster aanvankelijk in 2009, maar herstelde zich in 2010. De druk op het cluster blijft desondanks groot. De volumes zijn afgeno- men en de marges zijn verder verkleind als gevolg van kostenstijgingen. De kracht van dit cluster ligt vooral bij de kennisintensieve logistieke bedrijven en distribu- tiecentra. De Kamer van Koophandel versterkt het cluster door het stimuleren van multimodale knooppunten, het aanpakken van knelpunten op de arbeids- markt, het verminderen van de criminaliteit ten aanzien van het wegtransport en het waarborgen van de benodigde infrastructuur voor de logistieke sector. 6. Food en agribusiness: dit is een stabiel cluster, dat gekenmerkt wordt door een voortschrijdende verhoging van de arbeidsproductiviteit en schaalvergroting. Het aantal starters is beperkt, maar degenen die starten bestendigen hun bedrijf vaker. De Kamer van Koophandel werkt met andere partijen samen in het project de ‘Betuwse Bloem’, een omvangrijk tuinbouwprogramma voor het Gelderse rivierengebied. Het programma richt zich vooral op versterking van internatio- nalisering, innovatie, ondernemerschap en bedrijfsvoering. 7. Industrie: de regio kent een relatieve ondervertegenwoordiging van industriële bedrijven. Het cluster kent een sterke internationale oriëntatie met veel exporte- rende bedrijven. De industrie herstelde zich in 2010 opvallend snel na de econo- mische crisis van 2009. De Kamer van Koophandel zet zich in voor de verbetering van de kwaliteit en de bereikbaarheid van werklocaties. Een concreet initiatief richt zich op de criminaliteit op bedrijventerreinen. Voorts biedt de KvK informatie over exportmogelijkheden en besteedt zij aandacht aan de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en de beschikbaarheid van voldoende geschoold personeel.50
  • 3. Nabeschouwing en opgaven Aan de vooravond van een nieuwe bloeiperiode? Staat de economie van Midden-Nederland aan de vooravond van een nieuwe bloeiperiode? Het antwoord is natuurlijk voor een belangrijk deel afhankelijk van macro-economische ontwik- kelingen. Het Centraal Planbureau is in zijn voorspellingen voor 2012 niet positief. Overheden en intermediaire organisaties kunnen echter heel veel doen om de regionale economie te versterken. De financiële crisis van 2009 heeft ook in Midden-Nederland de economie fors geraakt. Met name sectoren die veel werkgelegenheid en bruto toegevoegde waarde leveren, zoals de financiële en zakelijke dienstverlening, de bouw, de industrie en de logistieke sector werden getroffen. De economie van Midden-Nederland laat echter ook veerkracht zien. Na de crisis van 2009 trad in de jaren erna vrij snel herstel in in diverse sectoren. In deze nabeschouwing worden kort enkele structurele ontwikkelingen besproken, waarna diverse opgaven om de economie verder te stimuleren worden gepresenteerd. Enkele structurele ontwikkelingen Naast de crisis is er een aantal structurele ontwikkelingen die de kracht van de regionale economie van Midden-Nederland op de langere termijn zullen bepalen. Eén van de meest sterke ontwikkelingen – die zich overigens ook in de rest van het land voordoet – is de groei van het aantal mensen dat voor zichzelf begint. Het is een groei die ruim twintig jaar geleden is ingezet en die nog steeds voortduurt. De economische tegenwind heeft daar niets aan afgedaan: voor velen lijkt ondernemer- schap een uitkomst in een tijd waarin het moeilijk is een baan te vinden. Hoewel de hang naar ondernemerschap over het algemeen geldt als een stuwende kracht voor economische ontwikkeling, schuilt in de sterke toename van het aantal ondernemers nu ook een punt van enige zorg. Dit geldt vooralsnog met name voor de zakelijke dienstverlening en de bouw. De toename van ondernemers leidt hier in combinatie met een krimpende markt tot verdringing, met een druk op marges en inkomens als gevolg. Voor veel nieuwe ondernemers zal het lastig zijn een inkomen te verwerven dat vergelijkbaar is met de beloning van collega’s die werken in loondienst. In de advisering aan nieuwe ondernemers zal de kwaliteit van het ondernemerschap in toenemende mate centraal moeten staan. Een tweede ontwikkeling heeft betrekking op die delen van de economie die te maken hebben met gelijkblijvende of krimpende overheidsbudgetten. De medische sector is hiervan een goed voorbeeld. Hoewel deze sector groeit en hoewel de sterke vertegenwoordiging van deze sector de regio Midden-Nederland heeft behoed voor nog meer krimp in 2009, betreft het een groei die niet ongebreideld kan voortduren. Deze sector staat voor de lastige opgave te voorzien in een toenemen- de vraag bij gelijkblijvende budgetten. Hier liggen overigens bij uitstek kansen voor ondernemers die met nieuwe toepassingen, behandelmethoden of voorzieningen de arbeidsintensiteit van de zorg verminderen, of die mensen minder afhankelijk maken van arbeidsintensieve zorg. Een derde ontwikkeling is de voortdurende druk op marges. Deze ontwikkeling beperkt zich vooral tot sectoren die niet of beperkt in staat zijn kostenstijgingen door te berekenen aan hun klanten. Het zijn met name bedrijven die zowel arbeidsintensief als kennisextensief zijn. Een voorbeeld is een transportbedrijf dat conventioneel wegvervoer aanbiedt of een glastuinbouwbedrijf met arbeidsintensieve teelt. Net als in andere sectoren hebben deze bedrijven te maken met stijgende loonkosten, energiekosten en financieringskosten, maar geldt voor hen dat afnemers de diensten niet hoger zijn gaan waarderen. Bedrijven die hiermee te maken hebben, dienen op zoek te gaan naar nieuwe producten of diensten die meer waarde toevoegen of op zoek te gaan naar andere afzetkanalen (bijvoorbeeld export). 51
  • Ten vierde geldt voor de gehele regio de demografische ontwikkeling als relevant. De bevolkings- prognoses van het CBS wijzen op een krimp van de potentiële beroepsbevolking in de meeste gemeenten van Midden-Nederland. Alleen in de regio Utrecht wordt een groei verwacht. De opgaven Stimulering van de regionale economie vereist zowel beleid ter verbetering van het algemene vestigingsklimaat, als beleid dat aansluit bij de specifieke omstandigheden binnen clusters. Dit vatten we hier kort samen. Vier algemene beleidsopgaven voor het vestigingsklimaat in Midden-Nederland: 1. De kwaliteit van de voor ondernemers beschikbare ruimte is heel belangrijk. Bedrijventerreinen, kantoorterreinen, winkelgebieden en andere werklocaties moeten aan hoge eisen voldoen om ondernemers optimaal te kunnen laten werken. De herstructurering van bedrijventerreinen komt op diverse plekken in Midden-Nederland goed op gang. Dat is een goede ontwikkeling. Daaren- tegen baart de situatie met betrekking tot het kantoor- en winkelvastgoed op diverse plekken de nodige zorgen. Toenemende leegstand tast de uitstraling, de kwaliteit en de economische waarde aan. Dat vergt forse ingrepen die veelal in samenwerking tussen overheden, eigenaren en gebruikers tot stand moeten komen. 2. Bereikbaarheid van en voor ondernemers vraagt continu aandacht. In integraal economisch beleid mag dit onderwerp niet ontbreken, of het nu gaat om de bereikbaarheid via het rijkswegennet, het lokale verkeer, openbaar vervoer, de fiets of het vervoer over water. In toenemende mate zijn daarbij slimme combinaties het innovatieve antwoord op de toenemende congestie. 3. Stimuleren van innovatief ondernemerschap is de derde belangrijke algemene opgave. Innovatie is voor Midden-Nederland een voorwaarde voor structurele economische ontwikkeling. Met de aanwezigheid van verschillende hoogwaardige kennisinstellingen heeft Midden-Nederland een goede uitgangspositie. De mogelijkheden die er zijn om door kennisuitwisseling tussen bedrijven en instellingen te komen tot vernieuwing van producten, diensten en bedrijfsprocessen dient nog meer te worden benut. Met name is belangrijk dat het MKB hierbij sterker wordt betrokken. De Taskforce Innovatie, Syntens, Oost NV en de Kamer van Koophandel werken hierin samen. 4. Samenwerking tussen overheden en bedrijfsleven op bovenlokaal niveau is uitermate wenselijk voor de uitvoering van effectief economisch en innovatiebeleid. Deze samenwerking zou vorm moeten krijgen in een Economic Development Board Utrecht, bestaande uit vertegenwoordigers uit de top van overheden, kennisinstellingen en bedrijfsleven. Aan de hand van een concrete uitvoeringsagenda kunnen deze partijen gezamenlijke actie ondernemen om obstakels voor groei van bedrijven weg te nemen en te investeren in nieuwe ontwikkelingen. Dit moet ondernemer- schap en innovatie in de sterke clusters stimuleren. Zeven clusterspecifieke beleidsopgaven in Midden-Nederland: • Om de positie van Utrecht als financieel en zakelijk dienstverlenend centrum te versterken is een breed samengesteld vestigingsklimaat noodzakelijk waarin vooral aandacht nodig is voor de kwaliteit van kantoorlocaties, de bedrijfsomgeving en bereikbaarheid (auto en openbaar vervoer). • De grote toename van het aantal nieuwe ondernemers in het cluster ICT en media vergt, net als bij de adviesdiensten, gerichte advisering aan ondernemers over marktomstandigheden, samen- werkingsstrategieën en overlevingskansen.52
  • • In het kader van de opgave van de medische sector om in een groeiende vraag te voorzien zonder dat de kosten uit de hand lopen, zijn sterke netwerken nodig waarin partijen met elkaar kennis delen en samenwerken. Het cluster heeft groot belang bij technische én organisatorische innovaties. Daarnaast ziet de Kamer van Koophandel een belangrijke opgave in de voorlichting en advisering van de groeiende groep van starters in dit cluster.• De afgelopen jaren waren vooral voor ontwerp- en bouwbedrijven erg moeilijk. Publieke en private partijen moeten vooral nu het voortouw nemen om infrastructuur- en gebiedsontwikkeling (bijvoorbeeld de A12 zone) te versterken. Voorts dient, in samenwerking tussen ondernemers en overheden, het aanbestedingsbeleid te worden verbeterd.• Veel bedrijven in het cluster transport en logistiek hebben moeite kostenstijgingen te verwerken in de tarieven. Product- en dienstvernieuwing is noodzakelijk teneinde de toegevoegde waarde van diensten voor afnemers te vergroten. Een tweede opgave is een betere benutting van de verschillende vervoersmodaliteiten die in Midden-Nederland beschikbaar zijn. Door het vervoer over wegen, spoorwegen en waterwegen beter te combineren, kan de bereikbaarheid worden vergroot. De ontwikkelingen rond Port of Utrecht en de Logistieke Hotspot Rivierenland zijn in dit opzicht zeer positief.• Het probleem van de druk op de marges geldt met name ook voor veel bedrijven in het cluster food en agribusiness. Het stelt bedrijven in dit cluster voor de opgave om te innoveren. Met name voor dit cluster geldt het belang van innovatief ondernemerschap zoals dat eerder is geschetst.• Een sterk punt van industriële bedrijven is dat zij over het algemeen bijdragen aan werkgelegen- heid in andere sectoren, zoals de zakelijke dienstverlening en transport en logistiek. Het cluster is echter ondervertegenwoordigd in de regio. Het is noodzakelijk dat de aantrekkingskracht van de regio voor deze bedrijven wordt versterkt op bijvoorbeeld het gebied van de kwaliteit van de arbeidsmarkt en de beschikbaarheid van geschikte en bereikbare locaties.Tot slotIn deze publicatie is een beeld van de economie van Midden-Nederland geschetsten is aangegeven waar volgens de Kamer van Koophandel opgaven liggen diemoeten worden opgepakt om de regionale economie te stimuleren. Deze opgavenzijn divers van aard en strekken zich uit over de volle breedte van de economie.Uitvoering van de opgaven ligt bij veel partijen. Ondernemers zijn zelf natuurlijkverantwoordelijk voor de eigen bedrijfsvoering en het zoeken en aangrijpen vanmarktkansen. Maar het zijn overheden en intermediaire organisaties die verantwoor-delijk zijn voor het creëren van de randvoorwaarden waaronder ondernemers hunbedrijf goed kunnen uitoefenen. Aan deze partijen hierbij de oproep die handschoenop te pakken. Alleen zo komt een nieuwe bloeiperiode naderbij. 53
  • ContactKamer van Koophandel Midden-NederlandPostbus 483500 AA Utrechtwww.kvk.nl/middennederland030-2396600Kantoren:Tiel, Laan van Westroyen 6Utrecht, Kroonstraat 50