'Beleid inzake UMTS- en GSM-masten

772 views
711 views

Published on

Published in: Business, Technology
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
772
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
0
Actions
Shares
0
Downloads
2
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

'Beleid inzake UMTS- en GSM-masten

  1. 1. Notitie: Beleid inzake UMTS- en GSM-masten Hierbij wordt een voorstel gedaan hoe om te gaan met de plaatsing van UMTS- en GSM-masten in de stadsdeel ZuiderAmstel. 1. Aanleiding Directe aanleiding voor het opstellen van dit beleidsvoorstel zijn klachten van bewoners van het blok Waalstraat/Moerdijkstraat, die met succes plaatsing van een GSM-mast hebben weten te verhinderen. Op het complex staat reeds enige tijd een GSM-mast. Een deel van de bewoners heeft inmiddels gezondheidsklachten, die in verband te brengen zijn met de aanwezigheid van de antenne op het dak. De eigenaar van het complex, De Alliantie, heeft naar aanleiding van het bewonersprotest besloten om in navolging van woningstichting De Key en woningstichting Eigen Haard, geen masten nieuwe masten meer op woonblokken toe te staan. Directe aanleiding is tevens de recente weigering door het Stadsdeel van een bouwvergunning voor een UMTS-mast op sportveld van het Winterdijkplein in de Rivierenbuurt, en het intrekken van een gelijkluidende vergunning op het gebouw Bollenstein in Buitenveldert. Bewoners, belangengroeperingen en wetenschappers hebben de afgelopen drie jaar twijfels geuit over deze normen. Zij willen een halt toeroepen aan de plaatsing van met name UTMS-masten en antennes. De Nederlandse normen of limieten behoren tot de minst strenge ter wereld. Tevens wijst wetenschappelijk onderzoek uit dat niet alleen de straling van UMTS, maar ook die van GSM, DECT en WIFI, wel degelijk schadelijk is voor het welzijn en de gezondheid. Inmiddels beveelt ook de Gezondheidsraad met betrekking tot blootstelling aan elektromagnetische straling middels UMTS- en GSM-signalen meer onderzoek aan. Omdat onderzoek van TNO uit 2003 verband aantoonde tussen UMTS-straling1 en gezondheid, hebben onderzoekers in Zwitserland in 2005 geprobeerd om dit verband in een nieuw onderzoek opnieuw aan te tonen. Dit onderzoek is nu afgerond en wordt door wetenschappers beoordeeld op betrouwbaarheid. In 2006 worden de resultaten in een wetenschappelijk tijdschrift gepubliceerd. Tot die tijd zijn de uitkomsten geheim. Ondanks de tot nu toe bekende onderzoekresultaten blijven de Rijksoverheid en de VNG tot op heden bij het standpunt dat er geen reden is om af te wijken van de afspraken die zijn gemaakt in het Convenant Nationaal Antennebeleid (2002) en het plaatsingsbeleid van de regering. In hun brief van 5 oktober 2005 aan de colleges van B&W geven Staatssecretaris van Geel (VROM) en Minister Brinkhorst (EZ) aan dat zij verwachten dat “u meewerkt aan de uitvoering van dit beleid, vanzelfsprekend met aandacht voor wat er leeft in uw gemeente”. Het Rijk acht de aanleg van een modernere, mobiele infrastructuur van vitaal belang voor onze samenleving. Volgens het VNG-bureau is er ook geen juridische basis om de medewerking aan de plaatsing van de UMTS-antennes stop te zetten. De VNG concludeert in de notitie “Resultaten inventarisatie van knelpunten bij plaatsing UMTS-antennes” dat er sprake is van maatschappelijk onrust over de mogelijke gezondheidsgevolgen van het gebruik van UMTS-antennes, veroorzaakt door onduidelijkheid over onderzoeksresultaten, die door de gemeenten niet effectief kan worden weggenomen. Aan burgers zou moeten worden aangegeven dat de 1 Tijdens dit onderzoek vonden de onderzoekers geen relatie tussen GSM-straling en gezondheid of welbevinden, bij UMTS werd deze relatie wel aangetoond.
  2. 2. discussie over gezondheidsaspecten een zaak is van de Rijksoverheid en niet van gemeenten, zodat er geen gemeentelijk beleid op zou moeten worden ontwikkeld. Zo’n 30 gemeenten negeren dit standpunt van het Rijk en de VNG en hanteren vanuit het voorzorgsbeginsel het beleid om plaatsing van UMTS masten in woongebieden zoveel mogelijk te voorkomen, totdat via wetenschappelijk onderzoek aangetoond wordt dat de hoogfrequente straling geen schade oplevert voor de gezondheid van mensen (en dieren). Voorgesteld wordt om dit laatste standpunt over te nemen. 2. Wat kan Stadsdeel ZuiderAmstel doen? 2.1 Masten hoger dan 5 meter Indien de mast hoger is dan 5 meter is deze mast bouwvergunningplichtig. Hierbij wordt nog onderscheid gemaakt tussen de lichte bouwaanvraag, voor masten korter dan 40 meter, en de reguliere bouwaanvraag voor masten hoger dan 40 meter. Voorstel 1. Stadsdeel ZuiderAmstel kiest er voor om in navolging van een aantal andere gemeenten op basis van het voorzorgsbeginsel geen bouwvergunning meer te verlenen voor GSM- en UMTS-antennes in woongebieden, dan wel op of nabij ‘gevoelige’ bestemmingen, zoals peuterspeelzalen, scholen, ziekenhuizen en bejaardenoorden. De afstanden moeten hiervoor nader worden bepaald. 2. Stadsdeel ZuiderAmstel maakt richting de operators kenbaar dat de voorkeur wordt gegeven aan locaties waar geen mensen wonen of werken, en dat de medewerking aan vergunningen voor vergunningplichtige UMTS-masten waar mogelijk wordt opgeschort, totdat er duidelijkheid bestaat over de gezondheidsrisico’s. Indien het onvermijdelijk is dat antennes in de buurt van woningen worden geplaatst dienen in ieder geval ‘antennewouden’ van meerdere providers op één gebouw te worden voorkomen. 2.2 Masten lager dan 5 meter Met de wijzing in de Woningwet zijn antenne-installaties tot vijf meter hoogte per 15 augustus 2002 bouwvergunningvrij geworden. Aan de bouwvergunningsvrijheid van deze antennes zijn de volgende voorwaarden gesteld middels het bovengenoemde convenant: • Plaatsingplan: de vijf operators stellen samen een plaatsingplan op waarin alle geplande en bestaande antenne-installaties in een gemeente vermeld staan. Als een operator een antenne-installatie op een woongebouw wil plaatsen, moet hij eerst aannemelijk maken dat dit echt noodzakelijk is. In het convenant is wel afgesproken dat er een plaatsingplan voor het hele gebied met een geldigheidsduur van minimaal één jaar aan de gemeente moet worden overlegd. • Visuele inpasbaarheid: Gemeenten kunnen eisen kenbaar maken met betrekking tot de kleurstelling van de installatie in aansluiting op het lokale welstandsbeleid. • Instemmingsprocedure: Bij plaatsing op een woongebouw is de zogenaamde instemmingsprocedure verplicht, zodat de bewoners hun stem kunnen uitbrengen.
  3. 3. • Blootstellingslimieten: De operators moeten er voor zorgdragen dat bij plaatsing van een antenne installatie de blootstellinglimieten op vrij toegankelijke plaatsen niet worden overschreden. Juist voor wat betreft masten lager dan 5 meter is aangegeven dat gemeenten niet over voldoende handvaten beschikken om de plaatsing tegen te gaan. Toch kunnen gemeenten invloed uitoefenen bij het al of niet plaatsen van de antennes, met name door middel van voorlichting over de instemmingprocedure en de mogelijke gevolgen van straling, het openbaar maken en het ter discussie stellen van de plaatsingsplannen en het beleid ten aanzien van de gemeentelijke gebouwen. 2.2.1 Openbaarheid plaatsingsplan De operators willen dat de plaatsingsplannen niet openbaar worden gemaakt. De begeleidende brief bij het nieuwe plaatsingsplan van eind juli 2005 benoemt uitdrukkelijk dat het plaatsingplan bedrijfsgeheim is en niet door de gemeente openbaar gemaakt mag worden. Het convenant verzet zich hier echter niet tegen. De VNG geeft aan dat het convenant hierover geen uitsluitsel geeft en dat het nationaal antenne register meer informatie zou moeten geven. Als een gemeente de gegevens wel vrij wil kunnen geven dan kunnen zij daar conform de Awb-procedure toe overgaan. Voorstel 3. Stadsdeel ZuiderAmstel beschouwt de plaatsingsplannen als openbaar en publiceert deze plaatsingsplannen. Huurders en eigenaarbewoners worden zo vroegtijdig geïnformeerd over de plannen. Door een proefproces uit te lokken kan duidelijkheid worden gecreëerd over de vraag of het hier voor een ieder toegankelijke gegevens betreft. 4. Stadsdeel ZuiderAmstel verzoekt bij de bespreking van het plaatsingplan met de operators/providers conform het eerste beleidsvoorstel om GSM- en UMTS-installaties buiten woongebieden te plaatsen. Het onderhandelen met de operators over het vinden van alternatieve locaties is in een aantal gevallen succesvol verlopen. Verschillende belangenorganisatie ondersteunen dit voorstel. Zij geven dat de gemeenten en het Rijk er zorg voor moeten dragen dat mensen toegang hebben tot informatie. De informatie over straling en over de locaties van GSM- en UMTS- masten in het Antenneregister dat door het Nationaal Antennebureau wordt beheerd, dient volgens deze organisaties volledig openbaar te zijn. 2.2.2 Instemmingsprocedure en voorlichting Gesteld kan worden dat de instemmingprocedure op dit moment te kort schiet. In zijn huidige vorm blijkt deze regeling nadelig voor de bewoners. De bewoners worden onvoldoende voorgelicht over de mogelijke gezondheidsrisico’s. Tot nu toe heeft de instemmingsprocedure in slechts 14 % van de gevallen geleid tot niet plaatsing terwijl een ruime meerderheid van de bewoners die een stem hebben uitgebracht tegen hebben gestemd (Rapportage Berenschot, 30 maart 2005). Voorstel 5. Stadsdeel ZuiderAmstel informeert huurders, woningcorporaties en eigenaar- bewoners over de uitwerking van de instemmingsprocedure, de werkwijze van de operators, de mogelijke gezondheidsrisico’s en het standpunt van stadsdeel ZuiderAmstel. Tevens worden belanghebbenden en/of omwonenden van een reeds bekende locatie actief benaderd en voorgelicht, met name over de instemmingsprocedure. Daarbij wordt in gesprekken met
  4. 4. woningcorporaties en particuliere eigenaren het standpunt van stadsdeel ZuiderAmstel verduidelijkt en kan worden afgesproken om op basis van het voorzorgsbeginsel geen nieuwe GSM of UMTS contracten aan te gaan in woongebieden en geen toestemming te verlenen voor het bijplaatsen van UMTS op bestaande masten. 2.2.3 Gemeentelijke gebouwen De gemeente Amsterdam en mogelijk ook stadsdeel ZuiderAmstel heeft veel antennes op eigen gebouwen staan. Als eigenaar moet stadsdeel ZuiderAmstel toestemming geven voor wijziging van de installatie. Als stadsdeel ZuiderAmstel als beleidsuitgangspunt hanteert om GSM/UMTS zoveel mogelijk uit woongebieden te weren op basis van het voorzorgsbeginsel, zal geen toestemming moeten worden verleend voor het bijplaatsen van UMTS- en GSM- antennes op bestaande installaties (masten). Voorstel 6. Stadsdeel ZuiderAmstel gaat geen nieuwe contracten aan voor GSM/UMTS installaties en verleent geen toestemming voor uitbreiding met UMTS op bestaande masten gelegen op eigen gebouwen, totdat is bewezen dat hoog frequente straling geen schadelijke effecten heeft voor de gezondheid. Dit geldt met name voor gemeentelijke gebouwen die gelegen zijn in woongebieden. 7. Bij contractverlengingen worden ontbindende voorwaarden en schadeclausules opgenomen die gerelateerd zijn aan (het) onderzoek naar de effecten van hoogfrequente straling op het welzijn en de gezondheid van mensen. 3. Samenvatting Voorgesteld wordt om vanuit het voorzorgsbeginsel uitbreiding van GSM en UMTS zenders in woongebieden zoveel mogelijk te voorkomen, totdat wetenschappelijk aangetoond wordt dat de hoogfrequente straling geen schade oplevert voor de gezondheid. Van belang is om zo spoedig mogelijk met de uitvoering van de genoemde voorstellen en/of actiepunten te starten. Daarbij is het tevens belangrijk om een zo breed mogelijk draagvlak te creëren en een gezamenlijk en/of stedelijk beleid te formuleren. Hiertoe zal ZuiderAmstel de andere stadsdelen actief blijven informeren over de uitwerking van het nu vast te stellen beleid.

×