Multidisciplinaire richtlijn aspecifieke KANS

  • 759 views
Uploaded on

Presentatie nascholing Multidisciplinaire richtlijn aspecifieke KANS …

Presentatie nascholing Multidisciplinaire richtlijn aspecifieke KANS

Klachten aan armen, nek en/of schouders (KANS) vormen een belangrijk gezondheidsprobleem. Ruim een derde van de volwassen Nederlanders rapporteert KANS in het afgelopen jaar en ruim een kwart heeft KANS op het moment van navraag. Daarnaast wordt meer dan 10% van de verzuimdagen toegeschreven aan KANS.

Door betere diagnostiek krijgen patiënten met specifieke KANS sneller een gerichte behandeling. Beter inzicht in de behandelresultaten zal leiden tot de keuze voor effectieve behandelingen bij patiënten met aspecifieke KANS, met als gevolg dat meer patiënten de kansrijkste behandeling ontvangen.

  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
759
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1

Actions

Shares
Downloads
5
Comments
0
Likes
0

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. Multidisciplinaire richtlijn aspecifieke KANS Presentatie multidisciplinaire richtlijn 16 september 2013, Veghel Harald S. Miedema Lector Arbeid en Gezondheid, Hogeschool Rotterdam Directeur Preferred Care Kwaliteitsnetwerk Fysiotherapie Adviseur Ergatis
  • 2. Medisch Expertise Centrum op gebied van Arbeid en Gezondheid. Gespecialiseerd in objectiveren van ziekte en arbeidsongeschiktheid. Duidelijkheid over medische beperkingen / belastbaarheid voor arbeid. Bijvoorbeeld in geval van onduidelijke diagnose/prognose, stagnatie herstel, vertraging in re-integratie, twijfel over benutbare mogelijkheden, bezwaarzaak tegen UWV of second opinion. Dienstverlening van Ergatis: arbeidsgeneeskundige diagnostiek van complexe medische klachten; medische argumentatie van arbeids(on)geschiktheid; gezondheidsmonitoring van chronische aandoeningen.
  • 3. PROGRAMMA * Richtlijn Aspecifieke KANS * Casuïstiek - presentatie casus - verschil bij handelen volgens huidige RL - welke succesfactoren worden positief beïnvloed door het handelen cf. RL * Discussie en afronding
  • 4. Presentatie van de multidisciplinaire richtlijn aspecifieke KANS
  • 5. Aanleiding voor ontwikkeling richtlijn KANS
  • 6. Samenwerking Fysiotherapeuten (KNGF) Huisartsen (NHG) Orthopeden (NOV) Reumatologen (NVR) Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck (NvOCM) Revalidatieartsen (VRA) Patiënten met KANS (RSI vereniging) Bedrijfsartsen (NVAB) Bedrijfs- en arbeidsfysiotherapeuten (NVBF) Anesthesiologen (NVA) Plastisch chirurgen (NVPC) Verzekeringsartsen (NVVG) Psychologen (NIP) Ergotherapeuten (EN) Patiënten met Spierziekten (VSN)
  • 7. Richtlijnontwikkeling (EBRO)
  • 8. Uitgangsvragen Patiëntenperspectief Thema’s • diagnostiek • effectiviteit behandelingen • arbeid • regie/betrokkenheid • casemanager • communicatie “ik wil weten wat ik heb en wat ik er zelf aan kan doen.” “Probeer het maar en als het niet werkt probeer dan maar wat anders”, lijkt de aanpak.. “Wat moet ik doen als de specialist iets anders zegt dan de bedrijfsarts?” “Maar waar kan ik nu het beste terecht? En wie heeft het overzicht?”
  • 9. Uitgangsvragen Zorgverlenersperspectief - Afbakening specifiek vs aspecifiek Thema’s • diagnostiek • effectiviteit behandelingen • arbeid • organisatie van zorg • casemanager • voorlichting • communicatie - Verbeteren van de organisatie rond diagnostiek en behandeling - Wat is de State of the art aanpak? - Afbakening begeleiding 1e lijn vs bedrijfsarts - Snel eenduidige informatie uit de curatieve zorg voor patiënt - Overleg over behandeling met andere behandelaar(s) - Meer aandacht voor relatie werk en klachten
  • 10. Uitgangsvragen Diagnostiek, etiologie en prognose •Welke informatie is belangrijk bij het onderscheiden van specifieke en aspecifieke KANS uit: - de anamnese, lichamelijke diagnostische testen, aanvullende diagnostiek? •Met welke etiologische en prognostische factoren dient rekening gehouden te worden bij aspecifieke KANS? Behandeling •Wat is de effectiviteit van verschillende behandelingen: - fysiotherapie, manuele therapie, oefentherapie Cesar/ Mensendieck, psychologische aanpak, farmacologische interventies, multidisciplinaire behandeling, werkgerelateerde interventies,…..? •Welke belemmerende en bevorderende factoren bestaan er voor werkhervatting?
  • 11. Uitgangsvragen Organisatie van zorg / begeleiding •Is er behoefte aan: -een multidisciplinair team bij de diagnostiek en begeleiding? -een zorgcoördinator? Zo ja, wie komt in aanmerking om deze rol te vervullen? •Op welke momenten dient er verwijzing plaats te vinden tussen de verschillende betrokken disciplines? Voorlichting en communicatie •Patiënteninformatie •Informatie uitwisseling behandelaars
  • 12. Richtlijnontwikkeling (EBRO) Richtlijnteksten concept overige overwegingen Aanbeveling voor begeleiding wetenschappelijk mensen met bewijs aspecifieke KANS
  • 13. Harald S. Miedema & Anita Feleus Ned Tijdschr Geneeskd. 2013;157:A6249 Richtlijn ‘Aspecifieke klachten arm, nek en/of schouders’ http://www.ntvg.nl/publicatie/richtlijn-aspecifieke-klachten-arm-nek-enof-schouders
  • 14. Spraakverwarring rond terminologie ANS Onzekerheid over diagnostiek en behandeling Het spreken van dezelfde taal en delen van dezelfde visie is de basis voor goede samenwerking
  • 15. CANS model KANS model
  • 16. Revisie CANS model van 2004
  • 17. KANS-model in de richtlijn: stappenplan
  • 18. KANS-model in de richtlijn: 23 35 specifieke diagnoses opgenomen in KANS-model Algemeen: • Lokale mono-articulaire artritis of artrose, • Tumoren uitgaande van weke delen / botstructuren, • Aangeboren afwijkingen in arm/nek/schouder regio Nek-Schouderregio: • Cervicaal radiculair syndroom • Cervicale facetgewricht pijn • Bicepspees tendinose • Subacromiaal impingement syndroom • Rotator cuff scheur • Frozen shoulder • Labrum glenoidale scheur, • Schouder instabiliteit, • Suprascapulaire compressie • Neuralgische amyotrofie
  • 19. KANS-model in de richtlijn: 23 35 specifieke diagnoses opgenomen in KANS-model Elleboog regio • • • • • • • Elleboog bursitis/bursitis olecrani, Epicondylitis lateralis cubiti Epicondylitis medialis cubiti, Elleboog instabiliteit, Elleboog osteochondritis, Cubitaal tunnel syndroom, Radiaal tunnel syndroom
  • 20. KANS-model in de richtlijn: 23 35 specifieke diagnoses opgenomen in KANS-model Pols-Hand regio • Overige compressiesyndromen van N. Ulnaris, N. Radialis, N. Medianus • M. De Quervain, • Overige tendinopathieën van (één of meer) vinger- en pols-extensoren of flexoren, • Carpaal Tunnel Syndroom, • Guyon Syndroom, • Hand-Arm-Vibratie Syndroom, • Pols instabiliteit, • Avasculaire botnecrose handwortelbeentje, • M. Dupuytren, • Triggerfinger, • Artrose één/meer handgewrichten in één hand
  • 21. Definiëring van de patiënt/cliënt in de richtlijn • Klachten (pijn, stijfheid, tintelingen en/of dove gevoelens) ter hoogte van nek, schouders, bovenrug, armen en/of handen. • Aan werk of activiteiten gerelateerd • Niet gerelateerd aan een systemische aandoening of trauma • Specifieke KANS (bv. tenniselleboog, carpaal tunnel syndroom), is zoveel als mogelijk uitgesloten
  • 22. ZORGPAD: Diagnostiek en behandeling/begeleiding
  • 23. ZORGPAD Diagnostiek Algemeen De werkgroep adviseert om bij patiënten met KANS bij het stellen van de werkdiagnose aspecifieke KANS, voor zover mogelijk eerst uit te sluiten dat er sprake is van: • rode vlaggen/ALERT symptomen • klachten op basis van een systemische aandoening • klachten na een trauma • klachten vanwege een specifieke KANS-diagnose En daarnaast na te gaan of de arm, nek en/of schouderklachten: - aan werk of activiteiten gerelateerd zijn - langer dan 2 weken aanwezig zijn
  • 24. ZORGPAD Diagnostiek Zijn er Rode vlaggen’ of ALERT symptomen aanwezig? Patiënt met KANS mogelijk obv • Algemene malaise (ernstige) onderliggende speci• Ongewild gewichtsverlies fieke pathologie of trauma • Koorts, nachtzweten •‘Non mechanic’ pijn, neuropathische pijn ja Overweeg verdere diagnostiek of • Neurologische symptomen (onmiddellijke) behandeling in 2de • Tekenen van ontstekingproces lijn • Maligniteit in de voorgeschiedenis • Dyspneu, pijn op de borst, inspanningsbonden pijnklachten in schouder en arm Of is er sprake van klachten na een trauma? Nee Aanwijzingen specifieke aandoeningen conform het KANS-model?
  • 25. ZORGPAD Diagnostiek Aanwijzingen specifieke aandoeningen conform het KANS-model? Anamnese en Inspectie • Radiculaire symptomen (cervicale radiculopathie) • Schouderpijn met algemeen verlies zowel actieve als passieve bewegingsmogelijkheid (frozen shoulder) • Krachtsverlies • Verschijnselen van zenuwprikkeling • Lokale pijn i.c.m. zwelling en/of roodheid • Belemmeringen bij buigen (pijn) of strekken van vinger of duim (‘hokken’) (trigger finger) • Kenmerkende noduli palmair, m.n. bij 4de en 5de vinger, flexiecontractuurvorming thv MCP- en PIP-gewricht (M Dupuytren) • Aanhoudende gewrichtsklachten toenemend bij belasting van de gewrichten, leeftijd≥45, lichte kortdurende ochtendstijfheid en benige verdikkingen mn bij PIP- en DIP-gewrichten (artrose)
  • 26. voorbeeld Diagnostiek Aanwijzingen lichamelijk onderzoek en aanvullende diagnostiek Aanbeveling voor (mogelijke) testen voor opsporen specifieke arm, nek en/of schouder diagnoses per regio KLACHTEN REGIO NEK SCHOUDER BOVENARM LICHAMELIJK ONDERZOEK Spurlingtest, nek tractie/distractietest, Valsalva manoevre2, Upper-limb Tension test1 DIAGNOSES OPTIES AANVULLENDE DIAGNOSTIEK Cervicale radiculopathie MRI (naald-EMG, Röntgen) Rechtgedrukt: bewijskracht niveau 2/hoger; schuingedrukt: obv bewijskracht niveau 4/overige overwegingen; 1 obv onderzoek uitgevoerd in eerste lijn; 2 obv onderzoek uitgevoerd in tweede lijn.
  • 27. voorbeeld Diagnostiek Aanwijzingen lichamelijk onderzoek en aanvullende diagnostiek Aanbeveling voor (mogelijke) testen voor opsporen specifieke arm, nek en/of schouder diagnoses per regio Beeldmateriaal KLACHTEN LICHAMELIJK ONDERZOEK OPTIES AANVULLENDE REGIO http://zorginnovatie.hr.nl/nl/Projecten/Zelfmanagement-en-Participatie/KANS/Filmpjes/ DIAGNOSTIEK DIAGNOSES NEK Spurlingtest, nek SCHOUDER Schouder impingement: tractie/distractietest, Cervicale MRI (naald-EMG, BOVENARM 2, Valsalva manoevre radiculopathie Röntgen) http://jama.jamanetwork.com/multimediaPlayer.aspx?mediaid=5975016 Upper-limb Tension test1 Rechtgedrukt: bewijskracht niveau 2/hoger; schuingedrukt: obv bewijskracht niveau 4/overige overwegingen; 1 obv onderzoek uitgevoerd in eerste lijn; 2 obv onderzoek uitgevoerd in tweede lijn.
  • 28. ZORGPAD Diagnostiek Aanwijzingen specifieke aandoeningen conform het KANSmodel ja Nee Patiënt met werkdiagnose specifieke KANS Behandel volgens bestaande richtlijnen of op basis van bijvoorbeeld best evidence. Op indicatie verwijzen voor specialistische diagnostiek. Valt verder buiten deze richtlijn. Patiënt met werkdiagnose Aspecifieke KANS Behandeling volgens deze richtlijn, zie stroomdiagram ‘Behandeling van aspecifieke KANS’.
  • 29. ZORGPAD Diagnostiek Aanwijzingen specifieke aandoeningen conform het KANSmodel ja Nee Patiënt met werkdiagnose specifieke KANS Behandel volgens bestaande richtlijnen of op basis van bijvoorbeeld best evidence. Op indicatie verwijzen voor specialistische diagnostiek. Valt verder buiten deze richtlijn. Patiënt met werkdiagnose Aspecifieke KANS Behandeling volgens deze richtlijn, zie stroomdiagram ‘Behandeling van aspecifieke KANS’.
  • 30. Behandeling/begeleiding
  • 31. ZORGPAD Behandeling/begeleiding Inventariseer belemmerende factoren voor herstel • Klachtkenmerken comorbiditeit, slechte algemene gezondheid, recidiverend, lange klachtenduur • Gele vlaggen • Arbeidsgerelateerd bv. ervaren stress o.a. ergonomie, repeterende taken,werkeisen, ervaren steun Informeren/aanbevelen • verwachte beloop & effectieve zelfzorgopties, rekening houdend met aanwezige risicofactoren en prognostische factoren • normale activiteiten (inclusief werk) tijdelijk aanpassen aan belastbaarheid. • contact opnemen bedrijfsarts bij verzuim/langdurige belemmering (>2 weken) in uitvoeren werk
  • 32. Aanbevelingen ETIOLOGISCHE FACTOREN De werkgroep adviseert om m.b.t. mogelijk aanwezige fysieke risicofactoren bij werknemers, zoals: • repeterende en fysiek zware werktaken, • dagelijkse blootstelling aan hand-arm vibraties (langer dan 1 uur), • langdurig computer of muis gebruik, • niet neutrale hoofd- en lichaamshouding, • niet optimale ergonomie op de werkplek, voorlichting te geven over aanpassingen met betrekking tot deze factoren. en aanvullend, indien relevant, aandacht voor psychische en sociale (werk) factoren, waaronder hoge werkeisen en ervaren stress en de mogelijk preventieve bijdrage van regelmatig actief sporten.
  • 33. Aanbevelingen PROGNOSTISCHE FACTOREN De werkgroep adviseert om bij het inschatten van de prognose in de eerste lijn aandacht te besteden aan: • klachtkenmerken waaronder: lange klachtenduur recidiverende klacht algemene gezondheid • Met daarnaast in de voorlichting, indien relevant, aandacht voor: - ergonomie, - repeterende taken, - werkeisen, - ervaren steun m.b.t. de klachten, - eventuele beïnvloedende / onderhoudende psychische factoren. • De werkgroep adviseert alert te zijn op tekenen van inadequaat ziektegedrag.
  • 34. Voorlichting
  • 35. ZORGPAD Behandeling/begeleiding Stapsgewijze aanpak Klachtenduur 0-2 weken Behandeloptie • Voorlichting (zie Algemeen) • Beveel aan om na 2 weken terug te komen, wanneer de klachten aanhouden Aanhoudende klachten Patiënt herstelt
  • 36. ZORGPAD Behandeling/begeleiding Stapsgewijze aanpak Klachtenduur 2-6 weken Behandeloptie • Voorlichting (zie Algemeen) • Bij werkgerelateerde KANS contact bedrijfsarts adviseren Aanhoudende klachten Patiënt herstelt
  • 37. ZORGPAD Behandeling/begeleiding Stapsgewijze aanpak Klachtenduur >6 weken Behandeloptie • Voorlichting (zie Algemeen) • Bij werkgerelateerde KANS contact bedrijfsarts adviseren • Verwijzing oefentherapie: fysiotherapeut/ oefentherapeut Cesar/ Mensendieck • Bij gesignaleerde gele vlaggen verwijzing naar een ter zake deskundige Aanhoudende klachten Patiënt herstelt
  • 38. ZORGPAD Behandeling/begeleiding Stapsgewijze aanpak Aanhoudende klachten (>2-3 maanden) ondanks behandeling Diagnostiek Heroverwegen diagnose, verwijs op indicatie voor nadere diagnostiek naar de 2de lijn Behandeloptie Bepaal de belemmeringen voor herstel. Overweeg verwijzing naar multidisciplinair behandelteam bij: - persisterende pijn, functiebeperking of participatieproblemen - afwezigheid van aanwijzingen voor specifieke aandoeningen - aanwezigheid van gele vlaggen Aanhoudende klachten Patiënt herstelt
  • 39. Communicatie Zorgcoördinator: Huisarts Informatieverstrekking De werkgroep is van mening dat bij iedere verwijzing naar een collega-zorgverlener informatie moet worden verstrekt over: • de klacht en hulpvraag, • de relevante gegevens uit anamnese en lichamelijk onderzoek, • de (voorlopige) conclusie, • de besproken informatie met de patiënt, • de specifieke vraagstelling gericht aan de collega-zorgverlener. De werkgroep is van mening dat bij iedere verwijzing aan de patiënt uitgelegd moet worden waarom hij verwezen wordt en wat de patiënt van de verwijzing mag verwachten en wat niet.
  • 40. Bedankt voor uw aandacht http://zorginnovatie.hr.nl/nl/Projecten/Zelfmanagement-en-Participatie/KANS/ http://www.kwaliteitskoepel.nl/kwaliteitsbibliotheek/uitgebreid_zoeken/aspecifiekeklachten-arm-nek-en-of-schouder-kans.html Harald Miedema h.s.miedema@hr.nl
  • 41. Casuïstiek - presentatie casus - verschil bij handelen volgens huidige RL - welke succesfactoren worden positief beïnvloed door het handelen cf. RL
  • 42. Casus: Robert Oosterbeek (fictieve naam) 31 jaar, samenwonend, geen kinderen Netwerk-beheerder bij een uitzend-organisatie Beursgenoteerd bedrijf, totaal 9 beheerders voor circa 7000 werkplekken + implementatie nieuwe bedrijven Sinds 7 maanden: Nek-schouder-arm-klachten Eerste keer deze klachten, geen oorzakelijk moment Begonnen met pijn re onderarm + ganglion re N 3 maanden klachten fors ↑, m.n. stekende pijn en dood gevoel van de armen, tintelingen rons polsen Toen 3 wk. werk verzuimd Sinds 3 maanden ook klachten re epicondyl, nek-schouder + andere arm Sinds 1 maand klachten van psychische overbelasting Goede conditie, geen overgewicht, client sport niet Hobby: klarinet spelen, o.a. in jazz-band
  • 43. Vervolg casus Robert Oosterbeek Huidige situatie: Stekende pijn beide armen, score 7-8 (VAS-sch. 0-10) Uitstraling nekpijn tussen schouderbladen Tintelingen dorsale zijde beide polsen Ganglion re pols, dorsale zijde en kleinere radiaal Pijn ↑ bij belasting en gedurende dag; pijn ↓in weekend Lichamelijk onderzoek: • • • • • • Hypertonie nek-schouder-regio beiderzijds Nek flexie-extensie-lateroflexie↓ Cervicaal en hoog thoracaal beperkte bewegelijkheid Gevoeligheid laterale epicondylen (geen evidente epicondylitis) Flexie polsen beperkt door hypertonie extensoren Geen neurologische stoornissen Psycho-sociaal: • Bewegingsangst, catastroferen, somatisatie licht verhoogd • Distress sterk verhoogd • Werktempo- en hoeveelheid verhoogd
  • 44. Vervolg casus Robert Oosterbeek X-CWK (na 1 maand op aanvraag huisarts): minimale degeneratieve veranderingen laag CWK in de vorm van minimale versmalling tussenwervelruimte
  • 45. Vervolg casus Robert Oosterbeek Consulten / behandelingen: Huisarts: pijnmedicatie na 3 maanden verwijzing fysiotherapie recent: verwijzing psycholoog Fysiotherapie: 5 sessies aanvankelijk (3 mnd) nieuwe jaar weer 9 sessies (dekking aanvullend max. 9 sessies) lichte verbetering (subj. 20%) Psycholoog: 6 sessies gehad accent regelmogelijkheden + werkdruk Bedrijfsarts niet betrokken (geen verzuim)
  • 46. Vervolg casus Robert Oosterbeek Maakt zich zorgen, klachten gaan niet over en nemen toe Is bang dat hij zijn werk als ICT beheerder zal kwijtraken Gaat wel naar het werk, maar kan normale hoeveelheid werk lang niet doen -> dit leidt weer tot hogere werkdruk Heeft allerlei aanpassingen werkplek ingevoerd: • Speciaal toetsenbord (verticaal) • Joy-stick muis • Aangepaste stoel Goede relatie met leidinggevende, die hem zoveel mogelijk ontziet en ondersteunt Thuisfront: g.b.
  • 47. ALERT Symptomen Rob Oosterbeek? NEE: Niet-mechanische pijn NEE: Trauma in recente voorgeschiedenis NEE: Neurologische afwijking NEE: Neuropathische pijn NEE: Algehele malaise NEE: Koorts NEE: Nachtzweten NEE: Onverklaard gewichtsverlies NEE: Tekenen van ontstekingsproces (roodheid, zwelling, warm aanvoelen)
  • 48. Yellow Flags Bewegingsangst / angst voor pijn en letsel bij bewegen Inadequaat (overdreven) pijngedrag Toenemende subjectieve functionele beperkingen Verstoorde pijncoping Verkeerde attributies over prognose Catastrofale gedachten / angst voor ernstige oorzaak Negatieve emotie / distress / pessimisme / depressie Vertrouwen in eigen lichaam kwijt Gevoel van hulpeloosheid / machteloosheid Pijn/klachten in superlatieven beschreven Problemen met leidinggevenden/collega’s (arbeidsconflict) Problemen thuissituatie (relatieproblemen) Steeds vragen om meer (specialistisch) onderzoek Problemen met behandelaars (second opinion) Toenemend sociaal isolement / werkeloosheid Medisch shopgedrag / vele behandelingen ± neveneffecten Hoog medicijngebruik / Medicijnen werken niet
  • 49. Yellow Flags Rob Oosterbeek JA: Bewegingsangst / angst voor pijn en letsel bij bewegen ?: Inadequaat (overdreven) pijngedrag NEE: Toenemende subjectieve functionele beperkingen JA: Verstoorde pijncoping JA: Verkeerde attributies over prognose JA: Catastrofale gedachten / angst voor ernstige oorzaak JA: Negatieve emotie / distress / pessimisme / depressie JA: Vertrouwen in eigen lichaam kwijt NEE: Gevoel van hulpeloosheid / machteloosheid NEE: Pijn/klachten in superlatieven beschreven NEE: Problemen met leidinggevenden/arbeidsconflict NEE: Problemen thuissituatie (relatieproblemen) NEE: Steeds vragen om meer (specialistisch) onderzoek NEE: Problemen met behandelaars (second opinion) NEE: Toenemend sociaal isolement / werkeloosheid NEE: Medisch shopgedrag / vele behandelingen ± neveneffect ?: Hoog medicijngebruik / Medicijnen werken niet
  • 50. Prognose Rob Oosterbeek Ongunstig m.b.t. duur tot werkhervatting JA: Hoge pijnintensiteit JA: Hoge subjectieve ernstgraad JA: Lange klachtenduur JA: Hoge mate van ervaren beperkingen JA: Gebrek aan controlemogelijkheden over het werk NEE: Lage werktevredenheid JA: Stress JA: Catastroferende gedachtes NEE: Depressieve stemming NEE: Coping JA: Blootstelling aan mechanische risicofactoren: • JA: Repeterende bewegingen • JA: Lange duur van arm-activiteit • NEE:Noodzaak tot kracht zetten
  • 51. Arbeidsgerelateerdheid Rob Oosterbeek 4 Stappen-model 1. JA: Relatie met werk: Zijn klachten begonnen, teruggekomen of verergerd na begin met huidige werk? 2. JA: Blootstelling werkgebonden risicofactoren waarvan een relatie met regionale klachten bekend is (Saltsa) • • • • Nek Schouder / Bovenarm Elleboog / Onderarm Pols / Hand 3. NEE: Zijn er aanwijsbare oorzaken die buiten het werk liggen 4. Neem beslissing over mate van arbeidsgerelateerdheid  rood / geel / groen * Sluiter 2000 (Saltsa rapport)
  • 52. Beslisregels voor de mate van arbeidsgerelateerdheid KANS * Sluiter 2000 (Saltsa rapport)
  • 53. Arbeidsgerelateerdheid Rob Oosterbeek Hele dag beeldschermwerk, alleen ICT-gerelateerde taken Hoge werkdruk, weinig gelegenheid tot pauzes, meestal doorwerken tot lunchpauze, daarna doorwerken tot ruim na kantoortijd Veel stress vanwege diverse projecten en veel vragen om ondersteuning van collega’s Werkgever heeft aanschaf van diverse hulpmiddelen geaccordeerd (toetsenbord, muis), bureau en stoelen voldoen aan normen Er is geen voorlichting geweest over de wijze van uitvoering van het beeldschermwerk Klachten zijn ontstaan tijdens dit werk, er is geen oorzaak buiten het werk Klachten nemen toe tijdens werk en af in weekenden
  • 54. Aanbevelingen over interventies in de multidisciplinaire richtijn aspecifieke KANS
  • 55. Aanbevelingen Werkgerelateerde interventies Conclusies * * hier niet volledig weergegeven
  • 56. Aanbevelingen Werkgerelateerde interventies Conclusies Conclusies belemmerende of bevorderende factoren voor werkhervatting alle op niveau 3
  • 57. Aanbevelingen Oefentherapie Conclusies * * hier niet volledig weergegeven
  • 58. Aanbevelingen Oefentherapie Conclusies *
  • 59. Aanbevelingen Oefentherapie Aanbevelingen Oefentherapie onder leiding van een fysiotherapeut of oefentherapeut Cesar /Mensendieck wordt aanbevolen bij aspecifieke arm, nek en/of schouderklachten die langer dan 6 weken bestaan. Welke vorm van oefentherapie voorkeur geniet is op dit moment nog onduidelijk. Preferred Care: Ontwikkeling zorgtrajecten incl. evidence and expert based oefeningen in e-health applicatie
  • 60. Aanbevelingen manuele therapie Cervicale manipulatie Het is aannemelijk dat manipulatie op de korte en middellange termijn niet effectiever is dan mobilisatie in het verbeteren van pijn, functioneren en patiënttevredenheid bij subacute en chronische aspecifieke nekpijn. Niveau 2 A2,B Cassidy 1992, Hurwitz 2002, Gross 2010 Manipulatie en mobilisatie van de schouder Er zijn aanwijzingen dat manuele therapie betere uitkomsten voor pijn en ervaren herstel geeft dan fysiotherapie of huisartsenzorg. Niveau 3 A2 Winters 1997, Bergman 2004 Aanbevelingen De werkgroep van mening dat zorgverleners terughoudend moeten zijn met het voorschrijven of geven van manuele therapie. Bij klachten van de schoudergordel kan manuele therapie worden overwogen.
  • 61. Aanbevelingen psychologische interventies De werkgroep is van mening dat wanneer klachten langer dan 6 weken aanhouden en herstel uitblijft en herstelbelemmerende psychische en sociale factoren dominant aanwezig zijn, het inschakelen van een psycholoog of therapeut met psychische en sociale behandelcompetenties kan worden overwogen.
  • 62. Aanbeveling multidisciplinaire behandeling Aanbeveling De werkgroep is van mening dat een multidisciplinaire behandeling overwogen kan worden wanneer bij aanhoudende klachten onvoldoende verbetering is opgetreden ondanks gevoerd beleid volgens de richtlijn en specifieke aandoeningen afdoende zijn uitgesloten. Niveau 3