Your SlideShare is downloading. ×
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Troonopvolger 2
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Thanks for flagging this SlideShare!

Oops! An error has occurred.

×
Saving this for later? Get the SlideShare app to save on your phone or tablet. Read anywhere, anytime – even offline.
Text the download link to your phone
Standard text messaging rates apply

Troonopvolger 2

162

Published on

Published in: Entertainment & Humor
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total Views
162
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
1
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

Report content
Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
No notes for slide

Transcript

  • 1. # 1. Troonopvolger
    Dan Morrow
  • 2. Hoofdstuk 2
  • 3. Beschermd
  • 4. # Kyle.
    Hij had al verwacht dat ze te laat zou komen. Richard had ook altijd lak aan de tijd gehad. Bovendien was ze een vrouw. Maar twee uur later was wel erg overdreven.
    Er kan wat gebeurd zijn.
    Niet lang na die gedachte, ging zijn mobiel af. ‘Richard, waar blijft ze?’
    ‘Ze heeft me twee uur geleden gebeld. Ze zei dat haar auto het had begeven. De verbinding is erg slecht door de storm die hier woedt, Kyle. Ik kon je niet eerder bereiken. Verdomme! Zorg alsjeblieft dat haar niets overkomt.’
  • 5. Kyle antwoordde niet, zei ook niets meer voordat hij de verbinding beëindigde. Hij had al zo’n idee wie zich ermee bemoeid had.
    Katherine.
    Zijn vingers gleden vliegensvlug over de getallen op zijn telefoon. ‘Katie, waar ben je?’ schreeuwde hij woest.
  • 6. ‘Bij jouw thuis,’ zei de stem aan de andere kant van de lijn zacht. ‘Ik heb iets lekkers voor je meegenomen, Kyle. Ze is heerlijk. Perfect.’
    ‘Raak haar niet aan. Alana is –’ Kyle kon zijn zin niet afmaken. Katherine had al opgehangen.
    Zo snel als hij kon, verliet hij de parkeerplaats van de bibliotheek en rende richting zijn huis. Hij hoopte vurig dat het niet te laat was. Voor hen allemaal.
  • 7. # Alana.
    Ze had altijd al een voorkeur gehad voor spanning en sensatie, het avontuur, het bovennatuurlijke, fantasiewerelden… Maar wat er nu gebeurde, ging haar verstand te boven.
    Het laatste dat ze zich herinnerde, was dat haar auto was afgeslagen, midden op de weg, en ze kreeg hem niet meer aan de praat. Ze had haar vader opgebeld om het nummer van Kyle Weicke te vragen. Het bereik was slecht geweest. Ze was uitgestapt, in de hoop dat ze Richard nog een keer aan de lijn kon krijgen. Tevergeefs.
  • 8. Wonder boven wonder had ze haar auto in de berm kunnen duwen, zodat de eventuele andere bestuurders er geen last van zouden hebben.
    Een benauwd, doordringend gepiep had haar weer bewust gemaakt van de omgeving. Een diertje in nood. Op dat moment was er een prachtige vrouw uit het struikgewas verschenen.
  • 9. De vrouw die haar bewusteloos had geslagen.
    De vrouw die haar had meegenomen naar het huis van Kyle Weicke.
    De vrouw die haar had geblinddoekt en stevig vasthield.
    De vrouw die nu als een gek het bloed uit haar hals dronk…
    In het begin – toen de vrouw haar scherpe tanden in de huid van haar nek had gezet – had Alana het uitgegild van de pijn. Maar al snel was ze erachter gekomen dat het verzet dat ze bood, de vrouw nog meer opwond.
  • 10. Nu hield ze zich zo stil als een muis. Bewegingloos. Emotieloos. Alleen de rilling die af en toe ongewillig door haar heen trok, verried haar angst. Een vreemde angst, want ze was zowel bang voor wat de onbekende haar zou aandoen, als voor de gevoelens die in haar loskwamen toen de vrouw met haar tong langs haar nek streek en zoog aan de wonden die haar tanden hadden veroorzaakt.
  • 11. ‘Wat is je naam?’ vroeg Alana op een vreemde toon.
    De vrouw stopte waar ze mee bezig was om haar aan te kijken en glimlachte alsof ze stoned was. ‘Katherine. Maar jij mag me Katie noemen.’
    ‘Ik – snap het niet,’ verzuchtte Alana. Ze merkte dat praten haar steeds moeilijker afging. Ze was moe, zo verschrikkelijk moe.
    ‘Dat hoeft ook niet, meisje, want je zult niet lang meer leven...’
  • 12. # Katherine.
    ‘Waarom?’ vroeg het kind. ‘Ik vind het fijn met jou.’
    Haar stem klonk verleidelijk, maakte Katie aan het twijfelen. En omdat ze dat niet aan het meisje wilde tonen door de abrupte stilte, deed ze haar blinddoek af, zodat haar vingers wat te doen hadden.
    Het zou inderdaad zonde zijn om haar te laten sterven, maar ze was als een drug voor haar. Iets was Katie niet eerder had meegemaakt. Ze hield van mensenbloed, moest het drinken om in leven te blijven, maar het verlangen was nog nooit zo sterk geweest.
  • 13. Ze wilde meer van haar bloed. Meer, meer, meer, tot er geen druppel over was.
    Ze keek in de smaragdgroene ogen van het meisje. ‘Nee, dat kan ik niet –’
    Katie kon haar zin niet afmaken. Iets had haar zo haar hard geraakt, dat ze twee meter de lucht in vloog en bovenaan de houten trappen van het huis terecht kwam. Ze siste als een aangevallen dier en klom overeind, zette zich schrap voor de volgende aanval…
    Maar die bleef uit.
  • 14. ‘Kyle?’ fluisterde ze. Ze was helemaal vergeten dat ze hem gevraagd had naar haar toe te komen. Nu had ze spijt. Ze wilde het meisje niet delen.
    Echter deed hij iets was ze totaal niet verwachtte. Hij bukte zich om het kind in zijn armen te nemen. Haar hoofd viel tegen zijn schouder. Gerustgesteld sloot ze haar oogleden. Hij drukte zijn lippen tegen haar kruin. ‘Je bent veilig.’ Kyle draaide zich om, om Katie aan te kunnen kijken. Haar mond was opengevallen van verbazing en frustratie. ‘Wegwezen,’ zei hij woest.
  • 15. ‘Maar – Ik snap niet –’
    ‘Je mag pas terugkomen als haar bloed niet meer in je lichaam zit.’ Ze keek toe hoe zijn duim over de knie van het meisje streek en slikte moeizaam. Ze had zich niet moeten laten verleiden door die roodharige. Ze had meteen dat mooie koppie van de rest van haar lichaam moeten rukken.
    ‘Waar moet ik naar toe? Ik kan nergens anders heen. Dit is mijn thuis.’
  • 16. ‘Het interesseert me niet waar je heen gaat, zolang ik je gezicht maar niet zie. Oprotten, nu.’ Het duurde even voordat zijn laatste bevel tot haar doordrong. Ze keek nogmaals in zijn ogen. De ogen die zoveel op de hare leken: de kleur, de niet te stillen dorst die er altijd in te lezen was. Hij was woedend. Zo woest was hij nooit op haar geweest.
    Maar waarom?
    Ondanks haar vragen, haar verbijstering, liep ze de trappen af en ging door de wijd openstaande voordeur naar buiten.
  • 17. Troonopvolger
    Wordt vervolgd…

×