• Share
  • Email
  • Embed
  • Like
  • Save
  • Private Content
Resultaten en de analyse uit het pragmatisch onderzoek naar de Integrale Techneut ihkv KetenSamenWerking pdf v1 0 30062013
 

Resultaten en de analyse uit het pragmatisch onderzoek naar de Integrale Techneut ihkv KetenSamenWerking pdf v1 0 30062013

on

  • 264 views

DIO (owner) helpt ondernemingen de Business Performance van de organisatie te verbeteren door Sociale Innovatie zodat continuïteit gewaarborgd is. Een doorlopende instroom van de beste en meest ...

DIO (owner) helpt ondernemingen de Business Performance van de organisatie te verbeteren door Sociale Innovatie zodat continuïteit gewaarborgd is. Een doorlopende instroom van de beste en meest geschikte Integrale Techneut met SOFT SKILLS zorgt dat de toekomst van uw bedrijf is veilig gesteld.

Statistics

Views

Total Views
264
Views on SlideShare
263
Embed Views
1

Actions

Likes
0
Downloads
1
Comments
0

1 Embed 1

https://twitter.com 1

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Adobe PDF

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

    Resultaten en de analyse uit het pragmatisch onderzoek naar de Integrale Techneut ihkv KetenSamenWerking pdf v1 0 30062013 Resultaten en de analyse uit het pragmatisch onderzoek naar de Integrale Techneut ihkv KetenSamenWerking pdf v1 0 30062013 Document Transcript

    • CW De Integrale Technicus en het nieuwe (samen)werken Waar is de integrale technicus als de economie weer gaat aantrekken? Christa Wouda MBA, Amstelveen, maandag 24 juni 2013. Versie: 1-0 WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 1
    • CW Voorwoord In 2012 heb ik via een opdracht aan mijn droom gewerkt. Dat was het opstarten van een exclusieve Academy, die jonge, talentvolle Bèta WO kandidaten een interessant opleidingsprogramma biedt. Enerzijds interessant voor bedrijven omdat het maatwerk programma is toegespitst op de marktwensen en anderzijds interessant voor de kandidaten omdat de ontwikkeling zich richt op gedrag- en technische vaardigheden. Tijdens mijn werkzaamheden heb ik gemerkt dat een organisatie succesvoller wordt door de kwaliteit van de nieuwe medewerker. Bovendien ontdekte ik opnieuw mijn sociale doel in het leven, mensen aan het werk helpen en verder ontwikkelen. Van 2003 t/m 2007 heb ik kennis gemaakt met electro, metaal en installatietechniek. In die periode was ik werkzaam bij het grootste kennis- en adviescentrum voor de techniek. In mijn rol als teamleider verkoop heb ik samengewerkt met docenten en het commerciële team (centraal aangestuurd). Mijn voorliefde voor het onderwijs en techniek is toen geboren. Na het afsluiten van mijn werkzaamheden in 2012 wist ik het zeker. Ik wil graag zelf handen en voeten geven aan mijn droom. Aan het begin van mijn zoektocht ben ik in contact gekomen met Adrie van Duijne1. Adrie van Duijne deelde zijn visie op de toekomst en over de uitdaging waar we in Nederland voor staan. Dat is een aantal maatschappelijk vraagstukken zoals duurzaamheid, energiebesparing, herbestemming van kantoren en andere gebouwen en efficiency in de zorg; het is maar een greep uit een aantal vraagstukken. Het zijn de ondernemers in de techniek die nieuwe kansen zien en zich zorgen maken, ‘waar is straks de nieuwe integrale technicus’? Het is mijn drive voor innovatie, onderwijs en organisatievernieuwing die ertoe hebben geleidt het tekort aan de integrale technicus te willen onderzoeken. Binnen dit onderzoeksrapport versta ik onder een technicus een man/vrouw die werkzaam is in de techniek: bijvoorbeeld elektrotechniek, de installatiebranche of bouw (zie definitie in de bijlage). In december 2012 is mijn zoektocht begonnen naar meer informatie over de markt en ketensamenwerking. Uit een artikel van het FD van 17 mei 20132 blijkt dat het Techniekpact een ‘prima initiatief’ is om het tekort aan technici aan te pakken, maar het is veel te veel gericht op de lange termijn. Als snel werd mij duidelijk dat zowel het bedrijfsleven als de wetenschap3 het idee ondersteunen de technicus hierin op te leiden. Ook na het doen van het haalbaarheidsonderzoek ben ik positief gestemd. OTIB ondersteunt de doelstelling om de nieuwe integrale technicus binnen een nieuw opleidingshuis/oefenfabriek/werkatelier (hierna verder opleidingshuis) op te leiden. Ook het UWV4 ondersteunt het initiatief. Dat blijkt uit een persoonlijk gesprek met het UWV. Dit is voor mij een reden een plenaire sessie te organiseren. Tijdens de plenaire sessie worden aan Directieleden (eindverantwoordelijken) en HR verantwoordelijken die aan het onderzoek hebben meegedaan de onderzoeksresultaten en vervolgstappen gedeeld. Christa Wouda MBA Amstelveen 1 Directeur KIEN (Stichting Knooppunt Innovatie Elektrotechniek Nederland (KIEN) is in 2011 opgericht om innovatie in de elektrotechniek te stimuleren). 2 Roel Greutink, Business Development ROVC Technische Opleidingen Ede. 3 Dr. Ir. Ruben Vrijhoef en prof. Hans de Jonge TU Delft. 4 UWV, de heer Jan Huygen (landelijke verantwoordelijkheid) ondersteunt het initiatief (gesprek 15 maart 2013). WINSALE 2 Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725
    • CW Inleiding 1.0 De uitdaging De bouw bevindt zich in een periode die wij waarschijnlijk achteraf zullen duiden als een tijdperk van transformatie. Sinds de verslechterde economie lees je steeds meer over het gevolg van nieuwe trends (zoals vraag naar het langer zelfstandig wonen, elektrische mobiliteit) en sociale innovaties5. De bouw ondervindt grote problemen. Door te innoveren creëert de bouw toegevoegde waarde voor haar klantrelaties. Als gevolg van nieuwe trends (denk aan digitalisering) en sociale innovaties komen we tot elkaar te staan en worden de onderlinge verhoudingen anders ingevuld. Door toenemende transparantie (bijvoorbeeld afspraken over gezamenlijke werkwijze) en onderlinge afhankelijkheden in de keten gaan organisaties en individuen anders bewegen, anders denken en anders doen. Een nieuwe cultuur in de bouwketen wil zeggen een nieuw stelsel van gedragsregels en gewoontes bij partijen en individuen die betrokken zijn bij het gehele proces – ‘van zand tot klant’6. De noodzaak komt voort uit de ‘andere tijden’ waarin de bouw en de maatschappij zich op dit moment nog bevindt en stelt nieuwe eisen aan partijen en individuen. Dat komt door de mondige klant (Vrijhoef & Noordhuis, 2010). Met een dergelijke nieuwe cultuur moeten we investeren in de talentvolle technicus met intersectorale aanpak (hierna IA). Integraal Ontwerpen7 staat in het brandpunt van de belangstelling. Integraal Ontwerpen staat voor een nieuwe denk- en werkwijze voor het ontwerpen en uitvoeren van gecompliceerde objecten. Een van de manieren om het binnen de bouwsector te verbeteren, is door beter samenwerken. We kunnen niet meer denken in hokjes. Andere sectoren hebben de intersectorale aanpak al succesvol toegepast (landbouw8/ schepen industrie). De verwachtingen in de bouwsector van integrale aanpak zijn hoog: reductie van faalkosten, efficiency dan wel kostenreductie in het bouwproces, verbeterde samenwerkingsrelaties en meer kansen voor productinnovatie. De ontkokering, digitalisering en andere maatschappelijke ontwikkelingen vragen om een andere manier van werken. Het is nu de tijd om te veranderen! Maar hoe? Dat vraagt om nieuwe vaardigheden. Samenwerken en goed communiceren is een kunst. Niet iedereen heeft dat in die mate op school geleerd. Technici worden vooral geschoold op hun technische vakkennis. De technicus weet heel goed de kneepjes van het vak, terwijl het breed meepraten over vraagstukken buiten het eigenvakgebied juist zo belangrijk is in een project. En het levert ook ontzettend veel op! Om dit gat in het bestaande onderwijs op te vullen is besloten om een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren naar de behoefte aan de integraal opgeleide technicus. Een aanleiding hiervoor is dat door rigoureuze maatregelen op dit moment afscheid wordt genomen van het ‘goud’, de vakspecialisten’ in de bedrijven. Versterkt door de verscherpte maatregelen in de sociale sector zal deze groep binnen een jaar niet meer te vinden zijn voor het bedrijfsleven. Probleemstelling 1 Waar is de nieuwe technicus, bekend met een intersectorale aanpak als de economie weer gaat aantrekken? 5 Sociale innovaties heeft als term meerdere betekenissen. Binnen dit onderzoek dient het een sociaal doel. Sociale innovaties geven aan waarop wij met elkaar omgaan in de samenleving, verbeteren of het bevorderen van de integratie. Eelko Huizingh, innovatie, succes is geen toeval, 2008, p. 44. 6 Dr. Ir. Ruben Vrijhoef (TU Delft), Andere tijden, 12 april 2013. 7 Ir. T.M.E. Zaal, lector Integraal Ontwerpen, Hogeschool Utrecht 8 Innovatie bij Installateurs: Leren van Landbouw, Emil Broesterhuizen, Sterkbestuur/EAB Advies BV, Wim de Haas, Alterra Wageningen UR, April 2013 WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 3
    • CW De tweede doelstelling is om in een neergaande conjunctuur een innovatief financieringsmodel te ontwerpen. Door een gezamenlijk stip op de horizon is de toekomstige integrale technicus in beeld en geschoold in combinatie met een additioneel vakspecialisme. Een additioneel vakspecialisme maakt dat de nieuwe technicus breder inzetbaar is. De technicus kan daarmee een vliegende start maken in het nieuwe werken. Probleemstelling 2 Hoe zou een mogelijk innovatief financieringsmodel eruit kunnen zien? Dit pragmatisch haalbaarheidsonderzoek geeft inzicht in de antwoorden. Het is een eerste stap bestaande uit gesprekken met verschillende partijen in de keten. Het is een niet-kwalitatief onderzoek. Er zijn 52 bedrijven (108%) gevraagd mee te doen. Volgens plan van aanpak stond dit aantal op 48 (100%) bedrijven waarvan de helft zou bestaan uit ‘TBI’ en de andere helft uit ‘niet TBI’ onderdelen. Uiteindelijk hebben er 27 bedrijven aan het onderzoek deelgenomen waarvan 11 TBI onderdelen. Het gaat om het in beeld brengen van geïnteresseerde partijen met een gezamenlijke visie op de nieuwe integrale technicus. Uit de gesprekken heb ik een aantal geïnteresseerde partijen kunnen achterhalen die het initiatief willen ondersteunen. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 4
    • CW Resultaten en de analyse uit het pragmatisch onderzoek 2.0 Inleiding Er volgt een samenvatting van de 27 open topicinterviews. Het geeft een algemeen diep beeld van de gevoerde gesprekken met geïnteresseerde partijen. De respondenten zijn ondervraagd aan de hand van een gestructureerde vragen lijst met open vragen. Het gaat daarmee de diepte in. De interviews hebben telefonisch plaats gevonden. De uitspraken van directie- en/of HR managementleden zijn direct verwerkt. Het beeld geeft weer op welke wijze de partijen het initiatief ondersteunen in het scholen van de nieuwe integrale technicus en het ontwerpen van een innovatief financieringsmodel. De gezamenlijke stip aan de horizon is een duurzame samenwerking: de toekomstige technicus die intersectoraal is opgeleid en een vliegende start kan maken in de nieuwe wereld. De rapportage van de open topicinterviews zijn verwerkt in een Excel document en hoofdzakelijk schriftelijk uitgewerkt. Resultaten zijn uitsluitend geanonimiseerd gerapporteerd met een tekstuele toelichting. 2.1 Markten In totaal hebben 27 directie- en/of managementleden, in dit onderzoek 14 hoofdvragen en 11 subvragen beantwoord over hun visie en mening hoe een innovatief financieringsmodel eruit zou moeten komen te zien. Het uit te voeren pragmatisch onderzoek creëert een overzicht van een 9-tal industrieën: 1. Elektromechanisch Onderhoud, 2. Bouwkunde, 3. Constructie, 4. Informatie Technologie en Service, 5. Woningbouw, 6. Industriële Automatisering, 7. Consumenten Elektronica, 8. Infra en 9. Utiliteit. 2.2 De uitkomsten van het onderzoek In deze paragraaf worden de uitkomsten besproken van het onderzoek. Het geeft een algemeen diep beeld over het mogelijke financieringsmodel (ontwerp). De informanten zijn gevraagd iets te vertellen over: 1. De ontwikkeling van de organisatie (de beweging) voor de komende 5 jaar. 2. Hun visie op ketensamenwerking/integrale aanpak/BIM (zie definitie in de bijlage). 3. Mogelijke randvoorwaarden voor het opleiden van medewerkers. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 5
    • CW Uit de vragen 1 t/m 4, 7 en 10a+10b en door de verschillende antwoorden die heb ik verkregen is het volgende geconstateerd. Deze zijn ook terugvinden in figuur 1. In figuur 1 zijn belangrijke uitkomsten (labelen9) opgenomen uit de interviews. Dreiging Productconcurrentie zal stijgen; klanten stellen hogere kwaliteitseisen en zullen in de toekomst lagere prijzen verwachten. Mismatch op de arbeidsmarkt en potentieel te kort aan goede mensen. Groeiende dreiging voor het bedrijf. Uit de antwoorden op vraag 7 ‘bent u op de hoogte van het feit dat er een mismatch is op de arbeidsmarkt. Dat goede mensen niet voorhanden zijn en er over enkele jaren een tekort is aan Technici (bron: FME/CMW) op alle niveaus?’ heb ik de volgende antwoorden gehad: De meeste respondenten (90%) constateren dat er straks 1. Een tekort is aan goede technische mensen op alle niveaus (nu niet door huidige crisis). 2. Onvoldoende doorstroming is MBO => HBO niveau. Uit de antwoorden op vraag 1 ‘Kunt u iets vertellen welke technieken - installatie, ICT, electro of werktuigbouwkunde, of bouwkundige of andere technieken - de eigen organisatie over 5 jaar nodig heeft?’ heb ik de volgende antwoorden gehad: 1. Full service contracting (added value), smart solutions en integrale ICT oplossingen; total facility management. 2. Installatie, ICT & BIM. Meer dienstverlening. 3. Installatietechniek integrale aanpak. 4. Duurzame energiezuinige installaties. Uit de antwoorden op vraag 2 ‘Kunt u iets vertellen welke competenties de eigen organisatie over 5 jaar nodig heeft?’ heb ik de volgende antwoorden gehad: 5. Voor de installatie technicus: meer klantgerichte opstelling vertaalt zich naar goed communiceren, creatief, samenwerken, verhogen servicegerichtheid, Financial awareness, oplossingsgericht, betrokken, ondernemerschap, durf, lef en daadkracht. 6. Leiders die het goede voorbeeld geven. 7. Maatschappelijk verantwoord handelen en 8. Flexibiliteit voor techneut; overstijgend zijn aan eigen marktgebied (cultuur). Verwachte pijn (wat wordt verwacht?) Een minderheid van de respondenten (10%) is van mening dat er ‘geen’ tekort is. 60% van de mensen is wat anders aan het doen. Rebirth: maak gebruik van het talent wat we hebben, dus bijvoorbeeld vrouwen, minder validen en maak gebruik van zijinstromers. Kansen / mogelijkheden Toekomstplanning; herpositionering meer klantgerichte opstelling vertaalt zich naar: PROACTIEF 9 PROACTIEF Baarda, De Goede en Teunissen, basisboek kwalitatief onderzoek, 2005, p. 318 WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 6
    • CW Productconcurrentie is gestegen; klanten eisen hogere kwaliteit en lagere prijzen. Groeiende dreiging voor het overleven van het bedrijf. Uit de antwoorden op vraag 10b ‘Wat vindt u van het 'vasthoud proces' (sheet 13 presentatie) en het opleiden van de nieuwe integrale technicus met een additioneel vaktechnische opleiding?’ is het volgende geconstateerd: Een meerderheid van de respondenten (75%) constateert dat door de economische teruggang de behoefte minder is voor het opleiden van de nieuwe technicus maar de schaarste gaat komen en de bedrijven moeten daarom juist ‘niet’ stoppen om de nieuwe integrale technicus op te leiden. Om de vergrijzing tegen te gaan moet je doorloop hebben. Continuïteit van je organisatie staat voorop. Een minderheid van de respondenten (25%) geeft aan door de economische teruggang niet bezig te zijn om de nieuwe integrale technicus op te leiden. Uit de antwoorden op vraag 3 ‘Kunt u iets vertellen waar de organisatie op dit moment staat ten aanzien van kennis, kunde en capaciteit van medewerkers ten opzichte van vraag 1 en 2?’ is het volgende geconstateerd: Herstel competitief voordeel door nieuw type medewerker; Uit de antwoorden op vraag 4 ‘Kunt u iets vertellen wat op dit moment ontbreekt (GAP analyse) als het gaat om kennis, kunde en capaciteit van eigen medewerker? Daarbij onderscheid makend in 'technici' en 'niet technici'. Toelichting op de vraag: Het blijkt namelijk dat branche overschrijdende kennis (vb. programma management) steeds meer nodig is, het gaat om de impact van iets wat je doet en wat dat voor een gevolg heeft voor je eigen werk. Denk bijvoorbeeld aan vaardigheden die nodig zijn zoals communicatie: feedback geven en adviseren’ heb ik de volgende antwoorden gehad: 1. Naast gebruikelijke handjes en voetjes OOK een andere medewerker met een andere mindset: meer delen en samenwerken, nieuwe sociale media is van invloed. 2. Voor workforce: meer proces georiënteerd, meer werken volgens standaarden, beter samenwerken, meer service gerichtheid en klantgerichtheid => meer klant focus en Financial awareness. 3. Voor management: beter begeleiden van strategische transities, out of the box denken en emotionele intelligentie. 4. Voor IT: software management. 5. Laaggeschoold werk uitbesteden. Huidige pijn (wat gebeurt er nu?) Klant trekt zich terug; is minder bezig met het ontwerp en design, verwacht dat bedrijven met oplossing komen. Beroep op sociale vaardigheden. Werken met een aanpak voor integrale systemen. Uit de antwoorden op vraag 10a ‘Bent u van mening dat er onvoldoende financiële prikkels (overheid) zijn om bedrijven en mensen enthousiast te maken voor integrale aanpak in combinatie met een vakmanschap?’ is het volgende geconstateerd: Een meerderheid van de respondenten (80%) is van mening dat het veel meer gaat om het eind resultaat voor de klant, men is niet overtuigd dat alleen financiële prikkels kan helpen. Het gaat erom dat je als ondernemer toegevoegde waarde levert en beter en goedkoper werk aflevert. Dat is ondernemen. Een minderheid van de respondenten (20%) is van mening dat niet alle bedrijven subsidie mogelijkheden weten te vinden. O&O / A&O fondsen kunnen een bijdrage hebben want de overheid laat steken vallen. REACTIEF REACTIEF Figuur 1. Conner, D.R. (1993, p. 14). Managing at the Speed of Change. New York: Villard Books. Vraag 5. Kunt u iets vertellen welke randvoorwaarden voor het opleiden van technici zoals bijvoorbeeld (project)ondersteuning, begeleiding van een praktijkopleider, of de bereikbaarheid voor Technici om opgeleid te worden vindt u belangrijk? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Opvallende thema’s (uitkomsten uit interviews) Opleidingen inrichten naar behoefte (vb. verbetering veiligheidsaspecten) van de eindklant. Strategisch aansluiten. Technische kennis moet nieuw zijn. Actueel. Inspelen op trends. Aansluiting op de praktijk. Verhogen technische vaardigheden en overdragen kennis in de praktijk. Praktijkbegeleider/coach. Opleidingen inspelen op individuele behoefte van de medewerker (van belang om medewerker bij schaarste aan je te vinden). 1. Veiligheid. 2. Algemene bedrijfsvoering. 3. Techniek. 4. Web-enabeld. 5. Gedragsverandering. Opleidingen goede verdeling werktijd / privé. Projectmanagement. Regionale gebondenheid. Mensen zoeken hun werkplek in de buurt. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 Volgorde belangrijkheid 15 8 7 5 4 3 7
    • CW Vraag 6. Bent u op de hoogte van het feit dat als de technicus eenmaal de techniek verlaten heeft deze ook niet meer terug komt (bron: onderzoek OTIB)? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Opvallende thema’s (uitkomsten uit interviews) 65% van de respondenten heeft ja geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. men ervaart een beweging vanuit de bouw terug naar de installatietechniek. 2. Men weet uit eigen ervaring dat techneuten gewend zijn een hoop geld te verdienen en dan vervolgens sneller de stap maken om iets anders te gaan doen op dit moment. Buiten de deur kijken is goed maar men komt niet meer terug. 3. Geldt ook voor gezondheidszorg, onderwijs, is dominant thema over heel de arbeidsmarkt. 4. Techniekpact nodig omdat de branche nog niet in staat blijkt te zijn BOL/BBL leerlingen een stage plekken te geven. 35% van de respondenten heeft nee geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. het is lastig om als zijinstromer terug te komen. 2. in verleden hebben medewerkers de organisatie nog wel eens verlaten maar ruim 60% is weer teruggekomen. 3. merkt eerder andersom, als een technicus richting het management groeit en dat niet lukt, mensen vervolgens veel bewuster weer kiezen voor hun eigen vak. 4. Toch worden op bij werkgeversorganisaties de tekorten besproken, instroom of zij-instromers zijn dan meer te interesseren voor techniek. Antwoord Ja Percentage 65% Nee 35% Vraag 8. Bent u bekend met ketensamenwerking / integrale aanpak / BIM? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Opvallende thema’s (uitkomsten uit interviews) 100% van de respondenten heeft ja geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. men is al heel lang op deze wijze aan het werk, komt door de schepenindustrie. Planning wordt vooraf bedacht met vaklieden zodat iedereen weet wat er gedaan moet worden en in welke volgorde. Kan altijd ongetwijfeld beter. Wordt afgedwongen door de praktijk. 2. De TBI onderdelen (een netwerk van organisaties in de techniek) zijn hiervan op de hoogte. Samenwerkingsovereenkomst: samenwerken in de onderaannemingen. Binnen de eigen organisatie doen ze minder mee, daar hebben ze de zusjes voor. 0% van de respondenten heeft nee geantwoord. Antwoord Ja Percentage 100% Nee 0% Vraag 9a t/m f. We worden in Nederland geconfronteerd met een aantal maatschappelijke vraagstukken zoals duurzaamheid, vraag naar het langer zelfstandig wonen, veiligheid en elektrische mobiliteit. Al deze vraagstukken vragen om een intersectorale aanpak. Met welke van de volgende vraagstukken is de organisatie bezig? Uit deze vragen en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Kernthema’s (uitkomsten uit interviews) a. energieke gebouwen, energie neutraal. Tot voor kort gingen we ervan uit dat gebouwen zo weinig mogelijk energie moesten verbruiken. Inmiddels zijn we verder en vinden we dat gebouwen ook zelf energie kunnen produceren. 95% van de respondenten heeft ja geantwoord. 5% van de respondenten heeft nee geantwoord. Antwoord Percentage Ja Nee 95% 5% Kernthema’s (uitkomsten uit interviews) b. nieuwe mobiliteit. Bij een beetje regen of gladheid lijkt het verkeer in ons kleine land soms helemaal tot stilstand te komen. Gelukkig zijn er oplossingen in zicht. In de wereld van de nieuwe mobiliteit is autorijden duurzaam en betaalbaar. 60% van de respondenten heeft ja geantwoord. 40% van de respondenten heeft nee geantwoord. Antwoord Percentage Ja Nee 60% 40% Kernthema’s (uitkomsten uit interviews) c. betaalbare zorg voor iedereen. Hoe houden we onze gezondheidszorg in de toekomst overeind? Dankzij baanbrekende innovaties kan de zorg in Nederland zich in 2020 - en ver daarna - nog meten met de beste landen ter wereld. 65% van de respondenten heeft ja geantwoord. 35% van de respondenten heeft nee geantwoord. Antwoord Percentage Ja Nee 65% 35% Kernthema’s (uitkomsten uit interviews) d. comfortabel wonen en werken. Slimme installaties maken woningen, kantoren en andere gebouwen comfortabeler. Op klein schaal, afgestemd op individuele behoeften, maar ook in het groot. 70% van de respondenten heeft ja geantwoord. 30% van de respondenten heeft nee geantwoord. Antwoord Percentage Ja Nee 70% 30% WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 8
    • CW Kernthema’s (uitkomsten uit interviews) e. een tweede leven voor gebouwen. Veel gebouwen in ons land zijn verouderd en steeds meer kantoren staan leeg. Hoog tijd om na te denken over manieren om bestaande gebouwen een duurzaam tweede leven te geven. 75% van de respondenten heeft ja geantwoord. 25% van de respondenten heeft nee geantwoord. Antwoord Percentage Ja Nee 75% 25% Kernthema’s (uitkomsten uit interviews) f. gebundelde energie in Nederland=integrale aanpak voor energie opwekking en -omzetting zoals bodemwarmte, zonnepanelen, zonneboilers en aansluiting op elektrisch net. 70% van de respondenten heeft ja geantwoord. 30% van de respondenten heeft nee geantwoord. Antwoord Percentage Ja Nee 70% 30% Vraag 11. Bent u van mening dat regionale samenwerking tussen bedrijven, onderwijs en overheid mensen enthousiast maakt voor integrale aanpak? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Opvallende thema’s (uitkomsten uit interviews) 90% van de respondenten heeft ja geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. Initiatieven zijn heel waardevol. Is lastig van de grond krijgen; installatie carrousel in gesprek met scholen, beter op elkaar afstemmen, te veel vergaderen, te veel verschillende meningen, leraren te strak in het proces, praktijk is weerbarstig. 2. Onderlinge uitwisseling van technisch personeel. Kennis delen. Aandachtspunt: regie functie/hoger liggend doel. 3. Initiatieven zijn waardevol omdat je verschillende stappen tegelijkertijd kunt zetten, vinger aan de pols houden her en der. 4. Inspiratie verschillende zienswijzen. Zijn langdurige processen. 5. De vertaalslag kan beter: MBO'er mist de aansluiting met de praktijk. 6. De opleiding voeden met vraagstukken vanuit de praktijk. 7. Onderwijsinstellingen die het zelfstandig aanbieden gaat veel geld verloren. Als je het branche overstijgend aanbiedt dan levert het meer op. Het wordt nu te gesloten benaderd. Zo kan de techneut overstijgend van ene branche naar andere branche overstappen. Breed houden. 8. In het licht van de economische omstandigheden voert het regionale werken de boventoon ten opzicht van het landelijke. Terug naar het werkgebied van het woongebied. 9. Gemeenschappelijke aanpak werkt goed door mensen uit te wisselen bij concullega's. Kennis, kunde en informatie neemt toe. 10. Bedenk dat er vele initiatieven (RBTI's, LPI's, technet kringen) zijn. 11. Initiatieven zijn waardevol vooral voor innovatie. Publicatie met partijen van prijsvragen en studies. De bijdrage kan financieel en/of inhoudelijk zijn. 10% van de respondenten heeft met ja/nee geantwoord. 1. Het is mogelijk. Er zijn al wel meerdere initiatieven. 2. Er zijn veel initiatieven geweest, je moet heel goed weten wie je op termijn nodig hebt, als men het intern niet kan oplossen dan kun je wel gebruik maken van de externe initiatieven en goede afspraken maken met randvoorwaarden. 0% van de respondenten heeft nee geantwoord. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 Antwoord Ja Percentage 90% Ja/nee 10% Nee 0% 9
    • CW Vraag 12. Heeft u interesse in een formule waarbij de (installatie) technicus integraal is opgeleid? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Opvallende thema’s (uitkomsten uit interviews) 90% van de respondenten heeft ja geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. Interessant. Wat is inhoud van de opleiding(en)? 2. Kan aanvulling zijn. Wat is de toegevoegde waarde van het opleidingshuis? 3. Integratie van disciplines noodzaakt ons om meer te leren over andere vakgebieden. Vb: de installatie technicus die additioneel ICT kennis bezit. 4. Wellicht een goede aanvulling op de bestaande leveranciers. 5. Bijzonder goede aanvulling. Er zijn weinig jonge mensen die instromen. Veel zijinstromers. 6. Zoektocht vooral op MBO niveau. Op HBO en WO niveau is al genoeg. 7. Mechanisme kan goed werken als het straks weer echt gaat aantrekken. 8. Bijzonder geïnteresseerd. De specialist kan zich verder als vakman ontwikkelen. 9. Erg nuttig. Samenwerken is een wijze wat men moet leren, creëren van meer zelfstandigheid bij de vaklieden. Vanuit bestuur/ management lastig; heeft aandacht maar is weerbarstig. 5% van de respondenten heeft met ja/nee geantwoord. 1. Is voor het bureau minder interessant. Voor bestaande vaklieden kan het zinvol zijn. 5% van de respondenten heeft nee geantwoord. 1. Wij kunnen niets met opleidingsmogelijkheden in het kader van integrale aanpak/BIM. Antwoord Ja Percentage 90% Ja/nee 5% Nee 5% Vraag 13. Is het nodig opzoek te gaan naar een innovatief financieringsmodel zodat we de werkzoekende technicus kunnen omscholen richting integrale aanpak plus een aanvullende vaktechnische opleiding? Er zijn een aantal oplossingsmodellen: a t/m c. De meest succesbepalende factoren die voorzien in de behoeften worden als kenmerken genoemd. 13. Optie a: liever ‘niet’ in de vorm van een fonds. Wat is daar uw mening over? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Kenmerken (uitkomsten uit interviews) 55% van de respondenten heeft ‘mee eens’ geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. Het is beter met een aantal partijen te starten die een duidelijk commitment hebben naar elkaar. 2. Uit eigen ervaring blijkt dat beheerders van een fonds er vaak met andere belangen inzitten. 3. Er zijn al enige regionale initiatieven, per leerling en het loopt op. Men maakt daarom keuzes. Als het te groot is dan is het voor een kleinere partij minder interessant. De reeds bestaande afdrachten aan opleidingsfondsen zijn al fors. 4. Een fonds wordt te gemakkelijk uitgeput is vaak gauw leeg en de vraag is dan: hebben wij het juiste bereikt en gedaan? 5. Een participatie model sluit beter aan dan alleen maar schuiven met geld. 6. Ondernemers moeten de ruimte krijgen, het wordt anders een administratief moloch, vanuit een fonds kun je niet snel schakelen. Oplossing is wellicht een stichting met een daadkrachtig bestuur vooral omdat men gewend is soms net harder te lopen dan we gewend zijn. 35% van de respondenten heeft ‘niet mee eens’ geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. Het is een bekende formule waarbij je al of niet weet of er wat uitkomt. Het is meer van belang om te weten wat er van de nieuwe medewerker wordt verwacht. Potentieel werkzoekende moet tijd investeren en openstaan voor herscholing. 2. Fonds is altijd goed want er komt geld uit. 3. Een fonds is juist sterk. Zoek het vooral meer in de verbinding tussen onderwijs en praktijk. 4. Het is juist positief. Het betekent geld voor scholen. 5. Een fonds is snel en gemakkelijk. Het is en en. Daarnaast hebben ook de werkgevers een belangrijke rol in de organisatie. 6. Het is voor de organisatie geen bezwaar dat het een fonds wordt, er moet betaald worden. Je moet het vooral hebben over waaruit betaald wordt en hoe de verdeling van het geld is. 10% van de respondenten heeft geen mening geantwoord. 1. geen mening. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 Antwoord Mee eens Percentage 55% Niet mee eens 35% Geen mening 10% 10
    • CW 13. Optie b: een formule waarbij alle partijen het nut zien om de werkzoekende (installatie) technicus op te leiden, financiële participatie in het opleidingshuis / oefenfabriek / werkatelier en mogelijk later via een kickback fee gelden terug ontvangen. Wat is uw mening hierover? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Kenmerken (uitkomsten uit interviews) 75% van de respondenten heeft ‘mee eens’ geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. Is beste optie. Advies: maximum aantal deelnemende partijen 30. 2. Klinkt goed omdat is het niet vrijblijvend is, je krijgt ook weer wat terug, veel bedrijven zijn tot het bot toe uitgekleed, sector breed op pakken. Vele branche organisatie zijn er nog niet mee bezig. Hangt samen met investeringen en te verwachtte resultaten. Met name richten op schaarse achtergronden (denk aan IT en beveiliging). Randvoorwaarde: personeel moet minimaal een jaar aan het werk anders loont het de moeite niet. 3. Van belang is de toegevoegde waarde van het opleidingshuis. Investeringsbedragen zijn niet van belang. Het gaat om de nieuwe medewerker. Dat is het werkkapitaal. Operationaliseren binnen de eigen regio. 4. Belangrijke randvoorwaarden zijn: wat is de inspanning? Wat zijn de doelen? Wie zijn de mensen in het bestuur? Welke mensen zitten er in de operatie? 5. Transparante afspraken met opdrachtgevers. Win win win. Niet alleen investeren maar ook wat terugontvangen. 6. Met elkaar de samenwerking aangaan. 7. Bekende formule. 8. Goede formule die op de branche ontwikkelt moet worden. Creëren eigen school. Inspraak in het onderwijs, samenspel. 9. Belangrijke bijdrage vanuit de scholingsfondsen. De A&O en O&O fondsen ligt de verantwoording. Geen bijdrage vanuit de bedrijven. 10. Toelatingseisen potentiële leerling met capaciteit en juiste motivatie, tekenen studie overeenkomst. 11. Is zelf te klein voor eigen bedrijfsschool. Voorstander participatie model met 8 anderen. Vakmanschap: combinatie theorie en praktijkdeel. Afname commitment voor de continuïteit van het opleidingshuis. 12. Redelijk onbekende formule. 25% van de respondenten heeft ‘niet mee eens’ geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. Geen voorstander van een brancheachtig sturingsmechanisme. 2. Mogelijk gevaar dat leerlingen op de bank blijven zitten, wel voorstander van anticyclisch scholen. Het is op dit moment hard buffelen om je geld te verdienen en het behalen van een goed rendement. Men werkt al volgens een bepaalde formule dat aansluit op de huidige werkwijze. 3. Uitbetaling moet plaatsvinden in goede vakkrachten en niet in geld. Dat valt in de praktijk altijd tegen. 4. Gelden terug ontvangen in de vorm van een kick back fee is een illusie, het ligt te ver weg in de tijd. Gezien de huidige marktomstandigheden spreekt deze formule niet aan. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 Antwoord Mee eens Percentage 75% Niet mee eens 25% 11
    • CW 13. Optie c: Of een formule waarbij meerdere deelnemende bedrijven binnen het opleidingshuis participeren. Per deelnemende partij betaal je een vast bedrag bijvoorbeeld €5.000,- p/jaar + een percentage van de omzet die je als deelnemend bedrijf weer afdraagt verkregen uit de werkgerelateerde projecten. Wat is uw mening hierover? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Kenmerken (uitkomsten uit interviews) 75% van de respondenten heeft ‘mee eens’ geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. Betere vorm door de omzet variatie. Ga niet werken met vergoedingen die vooraf moeten worden betaald. Start bij de productie dus daar waar de klant zit en waar geldstroom opgang komt. Daarna koppelen aan de partijen die het werk aannemen en die willen samenwerken met het accent op het wat de klant wil. 2. Goede vorm. Attentie: wanneer moeten de mensen betaald worden door de organisatie? Betaal je als grote organisatie ook veel meer dan andere partijen? Groot voordeel: je kunt snel aan nieuwe mensen komen. Tip: houdt in de gaten wat voor soort mensen het zijn. 3. Het is mooi als het geld oplevert maar het hoofddoel is het ontwikkelen van vakkrachten. 4. Beste optie. Het is niet vrijblijvend, je krijgt er ook weer wat voor terug, veel bedrijven zijn ondertussen uitgekleed, sector breed oppakken. Mensen moeten paar jaar bij je blijven anders loont het niet de moeite om te investeren. 5. Opleidingshuis is prima idee. Veel weg van social return. Mensen kunnen doorstromen naar een baan. €5.000,- schappelijk bedrag. Kan helpen imago te verbeteren. Integriteit. Samenwerking. Transparantie. Uitdaging voor de toekomst: hoe houden we de nieuwe mensen binnen. Geen nieuwe opleidingen ontwikkelen. Formule simpel houden. Zorg voor funding, start het opleidingshuis, ga werkzoekende mensen opleiden. Half jaar met WW het werk laten doen, na half jaar kan de vakkracht bij de organisatie in dienst. Overheid doet ook niks. Voor de kleinere bedrijven is het niet gemakkelijk, voor de grotere is dat anders. 6. Ervaring leert dat opdrachtgevers afspraken met elkaar moeten maken. Win win win van maken en niet alleen maar investeren. 7. Als je afhankelijk van elkaar bent is flexibiliteit belangrijk. 8. Goede formule ondanks dat het voor de organisatie niet kan werken uit veiligheidsoverwegingen. 9. Goede formule. Heeft de wens om mee te participeren in het opleidingshuis. Zorg voor een business case. 10. Zorg voor duidelijke herleiding van de omzet en criteria aan het participerende bedrijf. 11. Zorg voor een vorm van aangesloten samenwerkingsverbanden waarbij gezamenlijk wordt zorg dragen voor scholing, funding en opleidingsprogramma. De suggestie over de combinatie met werkgerelateerde projecten zou geen rol hoeven te spelen. Focus houden op het opleiden van goede vaktechnische mensen. 25% van de respondenten heeft ‘niet mee eens’ geantwoord, de reacties zijn verschillend: 1. Men wil zijn eigen mensen het liefste zelf opleiden. 2. Moeilijk te kwantificeren, omzet realisatie en het in kaart brengen ervan. 3. Niet interessant. 4. Formule is niet haalbaar. Moeilijkheidsgraad zit in de werkgerelateerde projecten. Optie b is een betere optie. 5. Klinkt omslachtig. Optie b is een betere optie waarbij partijen kunnen participeren door het leveren van kennis en kunde. Antwoord Mee eens Percentage 75% Niet mee eens 25% Vraag 14. Hoe kan ervoor worden gezorgd dat de medewerkers ook na een project van bijvoorbeeld 3 of 4 jaar nog op de loonlijst staan? Uit deze vraag en door de verschillende antwoorden (81,5% ontvangen antwoorden) die zijn verkregen is het volgende geconstateerd: Opvallende thema’s (uitkomsten uit interviews) Medewerker met hart laten werken voor de organisatie. Aandacht is belangrijk. Verbinding met de organisatie. Goede voorselectie, juiste verwachtingen over en weer uitspreken. Medewerker blijvend willen leren. Met integrale mindset. Gaat vooral om de motivatie. Medewerker zal meer zijn toegevoegde waarde moeten laten zien. Leeftijdsanalyse scan. Instroom / uitstroom. Gaten van de toekomst dichten. Borging en behoud. Medewerker maakt hierin zelf zijn keuze. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 Volgorde belangrijkheid 10 7 4 4 3 12
    • CW Conclusies probleemstelling 3.0 Inleiding In dit hoofdstuk ronden we het pragmatisch onderzoek af met een interpretatie van de resultaten en de conclusies. 3.1 Conclusie probleemstelling 1 Waar is de nieuwe technicus, bekend met een intersectorale aanpak als de economie weer gaat aantrekken? Ofwel: wat is het antwoord op de probleemstelling. Uit de gesprekken kan het volgende worden geconstateerd. Bij niet alle respondenten is een stijging waarneembaar in het beeld van de bedrijven over het werk. Men ervaart daarom geen directe ‘pijn’ om de nieuwe technicus op te leiden. Tegelijkertijd vragen opdrachtgevers steeds vaker om totaalconcepten. Het werk kan niet meer worden uitgevoerd op de traditionele manier van werken. Het gaat in hogere mate om de klantinteractie, toegevoegde waarde, cocreatie, productdenken en lucht uit de kosten krijgen. Dit alles zorgt voor een professioneler imago. Juist niet een vechtcultuur, maar respect voor elkaars belangen en op een volwassen manier werken, bijvoorbeeld met behulp van ketensamenwerking10 (Cobouw, 2012f). De schaarste aan goed technisch personeel met een intersectorale aanpak is nabij. Een groot deel van de bedrijven staat daarmee aan de vooravond van een cultuur verandering. Vaak komt het aan op verandering van houding en gedrag, gewoontes en wat ‘normaal’ gevonden wordt, kortom cultuur. Kennis en ervaring is onvoldoende. De nieuwe cultuur vraagt om eigenschappen waarbij sociale netwerken, kennisdeling en een open omgangswijze vanzelfsprekend is. Dit vergt andere communicatievaardigheden dan we tot nog toe hebben ervaren. De intersectorale aanpak vereist meer aandacht voor communicatie en samenwerking met de verschillende disciplines. Ook sociale innovatie heeft invloed. Het heeft met name invloed op de bouw en de mensen die erin werken. Oude gewoontes van topdown en sturen volgens hiërarchische structuren horen thuis in het oude systeem. De nieuwe generatie heeft andere verwachtingen van arbeidsverhoudingen en wil graag op een andere wijze samenwerken. In plaats van geld verdienen met vieze schoenen, wil zij graag inhoudelijk aan de slag en daadwerkelijk iets bijdragen. Uit toekomstscenario’s blijkt dat jongeren straks te maken krijgen met meer werkgevers of opdrachtgevers. Dat betekent dat men vermoedelijk in meer verschillende disciplines werkzaam zal zijn. Ook op dit type veranderingen zullen de bedrijven moeten anticiperen. Uit onderzoek blijkt dat bedrijven die deze vernieuwing al hebben ingezet het gemiddeld beter doen11. De respondenten zijn van mening dat de branche zichzelf moet redden omdat de politiek te veel stuurt op de lange termijn. Om de vergrijzing tegen te gaan willen de bedrijven ‘niet’ stoppen in het opleiden van de nieuwe integrale technicus. De continuïteit van de organisatie staat voorop! 10 11 Dr. Ir. Ruben Vrijhoef TU Delft andere tijden, nieuwe cultuur in de bouwketen, april 2013 Prof. Hans de Jonge TU Delft. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 13
    • CW 3.2 Conclusies probleemstelling 2 Uit de analyses hoe een mogelijk innovatief oplossingsmodel eruit zou kunnen zien blijkt dat de belangrijkste antwoorden uit vraag 13 de opties b en c tot de beste behoren. Samengevat: • De totale groep aan participerende bedrijven gemaximeerd houden voor beste kans van slagen. Gericht investeren betekent creëren van betrokkenheid. Afname commitment is garantie voor de continuïteit van het opleidingshuis. Gezamenlijke afspraken over de onderlinge samenwerking in het kader van funding en het opleidingsprogramma. Door de afhankelijkheid is flexibiliteit belangrijk. • Richten op schaarste. Voorbeeld: IT, meet en regeltechniek, koeltechniek en/of beveiliging. • Toegevoegde waarde opleidingshuis: 1. Inspanning 2. Doelen 3. Welke mensen in bestuur en in de operatie 4. Transparantie 5. Toelatingseisen potentiële nieuwe kandidaat met juiste motivatie 6. Juiste combinatie praktijk en theorie 7. De werkzoekende wordt door het UWV vrijgesteld van werk tijdens de opleidingsperiode. • Geen nieuwe opleidingen ontwikkelen. Maak gebruik wat er al is. • Kick back fee niet zozeer van belang. Zoek de uitbetaling in goede vakkrachten. • Belangrijke bijdrage vanuit de scholingsfondsen A&O, O&O. • Omzet variatie zou kunnen werken. 1. Wat gaat een grote organisatie betalen en wat een kleine organisatie. 2. Zorg voor duidelijke herleiding van de omzet en criteria. 3. De werkgerelateerde projecten zou geen rol hoeven te spelen. Focus houden op het opleiden. • Het kan helpen om het imago van de branche te verbeteren. • Zorg voor een goede business case. 3.3 Conclusie samenhangen Uit de analyses blijkt dat er duidelijke samenhangen zijn tussen de maatschappelijke vraagstukken (vragen 9a t/m f) zoals duurzaamheid, vraag naar het langer zelfstandig wonen, elektrische mobiliteit en veiligheid en de verandersituatie van de organisatie (vragen 1 t/m 5). Deze samenhangen laten met ruime meerderheid zien dat het een positieve werking heeft op de ontwikkeling van de organisatie. Het is een herpositionering in wat de klant verwacht. Het laat zien dat er op dit moment onvoldoende gebruikelijke handjes en voetjes zijn met een andere mindset om aan de nieuwe klant verwachting te voldoen. 3.4 Conclusies kansen en bedreigingen Wat respondenten aan pijn (Conner (1993, p. 1412) herkennen blijkt uit de analyses van de vragen 1 t/m 4, 7 en 10a + 10b. Er zijn een aantal kansen en bedreigingen die inspelen op de verscheidene situaties om succesvol te veranderen. Er zijn een aantal factoren die ze daarbij kunnen helpen. Herstel competitief voordeel door nieuw type medewerker. Het technisch vakmanschap van de technicus kan beter. Andere belangrijke factoren richten zich op de soft skills. Denk bijvoorbeeld aan samenwerken, meer service gerichtheid, financiële betrokkenheid, out of the box denken en vooral goed luisteren naar de klant. Andere factoren die helpen zijn standaardisatie van processen, integrale ICT oplossingen, het aanbieden van een meer integrale dienstverlening door het toepassen van BIM methodiek (ook wel integrale aanpak), duurzame energiezuinige installaties. Men wil meer grip krijgen op de toekomstige schaarste aan integraal technisch personeel. Mede omdat er onvoldoende doorstroming is van MBO naar HBO niveau. Bovendien is het merendeel van de respondenten niet overtuigd dat financiële prikkels van Scholingsfondsen13 hierbij zullen helpen (artikel scholingsfondsen beschikken over miljarden maar benutten hun vermogen onvoldoende), het gaat om de klanttevredenheid en het ondernemerschap. Hoofd reden om te veranderen is vooral het bewaken van de continuïteit van de organisatie. Meer handjes en voetjes in de organisatie met een andere mindset (nieuw type medewerker); die beter is in het delen van kennis, goed kan communiceren, het betrekken en adviseren van de klant en beter samenwerken. Want de klant trekt zich terug; is minder bezig met design en verwacht dat de bedrijven met een oplossing komen. 12 13 Anton Cozijnsen, organisatie en verandering in de praktijk, 2012, p. 47 FD 4 april 2013 artikel Wim Groot en Henriette Maassen van den Brink Hoogleraren economie UVA Amsterdam Universiteit Maastricht. WINSALE 14 Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725
    • CW Aanbevelingen 4.0 Inleiding Door dit onderzoek komt de onderzoeker tot enkele aanbevelingen over de nieuwe toekomstige technicus, bekend met een intersectorale aanpak. Hierna worden deze benoemd. Nieuwe weg Een opleidingshuis die bedrijven helpt in het her- en bijscholen van de nieuwe toekomstige integrale technicus en mogelijk in combinatie met een additioneel vakspecialisme. Het opleidingsprogramma gericht op de intersectorale aanpak is uniek, omdat er wordt samen gewerkt met bedrijven in de bouw. Het gaat om enerzijds praktijkscholing: juist in huidige tijd werknemers die normaal in de schoolbanken plaatsnemen, op de werkvloer aan het werk laten en het doen van bedrijfsbezoeken. Anderzijds de gedragsvaardigheden waarbij het accent ligt op samenwerken, de diepgang en het betrekken en adviseren van de klant. Ook wel soft skills. Dat vraagt om nieuwe business vaardigheden. Men beheerst wel de technische kneepjes van het vak, maar er is een toename aan competenties; nieuwe vaardigheden en ook basale vaardigheden zijn van belang. De menselijke factor is dus juist oh zo belangrijk in een project. Organisaties ervaren dat de kwaliteit aan eisen steeds hoger worden en dat er ook aandacht moet komen voor het basis niveau aan competenties. Men wil beantwoorden aan de hogere kwaliteit eisen van de steeds meer mondige klant van tegenwoordig. Er zal zoveel mogelijk gebruik worden gemaakt van reeds ontwikkelde opleidingsprogramma’s. Ontwikkeld door en voor de bouw14 en installatie15 sector waar samenwerken een vak is. Een van de manieren om effectiever en efficiënter te werken binnen installatie sector is door beter in de ‘keten’ samen te werken, dus met de bouw (denk aan bijvoorbeeld de architect, de ontwerper, de designer, de elektricien et cetera). We kunnen niet meer denken in hokjes. De ontkokering, digitalisering en andere maatschappelijke ontwikkelingen vragen om een andere manier van werken. Het is nu de tijd om te veranderen! Het opleidingshuis biedt voor de technicus een volgens nieuw vereiste bekwaamheid een opleiding uitgaande van een intersectorale aanpak. Deze speelt dus in op de trend16 dat bedrijven naar een samenwerking zoeken door voorwaartse (richting planontwikkeling en ontwerp) of achterwaartse integratie (richting beheer, onderhoud) in het bouwproces en integratie van elektronica, ICT en machinebouw. Wat kan de klant verwachten? Het opleidingshuis zorgt ervoor dat door het toepassen van de beproefde methoden en technieken van de sociale innovatie de Business performance van de organisatie verbeterd wordt zodat de continuïteit gewaarborgd is. Wij helpen u aan een continue instroom van de beste en meest geschikte integrale vaktechnische medewerkers om de toekomst van het bedrijf veilig te stellen. Toegevoegde waarde Uniek aan het opleidingshuis is dat men samen met ketenpartners kan aanmelden en zo direct aan de slag kan met nieuwe inzichten en vaardigheden. Door de introductie van de verschillende branches, kunnen we samen stapje voor stapje de bouw- en installatiesector vernieuwen. En dat is waar het opleidingshuis zich sterk voor wil maken. Wat biedt het opleidingshuis aan haar klanten? Het programma start met een zoektocht naar de juiste kandidaat met de juiste kwalificaties, ontwikkelbare competenties en zijn/haar motivatie (DNA). Wie de technicus is en wat men wil bereiken staat voorop. Wat de technicus wil bereiken moet ook passen bij de vraag van de markt (eindklant). De screening bestaat uit toetsing van het CV, navraag referenties(s), een persoonlijke intake (toetsing mindset), het schrijven van een persoonlijke motivatie en als laatste het doen van een assessment. Wie door de selectie criteria (eventueel toetsing door werkgever) komt mag de opleiding volgen. 14 15 16 Er wordt mogelijk aansluiting gevonden bij de Hogeschool Utrecht – master of enigneering in integrated building processes. Er wordt aansluiting gevonden bij de kennisoverdrachtsactiviteiten van OTIB die het voor 2013 ontwikkelt heeft. Rabobank Cijfers&Trends oktober 2012 WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 15
    • CW Doel Het hoofddoel is het werven en opleiden van de werkzoekende technicus met een intersectorale aanpak in combinatie met een additioneel vakspecialisatie. De thema’s zijn onder andere energieke gebouwen, nieuwe mobiliteit, comfortabel wonen en werken, betaalbare zorg voor iedereen, een tweede leven voor gebouwen en gebundelde energie in Nederland; het op de kaart zetten en zichtbaar maken (stemloket). De diensten zijn: 1. Arbeidsbemiddeling van de werkzoekende technicus. 2. Technicus opleiden met een intersectorale aanpak (IA). In algemene zin is dit opleiden met een Tprofiel, daar bedoel ik mee meer in de breedte opleiden. Hij of zij kan zich door de IA methode breed inzetten en meepraten over vraagstukken die buiten het eigen vakgebied liggen, maar gaat ook de diepte in door zich extra te verdiepen in een specialisatie vak. Het hoofddoel wordt ondersteund via kennisuitwisseling door de krachten regionaal te bundelen zodat individuele ondernemingen leren elkaar te vertrouwen en samen te werken met de schakels in de bouwkolom. Strategie 1. De zoektocht begint bij het UWV naar de beste kandidaat met de juiste kwalificaties, competenties en het DNA (ontwikkelbare competenties - persoonlijkheidskenmerk zoals open mind). De voorselectie gebeurd door het opleidingshuis. Uit het DNA moet blijken dat de kandidaat zichzelf graag wil ontwikkelen en open staat voor vernieuwing. Motivatie is heel belangrijk. Voordat een kandidaat aan de opleiding begint is de kandidaat ook door de werkgever getoetst. De kandidaat begint overigens pas aan de opleiding na kennismaking met de werkgever. 2. Ondersteuning volgt vanuit het opleidingshuis door 1. Kennisoverdracht, 2. Training on the job en 3. Interactieve tools die leuk zijn en toegankelijk is voor elke technicus. De technicus kan leren wanneer men wil en voor hetgeen kiezen dat het meest relevant is. 3. De participerende bedrijven hebben eerste keus uit de pool aan de nieuw opgeleide integrale technici. 4. Het zijn de werkgevers die een intentie verklaring tekenen met het UWV. Het is een werkgarantie binnen het uit te dragen scholingsprotocol van het UWV. Na de scholingsperiode (4 tot maximaal 6 maanden) stroomt de technicus door naar de werkgever. 4.1 Leergang Integrale aanpak eist nieuwe competenties Integrale aanpak is een denk- en werkwijze die van medewerkers en bedrijven nieuwe competenties eist. De werkzaamheden gebeuren altijd in teamverband en dit feit stelt hoge eisen aan de communicatieve en sociale eigenschappen van de teamleden. Een goed samenwerkend team is in hoge mate van belang voor het resultaat. Andere competenties die van belang zijn is het functiedenken. Dat is het kunnen denken in functionaliteiten in plaats van in oplossingen. Met andere woorden ‘wat wil de klant’? Ook kunnen structureren van kennis en het levensduur denken met daarin ontwerp, uitvoering en gebruik en het kunnen werken met de geëigende engineering database. Naast het eigen vakgebied is het kunnen inleven in ander vakdisciplines een voorwaarde om succesvol te kunnen zijn. De leergang integrale aanpak bestaat uit een aantal modules die ook afzonderlijk gevolgd kunnen worden. Per module wordt een centrale vraag beantwoord. Dit gebeurt door een mix aan interactieve werkvormen kennis, praktijkervaringen en het oefenen van vaardigheden aan te bieden. Voor iedere module is er een inspirerende docent of praktijk bezoek die vanuit zijn of haar ervaring het thema van die dag belicht. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 16
    • CW 4.2 Kwaliteitsstandaard nieuwe medewerker Direct na het onderzoek vindt er aansluiting plaats bij de ontwikkeling van een kwaliteitskader. Doel van het kwaliteitskader is het transparant maken, toetsen, verantwoorden en optimaliseren en verder ontwikkelen van het kwaliteitsniveau van de kwaliteitsstandaard van de nieuwe integrale technicus. Daarbij is geconstateerd dat de verschillende bedrijven in de keten een eigen specifieke uitwerking in het kwaliteitskader vragen. Bijvoorbeeld medewerkers in de werkvoorbereiding: een tekenaar en een ontwerper. Beiden zijn gespecialiseerd in het model brengen van het werk maar elk op hun eigen deelgebied. Door de IA benadering worden ze gedwongen om met elkaar samen te werken. Op deze wijze leren ze het gevolg van hun eigen werk beter te overzien van de keuzes die ze maken. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 17
    • CW Er is op hoofd lijnen gekeken naar de eisen en wensen van de kwaliteitscriteria van bedrijven. Een nadere inventarisatie is nodig om de kwaliteitsstandaard van de medewerker in detail uit te werken. Deze kwaliteitsstandaard geeft een goede referentie van de nieuwe integrale technicus. In beginsel: 1. Multidisciplinair technisch inhoudelijk. Gesprekspartner zijn voor alle partijen in de keten. 2. Soft Skills: sterk gericht op communicatie / commerciële vaardigheden, samenwerken en projectmanagement inclusief financiële aspecten. 3. Veiligheidsrichtlijnen, procedures, sectorale voorschriften, wet- en regelgeving. 4. Op de hoogte zijn van ketensamenwerking/integrale aanpak/BIM/Lean. 5. In het kader van duurzaamheid: op de hoogte zijn van de maatschappelijke ontwikkelingen en trends. 4.3 Op welke technische snijvlakken is behoefte aan nieuw personeel? De markt vraagt om een totaal concept. Overschrijdende vakinhoudelijke kennis waar de bedrijven behoefte aan hebben ligt op de snijvlakken: Integrale ICT oplossingen in combinatie met Installatietechniek, Elektrotechniek, Werktuigbouwkunde, Technische Natuurkunde, Koeltechniek, Meet & Regeltechniek, Bouw en Veiligheid. Werving richt zich op MBO en hoger opgeleide technici met een HBO met achtergrond in verschillende werkvelden. De beroepen zijn bijvoorbeeld: Projectleider Techniek, Technische Consultant, Domein/proces/ontwerp, Lead Engineers Software, Lead Engineers Hardware, Risiciomanager, Werkvoorbereider: tekenaar en ontwerper, Funderingswerker, Heibaas, Timmerman, Metselaar, Constructeur en Ontwerpcoördinatoren, Programmeurs. De functies rangen op MBO en HBO niveau: voor een monteur is het niveau 3. Voor een engineer of projectleider is het niveau 4 of 5. Abstractie (bepaald) niveau is noodzakelijk voor de integrale technicus (MBO4/HBO). Dat betekent dat men over de grenzen heen kan kijken van het eigen vakgebied, men meer kan denken in modellen, grote lijn, formules en tabellen en meer toekomst gericht is. Een meer concreet niveau kenmerkt zich door het denken uit ervaringen vanuit het verleden en gaat veel meer over gevoel, tastbaar. Een goed voorbeeld is een dakdekker (MBO2) die mogelijk een additioneel vaktechnische opleiding kan volgen in het plaatsen van zonneconrectoren of bliksemafleiders. De technische en maatschappelijke ontwikkelingen van de bedrijven zijn de basis voor het opstellen van een beroepsprofiel. Er volgt een opsomming naar een (stijgend) gebruik van verschillende deelgebieden: Segmenten: Elektromechanisch Onderhoud Ontwikkelingen op de deelgebieden voor de komende 5 jaar zijn: • Combinatie van elektrotechnische installatietechniek (zie definitie), ICT en werktuigbouwkunde. • Komende jaren meer ‘added value’ ontwikkelen en dus meer zijn dan de installateur. Door bijvoorbeeld ‘full contracting’, geheel pakt als een onderdeel, ontwikkelen van ‘smart solutions’ en integrale ICT oplossingen. Ontwikkelen van financiële oplossingen zoals bijvoorbeeld design, operate en versterken in ‘mechanical installations’. Tevens ontwikkelen total facility management, energie transitie meer en meer gaan bewegen, met andere woorden: minder installatie en meer toegevoegde waarde! • Voor techniek is dit: installatie techniek, BIM. Ook bijvoorbeeld meet & regel techniek, of ICT, of Electro en werktuigbouw. Techniek is productie. De komende jaren meer richten op dienstverlening, dat betekent contract management en het nemen van risico's. • Combinatie van elektrotechniek, technische disciplines, onderhoud, beveiliging sprinkler et cetera, en duurzame energie zuinige installaties. • Ontwikkelen meer richting duurzaamheid: energiebesparing, beveiliging, openbare veiligheid en technieken die gebruik maken van de nieuwste technologieën. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 18
    • CW Bouwkunde Meer standaardisatie van processen. Uitdaging voor de huidige medewerker: niet steeds opnieuw zaken ontwikkelen (wiel uitvinden), meer toepassen van een regelblok, aanpassen van unieke wijze. Men ziet BIM als grote goede ontwikkeling, het is een bouwproces met als gevolg dat mensen gedwongen worden om in voortraject beter met elkaar samen te gaan werken. • Men is de weg van ketensamenwerking al ingeslagen. Altijd blijven innoveren: technische toepassing voor fundering is een continue proces. Denk aan: in de grond gevormde palen, hogesnelheidspalen, trillingsvrij. Denkbare functies: Funderingswerkers. Heibaas. • De techniek in z’n algemeenheid, praktijk en de theorie en dat inzicht goed in het arbeidsproces te gelden kunnen maken: duurzaamheid is een mooi woord maar moet wel geld opleveren. De juiste dingen bij elkaar brengen. In de installatie branche is de instroom aan nieuw personeel laag, niemand wil met z’n handen werken. De nieuwe medewerker dient ook het inzicht te hebben om het daadwerkelijk te kunnen maken. • Werktuigbouwkundige pakket, inclusief de nieuwste opleggingtechniek, voorbeeld is warmtepompen en zonnepanelen, inspelend op energie besparingen. • Constructie • Installatietechniek ligt in het verlengde van energiebesparing. Duurzaamheid wordt steeds belangrijker. Ook de vaardigheden en de marktbenadering. De bouw verkeert op dit moment in moeilijk vaarwater, het duurt te lang, time to market duurt is te lang. Procesinnovatie: men stuurt op proceskennis, dus het analyseren hoe de informatie stromen in de keten lopen. Men wil toe naar geïndustrialiseerd proces, er is enorm veel inspanningskracht op de bouw nodig en dat wil men terug dringen, veel meer af fabriek, bouwkennis blijft. Los van productkennis steeds meer naar proces informatie kennis. • Binnen de bouw zijn dat de functies timmerman of een metselaar (voorbeelden). • Over 5 jaar willen ze meer kennis hebben van de installatietechniek, is onlosmakelijk verbonden aan de bouw. Van belang omdat de organisatie de integrale aanpak methode wil hanteren, daarmee is het verkrijgen van kennis over financiering ook van belang. Ontwikkelen aanbod totaal concept: verdergaand in onderhoud en lange termijn contracten onderhoud aanbieden. • Voor de civiele aannemer zal er niet veel veranderen maar wel in het proces, informatie model, maar dat is buiten de techniek. Voor functies kun je denken aan: Constructeur en ontwerp coördinatoren. • Men ziet een verschuiving naar meet & regeltechniek. Programmeer (ICT) werk. Men is bekend met duurzaamheid projecten. De echte projecten, de volume projecten zullen gaan verdwijnen. Men is intern mensen aan het opleiden van productie naar meer technisch beheer service onderhoud. • Toekomstige werken richten zich op duurzaamheid en energiebesparing. In de nabije toekomst zal de organisatie nieuwe producten moeten ontwikkelen. Is vooral gericht op bestaande voorraad: woningbouw. Mochten ze als bouwer bijvoorbeeld in de zorgmarkt gaan groeien dan zijn de domotica producten belangrijk. Men wil dan daarop meer een beroep doen en het doorontwikkelen. • Combinatie van bouwkunde en ICT wordt steeds meer belangrijker ook in het kader van het nieuwe werken, men is bezig met lean bouwen en BIM. • De organisatie richt zich op duurzame projecten; zonneboilers, bv panelen, gebouwen automatisering: regelingen optimalisering met verwarming en lucht en koeling. • Door de multidisciplinaire aanpak is elektrotechniek en meet & regeltechniek aangrenzend aan de service organisatie onderhoud belangrijk. In de nabije toekomst verlopen er grote contracten (ook wel service level agreements (SLA’s)), gevolg in de toekomst uitbreiden. Er WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 19
    • CW worden meer en meer service georiënteerd prestatie contracten afgesloten (met een vast bedrag met KPI’s). De organisatie heeft alle technieken (voorbeelden brandbeveiliging, elektrotechniek) in huis. Daar zullen niet echt wijzigingen in ontstaan. Het is wel belangrijk om de nieuwe ontwikkelingen te blijven volgen en die aan de markt aan te bieden. Men wil meer innovatiever zijn, duurzaamheid wordt steeds actueler. Duurzame full service werken ontwerpen waarbij zon, warmte en wind optimaal wordt gebruikt. • Met name IT wordt een heel belangrijke component, zowel de software en de hardware matige kant, industriële informatisering en duurzaamheid. • Voor de offshore werkzaamheden is dat de combinatie van installatietechniek en besturingstechniek die op de platformen gebruikt worden. ICT • De organisatie programmeert platform onafhankelijk en is bekend met de installatiebranche, bekende certificeringen zijn bijvoorbeeld c++. Voorbeeld  functies:  consultant,   programmeurs  en  software  engineers. Woningbouw • De organisatie ziet zichzelf als bouwmanager: het managen en het goed bouwen. Het is noodzakelijk om het vak goed te doen, om die reden zijn er verbindingen met TU Delft. Organisatie ziet dat BIM een vlucht gaat nemen, willen het graag ontarmen. Belangrijke technieken zijn: veiligheid, bouwkundige achtergrond op WO nivo, en kunnen meedenken op proces nivo met partners. Industriële Automatisering • De organisatie zit in een vrij traditionele markt. Integrale aanpak is deels strategisch en wil zich daarop meer richten. Mogelijk gaat de organisatie zich ook richten op onderhoud en beheer. Consumenten Elektronica • Op de deelgebieden E, B en W (Elektrotechniek, Werktuigbouwkunde, Technische Natuurkunde). Werving van hoger opgeleide technici Elektrotechniek met een HBO/WO met achtergrond in verschillende werkvelden. Focus op 45+. Groepsgewijze aanpak in verband met diversiteit, generatiemanagement, schaalvoordeel en efficiency. De vacatures zijn: Projectleiders Techniek, Technische Consultant, Domein/proces/ontwerp, Lead Engineers Software, Lead Engineers Hardware, Risicomanager. Vanuit kwalitatief aanbod en talenten. • Als elektrotechnisch installatie bedrijf ziet men een verschuiving richting ICT. De technische werkzaamheden worden breder en dat betekent ook werktuigbouwkundige werkzaamheden voor de industrie. Infra • Belangrijke functie is de Software engineer want het werk wordt steeds integraler. Fundamentele technieken zijn koeltechniek en meet & regeltechniek. Utiliteit • Combinatie van installatietechniek, elektronica, en meer kennis van software toepassingen, programmeren en ontwikkelen. Voor openbare verlichting is het installatietechniek, dat is het oude MTS: heet nu MBO4. Instap web3 nivo daarvan kan een deel doorgroeien naar web4 nivo. Aanvullende opleidingen zijn verkeersregel installatie in samenwerking met hogescholen, is aanvullende data Electra opleiding en openbare verlichting. Op HBO nivo is het conceptueel engineering. 4.4 Aansluiting vinden bij werkgerelateerde projecten Nedap (hier als praktijk voorbeeld) is een fabrikant van intelligente technologische oplossingen voor relevante thema’s. Voldoende voedsel voor een groeiende bevolking, schoon drinkwater over de hele wereld, slimme netwerken voor duurzame energie zijn slechts een paar voorbeelden van onderwerpen waar Nedap zich mee bezighoudt. Nedap heeft behoefte aan een hoger niveau aan nieuwe installatie technische bedrijven in Nederland. Tijdens een bedrijfsbezoek17 is de centrale vraag aan de orde gekomen ‘welke installatie technische partijen 17 Nedap, woensdag 17 april 2013, toelichting power router. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 20
    • CW kunnen en willen met de power router – een intelligente technologische ontwikkeling boordevol ICT - aan de slag’? De toegevoegde waarde van de power router is het reguleren van energie verbruik en het verbruik aan energie van de accu. Vooral van toepassing bij 0 energie woningen. Men is op dit moment nog geënt op de Duitse markt. Maar Nedap verwacht dat het met 2 a 3 jaar geüniformeerd is en ook in Nederland toegepast kan worden. Er ligt een duidelijke opleidingsbehoeften. Certificering van installatie technische bedrijven die de power router kunnen installeren. 4.5 Mogelijke oplossing in de zoektocht naar de beste kandidaat Er wordt onderzoek gedaan om beter in te spelen op de schaarste van technisch personeel en het meer profileren van kandidaten. Het gaat om ervaringskennis18. Naast de ontwikkeling van de competenties ontwikkelt de mens ook ervaringskennis. Dat is een lijn naast de ontwikkeling van het neuro fysieke systeem. De ervaringslijn ontwikkelt zich langzamer, men leert namelijk van het leven. Rond de 25e levensjaar is men op de top van het IQ om expliciete kennis te ontwikkelen. Vanaf dat moment ontwikkelt de mens zich meer op basis van ervaringskennis. Er is nog niet veel bekend over ervaringskennis behalve een succesvolle praktijk ervaring. Uit ervaring blijkt dat ervaringskennis als olie in de organisatie terug moet komen. Het is een dialoog tussen mensen. Het ontwikkelen van de communicatielaag is anders dan het uitwisselen van expliciete kennis in de organisatie. Het toepassen van ervaringskennis is snel, doeltreffend en diepgaand waardoor de organisatie grote stappen kan maken. Het meten van dit proces is op dit moment in ontwikkeling. Men is volop bezig om het proces in de praktijk geactiveerd te krijgen. Het mechanisme werkt als een dialoog waardoor het automatisch zijn toegevoegde waarde krijgt. Het is eigenlijk een kennismanagement systeem. Wellicht biedt door de toepassing van ervaringskennis meer en betere kandidaten op om aan de schaarste van technisch personeel te voldoen. 4.6 Aanvullend 1. Zorg voor een grotere tevredenheid van de leden door een verbetering in de communicatie over wat het opleidingsfonds OTIB doet. 4.7 Verder onderzoek 1. Uit vraag 9a t/m f blijkt dat een meerderheid van de bedrijven bezig is met maatschappelijke vraagstukken zoals duurzaamheid, vraag naar het langer zelfstandig wonen, veiligheid en elektrische mobiliteit. Het lijkt daarmee alsof iedereen met hetzelfde bezig is. Uit een vervolg onderzoek zou kunnen blijken of het een dreiging als deze bedrijven allemaal met dezelfde vraagstukken bezig zijn. Je kunt namelijk nooit allemaal hetzelfde doen. 18 Dr. J.H.G. Zinsmeister Universiteit van Amsterdam WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 21
    • CW Geraadpleegde literatuur Baarda, D.B., en Goede, M.P.M. de en Teunissen, J., (2005). Basisboek Kwalitatief Onderzoek. Groningen/Houten: Stenfert Kroese p/a Wolters-Noordhoff bv. Conner, D.R. (1993). Managing at the Speed of Change. New York: Villard Books. Cozijnsen, A.J. (2012). Organisatie en verandering in de praktijk. Hilversum: Concept uitgeefgroep. Broesterhuizen, E., en Haas, de W., (april 2013). Notitie leren van Landbouw. Innovatie bij Installateurs. Sterkbestuur/EAB Advies B.V., Alterra Wageningen UR. Vrijhoef, R. (2013). Andere tijden. Nieuwe cultuur in de bouwketen. Overzicht aantallen werknemers geïnterviewde bedrijven • • • • • • Percentage bedrijven met minder dan 200 medewerkers en meer dan 51: 25,9% Percentage bedrijven met meer dan 201 medewerkers en minder dan 500: 25,9% Percentage bedrijven met meer dan 501 medewerkers en minder dan 1.000: 22,2% Percentage bedrijven met meer dan 1.001 medewerkers en minder dan 5.000: 11,1% Percentage bedrijven met meer dan 5.001 medewerkers en minder dan 10.000: 3,7% Percentage bedrijven met meer dan 10.001: 7,4% WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 22
    • CW Bijlage 1 In deze bijlage een overzicht van (bij mij) bekende definities. Deze is tot stand gekomen door eigen literatuurstudie en door het voeren van de verschillende gesprekken. Definities Elektrotechniek Als over elektrotechniek wordt gesproken dan wordt bedoeld de elektrotechnische installatietechniek. Installatietechniek Als over installatietechniek wordt gesproken dan wordt bedoeld de werktuigkundige installatietechniek zoals gas, water, licht, koeling en verwarming. Integrale aanpak Integrale aanpak is een aandachtsgebied in relatie tot procesinnovaties in de bouw, in diverse vormen: ketensamenwerking, Lean construction slimme bouwlogistiek en BIM (Bouw Informatie Model). Samen in de keten19 Ketenintegratie is gericht op het leveren van een gezamenlijk product op een gezamenlijke markt aan een gezamenlijke klant via een gezamenlijk proces. Ketenstrategie20 Een ketenstrategie is daarbij feitelijk een optelsom van de eigen bedrijfsstrategie (eigen positie), toeleveringsstrategie (achteruit in de keten), en marktstrategie (vooruit in de keten). Technicus Binnen dit onderzoeksrapport versta ik onder een technicus een man/vrouw die werkzaam is in de techniek: bijvoorbeeld elektrotechniek, installatiebranche of bouw (opleidingsniveau MBO en HBO). Een monteur heeft niveau 3. Een technicus heeft niveau 4 (engineer of projectleider). Waarbij abstract denkniveau voor een Hbo’er noodzakelijk is. 19 20 prof. Hans de Jonge TU Delft. prof. Hans de Jonge TU Delft. WINSALE Legmeerdijk 2c, 1187 ND, Bovenkerk T (06) 21 54 18 19 E christa@winsale.nl I www.winsale.nl KvK nummer 34254725 23