CROP Nieuwsbrief 1 2010

1,159 views

Published on

AFWAARDERING VAN
ONZAKELIJKE LENINGEN
denk aan aftrek
levensonderhoud
voor kinderen
profiteer van
investeringsaftrek
in 2010
fiscaal vriendelijk
aandelen schenken

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
1,159
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
1
Actions
Shares
0
Downloads
2
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

CROP Nieuwsbrief 1 2010

  1. 1. NIEuWs Amersfoort Arnhem Ede Hoofddorp Leusden Nieuwegein www.crop.nl Deze nieuwsbrief is een uitgave van CROP registeraccountants en CROP belastingadviseurs NR 1 jAARGANG 15 Februari 2010 denk aan aftrek levensonderhoud voor kinderen tIP profiteer van investeringsaftrek in 2010 fiscaal vriendelijk aandelen schenken AFWAARDERING VAN ONZAKELIJKE LENINGEN
  2. 2. 2 3 AFWAARDERING VAN ONZAKELIJKE LENINGEN 4 Denk aan aftrek levensonderhoud voor kinderen 6 Profiteer van investeringsaftrek in 2010 8 Grensoverschrijdende prestaties: denk aan ICP-opgaaf! 9 Fiscaal vriendelijk aandelen schenken 10 Belastingdienst strenger met boetes 11 Man en vrouw in de onderneming? Let op de taakverdeling! 12 Fiscale actualiteiten eigen woning 13 12 Tips 119 Inhoud pand doorschuiven van privé naar de BV 12 4 6 5
  3. 3. 3 AFWAARDERING VAN ONZAKELIJKE LENINGEN In deze economisch zware tijden blijkt helaas dat de financiële gegoedheid van vele debiteuren steeds vaker in het geding is. Als geldverstrekker bestaat dan de mogelijkheid om -als pleister op de wonde- de lening af te waarderen, waarbij u het verlies ten laste van uw fiscale winst kan brengen. De fiscus echter heeft haar vizier gericht op afwaarderingen van leningen. Immers de belangen kunnen groot zijn. In de praktijk blijkt al snel sprake te zijn van een zogenaamde ‘onzakelijke lening’. En dat kan verstrekkende gevolgen hebben. Onzakelijke leningen Een onzakelijke lening is een lening waarbij -al dan niet bewust- on­zake­­lijke voorwaarden worden overeengekomen. Hiervan kan sprake zijn indien: • de leningsvoorwaarden slechts mondeling zijn overeengeko- men en niet schriftelijk zijn vastgelegd; • er geen of een te lage rente­ vergoeding is overeengekomen; • de rente niet jaarlijks wordt voldaan; • er geen of onvoldoende ­zekerheden zijn bedongen; • er geen aflossingsschema is opgesteld. Indien sprake is van een of meer- dere van deze elementen is de kans groot dat de fiscus zich op het standpunt stelt dat de lening ‘onzakelijk’ is. De fiscus baseert zich hierbij met name op een arrest van de Hoge Raad van 9 mei 2008. Gelieerde verhoudingen Onzakelijke leningen zullen zelden voorkomen tussen onafhankelijke derden. Omdat afspraken tussen onafhankelijke derden geacht wor- den per definitie zakelijk te zijn. Een bevoordeling zal alsdan niet aan de orde zijn. Meestal worden leningafspraken tussen derden ook schriftelijk vastgelegd. Dit wordt anders als er ‘gelieerde verhoudingen’ in het spel zijn. Hierbij valt onder andere te denken aan leningen tussen BV’s, waarin ook een aandelenbelang speelt. Denk hierbij aan leningen tussen een houdster BV en een werk BV en leningen tussen zuster BV’s. Maar het kan ook aan de orde komen bij leningverhoudingen tussen de directeur/(aanmerkelijk belang) aan- deelhouder en zijn ‘eigen’ BV. Vaak genoeg blijkt dat er geen of onvol- doende vastleggingen zijn met alle gevolgen van dien. Afwaardering en rente Afwaardering van onzakelijke leningen heeft in de huidige tijd de warme belangstelling van de fis- cus. Hoewel de fiscus het wellicht zal ontkennen, lijkt het een nieuw landelijk speerpunt te zijn bij de aangifteregeling of een belasting- controle. Bij onzakelijke leningen zal de fiscus de afwaardering fis- caal niet accepteren, hetgeen leidt tot een hogere winst dan wel een lager verlies. Bovendien bestaat de kans van een rentecorrectie bij de gelieerde schuldeiser. Is het rente- percentage onzakelijk dan worden de rentebaten verhoogd naar een zakelijk percentage. Dat de rente niet feitelijk wordt betaald is volgens de fiscus geen reden de rente direct weer te ‘voorzien’. Aan de aftrekkant kan de regeling beperking renteaftrek een rol spelen. Dit alles kan leiden tot extra belastbare rente bij de schuldeiser en niet aftrekbaarheid bij de schuldenaar hetgeen uiteraard een ongewenste dubbele heffing tot gevolg heeft. Toekomstige en bestaande leningen Om een fiscale correctie op een -toekomstige- afwaardering of op de overeengekomen rente te voor- komen is het van essentieel belang om de voorwaarden waaronder een lening wordt aangegaan op zijn minst schriftelijk vast te leggen. Dit geldt overigens ook voor onderlinge rekening-courantverhoudingen. Let daarbij met name op de zakelijke condities, zoals zekerheden, aflos- sing en rentepercentage. Vergelijk daarbij zoveel mogelijk met wat een onafhankelijke derde (bijvoorbeeld een bank) zou eisen. Mocht dit pro- blemen opleveren dan is verstrekken van kapitaal een alternatief. Voor bestaande -mogelijk onzake­ lijke- leningen is het altijd zinvol om te bezien of vastlegging met (aanvullende) zakelijke voorwaarden nog mogelijk is, waarbij desgewenst afstemming met de fiscus kan plaatsvinden omtrent de zakelijk- heid. Bij een mogelijke toekom- stige afwaardering is dan de fiscale ­houdbaarheid gewaarborgd. Uw fiscaal en/of juridisch adviseur bij CROP kan u hierin uiteraard bijstaan. Wellicht heeft u als directeur van een BV in het verleden een lening verstrekt aan een dochtervennootschap of is bij een bedrijfsovername door een zoon of dochter een deel van de koopsom aan uw BV schuldig gebleven. U had daar- bij ten tijde van de verstrekking alle vertrouwen in de vermogenspositie van de debiteur. Let op!! De kosten van een energie-advies komen ook voor aftrek in aanmerking.
  4. 4. 4 Wie komen in aanmerking? In aanmerking komen bijvoorbeeld gescheiden ouders die kinderen hebben onder de 18 jaar of ouders van kinderen boven de 18 jaar die studeren en geen studie­ financiering hebben. De aftrek is mogelijk wanneer uw kind: • aan het begin van een kwartaal jonger is dan 30 jaar; • in dat kwartaal niet zelf kon voorzien in zijn levensonderhoud; • geen studiefinanciering, tegemoetkoming in de studiekosten of een vergelijkbare (buitenlandse) regeling kreeg. Bovendien: • niemand in uw huishouden in dat kwartaal ­kinderbijslag of een vergelijkbare buitenlandse ­uitkering voor dit kind kreeg; • uw uitgaven voor levensonderhoud in dat kwartaal minimaal € 408 per kind waren. Wat is aftrekbaar? Als u aan het begin van een kwartaal aan al deze voorwaarden voldoet, dan mag u van de uitgaven voor levensonderhoud een vast bedrag aftrekken. Het bedrag dat afgetrokken mag worden is voor 2009 minimaal € 290 (2010: € 295) en maximaal € 1.050 (2010: € 1.065) per kind per kwartaal. Hoe hoog het vaste aftrekbedrag is, hangt af van de leeftijd van uw kind en uw uitgaven voor levensonderhoud. Uitgaven voor levensonderhoud Dit zijn bijvoorbeeld uitgaven voor kleding, voeding, huur, kost en inwoning, verzekering, contributies, schoolgeld en sobere inrichtingskosten, maar hieronder vallen ook de kosten van kinderalimentatie en de kosten van het halen en brengen van het kind wanneer het naar u of de andere ouder gaat. Ziektekosten zijn in de regel niet aftrekbaar omdat hier een aparte aftrekregeling voor bestaat. Sommige kosten, zoals een bril voor uw kind, kunnen toch onder levensonderhoud vallen omdat deze kosten vanaf 1 januari 2009 zijn uitgesloten van de aftrekregeling voor ziektekosten. Belastingdienst houdt u in de gaten De Belastingdienst gaat dit jaar extra controleren op belastingaangiften waarin de aftrekpost voor uitgaven aan het levensonderhoud voor kinderen onder de 30 jaar wordt opgevoerd. De extra controle betekent dat de fiscus zeker wil weten of u wel recht hebt op deze aftrek en of u de berekening juist hebt uitgevoerd. Het is dan ook verstandig om bewijsstukken te bewaren waarmee u kunt aantonen dat u voorziet in het levens- onderhoud van uw kind. Denk aan aftrek levensonderhoud voor kinderen Alle belastingplichtigen Let op!! Voor de uitgaven levensonderhoud geldt geen drempel voor aftrek! De vaste aftrekbe- dragen zijn steeds geheel aftrekbaar, als voldaan is aan bovenstaande voorwaarden. Draagt u bij aan kos- ten voor bijvoorbeeld voeding en kleding van kinderen die jon- ger zijn dan dertig jaar? Dit kan u een aftrekpost bij de fiscus opleveren. Om hiervan te profiteren mag u als ouder geen kinder­ bijslag ontvangen en mag het kind geen eigen inkomen hebben, zoals studie­finan­cie­ ring. Bovendien moet u op kwartaalbasis minimaal € 408 in de kosten bijdragen.
  5. 5. 5 De terbeschikkingstellingsregeling betekent dat de huurinkomsten en de waardestijging van het pand bij u belast zijn in box 1. Daar staat tegenover dat de jaarlijkse kosten en de afschrijving op het pand in diezelfde box aftrekbaar zijn. Deze regeling is niet altijd aantrekkelijk, bijvoorbeeld vanwege de adminis- tratieve lasten. Om die reden geldt in 2010 een fiscale faciliteit. U kunt het pand doorschuiven naar de BV, zonder heffing van inkomstenbe- lasting en overdrachtsbelasting. Wat zijn de voorwaarden? Doorschuiving van de boekwaarde Het pand moet worden ingebracht in de BV, door middel van door- schuiving van de boekwaarde. De met het pand samenhangende schuld moet dus ook worden ingebracht in dezelfde BV. U heeft hiervoor de medewerking nodig van de financier (uw bank). Inbreng tegen uitreiking van aandelen De inbreng moet in principe plaats- vinden tegen uitreiking van aandelen in de BV. Een beperkte credite- ring van € 2.500 is wel mogelijk. Ook een agiostorting is mogelijk en bent u enig aandeelhouder dan is de inbreng tegen uitreiking van aandelen niet vereist. Er kan dan worden volstaan met een informele kapitaalstorting. In alle situaties is de voorwaarde wel dat u de aan- delen niet vervreemdt gedurende drie jaren na de inbreng. Deze voor- waarde geldt ook bij agiostorting. Minimaal voor 90% aandeelhouder Na de inbreng moet u direct of ­indirect voor tenminste 90% van het totaal geplaatste aandelen- kapitaal aandeelhouder zijn van de BV. Deze voorwaarde kan problemen opleveren bij mede- eigendom. In sommige gevallen moet een nieuwe BV worden opge- richt. Echtgenoten die in algehele gemeenschap van goederen zijn gehuwd hoeven dat niet, mits het pand en de aandelen in dezelfde verhouding op naam van beiden staan. Inbreng alleen in 2010 De inbreng moet plaatsvinden in 2010, dus vóór 1 januari 2011. Bovendien moet u samen met uw BV bij de Belastingdienst een DGA verzoek indienen om toepassing van de inbrengfaciliteit. Wordt er gestort op aandelen dan is een inbrengbeschrijving nodig, die is ondertekend door het bestuur van de BV, alsmede een verklaring van uw accountant. Bovendien moet het pand worden getaxeerd. Bent u enig aandeelhouder en wordt volstaan met een informele kapitaalstorting, dan is een inbrengbeschrijving en een accountantsverklaring niet nodig. Vrijstelling voor de overdrachtsbelasting Voor de overdrachtsbelasting geldt als extra voorwaarde dat u het pand al vóór 1 september 2009 aan de B.V. ter beschikking stelde. De inbreng- vrijstelling wordt teruggenomen als het pand binnen drie jaar na de inbreng worden vervreemd of als de inbrenger binnen drie jaar na de inbreng niet meer tenminste 90% van de aandelen in de BV bezit. Wel of niet inbrengen? Deze vraag is niet met een simpel ja of nee te beantwoorden. Zo is vanaf dit jaar 12% van het resul- taat uit een terbeschikkingstelling vrijgesteld van inkomstenbelasting. Ook mag u voortaan binnen de terbeschikkingstellingsregeling een herinvesterings-en kostenegalisatie- reserve vormen. Aan de andere kant moet normaal gesproken bij beëin- diging van de terbeschikkingstelling van het pand direct worden afge- rekend en daarvoor zijn niet altijd de financiële middelen beschikbaar. Bovendien is de vrijstelling in de overdrachtsbelasting een aantrek- kelijke reden om gebruik te maken van de eenmalige inbrengfaciliteit. Al deze afwegingen spelen een rol. CROP onderzoekt graag voor u wat in uw situatie de beste optie is. Neem hiervoor contact op met uw contactpersoon bij CROP. Let op!! In de meeste geval- len is het verstandig om het pand met terugwerkende kracht in te brengen per 1 januari 2010. Zorg in dat geval tijdig voor een intentieverklaring/ voorovereenkomst. doorschuiven van privé naar de BV Veel directeur-grootaandeel- houders (dga’s) verhuren een pand in privé aan hun BV. Is dat bij u het geval dan heeft u te maken met de terbeschikking- stellingsregeling.Pand
  6. 6. 6 INVEstEERt u IN 2010 VOOR mEER DAN € 2.200 IN BEDRIJFsmIDDELEN, mAAK DAN GEBRuIK VAN DE INVEstERINGsAFtREK. DIt Is EEN ExtRA AFtREKPOst tER GROOttE VAN EEN DEEL VAN hEt INVEstERINGsBEDRAG. drie sOOrten investeringsaftrek De investeringsaftrek bestaat uit drie onderdelen: • de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (kIA). Bedoeld voor investeringen in nieuwe of gebruikte bedrijfsmiddelen. De kIA is in 2010 fors uitgebreid. • de energie-investeringsaftrek (EIA). Investeringen in nieuwe bedrijfsmiddelen die vermeld staan op de zogenoemde Energielijst van de Belastingdienst. Zie:www.senternovem.nl/eia/energielijst/ • de milieu-investeringsaftrek (MIA). Investeringen in nieuwe bedrijfsmiddelen die vermeld staan op de zogenoemde Milieulijst MIA/VAMIL van de Belastingdienst. Zie:www.senternovem.nl/vamil_mia/milieulijst/ U kunt voor dezelfde investering geen energie-investe- ringsaftrek én milieu-investeringsaftrek tegelijk krijgen. Een combinatie met de kleinschaligheidsinvesteringsaf- trek mag wel. kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (kia) De kleinschaligheidsaftrek is vanaf 2010 ruimer. De kIA geldt voor de eenmanszaak, BV, VOF en CV. Het aftrekpercentage is gerelateerd aan de totale investeringen in een jaar. Het hoogste percentage is verhoogd naar 28%. De ondernemer kan van de kIA profiteren met investeringen tot € 300.000. Nieuw is ook dat zeer zuinige personenauto’s, waar- onder elektrische auto’s, met ingang van 1 januari 2010 in aanmerking komen voor de kIA. De investeringsaftrek geldt overigens niet voor alle investeringen. Vraag uw accountant of belastingadvi- seur naar de beperkingen en mogelijkheden. Verkoopt u de investering weer binnen vijf jaar dan kan het zo zijn dat u de aftrek deels moet terugbetalen. Dit heet desinvesteringsbijtelling. energie-investeringsaftrek (eia) Ondernemers die investeren in energiezuinige tech- nieken kunnen belastingvoordeel behalen met de EIA. Van deze bedrijfsmiddelen is 44% extra aftrekbaar van de winst wanneer het bedrag aan energie-investeringen minimaal € 2.200 is. Uiteraard moet het bedrijfsmid- del op de Energielijst staan en is het nog niet eerder gebruikt. In 2010 is het voor ondernemers aantrekkelijk om in energiebesparing van hun bedrijfsgebouwen te investeren. Hier vallen bijvoorbeeld diverse installaties voor verlichting onder. Ook klimaatbesparingssyste- men en warmte-terugwinningsinstallaties staan op de Energielijst. milieu-investeringsaftrek (mia) Ondernemers kunnen in 2010 weer fiscaal voordelig investeren in milieuvriendelijke technieken als zij gebruik maken van de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en Willekeurige Afschrijving Milieu-investeringen (Vamil). Het bedrijfsmiddel moet op de milieu- lijst staan en voor de MIA geldt bovendien dat het LEt OP!! De kosten van een energie-advies komen ook voor aftrek in aanmerking. PROFItEER VAN INVEstERINGsAFtREK IN 2010
  7. 7. 7 bedrag aan milieu-investeringen minimaal € 2.200 bedraagt. De aftrek kan hier oplopen tot 40% van het investeringsbedrag. Hogere aftrek In verband met de crisismaatregelen geldt sinds juni 2009 voor veel investeringen een hoger aftrekpercen- tage. Deze hogere aftrekmogelijkheden blijven in 2010 gehandhaafd. Daarnaast kunnen ondernemers die niet tot de visserij, land- of tuinbouw behoren, in 2010 gebruik maken van 20 procent extra MIA, mits ze vóór de economische crisis financieel gezond waren en tot een maximum van 500.000 euro extra steun per onder- neming. Om in aanmerking te komen, moeten zij een modelverklaring van de belastingdienst meesturen met het meldingsformulier. De modelverklaring is te vinden op www.belastingdienst.nl/download/2445.html. VAMIL Met de Vamil kunt u een milieu-investering op een ­willekeurig moment afschrijven. Door een snellere afschrijving behaalt u rente- en liquiditeitsvoordeel. In verliessituaties kan het uitstellen van afschrijving juist gunstig zijn. Investeringen ter bevordering van de ­economische ontwikkeling Om bedrijven te stimuleren ook tijdens de econo- mische crisis te blijven investeren is er een tijdelijke regeling Willekeurige Afschrijving voor investeringen Let op!! Een voorwaarde voor toepassing van zowel de EIA, als de MIA en de VAMIL is dat de investering tijdig wordt aangemeld bij het Bureau Investeringsregelingen en Willekeurige afschrijving (IRWA) te Breda. U vindt het meldingsformulieren op de website van Agentschap NL (voorheen: Senter-Novem) te Zwolle. http://www.senternovem.nl/mmfiles/Meldingsformulier%20EIA%20 2010_tcm24-324911.pdf (voor de EIA) en http://www.senternovem.nl/vamil_mia/publicaties/aanvraagformu- lieren_mia_en_vamil.asp (voor de MIA en VAMIL). U kunt uw belastingadviseur of accountant ook machtigen om de aanvraag voor u te doen. Meld de investering op tijd: • aanvraagtermijn aanschafkosten: Stuur het formulier in binnen drie maanden na de opdracht voor de aanschaf. • aanvraagtermijn voortbrengingskosten: Het Bureau IRWA moet uw melding ontvangen hebben binnen drie maanden na het eind van het kalenderkwartaal waarin de voortbrengingskosten zijn gemaakt. Neemt u het bedrijfsmid- del waarvoor de voortbrengingskosten zijn gemakt in de loon van datzelfde kalenderkwartaal in gebruik? Meld de kosten dan binnen drie maanden na de datum van ingebruikneming. in bedrijfsmiddelen die voldoen aan de volgende voorwaarden: 1. Het bedrijfsmiddel is niet eerder gebruikt, en 2. Het bedrijfsmiddel is aangeschaft/voortgebracht in • 2009 en in gebruik genomen vóór 1 januari 2012 of • 2010 en in gebruik genomen vóór 1 januari 2013 3. Op het bedrijfsmiddel wordt niet uit andere ­hoofde willekeurig afgeschreven en 4. Het bedrijfsmiddel is niet uitgesloten van wille­ keurige afschrijving. Denk hierbij aan gebouwen, woonschepen, bromfietsen, motorrijwielen, personenauto’s (met uitzondering van zeer zui- nige personenauto’s) die niet bestemd zijn voor beroepsvervoer, immateriële activa, dieren en bedrijfmiddelen die bestemd zijn om (indirect) hoofdzakelijk ter beschikking te worden gesteld aan derden (met uitzondering van kortstondige verhuur aan opeenvolgende huurders). Wordt aan bovengenoemde voorwaarden voldaan, dan kan de willekeurige afschrijving alleen plaatsvinden in 2009 en 2010 (bij aanschaf/voortbrenging in 2009) en 2010 en 2011 (bij aanschaf/voortbrenging in 2010). De willekeurige afschrijving bedraagt maximaal 50% van de af te schrijven aanschaffings-/voortbrengings- kosten per jaar. ondernemer
  8. 8. 8 BENt u ALs ONDERNEmER GRENsOVERschRIJDEND BEZIG DAN hEEFt u EEN LIstING-VERPLIchtING. DIt hOuDt IN DAt u PERIODIEK EEN APARt FORmuLIER mOEt INDIENEN BIJ DE BELAstINGDIENst, WAAROP DE GRENsOVERschRIJDEN- DE DIENstEN OF LEVERIN- GEN AAN ANDERE ONDER- NEmERs IN DE Eu ZIJN VERmELD. DOEt u DIt NIEt, DAN RIsKEERt u EEN BOEtE VAN mAxImAAL € 4.537. eÉn Opgaaf vOOr intracOmmunautaire prestaties Ondernemers die goederen leveren aan een ander EU-land zijn al jaren bekend met de opgaaf intracommunautaire leveringen (ICL). Omdat voortaan ook dienstverleners met grensoverschrijdende diensten een opgaaf moeten doen is de ICL vervangen door de opgaaf intracommunautaire prestaties (ICP). grensOverschrijdende diensten Met ingang van 1 januari 2010 is de plaats van dienst voor de omzetbelasting veranderd. In de meeste gevallen geeft de ondernemer die de diensten afneemt, de btw aan in eigen land. Dit betekent dat u als dienstverlener voortaan facturen zonder btw verstuurt aan uw buitenlandse afnemer (ondernemer). Wel moet u op de factuur vermelden dat de btw is verlegd en heeft u het btw-identificatienum- mer van de afnemer nodig. Dit nummer moet u ook op de factuur vermelden en heeft u nodig voor de opgaaf ICP. termijnen vOOr Opgaaf icp U moet periodiek de opgaaf ICP indienen. Dit kan via het beveiligde gedeelte van de internetsite van de Belastingdienst. Nadat u bent ingelogd, vindt u de opgaaf terug onder de overige formulieren. Ook CROP kan de opgaaf voor u verzorgen. In dat geval gaat de opgaaf via een zogenoemd BAPI-kanaal. Bij een onvolledige of onjuiste opgaaf ICP ontvangt u een mededeling waarin u wordt verzocht om de ontbrekende of onjuiste ge-gevens aan te vullen of te herstellen. Wanneer  u opgaaf ICP moet doen hangt af van uw situatie: Heeft u in de tweede maand van het kwar- taal de grens van € 100.000 aan intracommu- nautaire leveringen overschreden? Dan doet u eenmalig na twee maanden opgaaf en vervol- gens maandelijks. Is de omzet per jaar lager dan € 15.000, dan mag u onder voorwaarden de ICP-opgaaf per jaar doen. GRENSOVERSCHRIjDENDE PREStAtIES: DENK AAN IcP-OPGAAF! intracommunautaire diensten en leveringen Omzet intracommunautaire prestaties per kwartaal termijn icp-opgaaf Diensten n.v.t. Per maand, maar mag ook per kwartaal Leveringen € 100.000 Per kwartaal € 100.000 Per maand ONDERNEmER LEt OP!! De opgaaf ICP is pas vanaf half april 2010 beschikbaar via het beveiligde internetge- deelte van de Belastingdienst. Dit betekent dat u op dit moment nog geen maandop- gaaf ICP kunt doen. Over het eerste kwar- taal van 2010 mag u daarom een kwartaal- opgaaf doen, ook als u in die periode de grens van € 100.000 heeft overschreden. Wordt er via het BAPI-kanaal opgaaf ICP gedaan, dan is de maandopgaaf wel vereist. eU
  9. 9. 9 Fiscaal vriendelijk aandelen schenken Wanneer u aandelen in uw BV schenkt, dan moest u in het verleden 25% inkomstenbelasting (box 2) betalen over de waarde van de aandelen verminderd met de verkrijgingsprijs. Vanaf 2010 is in de inkomstenbelas- ting een doorschuif­faciliteit opgenomen. De verschul- digde inkomstenbelasting hoeft niet direct te worden afgerekend, maar de claim mag onder voorwaarden worden doorgeschoven naar de verkrijger van de aandelen. Wat zijn de voorwaarden? Het doorschuiven van de claim kan alleen als de BV waarin de aandelen worden verkregen een materiële onderneming drijft. In de onderneming moeten daad- werkelijk bedrijfsactiviteiten plaatsvinden in plaats van alleen maar vermogensbeheer. Wel mag het in de onderneming aanwezige beleggingsvermogen mee- genomen worden tot een maximum van 5% van de waarde van het ondernemingsvermogen. Aanvullende eisen aan de verkrijger De verkrijger moet een binnenlandse particulier zijn. Daarnaast geldt de eis dat de verkrijger al drie jaar voor de schenking bij de BV in dienstbetrekking is of al drie jaar statutair bestuurder is van de BV. Onder voorwaarden kan ook gebruik worden gemaakt van de doorschuiffaciliteit als de verkrijger in dienstbetrek- king is bij de werk-BV en de aandelen in de holding worden geschonken. Vereenvoudigd voorbeeld doorschuiffaciliteit Stel, vader heeft een BV en wil zijn aanmerkelijk belangaandelen schenken aan zijn zoon. De verkrijgingsprijs van de aandelen was € 18.000 en de aandelen zijn op dit moment € 80.000 waard. Van dit bedrag heeft € 60.000 betrekking op de materiële onderneming en € 20.000 op het beleggingsvermo- gen. De doorschuiffaciliteit mag nu worden toegepast op € 63.000. Dit bedrag is opgebouwd uit € 60.000 dat betrekking heeft op de materiële onderneming en 5% van € 60.000, oftewel € 3.000. Er is namelijk beleggingsvermogen aanwezig en daarom mag hier- voor 5% van de waarde van het ondernemingsver- mogen worden meegenomen. Vader zou dus moeten afrekenen over € 17.000 (€ 80.000 waarde van de aandelen - € 63.000). Omdat hier de verkrijgingsprijs van € 18.000 op in mindering mag worden gebracht, hoeft vader dus niet af te rekenen in box 2. De doorschuiffaciliteit in combinatie met doorschuiven tbs-pand naar de BV In deze nieuwsbrief vindt u ook een artikel over het doorschuiven van een terbeschikking gesteld pand van privé naar de BV. Maakt u van deze mogelijkheid gebruik dan valt dit pand in het ondernemingsvermo- gen van de BV. De doorschuiffaciliteit bij schenking van de aandelen ziet dan ook op de waarde van het pand. U moet het pand dan wel hebben ingebracht in een materiële onderneming. Heeft u het pand inge- bracht in een nieuw opgerichte BV waarin verder geen activiteiten plaatsvinden, dan kunt u geen gebruik maken van de doorschuiffaciliteit. Verzoek aan de Belastingdienst Wilt u gebruik maken van de doorschuiffaciliteit, dan moet u samen met de verkrijger een schriftelijk verzoek indienen bij de Belastingdienst. Let op!! De doorschuiffaciliteit bestaat al langer bij vererving van aande- len. Vanaf 2010 wordt ook hier de eis gesteld dat de BV een materi- ële onderneming moet drijven. DGA
  10. 10. 10 DE BELAstINGDIENst hEEFt hAAR BOEtEBELEID AANGE- schERPt. DE BOEtE VOOR hEt NIEt OF NIEt OP tIJD DOEN VAN DE BELAstINGAANGIFtE Is VANAF 1 JANuARI 2010 FORs OmhOOG GEGAAN. ONDERNEmER EN PARtIcuLIER BEtALEN VOORtAAN BIJ DIt VERZuIm tOt mAxImAAL € 4920 (WAs € 1134). NIEuW Is DAt DE BELAstINGDIENst VOORtAAN OOK EEN BOEtE KAN OPLEGGEN ALs ER tEN ONREchtE GEEN BIJ- tELLING hEEFt PLAAtsGEVONDEN VOOR hEt PRIVéGEBRuIK VAN DE AutO VAN DE ZAAK. te laat indienen van de aangifte inkOmsten- en vennOOtschapsbelasting Als het de eerste keer is dat een ondernemer niet of niet op tijd aan- gifte vennootschapsbelasting doet, is de fiscus de helft milder: € 2.460 (was € 567). toch nog altijd een fors bedrag. Bij de inkomstenbelasting blijft de Belastingdienst voor vroege overtreders hetzelfde beleid voeren: bij de eerste keer een boete van € 226. De tweede keer bedraagt de boete € 984. Voortaan worden deze boetes elke vijf jaar aangepast aan de inflatie. Het ministerie van Financiën heeft voor speciale groepen belasting- plichtigen waaronder de automo- bilisten en zwartspaarders aparte boetebedragen of –percentages vastgesteld. geen pardOn vOOr zwartspaarders Met ingang van 1 juli 2009 is de boete voor het niet aangeven van bezittingen in box 3, zoals spaar- geld of huizen in het buitenland, verhoogd tot maximaal 300 procent van de verschuldigde belasting. In eerste instantie zal bij grove schuld bij een navorderingsaanslag die betrekking heeft op box III-inkomen een boete worden opgelegd van 75%. Is sprake van opzet, dan zal de boete 150% bedragen. Bij recidi- ve kunnen deze boeten dus worden verdubbeld tot maximaal 300%. Belastingplichtigen die gebruik maken van de zogenoemde inkeer- regeling, waarbij vrijwillig het zwart vermogen wordt aangegeven, kon- den tot 1 januari 2010 een boete vermijden. Maar sinds die datum kan een boete van 15 procent (van de verschuldigde belasting) worden opgelegd, wanneer de belasting- plichtige inkeert nadat twee jaar of meer zijn verstreken na het beboet- bare feit. Een belastingplichtige heeft dus nog slechts twee jaar de tijd om zonder boete openheid van zaken te geven na het doen van een te lage aangifte inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting of erf- en schenkbelasting. bOete bij niet aangeven van de bijtelling privÉgebruik autO van de zaak De verzuimboete voor het (gedeel- telijk) niet of (tijdig) betalen van een aangiftebelasting, zoals de loonheffingen en de omzetbelas- ting, bedraagt € 492. Als blijkt dat er ten onrechte geen bijtelling heeft plaatsgevonden voor het privé- gebruik auto van de zaak wordt een boete opgelegd van € 3.936 (80% van het wettelijk maximum € 4.920). In bijzondere gevallen kan een boete van maximaal € 4.920 worden opgelegd. De vergrijpboete bij een naheffingsaanslag bedraagt in dat geval 40% (van de naheffing) als sprake is van grove schuld en 80% als sprake is van opzet. De ver- grijpboete wordt echter 100%, indien er een onjuiste of onvolledige rittenregistratie is overlegd. tOt slOt Heeft de Belastingdienst u een boete opgelegd, neem dan zo snel mogelijk contact op met uw belas- tingadviseur. Hij of zij kan beoorde- len of de boete niet te hoog is en zo nodig bezwaar maken. BELAstINGDIENst stRENGER MEt BOEtEs ALLE BELAstINGPLIchtIGEN LEt OP!! Ook als u de ver- schuldigde belas- ting niet of niet op tijd betaalt kan de Belastingdienst een boete opleggen. te laat indienen van de aangifte inkOmsten- en vennOOtschapsbelasting Als het de eerste keer is dat een ondernemer niet of niet op tijd aan- gifte vennootschapsbelasting doet, is de fiscus de helft milder: € 2.460 (was € 567). toch nog altijd een fors bedrag. Bij de inkomstenbelasting €
  11. 11. Man en vrouw in de onderneming? Let op de taakverdeling! Ongebruikelijk samenwerkingsverband Sommige werkzaamheden tellen namelijk niet mee voor het urencriterium. Samenwerkingsverbanden van echtgenoten kunnen zo zijn ingericht dat ze ongebrui- kelijk zouden zijn voor niet-echtgenoten. Als er sprake is van zo’n ongebruikelijk samenwerkingsverband, kan dat betekenen dat één partner niet in aanmerking komt voor de zelfstandigenaftrek en andere onderne- mersfaciliteiten. Of hiervan sprake is, hangt af van de werkzaamheden die de partners verrichten. Er wordt onderscheid gemaakt tussen ‘hoofdactiviteiten’, ‘niet- ondersteunende werkzaamheden’ en ‘overige werk- zaamheden’, die enigszins gelijk verdeeld moeten zijn. Wanneer een partner bijvoorbeeld alleen administra- tief werk in een kwekerij doet, is dat niet voldoende. Man en vrouw moeten allebei gelijkwaardig bezig zijn met het bedrijf, allebei ondernemer zijn. Een man/ vrouw-firma tussen bijvoorbeeld een tandarts en een tandarts-assistente wordt hiermee fiscaal gezien ongebruikelijk. De tandarts-assistente krijgt in dit voorbeeld niet de zelfstandigenaftrek. Werkzaamheden Waar moet u aan denken bij de juiste verdeling aan hoofdwerkzaamheden en ondersteunende activiteiten? Tot de ondersteunende werkzaamheden behoren o.a. het voeren van de administratie, schoonmaak- werkzaamheden en het oppakken van de telefoon. Bij hoofdactiviteiten moet u denken aan het maken van offertes, het aantrekken van werknemers en de communicatie met klanten en leveranciers. Het is raadzaam de taakverdeling gelijk te verdelen en op papier te zetten. Daaruit moet blijken wie welke taken heeft binnen de firma. Bij een eventueel meningsverschil met de fiscus ligt de bewijsvoering bij de firma. Voorbeeld Dat de inspecteur en de rechter zwaar tillen aan goed bewijsmate- riaal laat een zaak zien die onlangs diende voor het gerechtshof in Leeuwarden. Man, vrouw en zoon zijn met hun drieën in firmaverband eigenaar van een sloopbedrijf en groothandel in antieke bouwmateri- alen. De vrouw, het ‘visitekaartje’ van het bedrijf, kon aan de rechter niet duidelijk maken dat zij voldoende uren aan de hoofdactiviteiten besteedde. Zij kon geen gespecificeerde urenadministratie overleggen maar slechts een eenvoudige opsomming van werkzaamheden. Hoewel deze vrouw ongetwijfeld meer dan 1225 uur in het bedrijf stak, kreeg ze geen zelfstandigenaftrek! Als ondernemer heeft u recht op de ondernemersaftrek als u voldoet aan het urencriterium. Dit houdt in dat u minimaal 1225 uren besteedt aan de onderneming en voor meer dan 50% van uw totale arbeidstijd. Het urencriterium bepaalt of u recht heeft op de zelfstandigenaftrek. Bij een samenwerkingsverband tussen echtgenoten, bijvoorbeeld in een man/vrouw-firma, kunt u hiervan beiden profiteren. Maar let op, er zitten addertjes onder het gras! ondernemer 11
  12. 12. 12 Als eigenwoningbezitter wilt u natuur- lijk op de hoogte blijven van alle ont- wikkelingen rondom de eigen woning. In 2010 is een aantal fiscale regels gewijzigd. Hoog tijd voor een update! Eigenwoningforfait hoger voor dure woningen Eigenwoningbezitters moeten het eigenwoningforfait bij hun inkomen tellen. Daar staat tegenover dat u bepaalde kosten, zoals de hypotheekrente, in aftrek kunt brengen. Het eigenwoningforfait is een percentage van de woz-waarde. Ligt deze tussen de € 75.000 en € 1.010.000, dan is het percentage 0,55%. Is de woz- waarde hoger, dan is het eigenwoningforfait € 5.555 + 0,80% van de woz-waarde boven € 1.010.000. Hypotheekrenteaftrek na tijdelijke verhuur Door de economische crisis is het nog steeds moeilijk om een huis te verkopen. Steeds meer huiseigenaren besluiten dan ook om hun oude woning te gaan ver- huren. De woning verhuist inclusief eigenwoningschuld naar box 3 en u heeft voor deze woning geen recht meer op hypotheekrenteaftrek. Speciaal voor deze situ- atie is nu een tegemoetkoming geregeld. Als de woning na de verhuurperiode opnieuw leegstaat, dan is weer hypotheekrenteaftrek voor deze woning mogelijk. De hypotheekrente kan nog worden afgetrokken tot maxi- maal twee jaar na het kalenderjaar waarin u zelf de woning heeft verlaten. De tegemoetkoming geldt ook in situaties waarin de verhuur al vóór 1 januari 2010 is aangevangen. Woz-waarde steeds belangrijker Zowel bij de bepaling van het eigenwoningforfait, als voor de waardering van woningen in box 3, is de woz-waarde bindend. Deze waarde wordt dus steeds belangrijker. Binnen acht weken na aanvang van het jaar, ontvangt u van de gemeente de woz-beschikking. Vaak is deze verwerkt in het aanslagbiljet gemeentelijke belastingen. Bent u het niet eens met de vastgestelde waarde, maak dan tijdig (binnen zes weken) bezwaar. Bijleenregeling eigen woning in 2010 eenvoudiger Door de bijleenregeling bent u verplicht om de over- waarde die u behaald bij de verkoop van uw woning te gebruiken voor u nieuw aangekochte woning. De ­bijleenregeling is nu op drie punten vereenvoudigd. De termijn voor de eigenwoningreserve is van vijf jaar naar drie jaar gegaan. De bijleenregeling is hierdoor minder vaak van toepassing. De goedkoperwonenregeling is afgeschaft. De renteaftrek voor meegefinancierde kosten wordt uitgebreid. Ook doorstromers op de woningmarkt mogen voortaan de rente over meegefinancierde kosten (bijvoorbeeld afsluitprovisie, notaris- en taxatiekosten) aftrekken. De winterschilder mag weer komen Het schilderen, stukadoren en aanbrengen van behang aan woningen van twee jaar of ouder, vallen sinds 15 september 2009 onder het verlaagde btw-tarief van 6%. Het lage tarief geldt ook bij het laten aanbrengen van isolatiemateriaal aan dak, muur en vloeren van woningen ouder dan twee jaar. Vanaf 2010 valt ook het schoon- maakwerk in de woning onder het verlaagde tarief. Fiscale actualiteiten eigen woning Alle belastingplichtigen -/+ WAO waarde Let op!! Voor schoon- maakwerkzaam- heden aan de buitenkant van woningen, zoals gevelreiniging en glazenwassen, en voor speci- fieke schoon- maakdiensten binnen woningen zoals schoor- steenvegen en CV-reiniging, geldt het alge- mene btw-tarief van 19%. Let op!! In de meeste gevallen is bezwaar pas aantrekkelijk als de werke- lijke waarde ten minste € 10.000 lager is.
  13. 13. 13 maXimaal drie maanden heffingsrente Het percentage heffingsrente en invorderingsrente is voor het eerste kwartaal 2010 vastgesteld op 2,50%. Over de door de Belastingdienst in rekening te brengen heffingsrente, heeft de Hoge Raad in september 2009 een belangrijke uitspraak gedaan. Door deze uitspraak mag de Belastingdienst u voortaan heffingsrente bereke- nen over een periode tot maximaal drie maanden nadat u de aangifte (of het verzoek om een voorlopige aan- slag) heeft ingediend. Het uitgangspunt is namelijk dat de belastingdienst de (voorlopige) aanslag binnen drie maanden moet hebben opgelegd. ALLE BELAstINGPLIchtIGEN WERKGEVER ONDERNEmER ALLE BELAstINGPLIchtIGEN dwangsOm als de belastingdienst te laat beslist Als u een aanvraag of een bezwaar tegen een aanslag bij de Belastingdienst indient, dan moet u binnen de wettelijke termijn een beslissing ontvan- gen. Gebeurt dit niet, dan kunt u de Belastingdienst in gebreke stellen en een dwangsom eisen. Op de site van de Belastingdienst (www.belastingdienst. nl) kunt u het formulier “Dwangsom bij niet tijdig beslissen” downloaden. Met dit formulier verzoekt u de Belastingdienst om alsnog binnen 2 weken een beslissing te nemen en geeft u aan dat u een dwangsom eist, als u niet binnen deze termijn een beslissing ontvangt. De dwangsom kan oplopen tot maximaal € 1.260. deeltijd-ww verlengd tOt 1 april 2010 De deeltijd-WW wordt verlengd tot 1 april 2010, maar de regeling stopt eerder als het beschikbare geld op is. Dat heeft minister Donner van Sociale Zaken bekend gemaakt. Met behulp van de deeltijd-WW krijgen gezonde bedrijven, die tijdelijk minder werk hebben, de mogelijkheid om hun vak- krachten te behouden. Wilt u meer weten over de regeling, kijk dan eens op de site van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (www. minszw.nl). btw-privÉgebruik autO: maak tijdig bezwaar Rijdt u of uw personeel in een auto van de zaak, dan heeft u in de laatste btw-aangifte van het jaar een correctie voor het privégebruik moeten opgeven. In de meeste gevallen bedraagt de correctie 12% x 25% x cataloguswaarde van de auto. In 2008 heeft de Hoge Raad aan het Europese Hof van justitie gevraagd of Nederland de correctie op deze manier wel mag toepassen. tot nu toe is hier nog geen dui- delijkheid over. Om uw rechten te behouden, is het daarom verstandig om tijdig bezwaar te maken. 1 2 3 12 tIPs1e kwartaal 2010 4 12 tIPs +
  14. 14. 14 vrijstelling Overdrachtsbelasting mOnumenten vervallen De vrijstelling van overdrachtsbelasting voor de verkrijging van rijksmonumenten die vanaf 1 mei 2009 ook voor particulieren gold (en daarvoor alleen voor rechtspersonen), is per 1 januari 2010 vervallen. Zowel particulieren als rechtspersonen betalen dus per 1 januari 2010 overdrachtsbelasting bij de verkrijging van monumentaal pand. De vrijstelling zal worden vervangen door een gerichte subsidie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. wajOng-adviesvOuchers vOOr mkb-bedrijven Mkb-bedrijven kunnen vanaf 15 februari 2010 een Wajong-adviesvoucher aanvragen. Een re-integratie- bedrijf kan met de voucher voor een werkgever onderzoeken of er mogelijkheden zijn een jongehan- dicapte een baan bij een reguliere werkgever aan te bieden. Het ministerie van Sociale Zaken vergoedt de kosten van het onderzoek tot een maximum van € 2.500. Bedrijven kunnen de voucher aanvragen bij Agentschap NL (voorheen: SenterNovem) (www.nlinnovatie.nl/wajong-vouchers). Er zijn tot 14 februari 2011 duizend adviesvouchers beschikbaar. dienstenlOket van start Op antwOOrd vOOr bedrijven De centrale ondernemerssite van de overheid, Antwoord voor Bedrijven (www.antwoordvoorbedrijven.nl), heeft het Dienstenloket geopend. Het Dienstenloket maakt het voor ondernemers mogelijk om via de zogeheten Berichtenbox vragen te stellen en vergunningen aan te vra- gen in Nederland en andere Europese lidstaten. Het dienstenloket is een gevolg van de Europese Dienstenrichtlijn. Doel van deze richtlijn is dat dienstverleners gemakkelijk overal in de EU aan de slag kunnen. De richtlijn neemt belemmeringen zoals regelgeving, administratieve lasten en hoge kosten, weg of vermindert ze. Alle lidsta- ten zijn tevens verplicht een elektronisch loket in te richten waar dienst- verleners informatie vinden en procedures af kunnen wikkelen die nodig zijn om in een land aan de slag te kunnen. Nederland is het eerste land in de EU wat een dergelijk loket heeft ingericht. pensiOen-bv mag OOk in eu-lidstaat gevestigd zijn Als directeur-grootaandeelhouder heeft u de mogelijkheid om uw pensioen ‘in eigen beheer’ uit te voeren, dat wil zeggen in uw eigen BV of in een aparte pensioen-BV. Aan ‘eigen beheer’ worden wel een aantal voor- waarden gesteld. Wilt u weten welke dit zijn, neem dan contact op met uw belastingad- viseur. Vanaf 2010 mag een pensioen-BV ook zijn gevestigd in een andere lidstaat van de Europese Unie, of in een bij ministeriële regeling aangewezen andere staat binnen de Europese Economische Ruimte. 7 8 5 6 ONDERNEmER ALLE BELAstINGPLIchtINGEN DGA WERKGEVER 12 tIPs+ 12 tIPs1e kwartaal 2010
  15. 15. 15 check uw brandstOfverbruik en catalOguswaarde De Rijksdienst voor het Wegverkeer (www.rdw.nl) heeft haar online-service uitgebreid. Vanaf januari 2010 treft u, als u het kenteken van de auto ingeeft, naast de technische en milieu- gegevens van het voertuig, voortaan ook de catalogusprijs. Het gaat alleen om voertuigen die vanaf 1 januari 2010 voor het eerst op naam zijn gezet. Voor oudere auto’s moet u, voor de cataloguswaarde, nog steeds uitgaan van de historische prijslijsten van de officiële importeurs. De Rijksdienst voor het Wegverkeer heeft ook het brandstofver- bruiksboekje 2010 gepubliceerd. In het boekje staat het verbruik en de CO2-uitstoot van vrijwel alle nieuwe auto’s op een rij. Het boekje kan u, als koper, helpen bij de keuze voor een nieuwe, zuinige en milieuvriendelijke auto en is gratis te downloaden. kleinebanenregeling vOOr jOnge werklOze Met de kleinebanenregeling doet de regering een poging om jeugdwerkloosheid te bestrijden. De regeling houdt in dat een werkgever voor een werknemer jonger dan 23 jaar met een kleine baan, geen premies werknemersverzekeringen hoeft te betalen. Ook wordt voor die werknemer de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet op nul gezet. U hoeft als werkgever dan ook geen vergoeding voor de inkomensafhankelijke bijdrage te geven. U moet wél gewoon loonbelasting/premie volksverzekeringen inhouden en afdragen. Van een kleine baan is sprake als het loon voor een 22-jarige niet meer bedraagt dan maximaal € 600 per maand. Voor lagere leef- tijden gelden lagere bedragen. De regeling geldt (voorlopig) voor één jaar, dus tot 1 januari 2011. aftrek alimentatieverplichtingen aan banden Staatssecretaris De jager heeft de dubbele aftrek van alimentatieverplichtingen en periodieke giften gerepa- reerd. Vanaf 30 december 2009 is het niet meer moge- lijk om de toekomstige alimentatieverplichting en de verplichting tot een periodieke gift als schuld in box 3 op te nemen. Deze verplichtingen kunnen nog wel als een box 3-schuld op waardepeildatum 1 januari 2009 worden opgevoerd, maar niet meer op waardepeildatum 31 december 2009. Uiteraard mag u de door u betaalde partneralimentatie wel als persoonsgebonden aftrekpost in aanmerking blijven nemen en ook de jaarlijkse gift blijft aftrekbaar in box 1. studerende werknemers de mOeite waard De afdrachtvermindering onderwijs is bedoeld om onderwijs te stimuleren. Deze afdrachtvermindering is in 2010 uitgebreid met de afdrachtvermindering voor verhoging van het opleidingsniveau van de werknemer. Deze afdrachtvermin- dering bedraagt € 500 per werknemer, geldt voor één jaar en uitsluitend voor opleidingen die in 2010 zijn gestart. 10 11 9 12 ALLE BELAstINGPLIchtINGEN ALLE BELAstINGPLIchtINGEN WERKGEVER WERKGEVER ONDERNEmER Btw-privégebruik auto: maak tijdig bezwaar
  16. 16. AmERsFOORt Uraniumweg 23 3812 Rj Amersfoort Postbus 468 3800 AL Amersfoort tel. (033) 463 57 27 amersfoort@crop.nl ARNhEm Mr. E.N. van kleffensstraat 4 6842 CV Arnhem Postbus 1210 6801 BE Arnhem t (026) 351 02 28 arnhem@crop.nl EDE Rubensstraat 169 6717 VE Ede t (0318) 648 148 ede@crop.nl hOOFDDORP Opaallaan 1208 2132 LN Hoofddorp Postbus 245 2130 AE Hoofddorp t (023) 562 62 48 hoofddorp@crop.nl LEusDEN Storkstraat 24 3833 LB Leusden Postbus 102 3830 AC Leusden t (033) 495 25 00 leusden@crop.nl NIEuWEGEIN Marconibaan 59 B 3439 MR Nieuwegein Postbus 584 3430 AN Nieuwegein t (030) 604 00 35 nieuwegein@crop.nl cOLOFON Nieuwsbrief is een uitgave van CROP registeraccountants en CROP belastingadviseurs realisatie: BenedenBoven Marketing en Communicatie Barneveld benedenboven.nl CROP registeraccountants en CROP belastingadviseurs streven steeds naar betrouwbaarheid van de gepubliceerde informatie. Niettemin kunnen wij geen aansprakelijkheid aanvaarden voor eventueel in deze uitgave voorkomende onjuistheden.

×