SK - HC 22 01-2013

552 views

Published on

Hoort bij: http://youtu.be/ngepCRSN8BE

Published in: Education
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
552
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
3
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

SK - HC 22 01-2013

  1. 1. zouten• Herhaling: Oplosvergelijking: - Normaal: geen H2O voor de pijl. Geld bij alle zouten die oplossen in water en niet reageren met water..
  2. 2. • - Stoffen die reageren met water: zouten Na2O K2O, BaO en CaO. Staat wel water voor de pijl. De oxide die vrijkomt bij oplossen reageert direct met water. VB Geef de oplosvergelijking van CaO
  3. 3. zouten- zouten die in aanwezigheid van CO2 en H2O oplossen. Voorbeeld: CaCO3 (s) + H2O(l) + CO2(g)  Ca2+ (aq) + 2 HCO3- (aq)- http://www.youtube.com/watch?v=Z2IDakz7I 60
  4. 4. zoutenNeerslagvergelijking versus indampvergelijking• Demo: Oplosvergelijking van lood(II)nitraat. Oplosvergelijking van natriumjodide
  5. 5. zouten• Voeg beide oplossingen bij elkaar wat gebeurt er?
  6. 6. zouten• Welke ionen zijn aanwezig in beide oplossingen?• Na+ Pb2+ I- NO3-• Welke reactie vindt plaats? Zet de mogelijkheden in een kruistabel
  7. 7. ZoutenBINAS 45A Na+ I-Pb2+ - sNO3- g -of Na+ Pb2+I- g sNO3- g g
  8. 8. zouten• Reactie vergelijking wordt:• Pb2+ (aq) + 2 I- (aq)  PbI2 (s)• Dit is een voorbeeld van een neerslag vergelijking.• In de buis ontstaat een suspensie.Oplossingen bevatten ionen. Schrijf deze op enniet de notatie van de vaste stof.

×