Gierveld
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Gierveld

on

  • 617 views

 

Statistics

Views

Total Views
617
Views on SlideShare
616
Embed Views
1

Actions

Likes
0
Downloads
6
Comments
0

1 Embed 1

http://www.linkedin.com 1

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment

Gierveld Gierveld Presentation Transcript

  • Reactie op bijdrage van De Gier Henk Gierveld Ministerie van IenM, HBJZ
  • Opbouw van mijn reactie• Achtergrond• Insteek• Reactie op de bevoegd gezagkwestie• Betekenis van de Wabo voor de uitvoering van tracébesluiten• Methode van onderzoek• Conclusies
  • Minister bevoegd gezag? (1)• Rel. wetteksten: Artikel 13 lid 4 Tw• “Voor zover het tracébesluit en het bestemmingsplan of de beheersverordening niet met elkaar in overeenstemming zijn, geldt het tracébesluit als omgevingsvergunning waarbij ten behoeve van een project van nationaal belang met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onderdeel a, onder 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van het bestemmingsplan of de beheersverordening wordt afgeweken. Bij die toepassing van artikel 2.10 van die wet wordt onder het bestemmingsplan of beheersverordening mede het tracébesluit begrepen.”
  • Minister bevoegd gezag? (2)• Rel. wetteksten : Artikel 2.12 lid 1 onder a onder 3°, Wabo.• “1. Voor zover de aanvraag betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, kan de omgevingsvergunning slechts worden verleend: – a. indien de activiteit in strijd is met het bestemmingsplan of de beheersverordening: [of] • 3°. indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat;
  • Minister bevoegd gezag? (3)• Rel. wetteksten: artikel 2.4 lid 3 Wabo.• 3. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat Onze daarbij aangewezen Minister op de aanvraag beslist ten aanzien van projecten die behoren tot een bij de maatregel aangewezen categorie projecten die van nationaal belang zijn. Bij de maatregel kan worden bepaald dat de aanwijzing slechts geldt in daarbij aangewezen categorieën gevallen.
  • Minister bevoegd gezag? (4)• Rel. “wet”teksten: artikel 3.2 Bor• Onze Minister of Onze Minister wie het aangaat in overeenstemming met Onze Minister, is bevoegd te beslissen op een aanvraag indien het project bestaat uit activiteiten als bedoeld in: a. artikel 2.1, eerste lid, onder a, b, c of g, van de wet in gevallen waarin toepassing is gegeven aan artikel 3.28, vierde lid, van de Wet ruimtelijke ordening; b. artikel 2.1, eerste lid, onder c, en waarbij ten behoeve van de verwezenlijking van een project van nationaal ruimtelijk belang, met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3°, van de wet, van het bestemmingsplan of de beheersverordening wordt afgeweken.
  • Minister bevoegd gezag? (5)• Handboek WABO• Geen gemeentelijk bevoegd gezag bij: – Projecten van nat. ruimtelijk belang, waarbij met een ov van een bp wordt afgeweken. – P van nrb waarbij sprake is van een ov ter uitvoering van een rijksinpassingsplan. – P waarvoor de minister de coördinatie aan zich heeft getrokken.• Toelichting Handboek
  • Minister is geen bevoegd gezag (1)Want:- Onjuiste uitleg van de Tracéwet- Onjuiste uitleg van het Bor- Ontbreken van toelichting in parlementaire geschiedenis.
  • Minister geen bevoegd gezag (2)• Toon de Gier heeft wel een punt:• Wettekst is onduidelijk:• Artikel 13 lid 4 had anders kunnen luiden• Handboek zorgt voor verwarring.
  • Gevolgen van de invoering van de Wabo• Aanpassingswetgeving• Bedoeling van de Wabo-wetgever• Uitvoering in de praktijk, wat is er veranderd in de uitvoeringspraktijk van Rijkswaterstaat en ProRail?• Uitgestelde inwerkingtreding?
  • Uitgestelde inwerkingtreding? (1)• Rel. wettekst: artikel 6.1 lid 1 en 2 Wabo• Artikel 6.1 1. Een beschikking krachtens deze wet treedt in werking met ingang van de dag na haar bekendmaking. 2. In afwijking van het eerste lid treedt een beschikking in werking met ingang van de dag na afloop van de termijn, bedoeld in artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht, voor het indienen van: a. […]; b. een beroepschrift in gevallen waarin zij is voorbereid met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht.
  • Uitgestelde inwerkingtreding? (2)• Rel. wetteksten: artikel 6.2 WaboArtikel 6.2 In gevallen waarin het onverwijld in werking treden van een beschikking als bedoeld in artikel 6.1 naar het oordeel van het bevoegd gezag nodig is, kan het in afwijking van dat artikel bepalen dat zij terstond na haar bekendmaking in werking treedt.
  • Uitgestelde inwerkingtreding? (3)• Hoe verhouden de artikelen 6.1 en 6.2 zich tot de coördinatieregeling uit de Tracéwet?• Over welke beschikkingen hebben we het? – Betekenis van de bepaling vanuit algemene wetgevingssystematiek – De Wabo-systematiek• Conclusie: ja en nee.
  • Ter afronding• Minister geen bevoegd gezag bij vergunningverlening ter uitvoering van een tracébesluit.• Onduidelijkheid in de uitvoeringspraktijk als gevolg van het zich geen rekenschap geven van andere coördinatieregelingen.• Top of flop?• Tips voor de Omgevingswet?